Sneeuwwitje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Icoontje doorverwijspagina Zie Sneeuwwitje (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Sneeuwwitje.
Sneeuwwitje, Verlag Josef Scholz-Mainz, ca. 1910

Sneeuwwitje (en de 7 dwergen), is een sprookje dat in de 19e eeuw meermaals is opgetekend door de gebroeders Grimm in Kinder- und Hausmärchen als KHM53 (ATU 709). De originele naam is Sneewittchen, thans schrijft men in het Duits Schneewittchen. De eerste editie van het verhaal verscheen in 1812, de zevende en laatste in 1857.

Het verhaal zelf is hoogstwaarschijnlijk ouder, maar de precieze oorsprong is onbekend (zie ook #Mogelijke oorsprong). Er bestonden meerdere versies naast elkaar, die door de gebroeders Grimm werden samengebracht tot een nieuw geheel, dat ze tevens wat inkortten. Sindsdien is het wereldwijd een van de bekendste kindersprookjes geworden. Vanaf de 20e eeuw zijn er allerlei bewerkingen van gemaakt.

Verhaal[bewerken]

De hoogmoedige stiefmoeder en de magische spiegel
De koningin wil graag een kind en prikt zich aan de naald, drie druppels bloed vallen in de sneeuw
Sneeuwwitje smeekt de jager om haar niet te doden, Alexander Zick (1845-1907)
De ijzeren muilen

De onderstaande samenvatting volgt geheel de versie van de gebroeders Grimm.

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Midden in de winter zit een koningin voor het raam met een kozijn van zwart ebbenhout, ze is bezig met haar naaiwerk. Buiten dwarrelen sneeuwvlokjes en veertjes naar beneden. De koningin prikt zich aan de naald en er vallen drie druppels bloed in de sneeuw. Dan bedenkt de koningin dat ze graag een kindje zou willen hebben met huid zo wit als sneeuw, lippen zo rood als bloed en haar zo zwart als het ebbenhout. Haar wens gaat in vervulling; enige tijd later bevalt ze van een dochtertje dat ze Sneeuwwitje noemt, omdat het kindje zwarte haren, bloedrode lippen en een sneeuwwitte huid heeft.

Dan sterft de koningin plotseling. Na een jaar trouwt de koning opnieuw met een trotse, hoogmoedige en zeer ijdele vrouw die bovendien kan toveren. Ze kan het idee niet verdragen dat er iemand in het land mooier is dan zij. Iedere morgen vraagt ze aan haar toverspiegel wie de schoonste in het hele land is:

"Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is de schoonste in het land?"

En iedere keer antwoordt de spiegel dat zij, de koningin, dat zelf is.

Maar Sneeuwwitje groeit op en wordt steeds mooier. Wanneer ze zeven jaar is, is ze mooier geworden dan de koningin. De spiegel vertelt dus op een dag aan zijn eigenares dat Sneeuwwitje duizendmaal mooier is, waarop de koningin haar stiefdochter begint te haten. Ze laat een jager komen die ze de opdracht geeft Sneeuwwitje in het bos te doden en als bewijs met Sneeuwwitjes longen en lever terug te komen. De jager kan dit, wanneer hij eenmaal met Sneeuwwitje in het bos is, echter niet over zijn hart verkrijgen en hij laat haar ontsnappen. Hij vreest dat de wilde dieren haar zullen doden, maar is blij het in ieder geval niet zelf te moeten doen. Hij steekt een jong wild zwijn dood en neemt daarvan de lever en de longen mee. De koningin eet deze organen op en is ervan overtuigd dat Sneeuwwitje verdwenen is.

