115e Amerikaans Congres

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
115e Amerikaans Congres
Start 3 januari 2017
Einde 3 januari 2019
Voorzitter van de Senaat Joe Biden (D)
3 januari - 20 januari
Mike Pence (R)
20 januari -
President pro tempore Orrin Hatch (R)
Voorzitter van het Huis van Afgevaardigden Paul Ryan (R)
Leden 100 senatoren
435 afgevaardigden
6 territoriale afgevaardigden
Meerderheid in de Senaat Republikeinen
Meerderheid in het Huis van Afgevaardigden Republikeinen
Sessies
1ste 3 januari 20173 januari 2018
2de 3 januari 2018
Opvolging
Vorige 114e
Volgende 116e
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Verenigde Staten

Het 115e Amerikaans Congres was een zitting van het Congres van de Amerikaanse federale overheid. Het Amerikaans Congres bestaat uit de Amerikaanse Senaat en het Huis van Afgevaardigden. De termijn van dit Congres loopt van 3 januari 2017 tot en met 3 januari 2019. Dit zijn de laatste weken van de ambtstermijn van Barack Obama en de eerste twee jaren van de eerste ambtstermijn van president Donald Trump. Na de verkiezingen in 2016 behielden de Republikeinen hun meerderheid in beide Kamers.

Data van sessies[bewerken | bron bewerken]

3 januari 2017 - 3 januari 2019

Gebeurtenissen[bewerken | bron bewerken]

Zetelverdeling[bewerken | bron bewerken]

Senaat[bewerken | bron bewerken]

Partij
(Meerderheid gekleurd)
Totaal
Republikeinen Democraten Onafhankelijk Vacant
115de Senaat 52 46 2 100 0
Huidige samenstelling
(vanaf 3 januari 2017)
52% 46% 2%
115de Senaat

Huis van Afgevaardigden[bewerken | bron bewerken]

Partij
(Meerderheid gekleurd)
Totaal Vacant
Democraten Onafhankelijk Republikeinen
Einde van vorige Congres 187 0 246 433 2
Begin (3 januari 2017) 194 0 241 435 0
Latest voting share 45% 0% 52%
Non-voting members 3 1 2 6 0
115de Huis van afgevaardigden

Leiding[bewerken | bron bewerken]

Senaat[bewerken | bron bewerken]

Republikeinse Partij[bewerken | bron bewerken]

Democratische Partij[bewerken | bron bewerken]

Huis van Afgevaardigden[bewerken | bron bewerken]

Republikeinse Partij[bewerken | bron bewerken]

Democratische Partij[bewerken | bron bewerken]

Leden van de Senaat[bewerken | bron bewerken]

(R) = Republikein, (D) = Democraat, (I) = Onafhankelijk

Staat Senior senator Junior senator
Alabama Richard Shelby (R) Jeff Sessions (R)
Alaska Lisa Murkowski (R) Dan Sullivan (R)
Arizona John McCain (R) Jeff Flake (R)
Arkansas John Boozman (R) Tom Cotton (R)
Californië Dianne Feinstein (D) Kamala Harris (D)
Colorado Michael Bennet (D) Cory Gardner (R)
Connecticut Richard Blumenthal (D) Chris Murphy (D)
Delaware Tom Carper (D) Chris Coons (D)
Florida Bill Nelson (D) Marco Rubio (R)
Georgia Johnny Isakson (R) David Perdue (R)
Hawaï Brian Schatz (D) Mazie Hirono (D)
Idaho Mike Crapo (R) Jim Risch (R)
Illinois Dick Durbin (D) Tammy Duckworth (D)
Indiana Todd Young (R) Joe Donnelly (D)
Iowa Chuck Grassley (R) Joni Ernst (R)
Kansas Pat Roberts (R) Jerry Moran (R)
Kentucky Mitch McConnell (R) Rand Paul (R)
Louisiana John Neely Kennedy (R) Bill Cassidy (R)
Maine Susan Collins (R) Angus King (I)
Maryland Chris Van Hollen (D) Ben Cardin (D)
Massachusetts Elizabeth Warren (D) Ed Markey (D)
Michigan Debbie Stabenow (D) Gary Peters (D)
Minnesota Amy Klobuchar (D) Al Franken (D)
Mississippi Thad Cochran (R) Roger Wicker (R)
Missouri Claire McCaskill (D) Roy Blunt (R)
Montana Jon Tester (D) Steve Daines (R)
Nebraska Deb Fischer (R) Ben Sasse (R)
Nevada Catherine Cortez Masto (D) Dean Heller (R)
New Hampshire Jeanne Shaheen (D) Maggie Hassan (D)
New Jersey Bob Menendez (D) Cory Booker (D)
New Mexico Tom Udall (D) Martin Heinrich (D)
New York Charles Schumer (D) Kirsten Gillibrand (D)
North Carolina Richard Burr (R) Thom Tillis (R)
North Dakota John Hoeven (R) Heidi Heitkamp (D)
Ohio Sherrod Brown (D) Rob Portman (R)
Oklahoma Jim Inhofe (R) James Lankford (R)
Oregon Ron Wyden (D) Jeff Merkley (D)
Pennsylvania Bob Casey (D) Pat Toomey (R)
Rhode Island Jack Reed (D) Sheldon Whitehouse (D)
South Carolina Lindsey Graham (R) Tim Scott (R)
South Dakota John Thune (R) Mike Rounds (R)
Tennessee Lamar Alexander (R) Bob Corker (R)
Texas John Cornyn (R) Ted Cruz (R)
Utah Orrin Hatch (R) Mike Lee (R)
Vermont Patrick Leahy (D) Bernie Sanders (I)
Virginia Mark Warner (D) Tim Kaine (D)
Washington Patty Murray (D) Maria Cantwell (D)
West Virginia Joe Manchin (D) Shelley Moore Capito (R)
Wisconsin Tammy Baldwin (D) Ron Johnson (R)
Wyoming Mike Enzi (R) John Barrasso (R)
46 Democraten (D) , 52 Republikeinen (R) , 2 onafhankelijke (I)
meerderheid bij 51 zetels

Leden van het Huis van Afgevaardigden[bewerken | bron bewerken]

Alabama[bewerken | bron bewerken]

(6 Republikeinen, 1 Democraten)

Alaska[bewerken | bron bewerken]

(1 Republikein)

Arizona[bewerken | bron bewerken]

(5 Republikeinen, 4 Democraten)

Arkansas[bewerken | bron bewerken]

(4 Republikeinen)

Californië[bewerken | bron bewerken]

(39 Democraten, 14 Republikeinen)

Colorado[bewerken | bron bewerken]

(4 Republikeinen, 3 Democraten)

Connecticut[bewerken | bron bewerken]

(5 Democraten)

Delaware[bewerken | bron bewerken]

(1 Democraten)

Florida[bewerken | bron bewerken]

(16 Republikeinen, 11 Democraten)

Georgia[bewerken | bron bewerken]

(10 Republikeinen, 4 Democraten)

Hawaï[bewerken | bron bewerken]

(2 Democraten)

Idaho[bewerken | bron bewerken]

(2 Republikeinen)

Illinois[bewerken | bron bewerken]

(11 Democraten, 7 Republikeinen)

Indiana[bewerken | bron bewerken]

(7 Republikeinen, 2 Democraten)

Iowa[bewerken | bron bewerken]

(3 Republikeinen, 1 Democraat)

Kansas[bewerken | bron bewerken]

(4 Republikeinen)

Kentucky[bewerken | bron bewerken]

(5 Republikeinen, 1 Democraat)

Louisiana[bewerken | bron bewerken]

(5 Republikeinen, 1 Democraat)

Maine[bewerken | bron bewerken]

(1 Democraat, 1 Republikein)

Maryland[bewerken | bron bewerken]

(7 Democraten, 1 Republikein)

Massachusetts[bewerken | bron bewerken]

(9 Democraten)

Michigan[bewerken | bron bewerken]

(9 Republikeinen, 5 Democraten)

Minnesota[bewerken | bron bewerken]

(5 Democraten, 3 Republikeinen)

Mississippi[bewerken | bron bewerken]

(3 Republikeinen, 1 Democraat)

Missouri[bewerken | bron bewerken]

(6 Republikeinen, 2 Democraten)

Montana[bewerken | bron bewerken]

(1 Republikein)

Nebraska[bewerken | bron bewerken]

(3 Republikeinen)

Nevada[bewerken | bron bewerken]

(3 Democraten, 1 Republikein)

New Hampshire[bewerken | bron bewerken]

(2 Democraten)

New Jersey[bewerken | bron bewerken]

(7 Democraten, 5 Republikeinen)

New Mexico[bewerken | bron bewerken]

(2 Democraten, 1 Republikein)

New York[bewerken | bron bewerken]

(18 Democraten, 9 Republikeinen)

North Carolina[bewerken | bron bewerken]

(10 Republikeinen, 3 Democraten)

North Dakota[bewerken | bron bewerken]

(1 Republikein)

Ohio[bewerken | bron bewerken]

(12 Republikeinen, 4 Democraten)

Oklahoma[bewerken | bron bewerken]

(5 Republikeinen)

Oregon[bewerken | bron bewerken]

(4 Democraten, 1 Republikein)

Pennsylvania[bewerken | bron bewerken]

(13 Republikeinen, 5 Democraten)

Rhode Island[bewerken | bron bewerken]

(2 Democraten)

South Carolina[bewerken | bron bewerken]

(6 Republikeinen, 1 Democraten)

South Dakota[bewerken | bron bewerken]

(1 Republikein)

Tennessee[bewerken | bron bewerken]

(7 Republikeinen, 2 Democraten)

Texas[bewerken | bron bewerken]

(25 Republikeinen, 11 Democraten)

Utah[bewerken | bron bewerken]

(4 Republikeinen)

Vermont[bewerken | bron bewerken]

(1 Democraten)

Virginia[bewerken | bron bewerken]

(7 Republikeinen, 4 Democraten)

Washington[bewerken | bron bewerken]

(6 Democraten, 4 Republikeinen)

West Virginia[bewerken | bron bewerken]

(3 Republikeinen)

Wisconsin[bewerken | bron bewerken]

(5 Republikeinen, 3 Democraten)

Wyoming[bewerken | bron bewerken]

(1 Republikein)

Leden zonder stemrecht[bewerken | bron bewerken]

(4 Democraten, 1 Republikein, 1 R/PNP)