Noord-Cyprus
| Kuzey Kıbrıs Türk Cumhuriyeti | ||||||
|
||||||
![]() |
||||||
| Basisgegevens | ||||||
| Officiële landstaal | Turks | |||||
| Hoofdstad | Lefkoşa | |||||
| Regeringsvorm | Republiek | |||||
| Staatshoofd | President Derviş Eroğlu | |||||
| Regeringsleider | Irsen Küçük[1] | |||||
| Religie | Islam (98%)[2] | |||||
| Oppervlakte | 3.355 km² [3] (2,7% water) | |||||
| Inwoners | 264.172 (2006)[4] 264.172 (2006)[5] (78,7/km² (2006)) |
|||||
| Overige | ||||||
| Volkslied | İstiklâl Marşı | |||||
| Munteenheid | Turkse lira (TL (2009)) |
|||||
| UTC | +2 | |||||
| Nationale feestdag | 15 november (onafhankelijkheidsdag) | |||||
| Web | Code | Tel. | .nc.tr | ## | 90392 | |||||
| Topografie | ||||||
|
||||||
De Turkse Republiek Noord-Cyprus (Turks: Kuzey Kıbrıs Türk Cumhuriyeti; Grieks: Τουρκική Δημοκρατία της Βόρειας Κύπρου), kortweg Noord-Cyprus, is een op het noordelijk deel van het mediterrane eiland Cyprus gelegen Turkse Republiek die alleen door Turkije wordt erkend. De rest van de wereld beschouwt dit formeel als bezet gebied van de Republiek Cyprus. In feite erkenden ook Bangladesh en Pakistan al heel snel de Turkse Republiek van Noord-Cyprus, maar onder druk van vooral de Verenigde Staten moesten ze hun erkenning weer intrekken. Thans zijn er onderhandelingen met de Europese Unie om Noord-Cyprus uit zijn economisch isolement te halen.
Het gebied beslaat 3335 km² (een derde van het eiland Cyprus) en er wonen 264.172 (2006) mensen, voornamelijk Turken, van wie de meerderheid oorspronkelijk Turks-Cyprioten of deels Turks-Cyprioten zijn. Migranten uit Turkije vormen een grote minderheid. Tijdens de bezetting vluchtten veel Grieken naar het zuiden van het eiland - of werden naar het zuiden verdreven - en vrijwel de gehele Turkse minderheid uit het zuiden vluchtte naar het noorden. De reden voor de bezetting was dat Griekse Cyprioten - die met 77% de meerderheid vormden - streefden naar enosis, eenmaking met Griekenland. Om dit doel te bereiken voerden enkele Grieks-Cyprioten, met ondersteuning van de junta die toen de macht had in Griekenland, een staatsgreep uit, hetgeen door Turkije als een bedreiging werd gezien voor de Turks-Cypriotische bevolking. Hierop volgde in 1974 een Turkse invasie en in 1983 verklaarde het door Turkije bezette gedeelte zich onafhankelijk onder de naam Turkse Republiek Noord-Cyprus. En sindsdien is er een eigen Vlag van de Turkse Republiek Noord-Cyprus.
Inhoud |
Bestuurlijke indeling [bewerken]
Noord-Cyprus is bestuurlijk ingedeeld in vijf districten (İlçe):
Politiek [bewerken]
Regering van Noord-Cyprus [bewerken]
| Minister | Partij | Functie |
|---|---|---|
| Hüseyin Özgürgün | UBP | Minister-president (wnd.) |
| Hüseyin Özgürgün | UBP | Minister van Buitenlandse Zaken |
| Ilkay Kamil | UBP | Minister van Binnenlandse Zaken en Lokale Politiek |
| Ersin Tatar | UBP | Minister van Financiën |
| Kemal Dürüst | UBP | Minister van Sport en Jeugd |
| Ahmet Kaşif | UBP | Minister van Volksgezondheid |
| Nazım Çavuşoğlu | UBP | Minister van Landbouw en Natuurlijke Bronnen |
| Hasan Taçoy | UBP | Minister van Verkeer en Waterstaat |
| Hamza Ersan Saner | UBP | Minister van Milieu, Toerisme en Cultuur |
| Türkay Tokel | UBP | Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid |
| Sunat Atun | UBP | Minister van Energie en Economie |
Verkiezingen in Noord-Cyprus [bewerken]
Verkiezingen 20 februari 2005 [bewerken]
| Partij | Percentage
100% |
Zetels
50 zetels |
|---|---|---|
| Republikeinse Turkse Partij (CTP) - centrum links | 44.5 | 25 |
| Nationale Eenheidspartij (UBP) - rechts | 31.7 | 18 |
| Democratische Partij (DP) - centrum rechts | 13.5 | 6 |
| Beweging voor Vrede en Democratie (BDH) - links | 5.8 | 1 |
| Burgerlijke Bevrijdingspartij (TKP) - links | 2.4 | - |
| Nieuwe Partij (YP) - centrist | 1.6 | - |
| Onafhankelijken | 0.5 | - |
Verkiezingen 19 april 2009 [bewerken]
| Partij | Percentage
100% |
Zetels
50 zetels |
|---|---|---|
| Nationale Eenheidspartij (UBP) - rechts | 43.97 | 26 |
| Republikeinse Turkse Partij (CTP) - centrum links | 29.34 | 15 |
| Democratische Partij (DP) - centrum rechts | 10.64 | 5 |
| Burgerlijke Democratiepartij (TDP) - links | 6.87 | 2 |
| Vrijheid- en Hervormingspartij (ÖRP) - centrum rechts | 6.2 | 2 |
| Verenigd Cyprus Partij (BKP) - links | 2.42 | - |
| Partij Politiek voor de Burger (HSP) - links | 0.50 | - |
| Onafhankelijken | 0.06 | - |
De onderstreepte getallen vormen de hieruit onderhandelde meerderheid.
