Betoging

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Demonstratie in Stockholm 18e eeuw
Demonstratie met Emmeline Pankhurst begin 20e eeuw
Betoging krakers in Leuven 22 juni 2007
Betoging in Brussel, 29 september 2010

Een betoging of demonstratie is een verzameling mensen (van betogers of demonstranten), die bij elkaar gekomen zijn om iets te bepleiten, in de meeste gevallen om ergens tegen te protesteren.

Demonstraties zijn een actiemiddel, waarbij aandacht wordt gevraagd voor een bepaalde zaak en waarbij wordt geprobeerd aan te tonen dat er onder de bevolking een groot draagvlak is voor het doel van de demonstratie.

Het recht op demonstratie is een democratisch recht. Veel demonstranten, die geregeld demonstreren, zien het ook als een democratische plicht, een middel om bestuurders, volksvertegenwoordigers en machthebbers erop te wijzen dat ze iets verkeerd doen. Anderen zien demonstreren echter als een verstoring van het democratische proces, een oneigenlijk pressiemiddel. Zij vinden dat democratisch verkozen bestuurders en vertegenwoordigers hun werk moeten doen, ongestoord door actievoerders en demonstranten. Bovendien vertegenwoordigen demonstranten niet degehele bevolking, en democratie dient de gehele bevolking, niet (slechts) degenen die het meeste lawaai maken. Hier wordt weer tegen ingebracht dat voorgenoemde bestuurders slechts bij verkiezingen ter verantwoording kunnen worden geroepen, vaak toch ver van de bevolking staan, en op deze manier 'bij de les' kunnen worden gehouden en eraan kunnen worden herinnerd wiens belang ze dienen.

Grote betogingen in de Benelux hebben vooral een links karakter, alhoewel er ook kleinere rechtse demonstraties zijn. Ze vormen een alternatief voor de gebruikelijke bestuurlijke en democratische wegen om invloed op de besluitvorming uit te oefenen.

Betogingen kunnen worden gezien als een democratisch recht en als vallend onder vrijheid van meningsuiting. Toch is er een grenslijn te trekken met ordehandhaving, vooral wanneer enkele kwaadwillenden of een hele groep overgaat tot geweld of plunderingen. Wanneer dit het geval is, zal de politie (al dan niet via een oproerbestrijdingseenheid) of zelfs het leger ingrijpen. Soms gaan demonstraties dan ook gepaard met geweld en confrontaties tussen demonstranten enerzijds en politie en het leger anderzijds. Ook is het mogelijk dat twee demonstrerende groepen elkaar tegenkomen en met elkaar op de vuist gaan.

Niet-democratische landen verbieden zelfs demonstraties in het geheel, treden hier hard tegen op, en gebruiken het ordehandhavingsargument als argument hiervoor. Een voorbeeld is het neerslaan van de studentendemonstratie in 1989 door het Chinese leger. Vaak vinden arrestaties plaats en worden dissidenten opgesloten, gemarteld of berecht in showprocessen. Dit kan echter ook averechts werken wanneer het harde beleid van de overheid nou juist de afkeer hiertegen versterkt, waardoor de situatie escaleert naar een burgeroorlog. Dit was het geval bij de aanloop naar de Libische Opstand van 2011.

Anderzijds gelden in demonstraties ook de 'normale' beperkingen van het recht van vrijheid van meningsuiting, zoals belediging, majesteitsschennis, belediging van een bevriend staatshoofd, opruiing, en haatzaaien tegen een bevolkingsgroep. In Nederland werd bijvoorbeeld de roepen van de woorden 'Johnson moordenaar' gezien als een belediging van een bevriend staatshoofd, namelijk de Amerikaanse president Lyndon B. Johnson, en niet toegestaan. Ook hier zal een open democratie met veel vrijheden deze beperkingen restrictief interpreteren, terwijl andere landen al zeer snel overgaan tot het neerslaan van een betoging omwille van de inhoud hiervan.

Betogingen waren erg populair in de jaren zestig, zeventig en tachtig. In de jaren negentig zijn er veel minder grote betogingen geweest. In de jaren 2000 kwam betogen weer helemaal in, door onder meer andersglobalistische betogingen en betogingen tegen de oorlog in Irak.