Sneeuwwitje zwerft een tijdlang wanhopig en bang door het bos. Dan komt ze bij een klein huisje en ze besluit daarbinnen uit te rusten. In het huisje is niemand, maar alles is netjes en ze ziet zeven bordjes, lepeltjes, mesjes, vorkjes en bekertjes. Ze ziet ook zeven bedjes met sneeuwwitte lakens. Ze eet van elk bordje wat groente en brood, uit elk bekertje drinkt zij wat wijn en dan gaat ze in een van de bedjes liggen, waar ze niet inpast. Ze probeert ze allemaal, pas het zevende bedje blijkt de juiste maat te hebben. Als het donker is, komen de bewoners van het huisje thuis. Het zijn zeven dwergen die overdag in de mijnen werken, op zoek naar erts en goud . Zij steken de zeven lantaarntjes aan en zien dat er iemand in het huisje is geweest. Ze gaan op zoek en vinden het slapende meisje in het zevende bedje. Met de zeven lantaarntjes beschijnen ze haar en vinden haar erg mooi, ze besluiten haar te laten slapen. De zevende dwerg slaapt bij de andere dwergen in bed, elk uur bij een ander. De volgende ochtend schrikt Sneeuwwitje wel als ze de dwergen ziet, maar ze stelt zich voor. Ze vertelt wat er is gebeurd en ze mag bij hen blijven, als ze voor de huishouding zorgt. Sneeuwwitje heeft het eten al klaar als de dwergen 's avonds terugkomen. De dwergen waarschuwen Sneeuwwitje nooit de deur open te maken als het licht is.

Intussen vertelt de toverspiegel aan de koningin dat Sneeuwwitje over de zeven bergen bij de zeven dwergen is. De koningin beseft dat de jager haar bedrogen heeft en besluit nu zelf in actie te komen. Ze verft haar gezicht en verkleedt zich als een oude koopvrouw (in sommige versies van het verhaal als een zigeunerin). In deze vermomming begeeft ze zich naar het huisje van de zeven dwergen. Ze klopt aan en biedt rijgkoorden voor korsetten aan. Sneeuwwitje koopt er één en laat de vrouw nietsvermoedend binnen. De koningin probeert Sneeuwwitje vervolgens te wurgen door haar korset heel strak dicht te maken en het meisje valt neer, waarna haar verraderlijke stiefmoeder zich uit de voeten maakt (in sommige versies wordt een ceintuur gebruikt). De dwergen komen 's avonds thuis en zien Sneeuwwitje liggen. Ze knippen het korsetkoord door en Sneeuwwitje komt weer bij.

De koningin komt er thuis voor de spiegel achter dat haar plan is mislukt en verzint iets nieuws. Ze maakt een giftige kam en gaat opnieuw vermomd als koopvrouw naar het huisje. Als Sneeuwwitje de vrouw binnenlaat en de kam door haar haar haalt, valt ze vergiftigd neer. De dwergen vinden Sneeuwwitje 's avonds op de grond. Ze vinden ook de giftige kam en maken hem los, waarna Sneeuwwitje opnieuw bijkomt. De dwergen waarschuwen haar opnieuw. De koningin hoort de volgende dag weer van de spiegel dat haar stiefdochter nog altijd in leven is. Ze zweert woedend dat Sneeuwwitje zal sterven, desnoods ten koste van haar eigen leven.

De koningin maakt nu een giftige appel die er erg appetijtelijk uitziet, met rode wangen. Ze vermomt zich als een oude koopvrouw en gaat voor de derde maal naar het dwergenhuisje. Ze eet zelf van de groene helft van de appel (de niet-giftige helft), waarna Sneeuwwitje haar vertrouwt. Als Sneeuwwitje vervolgens een hap neemt van de andere helft, valt ze ogenschijnlijk dood neer. Als de dwergen thuiskomen zien ze dat Sneeuwwitje niet meer ademt. Ze doen haar jasje los, kammen haar haar en wassen haar met water en wijn, maar niks helpt. Ze leggen haar in een doorzichtige doodskist van glas en brengen haar naar een berg. Met gouden letters wordt op de kist geschreven wie ze is en de dieren treuren om haar. Een uil, een raaf en een duif komen rouwen. Sneeuwwitjes lichaam vergaat niet en zelfs nu ze (schijn)dood is, is ze nog steeds wondermooi. De spiegel vertelt nu eindelijk weer aan de koningin thuis dat zijzelf de mooiste is van het land.

