Driekoningen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Driekoningen in Vlaanderen anno 2010
Het Driekoningenfeest, Jan Steen

Driekoningen, Epifanie of Openbaring van de Heer (Solemnitas Epiphaniae Domini in het Latijn) is een christelijke feestdag die elk jaar op 6 januari wordt gevierd en waarop men de Bijbelse gebeurtenis (Matt. 2:1-18) herdenkt van de Wijzen uit het oosten die een opgaande ster zagen en daarop de koning der Joden gingen zoeken. Ze kwamen in Bethlehem en vonden daar Jezus, de pasgeboren koning der joden. (Waarschijnlijk wordt hier gezinspeeld op het visioen van Bileam, de ziener in Moab die een ster uit Jacob zag opkomen (Numeri 24:17)).

In de katholieke liturgie in België en Nederland wordt het hoogfeest van de Openbaring van de Heer op de eerste zondag na 1 januari gevierd indien 6 januari op een werkdag valt. In veel Zuid-Europese landen is Driekoningen een vrije dag en wordt Driekoningen op de dag zelf gevierd. De Openbaring van de Heer is het eerste van drie feesten, samen met de Doop van de Heer en de Opdracht van de Heer in de tempel (2 februari), die thuishoren in de Kerstkring, de tijd van Jezus' kindertijd en jonge jaren.

De zogenaamde Relikwieën van de Drie Koningen worden in een reliekschrijn bewaard in de dom van Keulen.

Oorsprong[bewerken]

Het feest ontstond in de vierde eeuw in het oosters christendom en was oorspronkelijk bedoeld om de verschijning van de vleesgeworden Zoon van God op aarde te vieren (ἐπιφάνεια, epiphaneia is Grieks voor 'verschijning'). Daarbij werden de tekenen van Jezus' goddelijkheid herdacht: de geboorte uit de Maagd Maria, het bezoek en de aanbidding van de Wijzen uit het Oosten, gebeurtenissen uit Jezus' jeugd en de doop door Johannes de Doper.

De Kerk van de Latijnse ritus vierde de geboorte van Jezus echter steeds op 25 december. Met de overname van het feest van de epifanie op 6 januari door de Latijnse Kerk werd daarom alleen de aanbidding der wijzen herdacht, waarmee de bekendmaking van Christus aan de wereld wordt gevierd.

Van Wijzen tot drie koningen[bewerken]

Nergens vermeldt de evangelist Matteüs in zijn geboorteverhaal dat er precies drie Wijzen of Koningen zijn; Matteüs 2:1-18 vermeldt wel het verhaal van de Wijzen ('μαγοι') die het Kerstkind kwamen bezoeken, maar over het aantal wijzen wordt niets gezegd. In de latere kerstverhalen (reeds bij Origenes in de 3e eeuw) zijn er drie van gemaakt, wellicht omdat de Wijzen drie geschenken aan­bie­den: goud, wierook en mirre (zie ook Goud, wierook en mirre).

De Wijzen (mogelijk betreft het hier Perzisch-Babylonische astronomen, astrologen en natuurwetenschappers) zijn in de volksverhalen en bij Tertullianus koningen geworden omdat de tekst van Matteüs doet denken aan Jesaja 60,3.6: "Volkeren komen naar uw licht, konin­gen naar de glans van uw dageraad. ..... Een vloed van kamelen zal u over­dek­ken, dromedarissen van Midjan en Efa; alle bewoners komen uit Seba, met goud en wierook beladen."
Onder invloed van deze tekst (en van Psalm 72,10) zijn de Wijzen koningen geworden, die reisden per kameel. In Ravenna is waarschijnlijk de oudste afbeelding van de drie Wijzen/Koningen te vinden. Op een mozaïek uit de 6e eeuw staan de drie met naam Caspar, Melchior en Balthasar afgebeeld, drie kleurlingen uit het oosten. Zie verder Wijzen uit het oosten, en Nu zijt wellekome, in welk lied de Koningen in de protestantse versie weer Wijzen geworden zijn.

Tradities[bewerken]

Huiszegen (Christus Mansionem Benedicat)[bewerken]

Huiszegen (2008)
Christus Mansionem Benedicat

Driekoningen was vroeger – net zoals Pasen – traditioneel een doopdag. Ter herinnering aan de doop vindt met Driekoningen de wijding van het water plaats. Met dit wijwater kunnen huizen worden gezegend. Bij deze huiszegen schrijft men in vele landen met krijt de letters "C+M+B" op de deur, waarbij men hoopt alle kwaad op afstand te kunnen houden. Dit blijft dan op of naast de deur staan tot Pinksteren of langer.