Typen demonstraties[bewerken]

Een demonstratie is een vorm van protest. Voorafgaand of tijdens zo'n bijeenkomst zijn er vaak sprekers. Er worden vaak spandoeken en -borden met leuzen meegedragen, en leuzen geschreeuwd of (protest)liederen gezongen. Ook vinden er soms vlagverbrandingen plaats. Voorbeelden van verschillende demonstraties zijn,

  • Stille tochten: In Nederland en België veelgebruikt als reactie op zinloos geweld en in België 'de zaak "Dutroux"
  • Fakkeloptochten: Voor soortgelijke actie als stille tochten maar dan ‘s avonds gehouden.
  • Lawaaidemonstratie: Zoals in Amsterdam na de moord op Theo van Gogh.
  • Sit-ins, blokkades en bezettingen: Hierbij blokkeert men een belangrijk punt, zoals een doorgang, een verkeersweg, of een gebouw. Soms wordt geprotesteerd tegen een sloop door zichzelf aan de sloopmachines of het te slopen object vast te binden of te ketenen.
  • Naaktacties: Zoals Peta, FEMEN en World Naked Bike Ride.
  • Staking: Veel stakingen gaan gepaard met demonstraties en blokkades door de stakers.
  • Massabijeenkomsten: Wanneer er zeer veel mensen met een bepaald doel bijeenkomen om te protesteren is dit op zich al een duidelijk signaal.

Hoewel de demonstranten vaak de overheid ergens op attent willen maken, is de overheid niet altijd het (enige) doelwit. Met name bij stakingsdemonstraties is de frustratie van de demonstranten primair gericht tegen de werkgever(s) wegens dreigend ontslag, slechte werkomstandigheden, of onvrede over het salaris. Toch wordt ook dan vaak bij overheidsgebouwen gedemonstreerd omdat men van de overheid verwacht dat ze hier iets aan doet. Ook is het mogelijk dat mensen, al dan niet door de regering zelf aangemoedigd, nu juist voor het regeringsbeleid demonstreren omdat ze het niet eens zijn met de oppositie, en zo hun steun aan de zittende regering willen tonen. Ook wordt soms gedemonstreerd tegen het beleid van een andere (bevriende) mogendheid. In dat geval is een buitenlandse ambassade vaak het doelwit.

Risico's en gevaren[bewerken]

Betogingen zijn in zekere zin een 'risicovol' actiemiddel, omdat men zeker moet zijn dat men een significante opkomst kan mobiliseren. Wanneer men een betoging organiseert waarvoor bijna geen betogers komen opdagen heeft men in feite het omgekeerde aangetoond: dat er geen draagvlak bestaat voor de doelen van de betoging. Bovendien is demonstreren zoals eerder vermeld in veel landen in het geheel verboden en loopt men het risico opgepakt te worden. Een demonstratie kan ook averechts werken wanneer ze met geweld gepaard gaan of het publiek de acties niet waardeert of hier schade van ondervindt. Hierdoor wordt publieke sympathie verspeeld.

Een demonstrerende menigte kan een bijzonder gevaarlijke plaats zijn wanneer paniek uitbreekt, bijvoorbeeld door een charge van de politie of het leger. Men kan ten val komen en worden vertrappeld, met zwaar letsel of de dood tot gevolg. Ook gewelduitbarstingen bij escalatie kunnen riskant zijn voor deelnemers en omstanders.

België[bewerken]

De grootste demonstraties ooit in België waren:

  • 23 oktober 1983, Brussel, de antirakettenbetoging met 400.000 betogers tegen de plaatsing van Amerikaanse atoomwapens in België.
  • 20 oktober 1996, Brussel, de Witte mars voor een beter werkend gerecht, dat in alle onafhankelijkheid de zaak Dutroux tot op het bot zou kunnen uitspitten en voor een betere bescherming van kinderen. Ruim 300.000 betogers kwamen bijeen en stapten door het centrum van Brussel.

Hieronder een overzicht van grote betogingen van de 20e en 21e eeuw in België:

Datum Plaats Doel Organisatie Opkomst
23 maart 1971 Brussel Grote Boerenbetoging: Tegen het nieuwe landbouwplan van de EEG boeren 100.000
23 oktober 1983 Brussel antirakettenbetoging 400.000
20 oktober 1996 Brussel Witte mars, voor een beter werkend onafhankelijk gerecht 300.000
2 februari 1997 Tubeke Mars voor Werk 70.000
15 februari 1998 Brussel Tweede Witte mars 25.000 à 30.000
22 maart 1998 Brussel Hand in Hand-betoging tegen racisme 7000 à 15.000
11 september 1998 Brussel Nationale Manifestatie voor hogere sociale uitkeringen 30.000
13 december 2001 Brussel Voor een sterk en sociaal Europa vakbonden en NGO's 100.000
15 maart 2003 Brussel Geen Oorlog Tegen Irak vakbonden, vredesbeweging & politieke partijen 60.000
21 maart 2003 Brussel Voor een sociaal en democratisch Europa, voor vrede en méér sociale rechtvaardigheid in de wereld vakbonden, vredesbeweging & studentenbeweging 60.000
23 januari 2011 Brussel Manifestatie met de naam 'Shame' dit naar aanleiding van de politieke impasse in België enkele jongeren 39.000

Nederland[bewerken]

Demonstratie op het Museumplein in Amsterdam, 2 oktober 2004

De grootste demonstraties ooit in Nederland waren:

Hieronder een overzicht van grote betogingen van de 21e eeuw in Nederland.