Op een dag komt een koningszoon in het woud en hij ziet de doodskist met Sneeuwwitje erin op de berg. Betoverd door Sneeuwwitjes schoonheid vraagt hij de dwergen om de kist en wil ervoor betalen. Als de kist weggedragen wordt, valt hij en het stukje giftige appel schiet uit de keel van Sneeuwwitje. Ze doet haar ogen open en komt uit de kist. De koningszoon vraagt haar ten huwelijk en de bruiloft wordt voorbereid.

De boze stiefmoeder wordt ook uitgenodigd voor het feest. Voordat ze vertrekt, vraagt ze haar spiegel nog eens wie de mooiste is in het land. De spiegel antwoordt dat er een jonge koningin is die duizendmaal mooier is dan zij. De koningin wordt erg bang. Aangekomen op het feest herkent ze Sneeuwwitje. Ze krijgt gloeiende ijzeren muilen aan en moet net zo lang dansen, tot ze dood neervalt.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken]

  • Het sprookje werd, ook als het in het Hoogduits werd verteld, toch met de Nederduitse titel genoemd.
  • In de eerste uitgave van de Kinder- und Hausmärchen (1812) is het niet de boze stiefmoeder die al het kwaad aanricht, maar Sneeuwwitjes eigen moeder.
  • De kleuren wit, zwart en rood kunnen gezien worden als verwijzing naar de hemel, aarde en mens. Zie ook De raaf (KHM93).
  • De alwetende spiegel stamt waarschijnlijk af van de toverspiegel uit de oudheid, waarmee voorspellingen werden gedaan, en is hierin vergelijkbaar met de glazen bol van een waarzegster.
  • Het bos staat in sprookjes voor het leven, waar ieder zijn weg moet vinden.

Mogelijke oorsprong[bewerken]

Omtrent de precieze ouderdom en herkomst van het verhaal bestaat geen eenduidigheid.

Middeleeuwse sage[bewerken]

Volgens een theorie, geopperd door Wilhelm Grimm in het voorwoord van de Kinder- und Hausmärchen, is de kern van het verhaal te herleiden tot Snäfridr, een Noorse middeleeuwse sage over een mooie vrouw die sterft.[1]

Hessen[bewerken]

Het lijkt waarschijnlijk dat de basis van het verhaal zoals de gebroeders Grimm het optekenden gezocht moet worden in Hessen, meer specifiek het Waldecker Land. Hierover zijn verschillende theorieën aangevoerd, naast een aantal losse aanwijzingen:

De Duitse historicus Eckhard Sander beweerde in zijn essay Schneewittchen: Marchen oder Wahrheit? (1994) aanwijzingen te hebben dat de figuur van Sneeuwwitje geïnspireerd is op Margaretha von Waldeck, een in 1533 geboren Duitse gravin en de dochter van Philipp IV (de graaf van Waldeck), die voor haar stiefmoeder Katharina van Hatzfeld naar Brussel zou zijn gevlucht (historisch juist is echter dat ze op 16-jarige leeftijd door haar vader werd gestuurd[2]). Ze ontmoette er de latere koning Filips II van Spanje, op wie ze verliefd werd. Ze stierf in Brussel op 21-jarige leeftijd, vermoedelijk door vergiftiging.