De letters staan voor de Latijnse zegenspreuk "Christus Mansionem Benedicat", dat betekent "Christus zegene dit huis". De letters verwijzen ook naar de initialen van Caspar, Melchior en Balthasar, de drie wijzen uit het oosten, die mede achtergrond geven aan dit gebruik. Zij zijn de eerste niet-Joden (‘heidenen’) aan wie Christus zich heeft geopenbaard. De gebruikelijke vorm is xx+C+M+B+yy, waarin voor ‘xx’ de eerste twee cijfers van het jaartal worden ingevuld en voor ‘yy’ de laatste twee cijfers. In 2008 staat er dan bijvoorbeeld: "20+C+M+B+08". De ‘+’ staat voor een kruisteken.

In Nederland worden met Driekoningen door parochies vaak langwerpige kaarten uitgedeeld met deze letters erop (ter grootte van een derde van een A4'tje), die vervolgens in de hal of de huiskamer worden opgehangen (zie afbeelding).

Driekoningenwater[bewerken]

Het wijwater dat wordt gewijd tijdens de vigilie op de avond voor Driekoningen wordt driekoningenwater genoemd. Het wordt gezien als het meest krachtige wijwater. In Midden- en Oost-Europa wordt het gebruikt om alle ziekten te weren voor mens en dier, en om duivelse invloeden te neutraliseren. In vele parochies wordt er ongeveer 1000 liter gewijd.[bron?]

In de buitengewone Latijnse ritus van de katholieke kerk is de liturgie als volgt opgebouwd: na de Litanie van alle Heiligen bidt de priester de overwinningspsalmen 28, 45 en 146. Vervolgens het zogenaamde Exorcisme van de Heilige Michael en dan een Benedictus en een Magnificat. Na verdere zegeningen van zout en water wordt de wijding besloten met een Te Deum.

Gebruiken in verschillende landen[bewerken]

Driekoningen wordt zowel door protestanten als katholieken gevierd. Willem Barentsz vierde het tijdens de overwintering op Nova Zembla.

Nederland[bewerken]

Kinderen lopen de avond voor Driekoningen in groepjes van drie verkleed met een kroon langs de deuren; een van hen heeft een zwart gemaakt gezicht. Ze dragen daarbij lampionnen en zingen. Een bekend liedje luidt:

Drie koooningen, drie koooningen,
geef mij nen nieuwen (h)oed.
Mijnen ouwen is verslee-eeten,
mijn moeder mag 't nie wee-eeten.
Mijn vader heeft het geld,
op de toonbank neergeteld.
Oorspronkelijk luidde de laatste zin "op de [russel] rooster geteld. Op de rooster tellen betekent hier: geen geld hebben of geen kunnen bijhouden.[1] Deze versie wordt in Vlaanderen nog altijd gezongen.
De laatste twee regels luiden ook wel: "Mijn vader heeft geen geld, is dat niet slecht gesteld?"

Als beloning voor het zingen krijgen ze eten, snoep en geld. De lampionnen zijn een overblijfsel van een oude heidense gewoonte, waarin men fakkels droeg om boze geesten te verjagen. Het snoepgoed dat wordt uitgedeeld, stamt van heidense offermalen. De Germanen mochten in de twaalf nachten van de nieuwjaarsfeesten geen peulvruchten (hun hoofdvoedsel) eten en de 'heilige boon' betekende het einde van die vastenperiode.

In huis werd Driekoningen met eten, drank en gezang gevierd. Jan Steen heeft dit weergegeven in het schilderij Het Driekoningenfeest. Bekend is het koningsbrood of koningentaart die men bakt; er wordt een bruine boon of muntstuk in verstopt en degene die hem vindt is die dag "koning(in)". Een gebruik is dat degene die de koning is, die dag de baas in huis mag zijn. De boon in de koek is ook afgeleid van heidense gebruiken.

Ook kende men de koningsbrief, zowel in huiselijke kring als op een groot officieel feest. Men kon in een ton papiertjes grabbelen en degene die de koningsbrief trok, werd door iedereen getrakteerd en was de baas. Tevens werden er brieven getrokken voor de functie van raadsheer, rentmeester, secretaris, zanger, speelman, kok, portier, schenker en zot en zottin. Volgens een legende hoorde koning Frans I van Frankrijk in 1521 voor het eerst over zo'n koningsbrief, hij verklaarde de 'koning' de oorlog en ging erheen, maar werd ontvangen met sneeuwballen, appels en eieren. Een dronken man gooide zelfs met een stuk brandend hout, maar koning Frans zag in hoe hij zich voor gek had gezet en weigerde de man te vervolgen.