Datum Plaats Doel Organisatie Opkomst
15 februari 2003 Amsterdam Protest tegen de aanstaande oorlog in Irak 80.000
22 maart 2003 Amsterdam Protest tegen de aanstaande oorlog in Irak 20.000 volgens ANP,
100.000 volgens de organisatie
20 september 2003 Amsterdam Protest tegen het regeringsbeleid van Balkenende 2 Keer het Tij 25.000
20 maart 2004 Amsterdam Tegen de bezetting van Irak 1000–2.000
26 maart 2004 Den Haag Studentenprotest tegen de nieuwe ontwikkelingen in het hoger onderwijs LSVb
10 april 2004 Amsterdam Voor een generaal pardon voor 26.000 uitgeprocedeerde vluchtelingen. Tegen het uitzettingsbeleid van minister Verdonk Keer het Tij 10.000–15.000
20 september 2004 Rotterdam Tegen het kabinetsbeleid van Balkenende 2 vakbonden 30.000 volgens politie
60.000 volgens organisatie
2 oktober 2004 Amsterdam Tegen het kabinetsbeleid van Balkenende 2 vakbonden en
Keer Het Tij
meer dan 200.000 volgens organisatie
ruim 300.000 volgens Gemeente A'dam
veel minder volgens De Telegraaf
30 november 2007 Amsterdam Tegen de 1040-urennorm van OCW LAKS Schattingen lopen uiteen van 15.000 tot 24.000

Verenigde Staten[bewerken]

De mars naar Washington in augustus 1963 met Martin Luther King jr.
Herdenkingsbetoging 2009 van de studentendemonstratie in China, juni 1989

Een van de bekendste massademonstraties is die van 28 augustus 1963, waarbij meer dan 250.000 van allerlei rassen bijeen kwamen om te demonstreren vóór rassengelijkheid. Tot dan toe gold een strikte rassenscheiding. Zo mochten zwarte mensen bijvoorbeeld niet in de bus van de blanken en mochten zwarte kinderen niet de scholen van blanke kinderen bezoeken. Datzelfde systeem bestond in Zuid-Afrika en werd daar apartheid genoemd. Op die bijeenkomst sprak dominee Martin Luther King zijn beroemde rede I Have a Dream uit.

China[bewerken]

Hoewel de democratische rechten in China beperkt zijn, komen straatdemonstraties op grote schaal voor. Verspreid over heel China schat men dat op een aantal van 1000 per jaar. Het betreft evenwel bijna altijd kleine demonstraties tegen een bepaalde werkgever in verband met de slechte werkomstandigheden. Meestal gaat het niet om grote maatschappelijke demonstraties.

Een uitzondering was de grote studentendemonstratie van juni 1989 op het Plein van de Hemelse Vrede in Peking, die bloedig werd neergeslagen door het leger: honderden lieten het leven, vele omstanders raakten gewond. Vele studenten zijn vervolgens spoorloos verdwenen. Voor hun leven wordt gevreesd.

Duitsland[bewerken]

De Maandagdemonstraties in 1989 en 1990 waren wekelijkse demonstraties, die aanvankelijk in de Nikolaikirche te Leipzig begonnen maar al snel, geholpen door de West-Duitse televisie, ook in andere Oost-Duitse steden plaatsvonden. De demonstraties werden zo massaal (betogingen van 500,000 personen in Leipzig) dat de regering er geen harde maatregelen tegen durfde te ondernemen, temeer in het besef dat de Sovjet-Unie hen niet meer zou steunen. Uiteindelijk leidde dit tot de Val van de Muur, vrije verkiezingen in de DDR, en ten slotte de Duitse Hereniging in 1990.

Libië[bewerken]

Toen begin 2011, na de val van de regeringen in de buurlanden, ook in Libië demonstraties uitbraken, werden deze met harde hand door het regime neergeslagen. Dit deed uiteindelijk de situatie escaleren, tot een groot aantal steden in opstand kwam en een deel van de politie, het leger en veel publieke functionarissen overliepen. Kadaffi verspeelde hiermee bovendien het krediet dat hij in het buitenland had, waarop de opstandelingen buitenlandse steun kregen en hierdoor in oktober 2011 het hele land konden veroveren en Kadaffi ten val brengen.

India[bewerken]

Na een aantal schrijnende verkrachtingszaken waarbij kleine kinderen het slachtoffer waren en/of het slachtoffer het niet overleefde, vonden begin 2013 demonstraties in India plaats waarbij werd gepleit voor een hardere en effectievere aanpak van zedenmisdrijven door politie en justitie.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties