Meester Priem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Baas Priem of Meester Priem is een sprookje uit Kinder- und Hausmärchen met volgnummer KHM178, opgetekend door de gebroeders Grimm. De oorspronkelijke naam is Meister Pfriem.

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Baas Priem heeft geen moment rust, hij heeft overal kritiek op en weet alles beter. Hij zwaait heftig met beide armen als hij op straat loopt en op een dag slaat hij de emmer van een waterdraagster hoog in de lucht en geeft haar de schuld. Hij is schoenmaker en niemand kan meer dan een maand met hem samenwerken. Hij vindt zijn knechten luilakken en slaat ze met zijn riem op de rug. Als zijn vrouw 's ochtends het vuur aanmaakt, vindt hij dat ze te veel hout gebruikt en het huis kan in brand raken. De meiden mogen niet praten bij de wastobbe en hij vindt de nieuwe zeep te duur. Als er een nieuw huis wordt gebouwd, vindt hij dat ze geen rode zandsteen gebruiken moeten omdat die nooit droog wordt. Hij geeft een boer op zijn kop omdat hij vindt dat er geen paarden voor een zware kar gespannen mogen worden.

Hij gaat naar huis en geeft zijn leerjongen te horen dat hij de schoen te ver heeft uitgesneden, maar dit blijkt zijn eigen gemaakte schoen te zijn. 's Nachts droomt baas Priem dat hij gestorven is en aanklopt aan de hemelpoort. De apostel Petrus doet open en zegt dat baas Priem geen aanmerkingen op de hemel moet laten horen. Baas Priem zegt dat hij heus wel weet hoe het hoort en dat alles volmaakt is in de hemel. Hij loopt door de grote zalen en bromt wat in zichzelf. Twee engelen dragen een balk die iemand in zijn oog had, terwijl hij naar een splinter in de ogen van een ander zocht. Baas Priem vindt het maar dom, maar beseft dat het niet uitmaakt of je een balk in de lengte of dwars draagt. Dan ziet baas Priem twee engelen water uit een put in een vat scheppen, maar er zitten gaten in zodat ze de aarde met regen drenken. Baas Priem beseft dat je ook nutteloze dingen kan doen als je er maar plezier aan beleeft.

Dan ziet baas Priem een wagen in een diepe kuil en hoort dat de wagen beladen is met vrome wensen. De man bij de wagen vertelt dat hij niet op de goede weg kon komen, maar de wagen nog naar boven kon duwen en niet aan zijn noodlot overgelaten zal worden. Er komt een engel en deze spant twee paarden voor de wagen, maar baas Priem zegt dat het minstens vier moeten zijn. Er komt nog een engel met twee paarden en deze worden achter de wagen gespannen. Baas Priem begint dan te schelden over het domme gedrag, waarna hij de hemel wordt uitgegooid. Als hij omkijkt, ziet hij de gevleugelde paarden met de wagen wegvliegen. Baas Priem weet nu dat het in de hemel anders toegaat dan op aarde. Je ziet veel door de vingers, maar paarden tegelijk voor en achter de wagen spannen is te gek. Hij kon niet weten dat ze konden vliegen en het is dom om paarden vleugels te geven als ze al vier benen hebben. Baas Priem wil opstaan omdat anders alles fout gaat in zijn huis en is blij dat hij niet echt gestorven is.

Achtergronden bij het sprookje[bewerken]

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui