Vuurwerk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Siervuurwerk)
Ga naar: navigatie, zoeken
Ojiya
Vuurwerk
Bazel
Portland
Brandend sterretje
Sydney
Australië
Vuurwerk op een schilderij uit 1645
Viering van het 700-jarig bestaan van Amsterdam met vuurwerk

Vuurwerk is een constructie van materialen als karton, papier, plastic en metaal, met daarin ontplofbare en/of brandbare mengsels van chemische stoffen (ook wel sassen genoemd) verwerkt, die bij ontsteking effecten veroorzaken als licht, geluid, rook of beweging.

In vuurwerk wordt vaak buskruit gebruikt, dat bestaat uit zwavel (S), houtskool (bestaat voornamelijk uit koolstof), maar bevat eveneens de noodzakelijke katalysator potas (K2CO3) en salpeter of kaliumnitraat (KNO3). Hierbij is het kaliumnitraat de zuurstofleverancier. Bij de reactie komen onder andere de gasvormige producten CO, CO2 en N2 vrij, naast kaliumsulfaat en -carbonaat.

In het buskruit kan de verhouding tussen de stoffen verschillen. Zo bestaat er bijvoorbeeld een mengsel van kaliumnitraat, koolstof en zwavel in een gewichtsverhouding van 75:15:10. Verder bestaat er flashkruit. Dat is een kruitmengsel waarin de koolstof is vervangen door metaalpoeder (magnesium of aluminium). Vaak wordt het kaliumnitraat ook vervangen door een andere krachtigere oxidator. Vooral kaliumperchloraat of kaliumchloraat is dan "populair". Het is dit product, vermengd met een keuze aan zouten, dat verantwoordelijk is voor de kleureffecten van het vuurwerk.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen lust- of feestvuurwerk en ernst- of professioneel vuurwerk.

Geschiedenis[bewerken]

Vuurwerk had zijn oorsprong in China en werd op grote schaal gebruikt door de Chinezen. Het is een onderdeel van de Chinese cultuur, die tot op de dag van vandaag gepaard gaat met vele festivals.[1] Zij gebruikten het bij religieuze gebeurtenissen om boze geesten te verdrijven.

Militairen gebruiken vuurwerk ook wel eens voor verlichting van terreinen of het geven van signalen. De Chinezen beschikten zeker vanaf de vroege 13e eeuw over buskruit, het belangrijkste bestanddeel van vuurwerk. Vlak nadat de Chinezen het buskruit hadden ontdekt, deden ze er al proeven mee. Uit de proeven kwamen verschillende soorten vuurwerk voort. Het Chinese vuurwerk werd vooral gemaakt in de stad Liuyang, waar wetenschappers werkten aan de speciale effecten en kracht van het explosieve goed. Vuurwerk vond na de ontdekking snel zijn weg naar Europa. Daar werd het ontvangen met groot vertoon. Aan menig hof werden spektakels met vuurwerk opgevoerd, onder meer aan het Hof van Versailles.

Ook in Nederland werden heel wat feesten opgeluisterd met vuurwerk, bijvoorbeeld de feestelijkheden op de Dam in 1648 ter gelegenheid van de Vrede van Münster. In 1678 verscheen het boek Pyrotechnia, of Meer dan hondertderleye konstvermakelijcke vuurwerken, waarin werd uiteengezet "hoe men de selve sal maken, toebereyden en stellen, neffens des selfs correcte vormen, maten en gewichten der stoffen". Dit boek was door Daniel Manlyn vertaald uit het Engels naar het boek Pyrotechnia, or a Discourse of Artificiall Fireworks, geschreven door de Britse artillerist en wiskundige John Babington. Voorin Manlyns boek wordt nog een lijst van vuurwerksoorten genoemd, zoals "Vuurspuuwende Draken", "Wonderlijke Vuur-pijlen" en "Voet-soeckers".[2]

Chemie[bewerken]

Een pyrotechnisch mengsel bestaat uit de volgende hoofdingrediënten:

  • Vlamkleurende stoffen. De verschillende kleuren worden verkregen door het natuurkundig principe dat verschillende atoomsoorten bij het terugvallen in hun grondtoestand tijdens sterk verhitten fotonen (lichtdeeltjes) van een bepaalde golflengte uitzenden (dus een bepaalde kleur licht). Verschillende kleuren kunnen gemaakt worden door het gebruik van de volgende zouten of atomen:
Nuvola single chevron right.svg Zie ook atomaire-emissiespectrometrie
Natrium geel
Kalium rood/violet.
Barium wit (BaO), groen (BaCl2)
Strontium dieprood
Calcium steenrood (CaCl2), geel (CaO)
Koper groen/blauw
Magnesium Wit

Verhoudingen: bij het bepalen van de verhoudingen van de stoffen in een pyrotechnisch mengsel wordt bekeken waarvoor het mengsel gebruikt gaat worden. Voor een snelbrandend mengsel zal er een goede zuurstofbalans nodig zijn. Wanneer het mengsel trager moet branden en bijvoorbeeld veel licht moet geven, worden minder oxiderende chemicaliën en meer reducerende stoffen toegevoegd. Aan de hand van een reactievergelijking van de vereiste brutoreactie wordt bekeken in welke verhouding de stoffen met elkaar reageren.

Veiligheid: sommige stoffen kunnen - in een bepaalde combinatie met elkaar - instabiel worden. Veelal verloopt zo’n instabiele reactie relatief langzaam en rustig, maar in sommige gevallen kan deze reactie zo snel of intensief verlopen dat er sprake is van een explosie of spontane ontbranding van het mengsel. Een goed voorbeeld is de combinatie van kaliumchloraat en zwavel. Het langzaam vormende zwavelzuur in de zwavel kan het mengsel doen ontbranden. Ook kaliumchloraat en fosfor mogen nooit met elkaar gemengd worden. Metaalpoeders mogen onbehandeld niet gemengd worden met nitraat-zouten, want ook deze combinatie kan een spontane ontbranding tot gevolg hebben.

Soorten vuurwerk[bewerken]

Fop-, kinder- of schertsvuurwerk[bewerken]

Fop- of schertsvuurwerk is consumentenvuurwerk dat het hele jaar te koop is en ook altijd afgestoken mag worden. Hieronder vallen bijvoorbeeld sterretjes, knalerwten, Bengaalse lucifers, trektouwtjes en fluiters. Sinds 1 juli 2012 is er een nieuw vuurwerkbesluit van kracht. De oude term fop- en schertsvuurwerk is komen te vervallen en vervangen door categorie 1-vuurwerk. Het betreft hier vuurwerk dat zeer weinig gevaar en een te verwaarlozen geluidsniveau oplevert en bestemd is voor gebruik in een besloten ruimte, inclusief vuurwerk dat bestemd is voor gebruik binnenshuis.[3] Categorie 1-vuurwerk is te koop vanaf 12 jaar. De maximale kruitinhoud van categorie 1-vuurwerk is vastgesteld op 7 gram. Zo is er vuurwerk dat vroeger viel in categorie 2 (16+), maar nu onder 12+. Denk aan grondbloemen en huilfonteinen.

Consumentenvuurwerk[bewerken]

Consumentenvuurwerk is vuurwerk dat in Nederland in de twee dagen voor oud en nieuw verkocht wordt. Als een van de verkoopdagen een zondag is, dan wordt het vuurwerk vier dagen van tevoren al verkocht. De zondag komt dan als verkoopdag te vervallen. Volgens het vuurwerkbesluit is het niet toegestaan om op een zondag vuurwerk te verkopen. Consumenten mogen maximaal 25 kg per persoon en per keer bij erkende vuurwerkverkooppunten kopen, dat alleen op 31 december vanaf 10.00 uur tot 1 januari 2.00 uur afgestoken mag worden[4][5]). Dit vuurwerk mag door iedereen van twaalf jaar en ouder gekocht worden (afhankelijk van de categorie vuurwerk; categorie 1 vanaf 12 jaar, categorie 2 vanaf 16 jaar, categorie 3 vanaf 18 jaar). In België gelden andere wetten. Hier is ook zwaarder vuurwerk te verkrijgen en wordt het ook heel het jaar door verkocht. Dit is echter alleen te verkrijgen als het zogenaamd geëxporteerd wordt. Dit vuurwerk is in veel gevallen niet getest onder de strenge Nederlandse eisen die gelden voor consumentenvuurwerk. Het vuurwerk zelf hoeft echter niet onveiliger te zijn dan Nederlands vuurwerk. De ongelukken ermee gebeuren door ondeskundig gebruik ervan. De veiligheidsafstand voor dit zwaardere vuurwerk is vele malen meer dan voor consumentenvuurwerk in verband met de grotere afmetingen van de effecten. Voor een veilige en maximale beleving van dit zwaardere vuurwerk dient men te allen tijde de gebruiksaanwijzing strikt op te volgen. Dit geldt ook voor het lichtere vuurwerk.

Het consumentenvuurwerk wordt onderscheiden in siervuurwerk en knalvuurwerk. Siervuurwerk bestaat in de vorm van vuurpijlen die als geheel de lucht in schieten, en potten of fonteinen die kleine vuurwerkprojectielen vanaf de grond omhoog schieten, en daar een kleurrijk boeket laten zien. Daarnaast bestaat er een breed scala aan draaiers, zonnen en fakkels. Het knalvuurwerk varieert van zware donderslagen, kanonslagen of astronauten tot de lichtste uitvoering, de rotjes. Het is niet ongebruikelijk om een mat rotjes ineens af te steken, wat een knaleffect geeft als van een mitrailleur. Luchthuilers, oftewel gillende keukenmeiden, worden ook tot het knalwerk gerekend.

Soorten consumentenvuurwerk[bewerken]

Vuurwerk wordt onderverdeeld in siervuurwerk en knalvuurwerk. Er bestaan zeer vele soorten vuurwerk, soms fantasienamen als Asian Thunder King. Enkele zijn:

Veiligheidsnormen verschillen per land. Zo kan vuurwerk in het ene land niet legaal zijn en in het andere wel.

Professioneel vuurwerk[bewerken]

Professionele vuurwerkshows hebben vooral als doel de vreugde tijdens een evenement te verhogen. Meestal wordt het gebruikt als afsluiting of als speciale viering van een evenement.

Professioneel vuurwerk mag niet aan consumenten verkocht worden. Het wordt alleen afgestoken door professionals die een speciale training hebben gevolgd om het vuurwerk te mogen afsteken. Dit vuurwerk is qua lading en kracht gevaarlijker dan consumentenvuurwerk en het wordt alleen in de open lucht afgestoken. Meestal wordt het vuurwerk op afstand afgestoken, via een elektrische ontsteking.

Pyrotechnische speciale effecten (theater- of podiumvuurwerk) zijn speciaal geschikt voor gebruik binnen bij evenementen en in theaters.

Ernstvuurwerk[bewerken]

Ernstvuurwerk is het vuurwerk dat gebruikt wordt wanneer een schip in nood is en er signalen afgegeven moeten worden, zoals fakkels, vuurpijlen, parachutes en rookpotten. Dit is ook het vuurwerk dat in het leger gebruikt wordt voor soortgelijke doelen, bijvoorbeeld rookschermen of verlichting. Dit vuurwerk is na een aantal jaren niet meer betrouwbaar en wordt dan vernietigd en vervangen. Dat vernietigen gebeurt soms door het als feestvuurwerk te gebruiken, al is het effect natuurlijk niet zo fraai als met echt feestvuurwerk.

Elektronisch/Elektrisch vuurwerk[bewerken]

Elektronisch vuurwerk is vuurwerk dat werkt zonder chemische stoffen, maar puur gebruikmaakt van elektriciteit. Het werkingsprincipe van de elektronische knal is dat er een hoge spanning op een condensator wordt opgebouwd en dat deze dan plotseling ontladen wordt.

Evenementen[bewerken]

Over de hele wereld vinden geregeld grootschalige vuurwerkfestivals plaats, al dan niet met een religieuze achtergrond. In Nederland is er half augustus het Vuurwerkfestival Scheveningen, wat ook een winterversie kent in december.

Vooral in Zuid-Europa krijgt de liefhebber regelmatig de kans om spectaculaire vuurwerken te zien. Met name landen als Spanje, Malta, Italië en Duitsland hebben jaarlijks meerdere traditionele feesten, waarbij groot vuurwerk het middelpunt vormt.

In Valencia (Spanje) vinden bijvoorbeeld ieder jaar rond maart de Fallas de Valencia plaats, waarbij zeer spectaculaire dag en nachtvuurwerken afgestoken worden. In San Severo, Italië wordt jaarlijks het festival La Madonna del Soccorso gehouden, waar enorme vuurwerken afgestoken worden. Ook op het San Trifone Festival in het Italiaanse dorp Adelfia is dit het geval.

