Alstom

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Alstom
Alstom
Beurs Euronext: ALO
Oprichting 1928 (Alsthom)
Sleutelfiguren Henri Poupart-Lafarge (president en CEO)
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
Hoofdkantoor Levallois-Perret
Werknemers circa 32.800 (31 maart 2017)
Producten Onderdelen en service voor spoorwegen
Industrie Productieproces
Omzet 7,3 miljard (2016/17)
Winst € 289 miljoen (2016/17)
Marktkapitalisatie € 6,9 miljard (16 juni 2017)
Website alstom.com
Portaal  Portaalicoon   Economie

Alstom, voorheen Alsthom, is een multinationale onderneming die vooral actief is op het gebied van transport over het spoor. Het hoofdkantoor staat in Parijs.

Activiteiten[bewerken]

In het jaar 2016/17 behaalde Alstom een jaaromzet van ruim 7 miljard euro.[1] Bij het bedrijf zijn 32.800 mensen actief in ongeveer 60 landen.[1] Ongeveer twee derde van het personeel is werkzaam in Europa. Alstom is actief op het gebied van transport, met name voor de spoorwegen. Per eind maart 2017 had het voor 35 miljard euro aan orders in de boeken staan.[1]

De transportdivisie concentreert zich op de ontwikkeling en productie van treinen, waaronder de TGV-hogesnelheidstrein. Het bedrijf is wereldwijd actief, maar het zwaartepunt ligt in West-Europa, waar ongeveer een derde van de omzet wordt behaald. Van alle werknemers is zo’n 50% in deze regio aan het werk.

Alstom heeft onder andere de Duitse rollendmaterieelfabrikant Linke-Hofmann-Busch (LHB) uit Salzgitter overgenomen. Leveranciers van elektrische en elektronische systemen als ACEC uit Charleroi (België), SASIB Railway / GRS (Italië, Verenigde Staten en Nederland), Holec uit Ridderkerk (Nederland) zijn eveneens door Alstom gekocht.

Aandeelhouders[bewerken]

In juli 2004 heeft de Franse staat een belang van 18,5% in Alstom verworven om het noodlijdende bedrijf met een totale schuld van 5 miljard euro te steunen. In 2006 verkocht de Franse staat zijn aandelen aan bouwbedrijf Bouygues. In 2017 had Bouygues nog steeds 28% van de aandelen in handen en was daarmee de belangrijkste aandeelhouder.

Geschiedenis[bewerken]

Oorspronkelijk heette het bedrijf Alsthom (sinds 1989 GEC-Alsthom). Deze naam weerspiegelt het ontstaan van het bedrijf uit een fusie tussen Société Alsacienne de Constructions Mécaniques, gespecialiseerd in o.a. locomotieven, en Compagnie française Thomson-Houston, een Frans-Amerikaans bedrijf op het gebied van o.a. elektrische tractie. Omdat Engelstaligen een afwijkende uitspraak hebben voor de lettercombinatie 'th' is, om verwarring over de uitspraak te voorkomen, de naam in 1998 gewijzigd in Alstom.

Voor de energietak van het bedrijf werd eerst een belang van 50% in ABB's energieactiviteiten genomen. De activiteiten gingen samen verder onder de naam ABB Alstom Power. In 2000 werd het samenwerkingsverband omgezet werd in een 100%-belang.[2] ABB Alstom Power had in 1999 een omzet van 9,8 miljard euro en er werkten 50.000 mensen voor het bedrijf.[2] Na deze acquisitie was 80% van de jaaromzet van Alstom energie gerelateerd.[2]

