Handelsverdrag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een handelsverdrag is een verdrag dat gesloten wordt tussen één of meer landen, ter bevordering van de wederzijdse of internationale handel. Kenmerkend van een handelsverdrag is dat de inhoud van het verdrag zich richt op handel tussen de staten en inwoners van de staten.

In meer complexe handelsakkoorden wordt ook onderhandeld over een gemeenschappelijke markt, investeringen en zelfs belastingen.

Handelsverdragen naar aantal en soort ondertekenaars[bewerken]

Een handelsverdrag wordt bilateraal genoemd, wanneer het is ondertekend door twee partijen, hetzij een land (of een douane-unie), een handelsblok of een informele groep landen. Een verdrag dat is ondertekend door meer dan twee partijen (doorgaans buurlanden of in dezelfde regio) noemt men multilateraal.

Handelsverdragen naar het niveau van integratie[bewerken]

Vrijhandelszones in de wereld

Er bestaan grote verschillen tussen de verschillende handelsverdragen: sommige zijn erg complex (Europese Unie), andere zijn losser van structuur (NAFTA). Het type handelsverdrag bepaalt de mate van economische integratie die uit het verdrag volgt.

Handels- en investeringsakkoord[bewerken]

Een handels- en investeringsakkoord is een kaderovereenkomst om de handel tussen landen of handelsblokken te bevorderen, en geschillen op te lossen. Vooral de Verenigde Staten heeft dergelijke Trade and Investment Framework Agreement (TIFA's) gesloten, onder meer met het ASEAN-handelsblok, met Taiwan en met Uruguay.

Bilaterale investeringsbeschermings-overeenkomst[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Bilaterale investeringsbeschermings-overeenkomst voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Een bilaterale investeringsbeschermings-overeenkomst (IBO) wordt gesloten tussen twee landen, met het oog op het beschermen en bevorderen van investeringen (DBI, Engels: Foreign Direct Investment (FDI)) op elkaars grondgebied. Momenteel zijn meer dan 2.500 dergelijke verdragen van kracht.

Internationaal Investeringsakkoord[bewerken]

Een Internationaal Investeringsakkoord (IIA) is een verdrag tussen landen om regelingen te treffen inzake wederzijdse investeringen. Het is daarbij de bedoeling die investeringen te beschermen, te bevorderen en vrij te maken. In die verdragen bepalen de ondertekendende landen de normen waaraan buitenlandse investeringen op hun grondgebied moeten voldoen, en worden regels vastgelegd om geschillen op te lossen wanneer niet aan die normen is voldaan. De meeste IIA's betreffen directe buitenlandse investeringen en vaak ook portfolio-investeringen.

Vrijhandelszone[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Vrijhandelszone voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In een vrijhandelszone worden douanetarieven afgebroken, en de wederzijdse handel bevorderd, bijvoorbeeld binnen de Europese Vrijhandelsassociatie.

Een meer geïntegreerde vorm is een vrijhandelsakkoord zoals de Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst (NAFTA) tussen de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Dergelijke akkoorden beogen een verregaande vermindering of opheffing van tarieven op praktisch de gehele handel, met vrij verkeer van goederen en eventueel ook de afbouw van beperkingen op investeringen, de vrijmaking van het verkeer van kapitaal en diensten, en een regeling inzake intellectuele eigendom.

Douane-unie[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Douane-unie voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Een douane-unie is een vrijhandelsverdrag met gemeenschappelijke buitentarieven van alle ondertekenende partijen tegenover niet-ondertekenaars. Voorbeeld: de Douane-unie van Zuidelijk Afrika tussen Botswana, Lesotho, Namibië, Swaziland en Zuid-Afrika.

Gemeenschappelijke markt[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Gemeenschappelijke markt voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Een gemeenschappelijke markt is een gebied zonder binnengrenzen en met een gemeenschappelijke buitengrens, met sterk verminderde of afgeschafte beperkingen op het vrij verkeer van alle productiefactoren, inclusief vrij verkeer van werknemers en onderneming, en coördinatie van het economisch beleid. De Europese Economische Ruimte is een voorbeeld van een gemeenschappelijke markt.

Muntunie[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Muntunie voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Muntunie, waarbij de lidstaten dezelfde munt gebruiken. West- en Centraal-Afrikaanse landen die de CFA-frank gebruiken, maken deel uit van een muntunie.

Economische Unie[bewerken]

Een economische unie is een douane-unie met een gemeenschappelijke markt. In combinatie met een gemeenschappelijke munt spreekt men van een economisch-monetaire unie, zoals bijvoorbeeld de landen van de Eurozone.

Begrotingsunie[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Begrotingsunie voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Bij deze vorm van economische integratie ontstaat een gemeenschappelijke coördinatie van de belangrijkste onderdelen van het begrotingsbeleid. Deze samenwerkingsvorm wordt beschouwd als overgang tussen een economisch-monetaire unie en volledige economische integratie. Binnen de Europese Unie wordt gestreefd naar een Europese begrotingsunie.

Handelsverdragen op internationaal niveau[bewerken]

Meest begunstigde natie[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Meest begunstigde natie voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Terwijl doorgaans de voordelen en verplichtingen van een handelsverdrag enkel gelden tussen de ondertekenende partijen, is binnen de Wereldhandelsorganisatie (WTO) een ander type van akkoord geldig, waarvan de bepalingen van toepassing zijn op alle WTO-leden, op basis van een zogenoemde meest begunstigde natie clausule. Deze houdt in dat voordelen die bilateraal zijn onderhandeld met één handelspartner, ook van toepassing zijn voor de overige WTO-leden.

Preferentiële verdragen[bewerken]

Alle akkoorden die buiten het kader van de WTO zijn onderhandeld, en die bijkomende voordelen bieden boven het WTO/meest begunstigde natie-niveau, maar dan alleen voor de ondertekenende partijen en niet voor de overige WTO-leden, worden door de WTO preferentieel genoemd. Volgens de regels van de WTO moeten deze verdragen aan bepaalde voorwaarden voldoen, meer bepaald een meldingsplicht, en het principe van algemene wederkerigheid (reciprociteit). Dit laatste houdt in dat de voordelen van het verdrag gelden voor alle ondertekenaars. Eenzijdige voordelen, waarbij sommige ondertekenaars een bevoordeelde toegang verkrijgen tot de markt van andere ondertekenaars, zonder hun eigen tarieven te verlagen, zijn enkel toegestaan in uitzonderlijke gevalle, en op een tijdelijke basis. Zo bekwam de Europese Unie een tijdelijke uitzondering voor jaar partnerschapsakkoord met de ACS/ACP-staten.

Het aantal handelsverdragen gaat in stijgende lijn. Tussen 1948 en 1994 ontving de General Agreement on Tariffs and Trade (GATT), de voorloper van de WTO, 124 meldingen. Sedert 1995 zijn meer dan 300 handelsverdragen in voege getreden.[1]

Binnen de OESO[bewerken]

Van 1995 tot 1998 werd binnen de OESO onderhandeld over een Multilateraal Akkoord over Investeringen. Na heftige kritiek van een aantal NGO's en ontwikkelingslanden werden de onderhandelingen, op initiatief van Frankrijk, in april 1998 afgebroken.[2]


Reacties en trends[bewerken]

Vanwege de voordelen van vrijhandel en de toegenomen economische efficiëntie, staan de meeste regeringen in principe positief tegenover handelsverdragen. Toch heeft de WTO bedenkingen. Volgens Pascal Lamy, voormalig directeur-generaal van de WTO, schept het toenemend aantal preferentiële (of regionale) verdragen problemen, door de toegenomen complexiteit. Dit brengt extra kosten mee voor bedrijven, en zorgt voor onvoorspelbare en zelfs onrechtvaardige situaties in handelsrelaties.[3] Volgens de WTO kunnen deze preferentiële verdragen tot op zekere hoogte nuttig zijn, maar zou men beter streven naar wereldwijde afspraken binnen de WTO. Dergelijke onderhandelingen werden gevoerd in de Doha-ronde.

Intussen werden en worden buiten de WTO omvangrijke multilaterale handels- en investeringsverdragen onderhandeld, onder meer door de BRICS-landen, en, op initiatief van de Verenigde Staten, in het kader van de onderhandelingen voor het Trans-Pacific Partnership (TPP), het Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag (TTIP) en het Trade in Services Agreement (TISA).

Bewegingen zoals het Antiglobalisme of het Andersglobalisme hebben vaak fundamentele bezwaren tegen grote handelsverdragen. Andere groepen die eveneens kritisch staan tegenover de mondialisering of globalisering, zoals de ecologische beweging, streven naar fair trade-bepalingen om de negatieve effecten van de globalisering op te vangen.