Economie [bewerken]
De economie steunt vooral op Turkse steun en de export van agrarische producten (met name citrusvruchten, aardappelen, druiven, tabak, appels en peren) via Turkije. Tevens zijn er inkomsten uit het toerisme; de TRNC wordt voornamelijk door Turken en Britten [6][7] bezocht. De visserij is nauwelijks van belang: de wateren bij het noorden van het eiland zijn arm aan vis.
Turks Cyprus is rijk aan katoen en de inkomsten uit de wijnproductie stijgen ook in het Turkse deel van het eiland.
De TRNC krijgt elk jaar zeshonderd miljoen dollar hulp van Turkije. Voor 2003 was dit bedrag tweehonderd miljoen dollar.[8]
Universiteiten [bewerken]
Noord-Cyprus heeft op dit moment acht erkende universiteiten. Drie daarvan zijn staatsuniversiteiten, terwijl er vier privé-universiteiten zijn. Één universiteit, in Gazimağusa, is zowel een privé- en staatsuniversiteit.
Geschiedenis [bewerken]
Op 16 augustus 1960 werd het door Grieken en Turken bewoonde Cyprus onafhankelijk van Groot-Brittannië. De machtsdeling tussen Grieken en Turken bleek onwerkbaar. Hoewel er vóór de onafhankelijkheid al spanningen waren, kregen deze na 1970 de status van een burgeroorlog, waarbij de regering de kant van de Grieken koos en hen stimuleerde tot een economische en politieke boycot van de Turks-Cyprioten. Duizenden Turks-Cyprioten moesten vluchten voor Grieks geweld en leefden in hun eigen enclaves. De onlusten (met ontelbare aanslagen en doden) tussen de twee etnische groepen hielden aan, en bereikten een hoogtepunt toen Cypriotische bondgenoten van het Griekse kolonelsregime in 1974 een staatsgreep pleegden met het doel de verkozen president van Cyprus, aartsbisschop Makarios, van de macht te verdrijven en Cyprus aan te sluiten bij Griekenland. Deze staatsgreep werd gevolgd door aanvallen op de Turks-Cyprioten. Met als reden de Turks-Cyprioten te beschermen, ging Turkije op 20 juli 1974 over tot een invasie en werd het noorden van het eiland bezet; dit resulteerde in grote vluchtelingenstromen. De oorlog rondom de bezetting door Turkije was van korte duur.
Na enkele rondes van vredesonderhandelingen in Genève, was het gelukt om eind augustus een wapenstilstand in te voeren. In 1983 werd de Turkse Republiek Noord-Cyprus opgericht, met Rauf Denktas als eerste president. Turkije beschouwt de operatie als een bevrijding, terwijl de Grieken de operatie zien als een bezetting.
Grieks-Cyprus is in 2004 toegetreden tot de Europese Unie, de TRNC niet omdat de hereniging in 2004 was mislukt. In een referendum hebben de Grieks-Cyprioten zich uitgesproken tegen een hereniging, terwijl de inwoners van Turks-Cyprus voor stemden. Turkije houdt zijn troepen gestationeerd op Cyprus, vanwege vermeende militaire activiteiten van de Grieks-Cyprioten. Door de verkiezingen van eind februari 2008 in het Grieks-Cypriotische deel, worden er verbeteringen verwacht in de relatie tussen beide delen. Op 31 maart werd een belangrijke grensovergang in Nicosia verwijderd. Dit betekent een ongehinderde overgang van noord naar zuid en omgekeerd.
Bronnen, noten en/of referenties
|
| Zie ook de Atlas van Noord-Cyprus op Wikimedia Commons. |