Vuurwerk met oud en nieuw[bewerken]

In Nederland wordt op nieuwjaarsdag vanaf 00.00 uur met oud en nieuw traditioneel zeer veel vuurwerk door particulieren afgeschoten. Het is wettelijk geoorloofd van 31 december 18.00 uur tot 1 januari 2.00 uur. Daarmee wordt symbolisch het oude jaar verjaagd en het nieuwe jaar binnengehaald. Een aantal soorten vuurwerk mag echter niet door particulieren gebruikt worden. Vuurwerk dat in België gewoon te koop is, wordt illegaal naar Nederland gebracht.

In 2012 werd er in Nederland voor 70 miljoen euro aan vuurwerk gekocht.[6]

Het nieuwe jaar wordt traditioneel met grote hoeveelheden vuurwerk en feestvuren ingeluid. Als gevolg hiervan treedt er vlak na de jaarwisseling voor een korte tijd zware luchtvervuiling op. In stedelijke gebieden leidt dit gedurende de nacht tot smogvorming. Ook de uitstoot van fijn stof leidt tot een hoge concentratie daarvan in de lucht. De vervuiling verdwijnt het ene jaar sneller dan het andere. Dit hangt sterk af van de windsnelheid en eventuele neerslag. Patiënten met luchtwegaandoeningen zoals astma en mensen met hart- en vaatziekten wordt aangeraden binnen te blijven. Onder de juiste weersomstandigheden, met name weinig wind, lage temperaturen en een hoge relatieve luchtvochtigheid, kan het vele vuurwerk bij het inluiden van het jaar een extreem dichte mist veroorzaken, waarbij het zicht beperkt kan worden tot minder dan 10 meter, zoals in 1993 en 2007/2008 het geval was in Nederland. De rookdeeltjes fungeren als condensatiekernen, waardoor veel vocht condenseert, wat mist kan veroorzaken of natuurlijke mist extra dik maken. Aangezien siervuurwerk hoger dan 10 meter opstijgt, is er van het fraaie effect van dit vuurwerk bij dichte mist weinig te zien. Bij de jaarwisseling van 2007/2008 werden veel vuurpijlen dan ook bewaard tot de avond van 1 januari.

De resten van het afgestoken vuurwerk blijven meestal op straat liggen en zijn dus zwerfafval. Er zijn echter ook veel burgers die de volgende dag netjes de straat aanvegen. In sommige gemeenten worden speciale vuilniszakken uitgedeeld om dit afval op te ruimen. Vuurwerk dat niet afgegaan is vormt een extra gevaar, omdat kinderen het vinden en proberen het alsnog af te steken.

Met vuurwerk vernield bushokje in Rotterdam.

In verband met de gerede kans dat vuurwerk in brievenbussen terecht komt (al dan niet beoogd), wordt de inwerpopening van Nederlandse brievenbussen tijdens de tweede helft van december grotendeels afgesloten. Alleen gewone brieven kunnen er dan nog in. Voor veel huisdieren (vooral honden en katten) is het afsteken van vuurwerk een regelrechte kwelling.

Een gevolg van de negatieve neveneffecten van vuurwerk is dat er de laatste jaren steeds frequenter wordt gesproken over een vuurwerkverbod. Tot dusver lijkt daar niet voldoende politieke steun voor te zijn, met name omdat staatssecretaris Joop Atsma vuurwerk een ‘typisch Nederlandse traditie’ heeft genoemd. Niet alle gemeenten zijn daar blij mee. De gemeente Schiedam overweegt een plaatselijk verbod in te stellen vanwege de grote schadepost die vandalisme met vuurwerk veroorzaakt[7].

Bekende vuurwerken op oudejaarsavond zijn bij het Sydney Opera House in Sydney en in de steden New York en Londen.

Nationaal vuurwerk[bewerken]

Naast het particuliere vuurwerk heeft na steden als Londen, Berlijn, Sydney en New York nu ook Amsterdam op de Dam een nationale viering met bijbehorend vuurwerkspektakel. Op 31 december 2007 werd er ook in Rotterdam bij de Erasmusbrug een nationaal vuurwerk georganiseerd.

Gevaren[bewerken]

Vuurwerk afsteken brengt gevaren met zich mee. Jaarlijks gebeuren met vuurwerk vrij veel ongelukken met letselschade, waarbij meestal jeugdigen en jongvolwassenen oog- of handletsel oplopen. Veel van deze ongevallen gebeuren doordat men een stuk vuurwerk dat geweigerd heeft opnieuw probeert aan te steken. Doordat de lont nu veel korter is, explodeert het op het moment dat men het aansteekt. Het opnieuw afsteken van geweigerd vuurwerk wordt dan ook sterk ontmoedigd.

De meest getroffen lichaamsdelen zijn vingers (32%), handen (25%), ogen (15%) en het hoofd (13%). Bij ongevallen loopt één op de twee slachtoffers brandwonden op. Sommige soorten vuurwerk halen 160 decibels of meer en dat is 20 decibels boven de pijngrens waardoor gehoorschade kan optreden. Ter vergelijking: een opstijgend straalvliegtuig produceert op 100 meter afstand 125 decibels, discotheken zijn goed voor 110 decibels.[8]

Gevarenklassen[bewerken]

Symbool explosieve stof

Het meeste vuurwerk komt uit China. Daar vindt ook de classificatie naar gevarenklasse plaats. De classificatie vindt plaats op grond van internationale regelgeving voor vervoer en verpakking. Vuurwerk is naar aard en werking onderverdeeld in vier subklassen. Subklasse 1 is de zwaarste gevarenklasse, subklasse 4 de lichtste. De vier subklassen zijn:

  1. Gevaar voor massa-explosie (bijvoorbeeld titaniumsalute-shells).
  2. Gevaar voor scherfwerking. Er bestaat geen risico voor massa-explosie.
  3. Gevaar voor brand, gering gevaar voor luchtdruk- of scherfwerking of gevaar voor beide, maar niet met gevaar voor massa-explosie en hoge decibels.
  4. Gering gevaar voor ontploffing. De gevolgen blijven hoofdzakelijk beperkt tot de verpakking.

Volgens de Nederlandse regels moet consumentenvuurwerk tijdens vervoer en opslag altijd zodanig zijn verpakt, dat het kan worden ingedeeld in de subklasse 4. Daarnaast blijven voor consumentenvuurwerk de bestaande regels van kracht, waarbij beperkingen zijn gesteld aan de hoeveelheden en soorten werkzame stof.

Ongelukken[bewerken]

Verwondingen tijdens oud-en-nieuw door consumenten-, professioneel en zelfbouwvuurwerk zijn onder andere: oogletsel en permanente schade aan vingers en ledematen. Letsel kan ontstaan door onkundig gebruik, opzettelijk misbruik of onvoorspelbaar gedrag door modificatie en/of zelfbouw. Tijdens de jaarwisseling van 2010 naar 2011 overleed een persoon door zelfbouwvuurwerk.[9]

In 2004 opereerde het Oogziekenhuis in Rotterdam veertig vuurwerkslachtoffers die veelal gewond raakten door kleine vuurpijlen. 90 procent van deze slachtoffers zijn jongens tussen de 8 en 17 jaar. Een aanzienlijk deel van hen moet blijvend het licht in een oog missen.

Tijdens de jaarwisseling van 2008 naar 2009 zijn in Nederland in totaal 23 ogen volledig blind geworden ten gevolge van vuurwerk, terwijl er 14 ogen operatief moesten worden verwijderd. Oogartsen behandelden in totaal 269 ogen van 232 patiënten. Een derde van deze ogen is blijvend ernstig beschadigd. Zestig procent van de slachtoffers was omstander en stak zelf niets af. Ruim de helft van de slachtoffers was jonger dan 18 jaar. De cijfers zijn afkomstig van het Nederlands Oogheelkundig Gezelschap. Alle oogartsen in Nederland deden mee. Het is voor het eerst dat het aantal gevallen van oogletsel en de ernst ervan landelijk zijn geregistreerd.[10]

Preventie[bewerken]

Ieder stuk Nederlands consumentenvuurwerk heeft weliswaar verplicht een gebruiksaanwijzing, maar vaak schiet deze uit praktisch oogpunt tekort. Tegenwoordig zijn er echter websites waarop uitgebreider wordt ingegaan op het praktisch gebruik van de in Nederland beschikbare vuurwerkartikelen, de kenmerken van deze artikelen en de mogelijke gevaren. Verder spant Stichting Consument & Veiligheid zich sinds enkele jaren in om met name de jeugd bewuster te maken van deze gevaren. Bureau HALT spant zich met name in om overlast door vuurwerk te verminderen, door het aanleveren van lesmateriaal voor de basisvorming en het gestructureerd handhaven van alternatieve straffen voor overtreders, jonger dan 18 jaar.

