Vogeldorp

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Vogeldorp, Zamenhofstraat in zuidoostelijke richting bezien, juni 2018.

Vogeldorp is het oudste tuindorp in Amsterdam-Noord, gelegen in de Vogelbuurt, ten zuiden van het Vliegenbos en het Volkstuinpark Buitenzorg.[1] Het dorp is in 1918 gebouwd door de Gemeentelijke woningdienst met Berend Boeyinga van de Amsterdamse School als projectarchitect en bestond oorspronkelijk uit 313 woningen. Aan het ontwerp ligt de tuinstadgedachte van Ebenezer Howard ten grondslag. Vanwege de architectonische waarde en de plaats die het inneemt in de geschiedenis van de sociale woningbouw, is Vogeldorp – evenals zusterdorp Disteldorp – bestempeld als een “monument van nationaal belang” dat op het hoogste niveau bescherming verdient.[2] Sinds 2000 is Vogeldorp een gemeentelijk monument en vanaf 2014 maakt het onderdeel uit van het rijksbeschermde stadsgezicht Amsterdam-Noord.

Historie en achtergronden[bewerken]

Van baggerstortplaats tot bouwgrond[bewerken]

Kaart uit 1901 met daarop de Nieuwendammerham, waar Vogeldorp in 1918 gebouwd zal worden.

Amsterdam-Noord is ontstaan op veengronden die vanaf de zevende eeuw werden ontgonnen.[3] Om de ontginning mogelijk te maken, werden dijken opgeworpen. Daaruit ontwikkelde zich rond 1300 uiteindelijk de Waterlandse Zeedijk, waarlangs verschillende dijkdorpen ontstonden. Ten zuiden van deze dijk lag in het IJ de natuurlijk gevormde landtong Volewijk, die tot 1795 werd gebruikt als galgenveld van ’t Geregt van Amsterdam; er werden mensen opgehangen.[4] De watervlakte ten westen van deze landtong werd door de gemeente gebruikt als baggerstortplaats voor modder uit de grachten en de vaarweg van het IJ.[5] In de negentiende eeuw wordt die watervlakte echter omgevormd tot de polder Buiksloterham, waarna de gemeente op zoek moet naar een nieuwe baggerstortplaats. Het oog valt dan op de waterplas ten oosten van de landtong Volewijk, namelijk op de Nieuwendammerham.[6] Uiteindelijk wordt ook deze watervlakte omstreeks 1870 ingepolderd bij de aanleg van het Noordzeekanaal en zo ontstaat de grond waarop later Vogeldorp gebouwd zal worden. De grond blijft echter eerst jarenlang onaangeroerd liggen. In 1903 verschijnt een rapport van de IJ-commissie die adviseert om de industrie vanuit de stad naar de overkant van het IJ te verplaatsen.[7] In plaats daarvan worden er vanwege de woningnood uiteindelijk vele duizenden arbeiderswoningen gebouwd.

Woningnood leidt tot Woningwet[bewerken]

Een belangrijke oorzaak van de woningnood in Amsterdam in de negentiende eeuw, die uiteindelijk dwong tot de bouw van onder andere Vogeldorp, is gelegen in de Industriële Revolutie. Veel zelfstandigen op het platteland gingen failliet door concurrentie met de fabrieken en werden gedwongen massaal naar de stad te trekken om in diezelfde fabrieken te gaan arbeiden. Mede daardoor groeide het aantal inwoners van Amsterdam tussen 1870 en 1900 van 264.694 naar 510.853.[8] Voor hun huisvesting waren deze nieuw gearriveerde arbeiders aangewezen op particuliere verhuurders; woningbouw voor arbeiders en minvermogenden liet de overheid toen nog volledig over aan particulieren. Die verhuurden voor veel geld kleine, donkere en onhygiënische ruimtes (krotwoningen) aan de laagbetaalde arbeiders, vaak gelegen in dicht op elkaar gebouwde straten met weinig daglicht en frisse lucht.[9] Deze ongezonde woonomstandigheden leidden tot ziektes en epidemieën. Uiteindelijk werd de politiek het erover eens dat aan de erbarmelijke woonomstandigheden iets gedaan moest worden en zo werd in 1901 door het kabinet-Pierson de Woningwet aangenomen.[10] Het doel van de Woningwet was om bouw en bewoning van krotwoningen onmogelijk te maken, en met voorschotten van het rijk de bouw van goede woningen te stimuleren. Het duurt echter tot 1910 voordat de bouw van woningwetwoningen op gang komt, maar voor de allerarmsten laten de woningbouwverenigingen het afweten.[11] Om die reden beginnen de gemeenten na verloop van tijd zelf woningwetwoningen te bouwen, waaronder Vogeldorp. In Amsterdam is het met name Floor Wibaut die daarvoor zorgt.