Bij kerken of in het kerkportaal werd rond Driekoningen een toneelstuk opgevoerd met Maria, Jozef, het kindje Jezus, de ezel, de os, Herodes en de Drie Wijzen. In protestantse gebieden gebeurde dit ook binnen in de kerk.

In Maastricht wordt er door de parochie van Onze Lieve Vrouw Sterre der Zee jaarlijks een levende driekoningenstoet door de binnenstad van Maastricht georganiseerd. Geheel gekostumeerd trekken de koningen op paarden en kamelen door de stad. In de stoet lopen ook herders met ezels en schapen en uiteraard Maria en Jozef met het kindje Jezus mee. Kinderen (al dan niet verkleed) worden uitgenodigd met lampionnen mee te lopen. Afsluitend is er een dienst in de Basiliek waarbij de Koningen hun gaven aanbieden aan het kindje Jezus en er traditionele Driekoningengezangen gezongen worden.

België[bewerken]

Vlaanderen kent ook het driekoningenzingen, net zoals Nederland.

In Sint-Niklaas is een Driekoningenstraat. Elk jaar was er dan een grote Driekoningenstoet, waarin de Drie Koningen zelf als reus meeliepen; vandaag bestaat deze folkloristische stoet niet meer en zijn deze reuzen stadseigendom.

Driekoningen is bij veel gezinnen het moment om de kerstboom buiten de deur te zetten. Ook in Vlaanderen wordt Driekoningen in huis gevierd. Bekend is het koningsbrood of koningentaart die men bakt; er wordt een bruine boon of muntstuk in verstopt en degene die hem vindt is die dag "koning(in)".

Duitsland[bewerken]

In het Oudhoogduits heet Driekoningen 'Perthennacht', naar een mythologisch Germaans wezen (Perchta), vooral in verband gebracht met licht (rond 6 januari beginnen de dagen te lengen).

Sternsinger

Wijd verbreid in katholieke delen van Duitsland is het Sternsingen. Hierbij vertrekken groepjes van drie als koningen verklede kinderen, onder begeleiding van een oudere, langs de huizen en zingen een lied. Ze zegenen het huis, en schrijven als teken daarvan met gewijd krijt de afkorting 20*C+M+B+12 naast de deur. De kinderen overhandigen ook een strook papier met deze spreuk en ontvangen snoep of fruit en zamelen geld in. Het ingezamelde geld is voor een goed doel. Deze inzamelingsactie wordt ondersteund door een landelijke organisatie en behoort wat betreft de opbrengst tot de grootste die in de katholieke gemeenten gedaan worden.

Italië[bewerken]

In Italië wordt op Driekoningen Befana gevierd.

Spanje[bewerken]

In Spanje worden met Driekoningen vaak cadeautjes gegeven, omdat op deze dag de Koningen ook cadeaus aan het kindje Jezus gaven. Bij volwassenen wordt dit vaak gecombineerd met een klein grapje in de vorm van een cadeautje. De dag ervoor wordt in bijna alle plaatsen een driekoningenoptocht georganiseerd, vergelijkbaar met de intocht van Sinterklaas in de Lage Landen. De scholen zijn die dag gesloten en de bakkers bakken een speciaal gebak in de vorm van een "o" (de rrosca de reyes of roscón de reyes, de ring van de koning).

(Weer)spreuken[bewerken]

  • Met Driekoningen lengt de dag zoveel een geitje springen mag.
  • Zet met Driekoningen ramen en deuren open, want wind met Driekoningen brengt zegen.
  • Als het op Dertiendag (13e dag na kerst = Driekoningen) vriest, vriest het zes/dertien weken lang.
  • Als Driekoningen is in het land, komt de vorst in 't vaderland.
  • Met Driekoningen lengen de dagen zich een haneschreeuw. (Bedoeld wordt de duur van de kraai van een haan.)
  • Op Driekoningen zijn de dagen gelengd, gelijk een ruiter op z'n peerd sprengt.

Driekoningen in de beeldende kunst, muziek en literatuur[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Bron
  1. P. Spapens: Driekoningenzingen, blz. 76