In 2003 raakte Alstom in grote financiële problemen en stond voor een faillissement.[3] In de drie voorgaande jaren had het een cumulatief verlies geleden van 3,5 miljard euro. De verliezen waren vooral het gevolg van de overname van de gasturbine-activiteiten van ABB in 2000.[3] De turbines vertoonden grote gebreken en Alstom draaide op voor de schade die de klanten leden; dit kostte het bedrijf ongeveer 4 miljard euro. Tegelijkertijd gingen enkele rederijen failliet die cruiseschepen hadden besteld. Alstom had destijds een omzet van ruim 20 miljard euro en telde meer dan 100.000 werknemers.[3] In de zomer van 2003 verzocht de bedrijfsleiding de Franse staat om financiële steun. Gezien de omvang van het bedrijf stemde de regering in met een injectie van miljarden euro’s. De Europese Commissie verleende ook toestemming, maar stelde voorwaarden. De productie van kleine gasturbines was net daarvoor verkocht aan Siemens en de activiteiten op het gebied van de transmissie en distributie van elektriciteit aan Areva.[3] Deze twee activiteiten hadden een totale omzet van ongeveer 4 miljard euro. Alstom moest nog eens 10% van de omzet afstoten - wat werd gerealiseerd door de scheepsbouwactiviteiten, Alstom Marine, te verkopen aan Aker Yards.[3] De Franse staat moest tot slot binnen vier jaar zijn aandelen in Alstom verkopen.[3]

Eind 2014 pleitte Alstom schuldig in een wereldwijde omkoopaffaire en betaalde een recordsom van $772 miljoen boete.[4][5]

Verkoop energie activiteiten[bewerken]

Alstom had een belangrijke activiteit op het gebied van energie. Het produceerde installaties voor het gebruik in traditionele elektriciteitscentrales, die steenkool of gas als brandstof gebruiken of voor kerncentrales. De tweede divisie produceerde turbines, maar dan voor schone-energie-opwekking. Deze turbines worden vooral toegepast bij het opwekken van windenergie en bij waterkrachtcentrales. Een derde divisie maakte transformatoren en andere applicaties voor het transport van elektriciteit via het hoogspanningsnet.

In april 2014 kwam er overeenstemming tussen Alstom en General Electric (GE), waarbij GE de gehele energietak zou overnemen.[6] De Franse regering voelde zich buiten spel gezet en eiste meer tijd om andere partijen een kans te bieden en te voorkomen dat zeggenschap over strategische onderdelen in buitenlandse handen zou vallen. Siemens AG en een bedrijfstak van Mitsubishi deden een poging, maar dit leidde tot niets.[6] In juni ging Alstom akkoord met het overnamebod van GE ter waarde van 12,5 miljard euro.[7] Na intensief overleg krijgt Frankrijk een belang van 20% in Alstom en wordt daarmee de grootste aandeelhouder.[6] GE koopt het onderdeel dat turbines maakt voor kolen- en gascentrales volledig. Verder worden drie joint ventures opgericht voor de nucleaire activiteiten, voor duurzame energie en ten aanzien van het elektriciteitsnetwerk.[7] In deze drie onderdelen krijgt GE een belang van 50%. In het bedrijfsonderdeel dat zich bezighoudt met stoomturbines voor nucleaire energie krijgt de Franse staat een vetorecht.[6] GE heeft tot slot de “de energie-onhankelijkheid, het creëren van werkgelegenheid en behoud van beslissingscentra in Frankrijk” moeten garanderen”.[6] Dat betekent concreet dat de hoofdkantoren van de joint ventures in Frankrijk blijven en door Fransen geleid worden.[6] In september 2015 geeft de Europese Commissie ook toestemming voor de transactie.[8] De EC stelt wel als voorwaarde dat Alstom de afdeling gasturbines verkoopt aan het Italiaanse bedrijf Ansaldo Energia.[8] GE had al ingestemd met deze verkoop. In november 2015 werd de transactie gefinaliseerd.

Bekende Alstom-producten[bewerken]

RegioCitadis van Alstom op RandstadRail 4 op de Prinsegracht in Den Haag, 15 november 2006
Railion-(NS)-locomotief serie 1600 te Utrecht Centraal, 9 april 2006
Alstom Metropolis treinstel type M5 van de Amsterdamse metro, Amstelstation, 17 december 2013

Schepen[bewerken]

Railvervoermiddelen[bewerken]

Spoorwegbeveiliging[bewerken]

Diversen[bewerken]

Energieopwekking (verkocht aan General Electric)[bewerken]

Externe links[bewerken]