Wibaut, Keppler en Tellegen: voorvechters van betaalbare gemeentelijke woningbouw, waaronder Vogeldorp[bewerken]

Wibaut was lid van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP), de voorloper van de PvdA. In 1907 treedt Wibaut toe tot de Amsterdamse gemeenteraad en de Gezondheidscommissie. Die commissie en verklaarde veel krotwoningen onbewoonbaar. Wibaut zag de miserabele woonomstandigheden van de arbeiders zodoende van dichtbij, waarbij het besef groeide dat die omstandigheden drastisch verbeterd moesten worden.[12] Datzelfde gold voor Wibauts vriend, partijgenoot en later ook zwager Arie Keppler. Keppler kreeg in 1908 een vaste aanstelling bij de dienst Bouw- en Woningtoezicht – op voorspraak van toenmalige directeur Jan Willem Tellegen – en was eveneens betrokken bij de onbewoonbaarverklaringen[13] Bij gebrek aan voldoende goede woningen bleven veel bewoners van onbewoonbaar verklaarde woningen zitten waar ze zaten.[14] De SDAP-fractie stelde daarom voor dat de gemeente zelf betaalbare woningen zou gaan bouwen voor arme Amsterdamse arbeiders. Dat gebeurt nadat Wibaut in 1914 wethouder wordt van onder andere volkshuisvesting en een jaar later de Gemeentelijke Woningdienst wordt opgericht met Keppler als eerste directeur én Tellegen promoveert tot burgemeester. Dit driemanschap wist in Amsterdam voldoende (politieke) steun te organiseren voor betaalbare gemeentelijke woningbouw, waaronder Vogeldorp.[15]

De bouw van Vogeldorp: de eerste stenen eengezinsarbeidershuizen in Amsterdam[bewerken]

De gemeentelijke woningbouw startte in Noord in 1915 met de Van der Pekbuurt. Door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) nam de woningnood ondertussen verder toe, omdat veel mensen hun toevlucht zochten in het neutrale Nederland.[16] Ondanks dat Wibaut en Keppler er geen voorstander van waren, ontkwam Amsterdam er daarom niet aan noodwoningen te bouwen, dat wil zeggen woningen die niet voldeden aan de minimumeisen uit de Bouwverordening.[17] Eerst werd in 1917 door de Gemeentelijke Woningdienst het grotendeels houten nooddorp Erica gebouwd, ook wel Obelt genoemd.[18] In januari 1918 startte de bouw van Vogeldorp en aan het eind van dat jaar waren de meeste woningen bewoond.[19] Het rijk betaalde mee aan de bouw op grond van de in datzelfde jaar in werking getreden Woningnoodwet.[20] In de dienstverslagen van de Woningdienst zijn de woningen vanaf het begin 'semi-permanent' genoemd, in plaats van noodwoningen.[15] Per woning kostte de bouw gemiddeld 3.780 gulden.[21] De woningen werden niet onderheid, maar gebouwd op betonplaat. Er werd ook een badhuis gebouwd waar vrouwen en mannen afwisselend konden douchen. Tegenwoordig is Museum Amsterdam Noord gevestigd in het badhuis. Aanvankelijk waren er ook een politie- en brandweerpost.[22] De woningen hadden een toilet, elektriciteit en gas en voldeden - anders dan de noodwoningen in Obelt - wél aan de minimumeisen van de Bouwverordening. De Gezondheidscommissie die het dorp in 1918 bezocht constateerde dat “door de benaming ‘noodwoning’ eigenlijk tekort wordt gedaan aan de qualiteiten van deze woningen”.[23] Tegenstanders vonden de woningen in Vogel- en Disteldorp te luxe.[24] De eerste bewoners bestonden uitsluitend uit Amsterdamse arbeidersgezinnen afkomstig uit de oude arbeiderswijken zoals de Jordaan en de Nieuwmarktbuurt.[25] In 1919 kregen de straten hun naam en in 1948 is de Plaatijzerweg omgedoopt in de Zamenhofstraat.[26] Rondom het centrale Vogelplein zaten winkels. Na voltooiing van de bouw schreef Keppler: “Wat niemand ooit heeft kunnen verwachten is verwezenlijkt. Het eengezinsarbeidershuis uit steen gebouwd heeft zijn intrede in de hoofdstad gedaan.[27]

Reeks opknapbeurten tot aan 75-jarige bestaan[bewerken]

In 1933 werden Vogel- en Disteldorp met behulp van een woningwetvoorschot van 265.000 gulden opgeknapt, zodat de dorpen tot 1954 geëxploiteerd konden worden.[28] In 1950 kwam opnieuw de discussie op gang over het al dan niet verlengen van de exploitatie. Vogel- en Disteldorp verkeerden toen in slechte staat ten gevolge van de Tweede Wereldoorlog. Sommige huizen hadden niet eens een voordeur meer.[29] Opnieuw werd de exploitatie verlengd, tot 1965, en wederom financierde het rijk een deel van de opknapbeurt. Dit herhaalde zich voor de derde keer in 1963 toen de exploitatie werd verlengd tot 1980. Er vond toen een algehele restauratie van de romp van de woningen plaats en een beperkte inwendige restauratie.[30] In 1979 verscheen een gemeentelijk rapport, waarin werd voorgesteld om Vogeldorp wegens bouwtechnische redenen in 1993 te slopen (en Disteldorp al eerder in 1983).[31] De bewoners hebben zich daartegen verzet. In 1982 besloot de gemeenteraad de dorpen nog vijftien jaar in stand te houden. Op 11 en 12 september 1993 vierden de Vogeldorpers een groot feest inclusief mediabelangstelling ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van Vogeldorp, dat in het teken kwam te staan van de strijd om het dorp te behouden, met name dankzij de actiegroep 'Vrije Vogels'. In datzelfde jaar werd de opvolger van de Gemeentelijke Woningdienst, die Vogeldorp had gebouwd en in eigendom had, geprivatiseerd en zo ontstond Het Woningbedrijf Amsterdam.[32] Het Woningbedrijf Amsterdam presenteerde twee scenario’s voor de toekomst van Vogeldorp en Disteldorp, waaronder een sloop(nieuwbouw)scenario.[33]

Vogeldorp gekocht, gerenoveerd en deels doorverkocht door De Key[bewerken]

Om te onderhandelen over de verschillende toekomstscenario’s is op initiatief van het stadsdeel Amsterdam-Noord in januari 1997 het Onderhandelingsteam Tuindorpen (OTT) samengesteld. Daaraan namen vertegenwoordigers van het stadsdeel, Het Woningbedrijf Amsterdam en bewoners deel.[34] Het leidde tot ondertekening van een 'slotdocument' in februari 1998, maar de onzekerheid bleef voor Vogeldorp en Disteldorp; er moest een koper worden gevonden die bereid was Vogeldorp te renoveren.[35] Over het onderhandelingstraject is een wetenschappelijk onderzoek gepubliceerd.[36] Woningbouwcorporatie De Key, die strategisch haar positie in Amsterdam-Noord wilde versterken rondom het eerste station van de Noord/Zuidlijn in Amsterdam-Noord[37], te weten halte Noorderpark, bracht als enige van de ongeveer tien gegadigden een bod uit en kreeg de dorpen in februari 1999 overgedragen.[38] De Key wilde weliswaar onrendabel investeren in de dorpen (de zogenaamde 'onrendabele top'), maar de onverwachte financiële tegenvallers overstegen het ingeschatte tekort: de erfpacht verdubbelde, de bouwkosten stegen en de asbestsanering was kostbaar.[39] Daarom heeft De Key er onder meer voor gezorgd dat de dorpen op de gemeentelijke monumentenlijst kwamen, ter verkrijging van een monumentensubsidie.[40] In januari 2001 is gestart met de renovatie, waarbij sommige woningen zijn samengetrokken. Eind 2003 was de renovatie gereed. Ongeveer de helft van de bewoners keerde na de renovatie terug.[41] Op 1 mei 2003 is Vogeldorp kadastraal gesplitst en ontstond een Vereniging van Eigenaars. De Key heeft daarna, ter dekking van de financiële tekorten, uiteindelijk bijna de helft van de woningen verkocht. Zodoende is een zogeheten gemengd complex ontstaan met als leden particuliere eigenaren en de verhurende grooteigenaar De Key.[42]

Architectuur en tuindorpkarakter[bewerken]

Vogeldorp, Vogelkade in noordoostelijke richting, met 'Boeyingapoort', juni 2018.

.De periode waarin Vogeldorp is gebouwd, valt samen met de jaren waarin de zorg voor goede volkshuisvesting een breed maatschappelijk draagvlak begon te krijgen. De arbeiderskolonie werd niet langer gezien als een noodzakelijke voorziening voor fabrieksarbeiders, maar als een leefgemeenschap. De architect-stedenbouwkundige ging de plaats innemen van de ingenieur.[43] Inmiddels neemt men aan dat Berend Boeyinga van de Amsterdamse School de (project)architect van Vogeldorp is geweest.[19] Hij ontwierp een orthogonaal en zo veel mogelijk symmetrisch stratenplan met als lengte-as de Lange Vogelstraat. Het dorp kent twee type woningen: het ‘bungalowtype’ en de eengezinswoning met zolderverdieping. De geringe bouwhoogte, de langwerpige bouwlichamen en de zadeldaken met nokrichtingen evenwijdig aan de straat versterken het open karakter en de regelmatige opzet. De horizontale beplanking, waarbij de planken net als de dakpannen elkaar overlappen, is een typerende betimmeringswijze voor de (dijk)dorpen in Amsterdam-Noord. Bijzonder zijn de ‘Boeyinga-poorten’ waarbij twee woonblokken aan elkaar gekoppeld zijn door de zadeldaken te laten doorlopen. Vogeldorp is gebaseerd op de tuinstadgedachte van de Engelse stenograaf Ebenezer Howard. Howards ‘tuinstad’ combineert de voordelen van de stad met de aangename omgeving van het platteland. In Nederland is het tuinstad-concept bewerkt tot een tuindorp-concept, dat wil zeggen kleinschalige, groene uitbreidingswijken als onderdeel van de grotere stad.[44] Vogeldorp is bewust excentrisch gesitueerd, als op zichzelf staande nederzetting. Inmiddels is de omgeving verstedelijkt, maar Vogeldorp is nog altijd een duidelijk en herkenbare enclave.[45]

Beschermd cultureel erfgoed van nationaal belang[bewerken]

Gemeentelijk monument sinds 2000[bewerken]

Prof. dr. Bock schreef in 1995 dat (onder andere) Vogeldorp in sociaal-cultureel, stedenbouwkundig en architectonisch opzicht te beschouwen is als een “monument van nationaal belang” dat bescherming verdient op het hoogste niveau.[46] De tuindorpen in Amsterdam-Noord laten in zeldzame volledigheid zien hoe de sociaaldemocratie destijds over de volkshuisvesting dacht, aldus Bock.[47] In maart 2000 zijn Vogeldorp en Disteldorp als gemeentelijke monument aangewezen.[48] Daarbij overwoog de gemeente dat integrale instandhouding van de dorpen voorop dient te staan en niet de “historische vergissing” moet worden gemaakt de dorpen te slopen. De Erfgoedverordening Amsterdam verplicht monumenteigenaren tot zodanig onderhoud dat instandhouding gewaarborgd is.[49] Behoud van monumentale waarden is ook de grondslag van het gemeentelijke Beleidskader Monumenten.[50] Blijkens de welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam uit 2016 valt Vogeldorp – samen met de aangrenzende volkstuinen en het Vliegenbos – in het hoogste welstandsniveau (Beschermd), waarbij behoud van cultuurhistorische waarden en de daarbij behorende kwaliteiten het uitgangspunt is.[51] Volgens de gemeente ligt er voor Vogel- en Disteldorp nog een lange toekomst in het verschiet.[52]

Affiche ter gelegenheid van het 100-jarige bestaan van Vogeldorp in 2018.

Rijksbeschermd stadsgezicht sinds 2014[bewerken]

Bovenop de gemeentelijke monumentenstatus maakt Vogeldorp – net als Disteldorp, Volkstuinpark Buitenzorg en het aangrenzende Vliegenbos – sinds 2014 onderdeel uit van het rijksbeschermde stadsgezicht Amsterdam-Noord.[53] Volgens de toelichting daarop vormen de zorgvuldig uitgewerkte tuindorpen, ingebed in hun historische omgeving, een voor Nederland uniek complex.[54] Vogeldorp en Disteldorp vormden niet alleen de eerste werkelijke tuinstadbouw in Amsterdam-Noord, maar zouden tevens vingeroefeningen blijken te zijn voor het later gebouwde Tuindorp Oostzaan en Tuindorp Nieuwendam.[55] De toelichting roemt verder de bijzondere plaats die de tuindorpen in Amsterdam-Noord innemen in de geschiedenis van de sociale woningbouw en de emancipatie van de arbeidersklasse, de samenhang tussen stedenbouwkundig ontwerp, bebouwing en inrichting van de openbare ruimte.[56] Uniek voor Nederland is ten slotte de belangrijke rol, die de gemeente als opdrachtgever en bouwer bij de totstandkoming heeft gespeeld.[57] Het rijk wil het aangewezen gebied graag behouden, ook voor toekomstige generaties.[58] Als gevolg van de aanwijzing moet ex artikel 36 Monumentenwet 1988[59] een beschermend bestemmingplan worden opgesteld dat is gericht op het handhaven van de schaal, sfeer en karakter van het historische geheel.[60]

Beschermend bestemmingsplan en verdrag van Granada[bewerken]

Vogeldorp valt in het bestemmingsplan Nieuwendam-Zuid II dat in 2013 is vastgesteld.[61] Blijkens de toelichting daarop is een van de aanleidingen voor de vaststelling het feit dat Vogeldorp een gemeentelijk monument is en op het punt stond als rijksbeschermd stadsgezicht te worden aangewezen; het bestemmingsplan is op die aanwijzing toegesneden.[62] In het bestemmingsplan zijn de cultuurhistorische waarden van onder andere Vogeldorp gedetailleerd beschreven, behoud van die waarden is het uitgangspunt.[63] De woningen in Vogeldorp zijn bestemd als ‘Wonen-3’, met als verschil ten opzichte van ‘Wonen-1’ dat het niet mogelijk is de bouwhoogte met 15% te vergroten.[64] In 1994 is voor Nederland de Overeenkomst inzake het behoud van het architectonische erfgoed van Europa in werking getreden, kortweg het verdrag van Granada.[65] Artikel 4, lid 2 verplicht Nederland “te voorkomen dat beschermde goederen worden ontsierd, vernield of afgebroken”. Vanwege dat verdrag moet volgens de parlementaire geschiedenis bij de aanstaande Omgevingswet het omgevingsplan[66] onder andere voorzien in een op de karakteristieken van het beschermde stads- of dorpsgezicht afgestemd verbod tot het slopen van bouwwerken.[67] Verder is het verdrag van Granada aanleiding om in de Omgevingswet voor te schrijven dat het bij de belangenafweging omtrent cultureel erfgoed “primair gaat om het behoud van cultureel erfgoed.”[68]

Media & trivia[bewerken]

  • In het VPRO radioprogramma OVT van 12 oktober 1997 zijn de auteurs geïnterviewd van het onderzoeksrapport 'Grote Stadsmens en niettemin dorpeling. De maatschappelijke en historische betekenissen van de tuindorpen Disteldorp, Vogeldorp en Tuindorp-Oostzaan'.[69]
  • Het AT5-programma de Straten van Amsterdam heeft op 11 oktober 2016 een uitzending gemaakt over de Derde Vogelstraat en Vogeldorp.[70]
  • Ter gelegenheid van het 100-jarige bestaan presenteerde presentator Pieter Hulst een speciaal in juni 2018 opgenomen filmpje 'Vogeldorp 100 jaar'.[71]
  • Het Parool noemde in een artikel van 6 september 2016 het oude badhuis van Vogeldorp, waarin nu Museum Amsterdam Noord gevestigd is, een van de vijf parels van Amsterdam-Noord tijdens de Open Monumentendag.[72]
  • De inwoners van Vogeldorp zijn omschreven als iets ‘artistiekeriger’ en anarchistischer dan de inwoners van zusterdorp Disteldorp.[33] Vanwege de cultuurverschillen tussen de twee dorpen voerde De Key tijdens het renovatietraject apart overleg met de dorpen.[73]
  • Dichter Simon Vinkenoog verbleef vaak op zijn tuinhuis in het aan Vogeldorp grenzende volkstuincomplex Buitenzorg.  

Voetnoten[bewerken]

