Nationaal Park Hoge Kempen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nationaal Park Hoge Kempen
Nationaal park
Nationaal Park Hoge Kempen
Nationaal Park Hoge Kempen
Situering
Land België
Locatie Limburg
Coördinaten 51° 0′ NB, 5° 40′ OL
Informatie
IUCN-categorie II (Nationaal park)
Oppervlakte 57,5 km²
Opgericht 2006
Bezoekers 700.000 (in 2010)
Beheer Agentschap voor Natuur en Bos
Foto's
Heide in de Hoge Kempen
Heide in de Hoge Kempen
Het Nationaal Park Hoge Kempen gesitueerd op het Kempens Plateau

Het Nationaal Park Hoge Kempen is het eerste nationaal park dat door de Vlaamse overheid is opgericht.[1]

Oprichting[bewerken]

Het Nationaal Park Hoge Kempen is ongeveer 5750 hectare groot en werd op zondag 26 maart 2006 feestelijk geopend.
Dit eerste nationaal park in Vlaanderen kreeg vorm binnen het Regionaal Landschap "Kempen en Maasland" (RLKM), in 1990 opgericht in het kader van een offensief natuurbeleid. Het was een van de initiatieven om na de mijnsluitingen in Limburg werk te creëren via het heroriënteren van de economische ontwikkeling in onder meer toeristische richting.

Ligging[bewerken]

Het park ligt in de provincie Limburg op het grondgebied van de gemeenten As, Dilsen-Stokkem, Genk, Lanaken, Maasmechelen en Zutendaal. Het omvat naast uitgestrekte bospercelen ook bestaande beschermde natuurgebieden als de Mechelse Heide, de Vallei van de Ziepbeek, het Ven onder de Berg en de Neerharer Heide.

De Hoge Kempen, of het Kempens Plateau, is eigenlijk een grote puinkegel gevormd door keien en stenen uit de Ardennen, die tijdens de IJstijd door de Maas zijn afgezet in het zuidoosten van de Limburgse Kempen, later door zeewinden bedekt met zand.

Daarna ontstond een nieuwe, relatief diep uitgesleten vallei waar de Grensmaas zich een weg zocht door haar eigen puin. De overgang naar het Kempens Plateau, westelijk van de Maasvallei, is erg steil en vormt een trap van gemiddeld 45 meter. Deze steilrand loopt van Opoeteren bij Maaseik in het noorden tot Gellik bij Lanaken in het zuiden. Hij vormt een ononderbroken lijn van ruim 20 kilometer lang, een van de spectaculairste geologische fenomenen in het eerder nogal vlakke Vlaanderen. Ongeveer de helft van deze steilrand situeert zich in het Nationaal Park. De hoogte van het park varieert tussen 45 en 102 m boven de zeespiegel.

Biotopen[bewerken]

De meest voorkomende biotopen zijn naaldbossen en heide. Daarnaast zijn er loofbossen, landduinen, vennen, beken, droogdalen, vijvers, grindplassen en mijnsteenbergen (terrils). Er leven een groot aantal planten- en diersoorten. Enkele typische en/of zeldzame soorten: jeneverbes, gaspeldoorn, rode dopheide, gagel, moeraswolfsklauw, beenbreek, libellen, heideblauwtje, koninginnenpage, veldparelmoervlinder, heikikker, rugstreeppad, gladde slang, levendbarende hagedis, beekprik, zwarte specht, nachtzwaluw, ree.

Visie en werkwijze[bewerken]

De eerste grote uitdaging bij het creëren van dit nationaal park is de ontsnippering van het gebied, wat de levensvatbaarheid van flora en de fauna ten goede zal komen. Het Kikbeek-ecoduct over de autosnelweg E314 in Opgrimbie bij Maasmechelen en het eco-velo-duct over dezelfde snelweg in Zutendaal waren de eerste verwezenlijkingen om dit doel te bereiken. Daarna werd de uit de jaren 60 daterende Toeristische Weg (Weg naar Heiwijck), die door de Mechelse Heide was aangelegd, afgesloten voor doorgaand autoverkeer. Deze 4 km lange weg wordt op termijn een vrijliggend fietspad, onderdeel van het Limburgse fietsroutenetwerk. Ook zal er ten westen van de Kikbeek-ecoduct een "ecovallei" worden gemaakt, waar er dus een viaduct komt voor de E314.[2]

Een andere actie in het kader van natuurherstel in het Nationaal Park is het herstel van de Kikbeekbron bij Opgrimbie. Nadat de witzand-exploitatie in het brongebied van deze beek stopte, werd het gebied opnieuw ingericht en kreeg de beek een nieuwe bovenloop, met daarbij een regelbare stuw voor onder meer het herstel van het grondwaterpeil in de ruime omgeving. Door de jarenlange exploitatie en de kratervorming was dat peil aanzienlijk gedaald.

Ook bevinden er zich nog een aantal enclaves binnen de grenzen van het Nationaal Park, zoals enkele permanent bewoonde en zonevreemde gebouwen, grind- en zandwinningsgroeven en een industrieterrein. In de komende jaren zullen geleidelijk alle gronden door de Vlaamse overheid opgekocht en geïntegreerd worden in het Nationaal Park. Inmiddels is 85% van het hele gebied eigendom van de overheid.

Hoofdfunctie van een nationaal park is natuurbehoud, maar recreatief medegebruik (wandelen, fietsen, mountainbiken, bosspelen, paardrijden, natuurbeleving, natuuronderzoek, ...) is mogelijk, als dit gebeurt zonder schade te berokkenen aan natuur en landschap.

Met Europese steun zijn "Rangers" opgeleid die de verschillende soorten bezoekers en recreanten kunnen laten kennismaken met het Nationaal Park in de Hoge Kempen.

Toegangspoorten[bewerken]

Kattevennen[bewerken]

Het Nationaal Park Hoge Kempen wordt als één geheel gepresenteerd naar het brede publiek. In elke gemeente wordt een toegangspoort uitgebouwd die een aspect van het Nationaal Park wil toelichten.

De toegangspoort in Genk heeft als thema de "macrokosmos" en is ingericht bij het recreatiedomein Kattevennen, naast de Cosmodrome, met -onder meer- een volkssterrenwacht. Het vlakbijgelegen Stenenpad is een korte wandelroute langs rotsblokken, een overzicht van ruim 500 miljoen jaar aardgeschiedenis. Verder kan men hier ook fietsen (Kattevennen is een van de Limburgse fietsinrijpunten), mountainbiken, paardrijden, skiën en minigolfen.

In het bezoekerscentrum kan men meer informatie verkrijgen over activiteiten die plaats vinden aan deze toegangspoort, de wandel- en fietsmogelijkeden, en tickets voor een Cosmodromevoorstelling in de Cosmodrome kunnen hier gekocht worden. Bovendien is er een permanente interactieve tentoonstelling. Daarnaast is ook een shop ingericht met natuur- en ruimtegerelateerde producten. Voor kinderen is er een speeltuin, de Speelplaneet. Aan het bezoekerscentrum bevindt zich ook brasserie de Krater en het Bloso-sportcentrum met een modern sporthotel waar gezinnen met kinderen/groepen kunnen verblijven. Op het domein organiseert de Ruiterclub Genk begeleide bosritten voor groepen.

Mechelse Heide[bewerken]

Bij de Mechelse Heide in Maasmechelen ligt de toegangspoort die speciaal zich toelegt op wandelaars. Er zijn ook wandelroutes uitgezet door de Kikbeekvallei en in het Mechels Bos. De topattractie van deze toegangspoort is de paarse heide van de Mechelse Heide. Deze paarse kleur komt ook terug in het logo van de toegangspoort, een paarse voetafdruk.

Aan de toegangspoort Mechelse heide bevindt zich geen bezoekersonthaal. Er is enkel een schuilhut terug te vinden met aanwijzingen, regels en een kaart van het wandelgebied waarop de wandelroutes aangeduid zijn die aan deze poort vertrekken of in het wandelgebied Mechelse heide gelegen zijn. Andere faciliteiten aan deze toegangspoort zijn een picknickweide en een cafetaria die open is van februari tot november. Verder bevindt zich ook een camping bij de cafetaria.

Pietersheim[bewerken]

De toegangspoort Pietersheim is gelegen in Lanaken en bevindt zich in Pietersheimdat bestaat uit een romaanse burchtruïne bij het Pietersembos. Wandelingen in het wandelgebied Pietersheim typeren zich vooral door dichte dennenbossen, oude beukendreven, jeneverbessen en de uitgestrektheid van de bossen, met name het Pietersheimbos. In het noorden van het wandelgebied liggen de vallei van de Zijpbeek en de Neerharerheide die getypeerd worden door gagelstruiken, vergezichten en een van de stilste plekken van het Nationale park Hoge Kempen.

De nadruk van deze toegangspoort ligt vooral op geschiedenis. Dit thema komt terug in de waterburcht die na jaren restauratie in 2010 werd heropend. De burchtruïne doet dienst als bezoekersonthaal met informatie over het Nationaal park en verhalen over de ridders en edellieden van Pietersheim en Lanaken.

Andere faciliteiten aan de toegangspoort Pietersheim zijn: een kinderboerderij, een speeltuin, fietsverhuur, een cafetaria, een hotel en een kabouterpad.

De Lieteberg[bewerken]

Zutendaal heeft als toegangspoort De Lieteberg, een oude grindgroeve waar ooit een bevruchtingsstation voor bijen lag. Er wordt aan een uitgebreid insectencentrum gewerkt, een "microkosmos" met onder anderen vlinders en spinnen. Naast de vlindertuin en de houten uitkijktoren ligt het onvolprezen blotevoetenpad, een ronde op blote voeten over stenen, door water, zand en nog meer.

Station As[bewerken]

De uitkijktoren bij het station van As lijkt op die boortorens waarmee een eeuw geleden naar steenkool is geboord. De lokale toegangspoort in deze gemeente focust op het industriële verleden van de streek. De afgedankte spoorlijn 21A-21B Eisden-As-Waterschei wordt geëxploiteerd door het Kolenspoor, een vrijwilligersvereniging die nostalgisch treinmaterieel opknapt en onderhoudt voor het vervoer van toeristen, voetbalsupporters van Racing Genk en feestvierders.

Connecterra[bewerken]

View from terril on lake and terrils in national park hoge Kempen - Connecterra.JPG

Op het voormalige mijnterrein bij Eisden en Lanklaar bevindt zich de Hoofdpoort naar het Nationaal Park. Deze zesde toegangspoort tot het nationale park werd op 30 juni 2013 geopend en kreeg de naam Connecterra. De naam verwijst naar verbinden (Connect) met de aarde (Terra). Connecterra maakt deel uit van het grotere project "Terhills" dat op het terrein van de in 1987 gesloten steenkoolmijn van Eisden uitgevoerd wordt. Terhills omvat naast de hoofdpoort van het nationale park ook een hotel, een outdoor waterpark, een bungalowpark, een KMO-zone, een hotel en ruimte voor winkels. Daarnaast wordt het gebied grenzend aan het nationale park toegevoegd aan het nationale park. Om een natuurlijke verbinding te garanderen naar de Maasvallei wordt een ecologische corridor voorzien die het gebied oostwaards, richting Maas, vrij houdt.

In het gebied zijn vier bewegwijzerde wandelroutes uitgestippeld. De wandelingen variëren van 1,4 km tot 10,9 km. Het hele gebied is omheind en er wordt aan de bezoekers een toegangsprijs van € 3,00 gevraagd. De bijdrage gaat volledig naar toezicht, onderhoud, bescherming van de kwetsbare zones en het beheer van paden, sanitair, uitzichtpunten, rustbanken en de bloemenrijke graslanden.

Er wordt naast een bezoekerscentrum ook een 'all weather'-centrum voor edutainment (werktitel: Ecopolis) en hoogwaardige accommodatie voor verblijfstoerisme gepland.

Erkenning[bewerken]

In april 2008 mocht projectleider Ignace Schops in San Francisco de Goldman Environmental Prize (de "groene Nobelprijs") in ontvangst nemen. Schops en zijn RLKM-projectgroep krijgen deze prestigieuze prijs voor de originele manier waarop zij, in een relatief dichtbevolkt gebied, een grote oppervlakte waardevolle natuur wisten te beschermen. Het is een erkenning voor het concept dat natuur, landbouw, economie en toerisme wil integreren. Op 7 mei 2008 werd hij hiervoor gehuldigd in het Europees Parlement, ook als een voorbeeld-project waar publieke overheid en privé-initiatief samenwerken.
Op 23 maart 2012 hebben de negen betrokken gemeentebesturen, de provincie Limburg en de Vlaamse overheid een intentieverklaring ondertekend om de kandidatuur van het Nationaal Park Hoge Kempen, voor de erkenning als UNESCO werelderfgoed, te ondersteunen.

Ecologie en economie gaan samen[bewerken]

De Nederlandse sociaal geograaf Tom Bade becijferde in zijn publicatie "Hoge Kempen, hoge baten" het rendement van het Nationaal Park en onderzocht het economisch rendement van het 5 700 ha grote Park. Het Park schiep 5 100 arbeidsplaatsen in de zes gemeenten waar ook de "poorten" gevestigd zijn. Het betreft personeel in verzorgingsinstellingen, landbouw en horeca. De jaarlijkse omzet bedraagt 191 miljoen euro, goed voor 13 miljoen aan belastingsinkomsten. Daarbij werden de 40 miljoen euro, geïnvesteerd in de voorbije tien jaar door de overheid, in drie jaar tijd terugverdiend. Het Park telt daarbij jaarlijks 700 000 bezoekers en draagt bij aan het behoud van de biodiversiteit en het welzijn en de gezondheid van de omwonenden.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Natuur en Bos: Nationaal Park Hoge Kempen
  2. Maasmechelen krijgt ecovallei onder E314, 15 februari 2012, Het Belang van Limburg