Met spotjes op de televisie en op internet wordt er aandacht besteed aan de risico’s bij het afsteken van vuurwerk. Ze zijn vooral op jongeren gericht. Deze spotjes worden betaald door de overheid.

In 2011 werd in Nederland een campagne gestart door het Openbaar Ministerie en de politie waarbij een speciaal team op internet zoekt naar filmpjes van illegaal vuurwerk en experimenten met vuurwerk waarbij bommen worden geconstrueerd. Het team streeft naar verwijdering van dergelijke filmpjes en probeert de makers ervan te benaderen middels bijvoorbeeld e-mails. Filmpjes op YouTube kunnen ook een videoantwoord krijgen, waarin wordt uitgelegd dat de film strafbare feiten bevat en waarbij het gevaar wordt toegelicht.[11][12]

Overlast[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Vuurwerkoverlast voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Veilig vuurwerk afsteken[bewerken]

Hieronder staan tips die vaak worden gegeven[bron?] om vuurwerk op een veilige manier af te steken:

  • Gooi nooit met vuurwerk.
  • Steek vuurwerk altijd met gestrekte of slechts licht gebogen arm af, want het lichaam en het hoofd (gezicht) mogen zich niet boven het vuurwerk bevinden.
  • Experimenteer niet met vuurwerk: maak het nooit open.
  • Stop vuurwerk nooit los in jas- of broekzakken.
  • Trek stevige kleding aan die bestand is tegen vonken (geen nylon).
  • Bestudeer de gebruiksaanwijzing van tevoren.
  • Zorg dat siervuurwerk altijd stevig en stabiel staat. Zet (kleine) pijlen altijd in een half met zand gevulde fles. Sla een pvc-buis in de grond voor grote vuurpijlen.
  • Zet vuurwerkpotten altijd klem tussen vier stenen.
  • Steek vuurwerk aan met een aansteeklont, sigaret of sigaar of gebruik een speciale Pyrotorch. Gebruik nooit lucifers of een aansteker.
  • Steek geen vuurwerk uit de hand af.
  • Steek niet-afgegaan vuurwerk (weigeraars) nooit opnieuw aan.
  • Zorg dat anderen minstens zes meter afstand houden.
  • Richt vuurwerk nooit op mensen, dieren of brandbare materialen.
  • Draag een vuurwerkbril.
  • Steek alleen groen viscolont aan.

Vuurwerkramp Enschede[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Vuurwerkramp Enschede voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 13 mei 2000 vond de Vuurwerkramp in Enschede plaats, waarbij een volledige woonwijk werd weggevaagd en 23 doden vielen.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Temple, Robert K.G. (2007). The Genius of China: 3,000 Years of Science, Discovery, and Invention (3rd edition). London: André Deutsch, p. 256-7. ISBN 9780233002026
  2. Beelen, H. en N. van der Sijs, 'Vuurwerk', in Onze Taal 12 2013, blz. 351.
  3. Artikel 1A.1.3
  4. Kabinet pakt overlast door vuurwerk aan, Rijksoverheid.nl, 23-05-2014
  5. Vuurwerkbesluit, Artikel 2.3.6 op overheid.nl (geraadpleegd op 28 mei 2014)
  6. 'Minder Nederlanders kopen vuurwerk', NU.nl.
  7. Trouw.nl: Schiedam wil vuurwerk verbieden
  8. brandwonden.be
  9. Twee doden door vuurwerkongelukken. RTLnieuws.nl (1 januari 2011) Geraadpleegd op 21 april 2013
  10. Nederlands Oogheelkundig Gezelschap, Persbericht 2 februari 2009: Resultaat jaarwisseling 2008/2009: 23 blinde ogen door vuurwerk
  11. Jacht op makers vuurwerkbommen geopend. NOS (22 november 2011) Geraadpleegd op 21 april 2013
  12. TaskForceOVB. TaskForceOVB’s Channel. YouTube Geraadpleegd op 21 april 2013

Beluister

(info)
Zoek dit woord op in WikiWoordenboek