  1. Volkstuinpark Buitenzorg is het oudste volkstuincomplex van Amsterdam. In 2017 vierde het zijn honderdjarige bestaan.
  2. Prof. dr. Bock, Advies Begeleidingscommissie MSP (Monumenten Selectie Project) Amsterdam-Noord, 10 januari 1995, p. 5. Dit advies is o.a. terug te vinden als bijlage 1 bij de Cultuurhistorische verkenning Tuindorp Nieuwendam en Buiksloot, C 13-005 Amsterdam 2014.
  3. Toelichting bij het besluit tot aanwijzing van het beschermd stadsgezicht Amsterdam-Noord, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, 2012, p. 4 en 15.
  4. Idem.
  5. Wil Swart, Amsterdam-Noord 1850 – 1930. De geschiedenis achter de feiten, Boekenplan, 2002, p. 17.
  6. Idem, p. 19.
  7. Idem, p. 9.
  8. Idem, p. 15.
  9. Bericht ‘Expositie Van krot tot Woningwet’ op de website van Museum het Schip.
  10. Wet van 22 juni 1901 houdende wettelijke bepalingen betreffende de volkshuisvesting, Staatsblad 158.
  11. Canon van de Volkshuisvesting, onderdeel 1901 De Woningwet (geraadpleegd juni 2018).
  12. (nl) F.M. (Floor) Wibaut, Levensbouw. Memoires, Querido, 1936, p. 133-138.
  13. (nl) Wil Swart, Van sinaasappelkistje tot kangoeroewoning. Het Amsterdam-Noord van Arie Keppler, Wijkopbouworgaan Midden-Noord, Amsterdam, 1922, p. 86.
  14. (nl) E. Slot en H. Moor, Wibaut: onderkoning van Amsterdam, Bakker, Amsterdam, 2009, p. 96. ISBN 9035135237.
  15. a b (nl) Maartje van der Eem en Clementine van Vooren, Grote stadsmens en niettemin dorpeling, Vrije Universiteit, 1997, p. 13.
  16. Idem, p. 8.
  17. De Bouwverordening was door de gemeente ingesteld, omdat de Woningwet daartoe verplichtte. Tellegen was verantwoordelijk voor het opstellen van de eerste Bouwverordening van Amsterdam.
  18. Ook wel genoemd: ‘de sinaasappelkistjes van Wibaut’. Het dorp was gelegen nabij het badhuis Obelt, ongeveer op de plek van de tegenwoordige Tolhuistuin. De laatste bewoners vertrokken er in augustus 1929 waarna de woningen zijn gesloopt.  
  19. a b (nl) Maartje van der Eem en Clementine van Vooren, Grote stadsmens en niettemin dorpeling, Vrije Universiteit, 1997, 10.
  20. Kamerstukken II 1917-1918, 363, nr. 1.
  21. Idem, p. 10.
  22. Idem, p. 25.
  23. Idem, p. 13.
  24. Idem, p. 12.
  25. Idem, p. 39 en 57.
  26. Idem, p. 13.
  27. Keppler, ‘Amsterdamsche noodwoningen tweede complex’, Tijdschrift voor volkshuisvesting 1, 89-91.
  28. (nl) Maartje van der Eem en Clementine van Vooren, Grote stadsmens en niettemin dorpeling, Vrije Universiteit, 1997, p. 34.
  29. Idem, p. 35.
  30. Idem, p. 35.
  31. Idem, p. 36. Tegelijkertijd werd voorgesteld Disteldop om dezelfde redenen te slopen, maar dan in 1983, zodat er niet in één keer te veel mensen op straat zouden komen te staan. Ook speelde mee dat men ervan uitging dat op de plek van Vogeldorp niet (eenvoudig) opnieuw gebouwd zou kunnen worden vanwege de nabijgelegen chemische fabriek.
  32. Idem, p. 59.
  33. a b (nl) Marietta Haffner en Marja Elsinga, Dorpspolitiek. Samenwerking renovatie Disteldorp, Tuindorp Oostzaan en Vogeldorp., Habiforum, Gouda, 2006, p. 31.
  34. Idem, p. 34.
  35. Idem, p. 38.
  36. (nl) Marietta Haffner en Marja Elsinga, Dorpspolitiek. Samenwerking renovatie Disteldorp, Tuindorp Oostzaan en Vogeldorp, Habiforum, Gouda, 2006.
  37. Idem, p. 65.
  38. Idem, p. 38.
  39. Idem, p. 38.
  40. Idem, p. 39.
  41. Idem, p. 67.
  42. Zie over gemengde complexen M.C.E. van der Vleuten, Gemengde complexen. Een onderzoek naar de juridische knelpunten in woongebouwen met zowel huurders als eigenaar-bewoners, Nexus, Maastricht, 2017 (proefschrift).
  43. Toelichting bij het besluit tot aanwijzing van het beschermd stadsgezicht Amsterdam-Noord, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, 2012, p. 3.
  44. Toelichting bij het besluit tot aanwijzing van het beschermd stadsgezicht Amsterdam-Noord, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, 2012, p. 23.
  45. Idem, p. 33.
