Zwangerschap

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een vrouw in de zwangerschap
26 weken
De groei van de baarmoeder tijdens de zwangerschap
Prenataal onderzoek

Zwangerschap is de toestand waarin een vrouw een bevruchte eicel, en vervolgens embryo en foetus, in zich draagt.[1] Zwangerschap komt per definitie bij alle zoogdieren voor, behalve bij het vogelbekdier en de mierenegel, de enige zoogdieren die eieren leggen. Dit artikel gaat alleen over de mens.

Overzicht[bewerken]

Normaal nestelt de bevruchte eicel zich in de baarmoeder of uterus. Nestelt de eicel zich ergens anders, dan spreekt men van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap of 'extra-uteriene graviditeit'. Naar schatting vijftien procent van de vastgestelde zwangerschappen eindigt in een miskraam. Van alle bevruchte eicellen gaat zelfs ongeveer 50% te gronde, maar meestal is dat al vóór de vrouw merkt dat ze zwanger is.

De zwangerschap begint wanneer een eicel wordt bevrucht door een zaadcel en eindigt met de geboorte van het kind. Na de geboorte van het kind kan het zes weken tot enkele maanden duren voordat de lichamelijke toestand van de vrouw weer enigszins is teruggekeerd tot die van vóór de zwangerschap. Deze periode heet 'ontzwangering' of puerperium. Borstvoeding speelt een positieve rol in dit proces.

Wanneer zwangerschap ongewenst is en men zich niet wil onthouden van seks, dan kan gebruik worden gemaakt van voorbehoedmiddelen.

Meting van voortgang van de menselijke zwangerschap[bewerken]

Menstruele leeftijd[bewerken]

In de gynaecologie en de vroedkunde geldt de norm dat men de voortgang van de zwangerschap meet sinds de eerste dag van de laatste menstruatie, die meestal exacter is vast te stellen dan de veronderstelde datum van de bevruchting. De datum van de conceptie wordt geschat op ongeveer twee weken na de eerste dag sinds de laatste menstruatie. Bij meting sinds de laatste menstruatie, vindt de bevalling plaats na gemiddeld 40 weken. Dat is dus gemiddeld 38 weken na de bevruchting. Een zwangerschapsduur tussen 37 en 42 weken wordt als normaal beschouwd. De periode van 37 tot 42 weken wordt de "à terme periode" genoemd.

Ook de leeftijd van de foetus wordt bij de gynecologische opvolging vaak uitgedrukt in menstruele leeftijd of draagtijd ('gestational age' of GA in het Engels). Deze leeftijd kan tijdens de zwangerschap geschat worden met behulp van volgende methoden[2]:

  • Directe berekening van het aantal dagen sinds de laatste menstruatie
  • Echoscopie tijdens de zwangerschap, waarbij de grootte van het embryo of de foetus wordt vergeleken met die van een referentiegroep van zwangerschappen met gekende menstruele leeftijden. Wanneer deze berekende leeftijd verschilt van die berekend vanaf de laatste menstruatie, zal men toch deze van de echoscopie gebruiken tijdens het verdere verloop van de zwangerschap.[2]
  • In het geval van in vitro fertilisatie worden er 14 dagen bijgeteld vanaf de datum[3]

De menstruele leeftijd kan ook geschat worden door het berekening van de dagen sinds de ovulatie en hier 14 dagen bij te tellen.[4]

Een volledig overzicht van methoden wordt gegeven in volgende tabel:[5]

Methode om menstruele leeftijd te schatten Variatie (2 standaarddeviaties, 95% betrouwbaarheidsinterval)[5]
Aantal dagen vanaf oöcyt afhaling of co-incubatie bij in vitro fertilisatie + 14 dagen ±1 dag
Aantal dagen vanaf ovulatie-inductie + 14 dagen ±3 dagen
Aantal dagen vanaf kunstmatige inseminatie + 14 dagen ±3 dagen
Aantal dagen vanaf enkelvoudige geslachtsgemeenschap + 14 dagen ±3 dagen
Aantal dagen sinds de geschatte ovulatie gebaseerd op basale lichaamstemperatuur + 14 dagen ±4 dagen
Lichamelijk onderzoek van de zwangere vrouw tijdens het eerste trimester ±2 weken
Lichamelijk onderzoek tijdens het tweede trimester ±4 weken
Lichamelijk onderzoek tijdens het derde trimester ±6 weken
Echografie tijdens het eerste semester, gebaseerd op de lengte van hoofd + romp (CRL), gemeten van kruin tot stuit ±8% van de schatting
Echografie tijdens het tweede en derde semester, gebaseerd op hoofdomtrek (HC) en femur lengte (FL) ±8% van de schatting

De volgende diagrammen worden gebruikt voor de schatting van de menstruele leeftijd vanaf verschillende parameters, af te leiden uit een echografie.

Leeftijd sinds conceptie of foetale leeftijd[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Foetus voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In de beschrijving van de prenatale ontwikkeling van een foetus gebruikt men eerder de leeftijd sinds de bevruchting ('fertilization age' in het Engels). Deze leeftijd wordt vaak aangeduid als de 'embryonale leeftijd' en later 'foetale leeftijd'. De leeftijd sinds de conceptie wordt ook postnataal (na de geboorte) nog gebruikt voor de schatting van verschillende risicofactoren. Zo is de leeftijd sinds bevruchting een betere voorspeller voor het risico op intraventriculair hematoom (IVH) bij premature babies die behandeld worden met Extra Corporele Membraan Oxygenatie (ECMO).[6]

Algemeen verloop[bewerken]

Gedurende de eerste drie maanden van een zwangerschap, het eerste zwangerschapstrimester, voelt een deel van de aanstaande moeders zich vaak misselijk, en kan de geur van sommige levensmiddelen, bijvoorbeeld van koffie, als zeer onprettig worden ervaren. Het is mogelijk dat deze toestand het embryo beschermt tegen stoffen die schade kunnen berokkenen.

Tijdens de middelste drie maanden van een zwangerschap voelen de meeste aanstaande moeders zich beter. Pas gedurende de laatste drie maanden gaat het kind in de baarmoeder veel energie vragen: het groeit snel en neemt toe in gewicht. Daardoor voelen aanstaande moeders zich sneller moe. Een zwangere vrouw komt gemiddeld ongeveer twaalf kilo aan, sommigen tot 25 kilo, tijdens de zwangerschap. Slechts ongeveer een derde daarvan is het gewicht van het kind zelf.

Stadia van de zwangerschap

Trivia[bewerken]

  • Ongeveer twee weken na de eerste dag van de laatste menstruatie vindt meestal de bevruchting, de conceptie plaats.
  • Circa zes dagen na de bevruchting volgt de innesteling, de nidatie van het embryo in het endometrium van de baarmoeder.
  • Na het uitblijven van de menstruatie is een zwangerschapstest over het algemeen zinvol rond de dag dat de eerstvolgende menstruatie wordt verwacht, eerder is de kans op een fout-negatieve uitslag groot.
  • Na ongeveer zestien weken kan de zwangere vrouw de baby voelen bewegen (schoppen). Bij een tweede en latere zwangerschap herkent de vrouw dit vaak wat eerder dan bij de eerste zwangerschap, omdat ze nu weet hoe dat aanvoelt. In werkelijkheid beweegt het kind veel eerder; sommige moeders voelen al beweging vóór de twaalfde week.
  • Na gemiddeld veertig weken vindt de bevalling plaats.

Menstruatie tijdens de zwangerschap[bewerken]

Een aantal zwangere vrouwen krijgt nog een bloeding op het moment dat hun volgende menstruatie had moeten komen. Deze bloeding wordt veroorzaakt door het bevruchte embryo dat zich innestelt in het baarmoederslijmvlies. Zo'n implantatiebloeding gaat doorgaans met minder bloedverlies en minder buikkrampen gepaard. Bloedverlies in het verdere verloop van de zwangerschap kan heel onschuldig zijn, maar men doet er toch goed aan in een dergelijk geval een arts te raadplegen. Het kan immers ook wijzen op een dreigende miskraam, zeker als de bloeding hevig en pijnlijk is.

Verschijnselen bij zwangerschap[bewerken]

Een vrouw in de zwangerschap is kwetsbaar. Bij alle vrouwen doen zich verschijnselen voor, die een direct gevolg zijn van de zwangerschap. Dat kunnen zijn:

Problemen, ziekten en syndromen gedurende de zwangerschap[bewerken]

Ziekten en problemen die zich met betrekking tot de zwangerschap kunnen voordoen zijn:

Behalve bovenstaande problemen en ziekten, zijn er ook problemen die tijdens zwangerschap ontstaan of verergeren, maar die ook voorkomen zonder zwangerschap. Dat zijn bijvoorbeeld suikerziekte, schildklierziekten: hyperthyreoïdie en hypothyreoïdie, stollingsstoornissen.

Aanpassingen aan de zwangerschap[bewerken]

Invloed van roken en alcohol[bewerken]

Zowel roken als het gebruik van alcohol tijdens de zwangerschap kunnen nadelige gevolgen hebben voor de gezondheid en ontwikkeling van het ongeboren kind. Toch blijft één op de vier vrouwen drinken en blijft ongeveer één op de vijf zwangere vrouwen roken.[8][9]

Alcohol dringt door de placenta en kan daardoor de foetus beschadigen in alle stadia van de zwangerschap. Kinderen die zijn blootgesteld aan alcohol tijdens de zwangerschap huilen meer, slapen slechter, reageren trager en kalmeren ook langzamer na opwinding. Ze hebben gemiddeld een lager IQ, meer leerstoornissen en sociale problemen. Zelfs consumptie van minder dan één glas alcohol per dag kan leiden tot een verhoogde kans op groeiafwijkingen, een miskraam en doodgeboorte.[10]

Blootstelling aan dagelijkse hoge alcoholdoseringen tijdens de ontwikkeling van de foetus kan leiden tot het foetaal alcoholsyndroom (FAS). FAS-kinderen hebben een groeiachterstand, afwijkende gelaatskenmerken en neurologische afwijkingen. Gerelateerde aandoeningen zijn Alcohol-Related Neurodevelopmental Disorder (ARND) en Alcohol-Related Birth Defects (ARBD).[10] ARND lijkt op FAS, maar dan zonder de uiterlijke kenmerken en ARBD betreft lichamelijke afwijkingen zoals hart-, bot- en orgaanproblemen.

Giftige stoffen die worden geïnhaleerd door roken of meeroken, zoals nicotine en koolmonoxide, beïnvloeden de groei van de vrucht. Nicotine leidt tot vaatvernauwing en koolmonoxide neemt in het bloed de plaats in van zuurstof.[9] Daardoor krijgt de vrucht minder bloed, dus minder voedingsstoffen, en minder zuurstof. Mede daardoor is het geboortegewicht van de baby van rokende vrouwen gemiddeld 250 gram lager. Roken leidt ook tot verhoogde kans op onvruchtbaarheid: bij rokende vrouwen is de tijd tot de conceptie gemiddeld 30% langer dan bij niet-rokende vrouwen. Roken tijdens de zwangerschap vergroot de kans op een miskraam of vroeggeboorte. In het eerste levensjaar van de baby is de kans op luchtweginfecties en wiegendood groter.

Voeding en zwangerschap[bewerken]

Het Voedingscentrum heeft een lijst van voedingsmiddelen opgesteld die vrouwen tijdens de zwangerschap beter niet kunnen eten met onder andere rauw vlees, roofvissen, geneeskrachtige kruiden, drop.

Vrijen tijdens de zwangerschap[bewerken]

Tijdens het eerste trimester van de zwangerschap kan de vrouw last hebben van misselijkheid, braakneigingen of vermoeidheid. Deze factoren kunnen ervoor zorgen dat de zin of het plezier in vrijen vermindert. Ook moeten sommige vrouwen vaker plassen, een gevoel dat tijdens de geslachtsgemeenschap nog kan worden versterkt. Het feit dat de borsten gevoeliger worden, maakt dat sommige vrouwen het aanraken ervan onprettig vinden. Anderen vinden juist seksueel genot in deze verhoogde gevoeligheid.

Veel van de ongemakken uit het begin van de zwangerschap, verdwijnen in het tweede trimester. De vagina wordt breder en produceert meer vocht, dat lichtjes van geur verschilt ten opzichte van vroeger. Veel vrouwen voelen zich in deze periode sneller of vaker opgewonden.

Het is een wijdverbreid misverstand dat vrijen tijdens de laatste fase, het derde trimester van de zwangerschap aanleiding zou kunnen geven tot een te vroege geboorte. Uit onlangs verschenen rapporten blijkt dat deze veronderstelling onjuist is. In gevallen dat vrijen een oorzaak leek te zijn van een vervroegde bevalling, bleek de werkelijke oorzaak vaak een infectie in de vagina te zijn. Als er geen sprake was van ziekmakende micro-organismen in de vagina, leek eerder het tegendeel waar te zijn: meer vrijen leidde dan juist tot minder vroeggeboorten.

Het vrijen in de klassieke positie, waarbij de man op de vrouw ligt, kan echter wel door de dikke buik bemoeilijkt worden. Daarom worden andere standjes aangeraden. Borststimulatie kan resulteren in de afscheiding van biestmelk of colostrum, wat volkomen normaal is maar door sommige koppels als storend wordt ervaren. Soms raadt de arts geslachtsverkeer af. Dit gebeurt meestal indien er zich ernstige problemen voordoen tijdens de zwangerschap.

Zie ook[bewerken]

Foto's[bewerken]

Zoek dit woord op in WikiWoordenboek