Amsterdamse metro

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Metro van Amsterdam
Een metrotrein en een smallere sneltram (rechts) op het Amstelstation
Een metrotrein en een smallere sneltram (rechts) op het Amstelstation
Metrotrein 109-110, type M5
Metrotrein 109-110, type M5
Basisgegevens
Locatie Amsterdam, Nederland
Vervoerssysteem Metro en lightrail
Startdatum 14 oktober 1977
Lengte trajecten 42,5 km
Aantal lijnen 4 (5e in aanleg)
Aantal stations 51 (incl. toekomstige N/Z lijn 58)
Aantal voertuigen 90
Aantal passagiers 1.500.000 per week
Spoorwijdte 1435 mm
Eigenaar Stadsregio Amsterdam
Uitvoerder(s) GVB
Operationele gegevens
Maximumsnelheid 70 km/h
Routekaart (incl. Noord/Zuidlijn)
Routekaart (incl. Noord/Zuidlijn)
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer
Amsterdamse metro
 50 Beeldmerk metrolijn 50 Amsterdam Groen Isolatorweg - Gein
 51 Beeldmerk metro/sneltramlijn 51 Amsterdam Oranje Centraal Station - Amstelveen Westwijk
 52 Beeldmerk Noord/Zuidlijn 52 Amsterdam Blauw Noord - Station Zuid
 53 Beeldmerk metrolijn 53 Amsterdam Rood Centraal Station - Gaasperplas
 54 Beeldmerk metrolijn 54 Amsterdam Geel Centraal Station - Gein

De Amsterdamse metro is een openbaar vervoer-systeem in Amsterdam, Diemen, Duivendrecht en Amstelveen. Het vervoert ongeveer 1.500.000 passagiers per week en heeft daarmee op de Brusselse en de Rotterdamse metro na de meeste metropassagiers van de Benelux. De eerste metrolijnen werden op 14 oktober 1977 geopend. Sindsdien is het net uitgebreid tot vier lijnen met een totale lengte van 42,5 kilometer. Het grootste deel ligt bovengronds; slechts het deel van het Centraal Station tot kort voorbij het station Wibautstraat, dat deel uitmaakt van de lijnen 51, 53 en 54, ligt onder de grond. De Amsterdamse metro wordt geëxploiteerd door GVB.

Geschiedenis[bewerken]

Planning[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Plangeschiedenis van de Amsterdamse metro voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In 1968 stellen Burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam voor om gefaseerd een metronet aan te leggen dat alle wijken van de stad Amsterdam met elkaar zou verbinden. De volgende lijnen waren gepland:

De verwachting was dat het metronet rond de eeuwwisseling voltooid zou zijn.

Bouw[bewerken]

Routekaart met jaar van ingebruikname van de verschillende onderdelen (klik voor vergroting)

De bouw begint in 1970 wanneer staatssecretaris Mike Keyzer op het Rhijnspoorplein de eerste paal slaat.[1] Op het Julianaplein, tegenover het Amstelstation, verschijnt in een tijdelijk houten noodcomplex het "bouwbureau metro" van waaruit de bouw wordt gecoördineerd. Ook is hier een permanente expositie over de voortgang van de bouw, worden maquettes getoond en is er een grote hoeveelheid folders beschikbaar voor het publiek, dat de expositie gratis kan bezoeken.

De eerste proefritten vinden plaats in 1973 op een speciaal aangelegd proeftraject tussen de Venserpolder en de Verrijn Stuartweg. Na forse kostenoverschrijdingen is er een tijd sprake van dat de NS met Sprinters de lijn zou gaan exploiteren. Uiteindelijk werd toch besloten het GVB de metro te laten exploiteren. Het eerste gedeelte werd in oktober 1977 in gebruik genomen.

Het station Waterlooplein werd met voorrang gebouwd in verband met de plannen voor het nieuwe stadhuis, wat achteraf gezien door de trage totstandkoming van de Stopera niet nodig was geweest. In 1975 werd in dit in ruwbouw gereed zijnde station de expositie Open buis gehouden.

De bouw van het ondergrondse gedeelte onder de Nieuwmarktbuurt gaat gepaard met grootschalige sloop in het kader van een plan voor cityvorming en aanleg van een stadsautoweg. De sloop wordt ook veroorzaakt door de bovengrondse bouwmethode met grote betonnen caissons die worden afgezonken. De tegenstand wordt gevoerd door bewoners en krakers. De meeste oorspronkelijk Joodse bewoners van de buurt werden in de oorlog gedeporteerd en vermoord door het nazi-regime. Gedurende de hongerwinter in 1945 werd bovendien het hout uit de leegstaande huizen door bewoners van Amsterdam als brandhout gebruikt. Omdat de panden daardoor ernstig verkrot waren, werd in de jaren na de oorlog veel gesloopt of gekraakt. Het verzet mondt uit in de Nieuwmarktrellen, en een mislukte bomaanslag in 1975 door Joop Baank, bedoeld om de krakers in diskrediet te brengen.

Datzelfde jaar besluit de gemeenteraad, na eerst te hebben overwogen de bouw bij het Waterlooplein te beëindigen en vandaar bovengronds als sneltram verder te rijden via de Geldersekade, de Oostlijn wel af te bouwen en na de Oostlijn geen verdere metrolijnen meer te bouwen. Ook minister Tjerk Westerterp verbiedt aanleg van nieuwe metrolijnen, gezien de hoge overschrijding van de geplande kosten. Wel wordt de mogelijkheid opengehouden om de Schiphollijn via de Spaklerweg met de Oostlijn te verbinden. De plannen voor de aanleg van een stadsautoweg dwars door de Nieuwmarktbuurt vinden geen doorgang als voor de sloop van het Huis De Pinto op 5 januari 1972 geen raadsmeerderheid kan worden gevonden.

Sindsdien is het woord "metro" taboe in Amsterdam. De stellen die sinds 1997 op de Ringlijn 50 dienstdoen heten dan ook "sneltrams", hebben de breedte van een tram en zijn voorzien van verlichting die aan de wegenverkeerswet voldoet. Verder is de lijn technisch in elk opzicht een metrolijn.

Pas bij de planning van de Noord/Zuidlijn wordt het woord "metro" weer gebruikt, al stemde bij een referendum in 1997 een meerderheid van de kiezers tegen de aanleg. De opkomst was echter niet hoog genoeg om het project daadwerkelijk te verwerpen.

Op 14 oktober 2007 was het dertig jaar geleden dat de eerste metro in Amsterdam in gebruik werd genomen. Ter gelegenheid hiervan was van 8 december 2007 tot 4 februari 2008 in de Openbare Bibliotheek aan het Oosterdok de 'Expositie 30 jaar metro' te zien.[2]

Lijnen[bewerken]

Momenteel bestaat de Amsterdamse metro uit vier lijnen: de Geinlijn en Gaasperplaslijn (samen ook wel Oostlijn genoemd), de Amstelveenlijn en de Ringlijn. Daarnaast is in aanbouw de Noord/Zuidlijn. In totaal zijn er 52 stations: 33 metrostations en 19 sneltramstations. Met de opening van de Noord/Zuidlijn komen er nog 6 stations bij.

De vijf lijnen van de Amsterdamse metro (incl. Noord/Zuidlijn) kennen ieder een eigen nummer en kleur. De combinatie van nummer en kleur worden ook gebruikt op de lijnenkaarten en op de bewegwijzering. Op de bestemmingsborden op de metro's wordt alleen het nummer gebruikt.

Lijn Kleur Route Opening Stations Instappers (2009)
  50 Gvba50.svg Ringlijn Groen Gein -
Isolatorweg
1997 20 100 200
  51 Gvba51.svg Amstelveenlijn Oranje Centraal Station -
Amstelveen Westwijk
1990 29 60 800
  52 Gvba52.svg Noord/Zuidlijn Blauw Noord -
Station Zuid
2018 8 -
  53 Gvba53.svg Gaasperplaslijn Rood Centraal Station -
Gaasperplas
1977 14 60 600
  54 Gvba54.svg Geinlijn Geel Centraal Station -
Gein
1977 15 73 500

Oostlijn[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Oostlijn voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Aanleg van de Oostlijn
Letterontwerp van Gerard Unger uit 1975 voor Bewegwijzering Metro Amsterdam, de M.O.L.

Op 14 oktober 1977 ging de Amsterdamse metro rijden vanaf het Weesperplein naar Amsterdam Zuidoost, met twee takken naar respectievelijk Gaasperplas (thans lijn 53) en Holendrecht (thans lijn 54). Het station Spaklerweg was in ruwbouw voltooid maar werd nog niet in gebruik genomen.

Op 11 oktober 1980 werden de beide lijnen verlengd van het Weesperplein naar het Centraal Station.
De uitbouw van deze Oostlijn werd op 27 augustus 1982 voltooid met het baanvak HolendrechtGein. Ook werd het station Spaklerweg alsnog geopend. In de plannen voor de Geinlijn is er rekening mee gehouden, dat deze in de toekomst eventueel naar station Weesp of naar Almere verlengd kan worden, alhoewel deze verlenging volgens de laatste inzichten van de Metronetstudie niet waarschijnlijk is.[3]

Amstelveenlijn[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie metro/sneltramlijn 51 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De volgende uitbreiding kreeg om politieke redenen deels de vorm van een sneltramlijn. Op 1 december 1990 werd lijn 51 geopend, een zijtak van de Oostlijn bij station Spaklerweg via Station Zuid naar Amstelveen Poortwachter, die tot de dag van vandaag ook op het metrotraject als 'sneltram' wordt aangeduid. Op 13 september 2004 werd de lijn met drie haltes verlengd naar Amstelveen Westwijk.

Tot aan Station Zuid is lijn 51 een volwaardige metrolijn, dat wil zeggen dat de lijn geen gelijkvloerse kruisingen heeft, stroom afneemt van een derde rail en geschikt is voor materieel met een breedte van 3,00 meter. Het smallere sneltrammaterieel van 2,65 meter breed rijdt hier met uitgeklapte treeplanken bij de deuren.

Op Station Zuid (richting Amstelveen) gaat de lijn over in een sneltramlijn. Vanaf hier kan alleen het smallere sneltrammaterieel rijden van 2,65 meter breed met stroomafname via de bovenleiding. Op dit station worden de treeplanken ingeklapt en de stroomafnemers opgelaten. Komend uit Amstelveen gebeurt het omgekeerde.

Naast lijn 51 maakt ook tramlijn 5 tussen De Boelelaan/VU en Oranjebaan gebruik van deze route.

Ringlijn[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie metrolijn 50 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Lijnennet van de Amsterdamse metro sinds de ingebruikname van lijn 50

De op 1 juni 1997 geopende Ringlijn 50 (Gein – Isolatorweg) is volledig op dijken en viaducten gebouwd, en heeft geen gelijkvloerse kruisingen. De lijn werd aanvankelijk om politieke redenen "Ringsneltram" genoemd, maar sinds de opening wordt de Ringlijn als "metro" aangeduid. Vanwege deze politieke keuze moest de sneltrambreedte van 2,65 meter worden toegepast; de breedte die ook op de Amstelveenlijn werd gebruikt. Ook de nieuwe "trams" (serie M4 / S3) kregen wegklapbare treeplanken om op bestaande stations de ruimte tussen wagon en perron te overbruggen. Lijn 50 bleek echter enorm populair, en al snel konden de "sneltrams" het vervoersaanbod niet alleen aan. Omdat de gemeente Amsterdam geen zin had weer nieuwe voertuigen te kopen voor de net in gebruik genomen lijn werd ervoor gekozen om in 2000 van de perrons tussen Amstelveenseweg en Isolatorweg aan weerszijden een strook van circa 15 centimeter af te zagen, waardoor ook het oudere materieel (series M1, M2 en M3) dat op de Oostlijn dienstdoet, de Ringlijn kon berijden. Tijdens de bouw van de stations was met een dergelijke operatie al rekening gehouden.

Noord/Zuidlijn (in aanbouw)[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Noord/Zuidlijn voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Begin van beide boortunnels van de in aanbouw zijnde Noord/Zuidlijn in de startschacht onder het Damrak

Voor de sinds 2003 in aanleg zijnde Noord/Zuidlijn van Amsterdam-Noord via Centraal Station naar de Zuidas is het lijnnummer 52 voorzien. De lijn wordt 9,7 kilometer lang en telt acht stations. In Amsterdam-Noord wordt het eindpunt station Noord, vlak bij het Buikslotermeerplein. In het zuiden Station Zuid bij de in aanbouw zijnde Zuidas. Sinds 2009 werd eind 2017 aangehouden als openingsdatum, maar als gevolg van nieuwe tegenslagen in de afbouwfase is de opening opnieuw uitgesteld met negen maanden. De verwachte openingsdatum van de lijn is in juli 2016 door de gemeente Amsterdam vastgesteld op 22 juli 2018.[4]

Zuidas snijdt Amstelveenlijn af[bewerken]

Op 9 februari 2012 hebben de gemeente Amsterdam, Provincie Noord-Holland en het Rijk een akkoord gesloten waardoor de Ringweg A10 bij Station Zuid ondergronds wordt gelegd. De kosten bedragen zeker 1,4 miljard euro. Tevens worden de metroperrons op station Zuid in westelijke richting verschoven, waardoor de aansluiting van de Amstelveenlijn onmogelijk wordt. Dit betekent tevens het einde van de Amstelveenboog, de verbindingstunnel van Station Zuid naar de Buitenveldertselaan.[5] Het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Amstelveen in de toekomst wordt niet onmogelijk gemaakt. In het heischema van de A10-tunnel wordt rekening gehouden met de eventuele komst van een ondergrondse verbindingsboog.[6]

Stations[bewerken]

Het Metronetwerk van Amsterdam bestaat uit 58 stations (incl. Noord/Zuidlijn). Sinds 2016 zijn de stations herkenbaar aan een grote M-kubus. De oostlijnstations worden vanaf 2016 gerenoveerd, deze zijn inmiddels bijna 40 jaar oud en toe aan renovatie.

Zie: Lijst van Amsterdamse metrostations

Plannen[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Plangeschiedenis van de Amsterdamse metro voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Opties voor uitbreiding van het Amsterdamse metronet volgens de Metronetstudie van 2007

Er zijn verschillende plannen voor de uitbreiding van de Amsterdamse metro. Op de Plankaart in het voorlaatste Amsterdamse Structuurplan Kiezen voor Stedelijkheid (2003),[7] dat de ruimtelijke ontwikkeling van de stad tot 2010 vastlegt en vooruitkijkt tot 2030, is een aftakking van de Noord/Zuidlijn naar Zaanstad voorzien.

In de op 6 juni 2007 gepubliceerde Metronetstudie [3] worden diverse voorstellen gedaan voor de ontwikkeling van het metronet tot 2020, waarvan het (gedeeltelijk) ombouwen van de Amstelveenlijn tot volwaardige metro en aansluiting op de Noord/Zuidlijn, het ontvlechten van het huidige metronet en het doortrekken van de Ringlijn vanaf station Isolatorweg de belangrijkste zijn.

In het eerste decennium van deze eeuw is ook voorzichtig begonnen met de planvorming voor een Oost/Westlijn. De eerder genoemde Plankaart van het voorlaatste Structuurplan uit 2003 gaat uit van een metro op het traject Station Amsterdam LelylaanOvertoomWeteringschansSarphatistraatMuiderpoortstation.

Voorzieningen[bewerken]

Werkplaats[bewerken]

Het opstelterrein bij de metrowerkplaats in Diemen-Zuid

In Diemen-Zuid werd in 1979 de lijnwerkplaats voor de metro in gebruik genomen. Hier krijgen de metrostellen klein en groot onderhoud. Bij de werkplaats ligt een emplacement waar materieel kan worden opgesteld. De centrale Hoofdwerkplaats van de Amsterdamse tram is er in 1996 naast gebouwd. Er bestaat een verbindingsspoor tussen het spoorwegnet en de Amsterdamse metro. Ook de tram- en metrowerkplaats zijn met een spoor verbonden.

Opstelterreinen en uitwijksporen[bewerken]

Voorts zijn er bij de eindpunten Gaasperplas, Gein en Isolatorweg emplacementen met vier sporen om materieel op te stellen. Tussen de stations Spaklerweg en Van der Madeweg bevindt zich, tussen de doorgaande metro- en NS-sporen in, het opstelterrein Amstel. Hier staat ook de materieelwasinstallatie. Ook ten oosten van station Amstelveenseweg, op de middenberm van de A10, bevindt zich tussen de doorgaande metrosporen een groot opstelterrein. Bij eindpunt Westwijk bevinden zich twee opstelsporen ten zuiden van de halte. Voorts zijn er tussen de doorgaande sporen in gelegen uitwijk- en opstelsporen tussen de stations Weesperplein en Waterlooplein, ten noorden van station Spaklerweg, tussen de stations Lelylaan en Postjesweg, tussen de stations Bullewijk en Holendrecht, tussen de stations Diemen Zuid en Verrijn Stuartweg en tussen de haltes Amstelveen Centrum en Ouderkerkerlaan. In verband met de komst van het nieuwe M5-materieel worden de opstelterreinen Amstel, Gaasperplas en Isolatorweg tussen 2013 en 2016 gefaseerd uitgebreid en vernieuwd.

Centrale Verkeersleiding[bewerken]

De Centrale Verkeersleiding bevond zich vroeger in een gebouw bij de Spaklerweg binnen de sporendriehoek van de vier metrolijnen. Van hieruit wordt het gehele metrobedrijf begeleid. Sinds december 2004 is de verkeersleiding samengevoegd met de verkeersleiding tram/bus en gevestigd in het nieuwe hoofdkantoor aan de Arlandaweg. Wel is de Centrale Afstandsbediening (CAB) hier nog gevestigd. Van hieruit kan, in geval van nood, de stroom in de lusbereiken direct van de derde rail gehaald en later weer ingeschakeld worden.

Materieel[bewerken]

De Amsterdamse metro heeft sinds 1977 de volgende metrorijtuigen in dienst (gehad):

Afbeelding Serie (serienummers) Fabrikant Aantal gebouwd (nu in dienst) Lijnen Geleverd Exploitatie
LHB metro M3 Stel 4.jpg Serie M1/M2/M3
M1: 1-4 (proefserie 1973-1976)
M2: 5-37
M3: 1-4, 38-44
LHB 44 (0)  50   53   54  1-4: 1973; verbouwd tot M3 in 1980
5-8: 1976
9-37: 1977
38-44: 1980
1977 - 2015
GVB - S2, 58, line 51, Uilenstede (Amstelveen).jpg Serie S1/S2
S1: 45-57
S2: 58-69
BN 25 (25)  51  45-57: 1990
58-59: 1993
60-69: 1994
1990 - heden
GVB - S3, 70, lijn 51, Sportlaan (Amstelveen).jpg Serie S3
S3: 70-73
CAF 4 (4)  50   51  1997 1997 - heden
GVB - M4, 79, lijn 50, Overamstel (Amsterdam).jpg Serie M4
M4: 74-106
CAF 33 (33)  50   53   54  1996
1997
1997 - heden
GVB - M5, 107-108 & 109-110, line 53, Venserpolder (Amsterdam Zuidoost).jpg Serie M5/M6
M5: 107/108 - 151/152
M6: 153/154 - 161/162
Alstom 28 (28)  50   52   53 

 54 

107/108 - 109/110: 2012
111/112-115/116, 119/120-121/122: 2013
117/118, 123/124-141/142: 2014
143/144-161/162: 2015
2013 - heden

Toekomst[bewerken]

Inmiddels is de Stadsregio Amsterdam begonnen met het opstellen van het programma van eisen en specificaties voor een nieuw metrotype, serie M7. Dit materieel zou rond 2027 het M4-materieel van Ringlijn 50 gaan vervangen en zou ook kunnen dienen ter uitbreiding van het wagenpark voor de andere lijnen. Gedacht wordt aan materieel dat korter is dan de M5.[8]

Halteafroepen[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie halteafroep voor het hoofdartikel over dit onderwerp

In de Amsterdamse metro (evenals de meeste moderne bussen en trams) worden de haltes en stations afgeroepen. Na een elektronische gong volgt de naam van de halte, met eventuele toevoegingen zoals een zonegrens, overstapmogelijkheden op metro, tram, bus, streekvervoer en trein of het eindpunt. NS-stations worden afgeroepen met 'Station ... (naam station)' met uitzondering van station Amsterdam Amstel en Centraal (Amstelstation, Centraal Station). In de series M1-M3 werd 15 seconden nadat de bestuurder op de SLUIT-knop heeft gedrukt het station afgeroepen. Bij de M4 en S1-S3 wordt afgeroepen als de trein het station nadert (door middel van ingeprogrammeerde wielomwentelingen). De huidige afroepen worden ingesproken door Marc Klardie. Vroeger gebeurde dit door Philip Bloemendal, in de series M1-M3 en S1-S3. In de series M1-M3 is de stem van Philip Bloemendal later vervangen door de stem van Debby Kowsoleea. In de series M4 en S3 werd voor de afroepen de stem van Noortje van Oostveen gebruikt.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • 30 jaar Metro, De ontwikkeling van Amsterdam als Metrostad, Uitgave DIVV Amsterdam, 2007.
  • (de) Metro's in Holland : Amsterdam, Utrecht, Den Haag & Rotterdam ; U-Bahnen, Stadtbahnen und Straßenbahnen in den Niederlanden, Auteur: Robert Schwandl, Berlin 2007. ISBN 978 3 936573 16 9
  • Metrokaarten van de wereld : subway, underground, metro en U-bahn kaarten van 200 steden, Auteur: Mark Ovenden; (vertaling uit het Engels Flip van Doorn), Uitgave: Terra, Arnhem, 2006. ISBN 90 5897 583 5
  • Trammaterieel in Nederland en België, Auteur: Herman van 't Hoogerhuijs, Uitgave De Alk, Alkmaar, 1996. ISBN 90 6013 948 8
  • Metro's in Europa, Auteur: Daniël Riechers, Uitgave: De Alk, Alkmaar, 1995. ISBN 90 6013 011 1
  • Spoor- en trammaterieel in Nederland, Auteurs: Gerrit Nieuwenhuis en Gerard Stoer, Uitgave De Alk, Alkmaar, 1982. ISBN 90 6013 916 X

Externe links[bewerken]

Portal.svg Portaal Openbaar vervoer