  46. Prof. dr. Bock, Advies Begeleidingscommissie MSP (Monumenten Selectie Project) Amsterdam-Noord, 10 januari 1995, p. 5. Dit advies is o.a. terug te vinden als bijlage 1 bij de Cultuurhistorische verkenning Tuindorp Nieuwendam en Buiksloot, C 13-005 Amsterdam 2014.
  47. Idem, p. 3.
  48. De exacte datum van de aanwijzing is volgens informatie van de gemeente 28 maart 2000. De zgn. redengevende omschrijving die ten grondslag ligt aan de aanwijzing is op te vragen bij de gemeente.
  49. Erfgoedverordening Amsterdam, Gemeenteblad 18 december 2015, nr. 301/1388, i.h.b. art. 10, lid 1. Het betreffende artikellid is geformuleerd als een verbodsbepaling. De op dezelfde plaats en datum gepubliceerde Toelichting Erfgoedverordening Amsterdam vermeldt op dit punt: “Analoog aan de Erfgoedwet die medio 2016 van kracht wordt heeft ook een eigenaar van een gemeentelijk monument de plicht om een monument zodanig te onderhouden dat instandhouding gewaarborgd is.”
  50. Beleidskader toetsing ingrepen en/of herstel van monumenten, Gemeenteblad 14 oktober 2016, nr. 142283. In de paragraaf Werkwijze Monumenten en Archeologie staat te lezen: “Bij de toetsing van bouwplannen wordt gekeken naar de mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen, terwijl tegelijkertijd de doelstelling is om alle monumentale waarden zo veel mogelijk te behouden.”
  51. De Schoonheid van Amsterdam 2016, Gemeenteblad 16 september 2016, nr. 133999, p. 23 i.c.m. hoofdstuk 5. Vogeldorp valt in de Waarderingskaart Gordel ‘20-’40.
  52. Internetbericht ‘Tijdelijk duur het langst’ in de reeks Erfgoed van de Week in het kader van het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed (2018) op de website van de gemeente Amsterdam.
  53. Besluit van 3 maart 2014, Staatscourant 2014 nr. 6120. Zie ook het bericht ‘Amsterdam-Noord aangewezen als beschermd stadsgezicht’ d.d. 4 maart 2014 op de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
  54. Toelichting bij het besluit tot aanwijzing van het beschermd stadsgezicht Amsterdam-Noord, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, 2012, p. 3.
  55. Idem, p. 32-33.
  56. Idem, p. 43.
  57. Idem, p. 43.
  58. Brochure ‘Een toekomst als beschermd stadsgezicht’, uitgave Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed met medewerking van Bureau Monumenten & Archeologie, Amsterdam, mei 2013, p. 3.
  59. De Monumentenwet 1988 is vervangen door de Erfgoedwet van 9 december 2015, gepubliceerd in Staatsblad 2015, 511,  in werking getreden op 1 juli 2016. Blijkens de parlementaire geschiedenis bij de Erfgoedwet (Kamerstukken II, 2014-2015, 34 109, nr. 3, p. 20) gaat de aanwijzing en bescherming van dorpsgezichten over naar de Omgevingswet (Staatsblad 2016, 156) die naar verwachting omstreeks 2021 in werking zal treden.
  60. Ruimtelijk Bestuursrecht, Wolters Kluwer, commentaar op artikel 36 Monumentenwet 1988, aant. 1.2. Vgl. Kamerstukken II, 2014-2015, 34 109, nr. 3, p. 20 (Memorie van Toelichting op de Erfgoedwet): “Na aanwijzing moet de gemeente vervolgens een beschermend bestemmingsplan opstellen om cultuurhistorische waarden van die gezichten te behouden.”
  61. Staatscourant 20 augustus 2013, nr. 22940. Op de website ruimtelijkeplannen.nl is het bestemmingsplan inclusief bijlagen terug te vinden.  
  62. Toelichting Bestemmingsplan Nieuwendam-Zuid II, p. 1. Terug te vinden op ruimtelijkeplannen.nl.
  63. Idem, p. 24.
  64. Idem, p. 96.
  65. Tractatenblad 1985, nr. 163 en Tractatenblad 1994, nr. 59.
  66. De Omgevingswet introduceert het omgevingsplan ter vervanging van het bestemmingsplan.
  67. Kamerstukken II 2013-2014, 33 962, nr. 3, p. 112.
  68. Idem, p. 499.
  69. (nl) OVT uitzending 12 oktober 1997. VPRO. Geraadpleegd op 14 juni 2018.
  70. (nl) Straten van Amsterdam van 11 oktober 2016. AT5. Geraadpleegd op 14 juni 2018.
  71. (nl) AT5, Vogeldorp 100 jaar. YouTube. Geraadpleegd op 26 juni 2018.
  72. (nl) Parels van Amsterdam-Noord tijdens Open Monumentendag. Het Parool. Geraadpleegd op 14 juni 2018.
  73. Idem, p. 45
Wapen gemeente Amsterdam

Amsterdam-Centrum · Amsterdam Nieuw-West · Amsterdam-Noord · Amsterdam-Oost · Amsterdam-West · Amsterdam-Westpoort · Amsterdam-Zuid · Amsterdam-Zuidoost · Amstel III · Admiralenbuurt · Amsteldorp · Andreas Ensemble · Apollobuurt · Bajes Kwartier · Banne Buiksloot · Bellamybuurt · Betondorp · Bijlmer · Binnenstad · Bloemenbuurt · Borgerbuurt · Borneo · Bos en Lommer · Buiksloot · Buiksloterham · Buikslotermeer · Buitenveldert · Bullewijk · Burgwallen Oude Zijde · Burgwallen Nieuwe Zijde · Centrumeiland · Chassébuurt · Chinatown · Cremerbuurt · Cruquius · Czaar Peterbuurt · Da Costabuurt · Dapperbuurt · De Aker · De Baarsjes · De Eendracht · De Heining · De Omval · De Pijp · Diamantbuurt · Driemond · Disteldorp · Dubbele Buurt · Duivelseiland · Elzenhagen · Erasmusparkbuurt · Floradorp · Frederik Hendrikbuurt · Gaasperdam · Gein · Geuzenveld · Gibraltarbuurt · Gouden Reael · Gulden Winckelbuurt · Grachtengordel · Haarlemmerbuurt · Hallenkwartier · Haveneiland · Helmersbuurt · Holendrecht · Hoofddorppleinbuurt · Houthaven · IJ-oevers · IJburg · IJdock · IJplein · Indische Buurt · Jan Maijenbuurt · Java-eiland · Jeruzalem · Jodenbuurt · Jordaan · Julianapark · Kadijken · Kadoelen · Kattenburg · Kinkerbuurt · KNSM-eiland · Kolenkitbuurt · Kop van Jut · Van der Kunbuurt . Laan van Spartaan · Landlust · Lastage · Leidsebuurt · Marineterrein · Marken · Marktkwartier · Mercatorbuurt · Middelveldsche Akerpolder · Molenwijk · Museumkwartier · Negen Straatjes · Nellestein · Nieuw Sloten · Nieuw-West · Nieuwe Pijp · Nieuwendam · Nieuwendammerdijk en Buiksloterdijk · Nieuwendammerham · Nieuwmarkt · Noorderhof · Noordse Bos . Olympisch Kwartier · Omval · Oostelijk Havengebied · Oostelijke Eilanden · Oostelijke Handelskade · Oostenburg · Oosterdokseiland · Oosterparkbuurt · Oostoever · Oostpoort · Oostzanerwerf · Osdorp · Oud Osdorp · Oud-Oost · Oud-West · Oud-Zuid · Oude Pijp · Overamstel · Overhoeks · Overtoombuurt · Overtoomse Buurt · Overtoomse Veld · Park Haagseweg · Park de Meer · Plan West · Plan Zuid · Planciusbuurt · Plantagebuurt · Postjesbuurt · Prinses Irenebuurt · Rapenburg · Reigersbos · Riekerpolder · Rieteilanden · Rietlanden · Rivierenbuurt · Robert Scottbuurt · Ruigoord · Schinkelbuurt · Science Park · Sloten · Sloterdijk · Sloterdijk Centrum · Slotermeer · Slotervaart · Spaarndammerbuurt · Spieringhorn · Sporenburg · Staatsliedenbuurt · Stadionbuurt · Steigereiland · Transvaalbuurt · Trompbuurt · Tuindorp Buiksloot · Tuindorp Buiksloterham · Tuindorp Nieuwendam · Tuindorp Oostzaan · Tuttifruttidorp · Uilenburg · Van der Pekbuurt · Van Lennepbuurt · Venserpolder · Vlooienburg · Vogelbuurt · Vogeldorp · Vogeltjeswei · Volewijck · Vondelparkbuurt · Vrije Geer · Waalseiland · Watergraafsmeer · Waterlandpleinbuurt · Waterwijk · Weesperbuurt · Weesperzijde · Westelijke Eilanden · Westelijke Tuinsteden · Westerdokseiland · Westerpark · Westpoort · Willemspark · Wittenburg · Zeeburg · Zeeburgereiland · Zeeheldenbuurt · Zuidas · Zuideramstel