Een andere mogelijke verklaring, die wordt aangehangen door onder anderen Karlheinz Bartels, is dat een aantal elementen van het verhaal zijn gebaseerd op de lotgevallen rond Maria Sophia von Erthal, die in de 18e eeuw het Lohrer kasteel in Lohr am Main bewoonde. Dat het hele verhaal van Sneeuwwitje hierop zou teruggaan lijkt echter zo goed als onmogelijk, vermits er genoeg aanwijzingen zijn dat het verhaal al ouder is.[3] De sprekende spiegel in de versie van de gebroeders Grimm is zeer waarschijnlijk geïnspireerd op Richilde, een sprookje van Johann Karl August Musäus. De Duitse schrijver/politicus Albert Ludewig Grimm publiceerde in 1809 (dus slechts enkele jaren voor de publicatie door de gebroeders Grimm) in zijn Kindermärchen een toneelstuk dat sterke gelijkenissen met het verhaal van Sneeuwwitje vertoont.[4]

Het woud dat in het verhaal een centrale rol speelt doet denken aan de Spessart, het is daarom volgens velen goed mogelijk dat het verhaal zich hier oorspronkelijk afspeelde. De glazen kist en de glazen berg die voorkomt in sommige versies zijn wellicht verwijzingen naar het glasblazen, destijds een belangrijke bezigheid van de bewoners van het Spessartgebergte.

Varianten[bewerken]

Er bestaan binnen Europa allerlei varianten van het verhaal. In sommige versies wordt Sneeuwwitje gered doordat de prins haar wakker kust.,[noten 1]. Sneeuwwitjes doodskist is in enkele versies van zilver in plaats van glas.

Grimm noemt in zijn voorwoord vijf varianten op het verhaal. In een versie snijdt de koningin zich tijdens het schillen van een appel in haar vinger, waarna het bekende verhaal volgt. In een andere versie rijden een graaf en een gravin in een koets door een besneeuwd landschap, waarop de graaf zich een sneeuwwit meisje wenst met bloedrode wangen en ravezwart haar. Even later komen ze Sneeuwwitje tegen die precies zo'n meisje is, maar de gravin mag haar niet en dumpt haar weer met een list. In een derde versie gaat de koningin zelf met Sneeuwwitje mee het bos in, geeft haar de opdracht om wat rozen te plukken en laat haar dan achter. In een vierde versie staan de dwergen op het punt Sneeuwwitje te cremeren als de prins langskomt en haar meeneemt (in deze versie lijkt Sneeuwwitje daadwerkelijk overleden te zijn). Een vijfde versie uit Wenen ten slotte verhaalt dat Sneeuwwitje in plaats van een boze stiefmoeder twee oudere zussen heeft, die afgunstig op haar zijn omdat zij de mooiste van de drie is. De zussen sturen haar met wat water en brood het bos in en proberen haar later te vergiftigen. Sneeuwwitje komt een glazen berg tegen en ontmoet daar de dwergen.[5]

Hoewel het zwarte haar van Sneeuwwitje een belangrijk thema is, lijkt het erop dat ze in bepaalde vroege versies blond haar heeft. Zo staat ze ook nog afgebeeld op de voorkaft van Mein erstes Märchenbuch van Wilhelm Effenberg (illustraties van Carl Offterdinger en Heinrich Leutemann).[6]

Parallellen[bewerken]

  • Ook in De zeven raven (KHM25) neemt een meisje iets uit zeven bordjes en bekertjes.
  • Vaker werden jonge vrouwen in slaap gebracht in sprookjes, zie ook Magische plaatsen en planten. Meerdere malen wordt hierbij verwezen naar de doornappel (als giftige appel), zelfs Eva zou volgens verhalen verleid zijn van deze appel te eten. Het thema van de betoverde of giftige appel kwam in de tijd van de heksenvervolging vaak aan bod.[7] In de Griekse mythologie bezorgt Eris een gouden appel met het inschrift "Voor de mooiste" tijdens een huwelijksfeest waarvoor zij niet was uitgenodigd. Hierdoor ontstaat een strijd tussen Hera, Athena en Aphrodite. De appel speelt ook een rol in andere sprookjes van Grimm (De twee gebroeders (KHM60), De goudkinderen (KHM85), De groente-ezel (KHM122), De koningszoon die nergens bang voor was (KHM121)).
  • Ook in het Engelse sprookje Goudlokje en de drie beren eet een meisje van de bordjes in een onbekend huisje en valt in slaap op het laatste bedje, omdat ze niet in de andere past.
  • De drie druppels bloed komen in meer sprookjes voor, zoals Vrijer Roland (KHM56), en ook hier moet de boze vrouw dansen tot ze dood is. Ook Van de wachtelboom (KHM47) vertoont een aantal opvallende overeenkomsten met het verhaal van Sneeuwwitje. Ook hier is sprake van een kind zo rood als bloed en zo wit als sneeuw en een kwaadaardige stiefmoeder.
  • Vogels staan vaak voor de ziel en reis naar de onderwereld. De duif kan staan voor een engel. Raven worden beschouwd als gedachten van hogere wezens, denk ook aan de raven van Wodan (Huginn en Muninn). Ze spreken enkel in de nacht en worden gehoord door iemand die waakt, als anderen slapen. Dit kan duiden op een ander bewustzijn.
  • Ook in De drie talen (KHM33) moet iemand in het bos worden gedood, maar krijgt de kans om te ontsnappen. Zie ook Het meisje zonder handen (KHM31).
  • De glazen kist op een berg doet denken aan een glazen berg, zie ook De zeven raven (KHM25) en De raaf (KHM93).
  • In Rozenlachjes en pareltranen wordt een meisje door toedoen van een slechte tante en een heks ook in een bewusteloze toestand gebracht. Zij wordt in een kast op een berg gestopt en later gevonden door de zoon van de padisha.
  • In het sprookje Doornroosje raakt de protagoniste eveneens in een langdurige slaap, een soort coma dat enkel door een liefdeskus kan worden verbroken. Dit motief kan worden uitgelegd als een rite de passage, waarbij de langdurige slaap een liminale periode vertegenwoordigt, in dit geval de overgang naar de volwassenheid.[8]

Adaptaties[bewerken]

Verfilmingen[bewerken]

Sinds het begin van de 20e eeuw zijn er tientallen verfilmingen en anderszins voor tv/video geschikte bewerkingen van het verhaal gemaakt. De allereerste verfilming verscheen in 1902 in de VS, deze was nog zonder geluid. Zeer bekend is de op 21 december 1937 door Walt Disney uitgebrachte tekenfilm Sneeuwwitje en de Zeven Dwergen, tevens de allereerste tekenfilm ooit die langer dan een uur duurde. Disney ontving voor deze film een speciale Academy Award, de Honorary Award. De vormgeving van de dwergen zoals in deze film wordt nog altijd gebruikt.

Op basis van het sprookje zijn meerdere live-action-films gemaakt. In 2012 verschenen er meerdere verfilmingen: Mirror Mirror, Grimm's Snow White en Snow White and the Huntsman.

Musicals[bewerken]

In 1998 vertolkte Chris Van Tongelen de rol van de prins in de Vlaamse musical Sneeuwwitje. Hij mocht Sneeuwwitje (gespeeld door de zangeres Sanne) niet kussen in de musical. Anne Mie Gils speelde de boze koningin. Aimé Anthoni (ook bekend als kabouter Klus) vertolkte de rol van haar hulpje Aimé. Frank Aendenboom was de verteller. In 2005 was er opnieuw een musical in Vlaanderen, met Davy Gilles in de rol van de prins.

Trivia[bewerken]

  • De vraag die de boze stiefmoeder aan haar toverspiegel stelt: "Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is de schoonste in het land", is bijna spreekwoordelijk geworden.
  • In The 10th Kingdom komt de kleinzoon van Sneeuwwitje voor.
  • Sneeuwwitje en Rozerood is een ander sprookje opgetekend door Grimm, dat voor zover bekend geen enkele relatie heeft met Sneeuwwitje behalve de naamsovereenkomst.

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui

Wikisource Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina Schneewittchen op de Duitstalige Wikisource
Wikiquote Wikiquote heeft een of meer citaten gerelateerd aan Sneeuwwitje.