Jimmy Page

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Jimmy Page
Jimmy Page bij de Echo Music Awards in 2013
Jimmy Page bij de Echo Music Awards in 2013
Algemene informatie
Geboortenaam James Patrick Page
Bijnaam "Lil' Jim Pea", "Zoso"
Geboren 9 januari 1944
Geboorteplaats Heston, Engeland
Werk
Jaren actief 1957-heden
Genre(s) Rock, Blues, Folk, Hardrock, Heavy metal
Beroep Gitarist, Songwriter, Producer
Instrument(en) Elektrische gitaar, akoestische gitaar
Label(s) Atlantic, Swan Song, EMI, Geffen
Act(s) Neil Christian, All-Stars, Screaming Lord Sutch and the Savages, The Yardbirds, Led Zeppelin, The Honeydrippers, The Firm, Roy Harper, Coverdale/Page, Page and Plant, The Black Crowes
Officiële website
(en) IMDb-profiel
(en) Allmusic-profiel
Portaal:  Muziek

James Patrick Page, geboren in Heston (Londen) op 9 januari 1944 is een Engelse gitarist en muziekproducent die internationaal succes bereikte als gitarist en oprichter van de Engelse rockband Led Zeppelin. Page wordt beschouwd als een van de meest invloedrijkste gitaristen ooit. Hij werd tweemaal opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame; in 1992 als lid van The Yardbirds en in 1995 als lid van Led Zeppelin.

Jeugdjaren[bewerken]

Page werd geboren in de Londense buitenwijk Heston. Zijn vader, James Patrick Page, was personeelsmanager en zijn moeder, Patricia Elizabeth Gaffikin,[1] was medisch secretaresse.[2] Zij was van Ierse afkomst.[3] In 1952 verhuisde het gezin naar de wijk Feltham en later naar Epsom in Surrey, waar Page voor het eerst kennismaakte met de gitaar.

Aanhalingsteken openen

Ik weet niet of de gitaar achtergelaten was door de vorige bewoners, of door een vriend van de familie - niemand wist hoe hij daar kwam.

Aanhalingsteken sluiten

Page was toen 12[4] en om het instrument te kunnen bespelen nam hij een aantal gitaarlessen in het nabij gelegen Kingston. Het meeste heeft hij echter geleerd door zelfstudie:

Aanhalingsteken openen

Tijdens mijn jeugd waren er niet veel andere gitaristen... Er zat nog een gitarist bij mij op school waar ik de eerste akkoorden van leerde. Van daaruit ben ik verder gegaan. Ik verveelde me al snel, dus door naar platen te luisteren, leerde ik mezelf gitaar spelen. [5]

Aanhalingsteken sluiten

Page werd al vroeg beïnvloed door de Amerikaanse rockabilly gitaristen Scotty Moore en James Burton, die beiden meegespeeld hadden op Elvis Presley platen.[6] Presley’s opname van het nummer "Baby Let’s Play House" (Arthur Gunter, 1954) is volgens Page de inspiratie geweest om gitaar te gaan spelen.[7] In 1957 trad hij op bij BBC One met een Höfner President gitaar. Hij verklaarde tijdens een interview, dat hij in 1977 met Dave Schulps van het Amerikaanse tijdschrift "Trouser Press" had, dat zijn eerste gitaar een tweedehands Höfner Futurama Grazioso was, die hij later verving door een Fender Telecaster.[8]

Zijn muzikale voorkeuren in zijn jeugd gingen niet alleen uit naar akoestische folkmuziek en skiffle, maar ook naar bluesmuzikanten als Elmore James, B.B. King, Otis Rush, Buddy Guy, Freddie King en Hubert Sumlin. Page: "Eigenlijk is het zo begonnen; een mix tussen rock en blues." [9]

Op 13-jarige leeftijd nam Page, met een skiffle-kwartet, deel aan de BBC One talentenjachtshow All Your Own van presentator Huw Wheldon.[10] Ze speelden de nummers "Mama Don't Want to Skiffle Anymore" en "In Them Ol' Cottonfields Back Home" (Lead Belly, 1940).[11] Op de vraag van Wheldon wat hij later wilde worden, antwoordde Page: "Ik wil verder in de medische biologie om een medicijn tegen kanker te vinden, als het tegen die tijd tenminste nog niet is ontdekt." [12] Tijdens een interview met het magazine Guitar Player in 1977 verklaarde Page: "Ik deed veel straatoptredens in het begin om er goed grip op te krijgen en ik heb er heel veel van geleerd." [13] Elke dag nam hij zijn gitaar mee naar school die dan in beslag werd genomen en na schooltijd weer aan hem werd teruggegeven.[14] Hoewel hij al een sollicitatiegesprek had gehad voor een baan als laboratoriumassistent, koos Page er toch voor om de Danetree Secondery School in Ewell te verlaten en voor de muziek te kiezen.[15]

Het was moeilijk voor Page om muzikanten te vinden waarmee hij regelmatig kon spelen: "Er was geen overvloed aan muzikanten. Ik speelde in veel groepen... eigenlijk bij iedereen die een optreden kon regelen." [16] In de jaren 1960-1961 leerde hij de kunst van het voordragen van de Engelse Beatdichter Royston Ellis in het Mermaid Theater in Londen.[17] De Engelse zanger Neil Christian vroeg Page om bij zijn band The Crusaders te komen spelen, nadat hij hem op 15-jarige leeftijd had zien optreden.[18] Page toerde zo’n twee jaar rond met Christian, later nam hij ook deel aan verschillende opnames waaronder Christian’s single "The Road to Love" uit 1962.[19]

Tijdens zijn periode bij Christian, kreeg Page te maken met de ziekte van Pfeiffer en moest hij noodgedwongen stoppen met toeren.[20] Hij besloot om voorlopig te stoppen met muziek maken en zich te concentreren op zijn andere passie, schilderen. Hij meldde zich aan bij de kunstacademie in Sutton.[21] Tijdens een interview in 1975, dat Page had met de Amerikaanse journalist Cameron Crowe, zei hij hierover:

Aanhalingsteken openen

Nadat ik van school gegaan was, reisden we twee jaar rond met een bus. Ik begon toen ook goed geld te verdienen. Toen werd ik ziek en besloot om terug naar de kunstacademie te gaan. Dat was een totaal andere wereld. Om de twee maanden kwam de ziekte weer terug, dus de volgende 18 maanden moest ik rond komen van tien dollar per week... maar ik was er nog. [22]

Aanhalingsteken sluiten

Biografie[bewerken]

Jimmy Page begon zijn muzikale carrière als sessiemuzikant en was een van de meest gewilde gitaristen in de Londense opnamestudio's. Hij werd "Lil' Jim Pea" ("Little Jim") genoemd om hem te onderscheiden van een andere populaire sessiegitarist, "Big" Jim Sullivan. Page was een favoriet van producer Shel Talmy en speelde onder meer op albums van The Kinks en The Who. Uiteindelijk speelde hij zo'n zes dagen in de week met drie sessies per dag, waaronder op "As Tears Go By" (1964) van Marianne Faithfull en "The Elf" (1966) van Al Stewart. Andrew Oldham huurde hem in 1965 in als producer van zijn platenmaatschappij, Immediate Records.

Hij kreeg voor het eerst grote bekendheid als gitarist van de Britse band The Yardbirds. Toen deze band in 1968 uiteen viel, stelde Page een nieuwe band samen, Led Zeppelin. Met deze band zou hij bekend worden als een van de pioniers van de hardrock. Met zijn productie-ervaring werd Page ook de producer van de albums van Led Zeppelin.

Na het overlijden van drummer John Bonham in 1980 viel de band uiteen. Sindsdien nam Page nog een drietal albums op met Led Zeppelin-zanger Robert Plant, te weten "The Honeydrippers: Volume One" (1984), "No Quarter" (1994) en "Walking into Clarksdale" (1998). Ook maakte hij het album "Lovin’ Up a Storm" (1996) met voormalig Led Zeppelin-bassist John Paul Jones en ging hij gelegenheidsformaties aan met diverse andere artiesten. Eind jaren 1980 probeerde Page een nieuwe band op te richten met Paul Rodgers (Free en Bad Company) onder de naam The Firm. Deze band kwam echter nooit goed van de grond. Wel zou Page met diverse andere artiesten samenwerkingsverbanden aangaan, onder andere met The Black Crowes, met wie hij het livealbum "Live at the Greek" (2000) opnam, en met David Coverdale (Deep Purple en Whitesnake) op het album "Coverdale/Page" (1993). Hij scoorde ook nog de hit "Come With Me" (1998) met Puff Daddy.

Op 24 augustus 2008 begeleidde hij Leona Lewis op het nummer "Whole Lotta Love" tijdens de slotmanifestatie van de Olympische Spelen in Peking.

Film[bewerken]

Op 14 augustus 2009 kwam de documentaire "It Might Get Loud" [23] uit. Hierin zijn beelden te zien van Jimmy Page uit zijn jeugd. Ook wordt de kijker meegebracht naar Headley Grange, een voormalig armenhuis in Headley waar Page vroeger met de andere leden van Led Zeppelin veel tijd heeft doorgebracht en waar het album Led Zeppelin IV (1971) grotendeels is opgenomen. Door "It Might Get Loud" wordt duidelijk waar hij zijn stijl van spelen vandaan heeft en hoe hij uitgegroeid is tot een groot artiest.

Discografie[bewerken]

Single[bewerken]

Single Jaar
She Just Satisfies / Keep Moving [24] 1965

Discografie The Yardbirds met Jimmy Page[bewerken]

Artiest Album Jaar
The Yardbirds Little Games [25] 1967
The Yardbirds Live Yardbirds [26] 1971 (Opgenomen op 30 maart 1968, Anderson Theatre in New York)

Discografie Led Zeppelin met Jimmy Page[bewerken]

Led Zeppelin met Jimmy Page

Studioalbums[bewerken]

Artiest Album Jaar
Roy Harper & Jimmy Page (Whatever Happened to) Jugula? [27] 1985
The Firm The Firm [28] 1985
The Firm Mean Business [29] 1986
Jimmy Page Outrider [30] 1988
David Coverdale, Jimmy Page Coverdale/Page [31] 1993
Page and Plant Walking into Clarksdale [32] 1998

Livealbums[bewerken]

Artiest Album Jaar
Page and Plant No Quarter 1994
Jimmy Page and The Black Crowes Live at the Greek [33] 2000

Soundtracks[bewerken]

Artiest Album Jaar
Jimmy Page Death Wish II [34] 1982
John Paul Jones and Jimmy Page Scream for Help [35] 1985
Jimmy Page Lucifer Rising and Other Sound Tracks [36] 2012

EP[bewerken]

Artiest Album Jaar
The Honeydrippers The Honeydrippers: Volume One [37] 1984

Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  1. Davis, Stephen (1995) [1985]. Hammer of the Gods: The Led Zeppelin Saga. London: Pan. ISBN 978-0-330-34287-2.
  2. Case, George (2011). Led Zeppelin FAQ: All That's Left to Know About the Greatest Hard Rock Band of All Time. Backbeat Books. ISBN 978-1-61713-071-7.
  3. Case, George (2007). Jimmy Page: Magus, Musician, Man: An Unauthorized Biography (1st ed.). New York: Hal Leonard. ISBN 1-4234-0407-6.
  4. Crowe, Cameron (13 March 1975). "The Durable Led Zeppelin". Rolling Stone. Retrieved 16 December 2012.
  5. "Guitar Legend Jimmy Page". NPR. 2 juni 2003. Retrieved 16 December 2012.
  6. Dave Hunter (15 October 2012). The Fender Telecaster: The Life and Times of the Electric Guitar That Changed the World. Voyageur Press. pag. 142–. ISBN 978-0-7603-4138-4.
  7. https://web.archive.org/web/20110105123043/http://www.modernguitars.com/archives/003340.html interview met Page, Modern Guitars Magazine 1977
  8. http://www.iem.ac.ru/zeppelin/docs/interviews/page_77.trp Interview met Page, 1977 door Dave Schulps
  9. https://web.archive.org/web/20110105123043/http://www.modernguitars.com/archives/003340.html interview met Page, Modern Guitars Magazine 1977
  10. Scott Calef (21 August 2013). Led Zeppelin and Philosophy: All Will Be Revealed. Open Court. pag. 125–. ISBN 978-0-8126-9776-6.
  11. Martin Power (8 March 2012). Hot Wired Guitar: The Life of Jeff Beck. Music Sales Group. pp. 47–. ISBN 978-0-85712-810-2.
  12. Scott Calef (21 August 2013). Led Zeppelin and Philosophy: All Will Be Revealed. Open Court. pag. 125–. ISBN 978-0-8126-9776-6.
  13. https://web.archive.org/web/20110105123043/http://www.modernguitars.com/archives/003340.html interview met Page, Modern Guitars Magazine 1977
  14. Kendall, Paul (1981). Led Zeppelin in Their Own Words. New York: Omnibus Press. ISBN 978-0-86001-932-9.
  15. Kendall, Paul (1981). Led Zeppelin in Their Own Words. New York: Omnibus Press. ISBN 978-0-86001-932-9.
  16. http://www.iem.ac.ru/zeppelin/docs/interviews/page_77.trp Interview met Page, 1977 door Dave Schulps
  17. Case, George (2007). Jimmy Page: Magus, Musician, Man: An Unauthorized Biography (1st ed.). New York: Hal Leonard. ISBN 1-4234-0407-6.
  18. http://www.iem.ac.ru/zeppelin/docs/interviews/page_77.trp Interview met Page, 1977 door Dave Schulps
  19. Scott Schinder; Andy Schwartz (2008). Icons of Rock: Velvet Underground; The Grateful Dead; Frank Zappa; Led Zeppelin; Joni Mitchell; Pink Floyd; Neil Young; David Bowie; Bruce Springsteen; Ramones; U2; Nirvana. Greenwood Publishing Group. pag. 381. ISBN 978-0-313-33847-2.
  20. http://www.iem.ac.ru/zeppelin/docs/interviews/pag. 77.trp Interview met Page, 1977 door Dave Schulps
  21. Prato, Greg. "Jimmy Page Biography". AllMusic. Retrieved 11 November 2008.
  22. Crowe, Cameron (13 maart 1975). "The Durable Led Zeppelin". Rolling Stone. Retrieved 16 December 2012.
  23. https://www.2doc.nl/documentaires/series/uur-van-de-wolf/2011/jimmy-page--the-edge-en-jack-white--it-might-get-loud--het-uur-van-de-wolf--.html
  24. https://www.allmusic.com/album/she-just-satisfies-keep-moving-mw0002904534
  25. https://www.allmusic.com/album/little-games-mw0000471492
  26. https://www.allmusic.com/album/live-yardbirds-featuring-jimmy-page-mw0000099917
  27. https://www.allmusic.com/album/jugula-mw0000379163,
  28. https://www.allmusic.com/album/the-firm-mw0000189996
  29. https://www.allmusic.com/album/mean-business-mw0000650144
  30. https://www.allmusic.com/album/outrider-mw0000199857
  31. https://www.allmusic.com/album/coverdale-page-mw0000094706
  32. https://www.allmusic.com/album/walking-into-clarksdale-mw0000028714
  33. https://www.allmusic.com/album/live-at-the-greek-mw0000085007
  34. https://www.discogs.com/Jimmy-Page-Death-Wish-II-The-Original-Soundtrack/release/7721259
  35. https://www.allmusic.com/album/scream-for-help-mw0000947917
  36. https://www.jimmypage.com/discography/just-jimmy/soundtrack/lucifer-rising-and-other-sound-tracks
  37. https://www.allmusic.com/album/the-honeydrippers-vol-1-mw0000650260