Amsterdamse gelede trams 15G

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Amsterdamse gelede trams 15G
Mock-up van de 15G in de remise Lekstraat.
Mock-up van de 15G in de remise Lekstraat.
Type Urbos 100
Aantal 63 (optie op 60 trams extra)
Aanschafkosten € 209,1 miljoen voor 63 tramwagens
Fabrikant CAF
Vervoerder GVB
Bouwjaar 2019-2022
Indienststelling voorzien vanaf 2019
Spoorwijdte 1.435 mm
Lengte over buffers 30 m
Breedte 2,40 m
Vloerhoogte 300 mm
Aantal zitplaatsen 50
Aantal staanplaatsen 125
Techniek
Stroomsysteem 600 V DC
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer
Verkeer & Vervoer

De tramserie 15G is een toekomstige serie trammaterieel voor de Amsterdamse tram. Op 12 september 2016 maakte vervoerbedrijf GVB bekend dat, na een aanbestedingsprocedure die in 2015 startte, de Spaanse spoorwegfabrikant CAF geselecteerd is als leverancier van de nieuwe trams.[1]

De nieuwe trams zullen van het type Urbos 100 zijn.[2][3] Op 11 november 2016 tekende het GVB een contract met CAF over de levering van 63 15G-trams. Aflevering is voorzien vanaf de tweede helft van 2019.[4]

Om al vast een indruk te kunnen krijgen van hoe de nieuwe trams er uit gaan zien werd er vanaf 18 juli 2017 in de remise Lekstraat een houten model ('mockup') gepresenteerd in de nieuwe toe te passen kleurencombinatie: grijs en zwart met rode deuren van R-net.[5][6]

CAF levert ook varianten van dit tramtype aan de vervoerbedrijven van o.a. Belgrado, Boedapest, Freiburg, Nantes, Sydney en Zaragoza. Ook op de toekomstige Uithoflijn in Utrecht zal een variant van dit type gaan rijden.

GVB neemt in eerste instantie 63 trams af, maar heeft daarnaast nog een optie genomen op 60 wagens extra. Volgens de planning wordt de eerste tram vanaf de tweede helft van 2019 in gebruik genomen. Naar verwachting is de serie in 2022 geheel afgeleverd, waarna deze tot circa 2052 in dienst zal blijven. CAF leverde in 1996-1997 ook de 37 metrostellen serie M4/S3 voor de Ringlijn.

Beschrijving[bewerken]

Reden van aanschaf[bewerken]

Diverse redenen maken de aanschaf van nieuw trammaterieel voor het Amsterdamse trambedrijf op korte termijn noodzakelijk. Dit zijn:

  • De verbouwing van de Amstelveenlijn (metro/sneltramlijn 51) tot een 'hoogwaardige tramlijn' tussen station Zuid en Amstelveen Westwijk waarbij 25 uit 1990 en 1993-1994 daterende sneltrams van de series S1 en S2 vervangen worden. Ingebruikname wordt verwacht in 2020;[7]
  • de vervanging van de 45 uit 1989-1991 daterende trams van de series 11G en 12G rond 2020;
  • de verwachte reizigersgroei, met name op IJtram lijn 26 maar ook op de andere tramlijnen;
  • herziening van het tramnetwerk na opening van de Noord/Zuidlijn, voorzien zomer 2018;
  • verdere herziening van het tramnetwerk na realisatie van diverse projecten uit de Investeringsagenda OV (december 2013).[8]

Daarnaast is het wagenpark te krap geworden sinds de buitendienststelling en afvoer van de laatste trams van de serie 9G en 10G in 2015 en 2016.

In 2016 heeft het GVB besloten de series 11G en 12G nog niet te vervangen, het deel van de serie voor het stadsvervoer zal daarmee puur ter uitbreiding zijn. Waarschijnlijk zullen de series 11G en 12G pas bij een vervolgserie van de 15G vervangen worden.

Technische uitvoering[bewerken]

In november 2014[9] stelden de Stadsregio Amsterdam en GVB het Programma van Eisen op waar deze nieuwe trams aan moeten voldoen.

Men ging uit van tweerichtingstrams van maximaal 30 meter lang en 2,40 meter breed, met een lage vloer op een hoogte van 300 mm, geschikt voor de in Amsterdam voorkomende perronhoogtes van tussen de 200 mm en 240 mm, over minimaal 70% van de wagenlengte. De trams, die aan circa 180 mensen plaats gaan bieden, moeten ook koppelbaar zijn, want zowel op de Amstelveenlijn als op de IJtram wordt voor de nabije toekomst gekoppeld rijden voorzien.[10]

De uiteindelijk geselecteerde tram van het type Urbos 100 zal een lage vloer over de volledige lengte van de tram hebben en uit vijf modules bestaan, net als de Combino. Met een lengte van 30 meter zal de Urbos zo'n 70 centimeter langer zijn dan de Combino. Hoewel de precieze indeling van de tram nog niet vaststaat gaat men uit van 50 zit- en 125 staanplaatsen.

Voor de te verbouwen lijn 51 (Amstelveenlijn), lijn 5 en lijn 26 en tevens als vervanging van de series 11G en 12G werd het aantal aan te schaffen trams vastgesteld op 63 trams.[11] Dit materieel zal een investering vergen van € 209.100.000.[12][13]

Vanwege de keuze voor tweerichtingmaterieel zullen deze trams, net als de serie 11G (en 12G) en de vier tweerichting-Combino's 2201-2204, niet worden uitgerust met een vaste conducteursplaats.

Toekomst[bewerken]

Behalve een concrete bestelling van 63 trams wordt er met het oog op toekomstige ontwikkelingen ook een optie genomen op 60 extra trams.

Van een tweetal projecten uit de Investeringsagenda OV is de materieelbehoefte door GVB uitgerekend:

  • voor verlenging van lijn 26 naar IJburg Fase II (de nog aan te leggen eilanden Centrumeiland, Middeneiland en Strandeiland) zullen 13 extra trams nodig zijn;
  • een nieuwe tramlijn Station Sloterdijk – Station Zuid (grotendeels volgens de route van de huidige buslijn 15) vergt nog eens 11 extra trams;

De behoefte als gevolg van andere mogelijke projecten uit de Investeringsagenda OV is nog niet volledig onderzocht en berekend. Dit betreft:

Oorspronkelijk werd binnen deze opties ook de mogelijkheid opengehouden voor aanschaf van een eenrichtingsvariant en/of een langere variant met een lengte van 45 meter.