De dood als peet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Peetoom Dood

De dood als peet of Peetoom Dood is een sprookje dat werd opgetekend door de gebroeders Grimm in Kinder- und Hausmärchen met het nummer KHM44. De oorspronkelijke naam is Der Gevatter Tod.

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Een arme man heeft twaalf kinderen en als het dertiende kind komt weet hij zich geen raad. De eerste die hij tegenkomt vraagt hij peet te worden en dit is Onze Lieve Heer. De man wil Onze Lieve Heer echter niet als peet omdat hij de rijken nog rijker maakt en de armen laat verhongeren. Maar de man wist niet met hoeveel wijsheid God de rijkdom en armoede verdeelt. De duivel komt naar de man toe en belooft veel goud als ruil om peet te zijn voor het dertiende kind. De man weigert opnieuw omdat de duivel mensen bedriegt en verleidt. De man loopt verder en ontmoet de dood, hij kiest hem omdat hij geen onderscheid maakt tussen arm en rijk.

De zondag erop komt de dood bij de doop, zoals hij heeft beloofd. Als de jongen volwassen is geworden komt de peetoom langs en beveelt hem mee te gaan. Hij neemt de jongen mee naar het bos en laat een kruid zien. De jongen zal een beroemde dokter worden, als er een zieke wordt gebracht zal de dood verschijnen. Als de dood bij het hoofd staat, kan de jongen de zieke genezen met het kruid. Maar als de dood bij de voeten van de zieke staat, is er geen genezing meer mogelijk. Als hij het kruid tegen de dood wil gebruiken, zal het slecht met de jongen aflopen.

Al snel is de jongen de beroemdste dokter van de hele wereld en hij verdient veel geld. Dan wordt de koning ziek en de jongen wordt bij hem geroepen, hij ziet al snel dat genezing niet mogelijk is. De jongen neemt een risico en tilt de koning op en draait hem om en hij geeft hem wat van het kruid. De koning geneest en de dood waarschuwt dat hij dit gedrag niet nogmaals zal tolereren. Kort daarna wordt de dochter van de koning ziek, ze is zijn enige kind. Degene die haar van de dood kan redden, mag met haar trouwen en zal de kroon erven. De dokter ziet de dood bij de voeten van het meisje en draait haar, ondanks de waarschuwing, om en geeft haar van het kruid. De dokter is erg gelukkig, maar de dood loopt met grote stappen op de dokter af en grijpt hem vast.

De dokter wordt naar een onderaardse grot gebracht en ziet duizenden kaarsen branden. Soms doofden kaarsen en anderen gaan weer branden. De dood legt uit dat het de levenskaarsen van mensen zijn. Grote kaarsen zijn van kinderen en hoe kleiner de kaars, hoe ouder het mens is. De dokter wil graag zijn levenskaarsje bekijken en de dood wijst naar een klein stompje dat dreigt uit te gaan. De dokter smeekt een nieuwe kaars voor hem aan te steken, zodat hij kan genieten van de mooie koningsdochter. Dan legt de dood uit dat er altijd eerst een kaars moet doven, voordat er een nieuwe branden kan. De dokter vraagt zijn stompje op een nieuwe kaars te zetten, zodat het vlammetje meteen verder brandt. De dood doet alsof, maar laat het stompje vallen waarna het dooft. De dokter zakt in elkaar en is nu in handen van de dood.

Achtergronden[bewerken]

  • Het sprookje komt uit Hessen. Het slot is pas in de tweede druk toegevoegd en is ontleend aan een verhaal in Neue Abendgenossen (1811) van Friedrich Gustav Schilling.
  • Verwante verhalen kwamen in heel Europa voor, de oudste komen uit IJsland.
  • De levenslichtjes komen ook voor in de Oudnoorse en Griekse sagen.
  • Vergelijk De peetoom (KHM42), Vrouw Trui (KHM43) en het vervallen sprookje KHM43a (Die wunderliche Gasterei).
  • Magere Hein staat vaak symbool voor "de dood" en wordt afgebeeld met een zeis (en vaak een zandloper).
  • Zie ook De geest in de fles (KHM99).
  • Vergelijk Een hulpvaardige geest, waarin een brahmaan een geest uitdrijft en zijn waarschuwing negeert.

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui