Natuur (kosmos)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De schoonheid van de wildernis heeft een aantrekkingskracht op mensen.

De natuur is de inhoud en werking van het heelal zoals door de mens waargenomen, en die als zodanig bestudeerd wordt door de natuurwetenschappen. Hiertoe behoort de studie van de levenloze (natuurkunde, scheikunde, aardwetenschappen en astronomie) en de levende natuur (biologie).

De natuur omvat de niet-levende natuur, ook de buitenaardse: stratosfeer, de atmosfeer, de lithosfeer en de levende natuur, de biosfeer (ecosystemen met vegetatie en dieren) inclusief de processen geassocieerd met levenloze objecten, de natuurwetten waarnaar verschillende zaken bestaan en veranderen, zoals het meteorologische en de geologische processen, en de materie en energie waar dit alles uit bestaat.

Over de invulling van het begrip natuur wordt niet eenduidig gedacht en men onderscheidt verschillende natuurvisies.

Natuurkunde[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Natuurkunde, Kosmologie en Natuurwetenschappen voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.

Volgens het standaardmodel bestaat de natuur uit materie en energie die gehoorzamen aan bepaalde natuurwetten. De natuurkunde is daarom de meest fundamentele natuurwetenschap. Op de kleinste schaal regeert de kwantummechanica. De grote schaal wordt gedomineerd door de zwaartekracht, beschreven door de algemene relativiteitstheorie. De materie met massa - die equivalent is aan energie - bestaat uit atomen die chemische verbindingen kunnen aangaan.

De dimensies van tijd en ruimte zijn ontstaan in de oerknal. Het uitdijende heelal koelt continu af. Uit het quark-gluonplasma ontstonden middels baryogenese en nucleosynthese de lichtere elementen. De materie klontert samen onder invloed van de zwaartekracht en vormt zo sterren, sterrenstelsels, en superclusters, waarin door kernfusie de zwaardere elementen ontstaan. Onder toepasselijke omstandigheden kan uit een accretieschijf rond een protoster een planetenstelsel ontstaan.

De planeet Aarde[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Aarde (planeet), Geologie en Klimaat voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.
Een volledig verlicht halfrond van de Aarde gezien vanuit de Apollo 17 in 1972.

De natuur wordt meestal bezien vanuit de woonplaats van de mens, de derde planeet vanaf de Zon in het Zonnestelsel, de Aarde. De Aarde is continu aan verandering onderhevig door natuurlijke processen. De aardkorst is samengesteld uit verschillende schollen die zich over de onderliggende aardmantel verplaatsen. Het binnenste van de planeet is actief, met een dikke laag gesmolten gesteente en een ijzerhoudende kern die een magnetisch veld voortbrengt.

Ongeveer 70 procent van het aardoppervlak bestaat uit oceanen met zout water, in een complex stroomsysteem. De rest bestaat uit continenten en eilanden. Het grootste deel van het bewoonde land bevindt zich op het noordelijk halfrond.

Prominente kenmerken van het Aardse klimaat zijn de twee grote poolgebieden, twee smalle gematigde zones, en brede tropische/subtropische stroken rond de evenaar. Verschillende natuurverschijnselen vinden plaats in de atmosfeer, en hebben te maken met het weer en de elementen. Neerslagpatronen variëren sterk met locatie. De hoeveelheid neerslag kan uiteenlopen van enkele meters tot minder dan een millimeter per jaar.[1]

De atmosfeer is aanmerkelijk veranderd sinds de oorspronkelijke toestand. Onder invloed van organismen[2] ontstaat een natuurlijk evenwicht met een stabiliserend effect op de omstandigheden aan het aardoppervlak. Ondanks regionale klimaatvariaties - door breedtegraad en andere geografische factoren - is het gemiddelde wereldwijde klimaat redelijk stabiel tijdens interglaciale perioden.[3] Verschillen van een graad of twee in de gemiddelde temperatuur hebben grote invloed gehad op het natuurlijk evenwicht en de geografische kenmerken.[4][5]

Natuurverschijnselen[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Natuurverschijnsel, Weer (meteorologie) en Abiotisch voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.
Een vulkaan vertoont een diversiteit aan natuurverschijnselen

Natuurverschijnselen zijn abiotische fenomenen. Meestal zijn deze op Aarde te vinden, maar bijvoorbeeld zons- en maanverduistering, zonnevlammen en vallende sterren zijn astronomische verschijnselen. Natuurverschijnselen lopen uiteen van betrekkelijk onschuldige fenomenen als het poollicht tot het natuurgeweld van aardbevingen, vulkaanuitbarstingen en vloedgolven.

De atmosfeer is een chaotisch systeem, waarbij kleine veranderingen in de omgeving grote gevolgen kunnen hebben. De atmosfeer speelt een sleutelrol in het wereldwijde ecosysteem, en het weer dat zich erin afspeelt is zeer bepalend voor het soort natuur dat er aangetroffen wordt. De seizoenen ontstaan door de axiale variatie van de aardas en de zonnestraling.

Onweer produceert bliksem en gaat dikwijls vergezeld van neerslag, zoals regen, sneeuw of hagel. Winden als tornado's, orkanen en cyclonen maken grote hoeveelheden energie vrij, en hebben een grote invloed op de omgeving. Het leven past zich aan, of sterft uit; een natuurlijke bosbrand maakt ruimte voor nieuw leven, en diverse levensvormen zijn afhankelijk van de seizoensgebonden variaties van het weer.

Leven[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Leven, Biosfeer, Biotoop en Biotisch voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.
Een leeuwin geeft haar welp een kopje. Voortplanting is een belangrijke factor in het voortbestaan van leven

De wetenschap vindt grotendeels dat de natuurlijke manifestatie van leven gekenmerkt wordt door organisatie, metabolisme, groei, aanpassing, stimulus-respons, en voortplanting.[6] Leven is de karakteristieke staat van organismen.

De planeet Aarde is de enige plaats waar leven is aangetroffen. Kenmerkende eigenschappen van Aardse levensvormen (planten, dieren, schimmels, protisten, archaea en bacteriën) zijn dat zij opgebouwd zijn uit cellen, en op koolstof en water gebaseerd zijn met een complexe organisatie.

De biosfeer is het deel van de lucht, het water en de vaste Aarde waar leven voorkomt. De biotische processen die er voorkomen hebben ook weer invloed op hun omgeving, die ze aanzienlijk kunnen veranderen. De biosfeer is het wereldwijde ecosysteem waarin alle levende wezens en hun relaties met elkaar en met de lithosfeer, hydrosfeer en atmosfeer verenigd zijn. De hele aarde bevat meer dan 75 triljard ton biomassa.

Meer dan 90% van de totaal aanwezige biomassa is plantaardig. Dierlijk leven is zeer afhankelijk van planten.[7] Er zijn meer dan 2 miljoen dier- en plantensoorten geïdentificeerd.[8] en schattingen van het daadwerkelijke aantal bestaande soorten variëren van enkele miljoenen tot ruim over de 50 miljoen.[9][10][11] Het aantal individuele soorten varieert constant, met steeds soorten die verschijnen en andere die uitsterven.[12][13] Het aantal soorten neemt heden gestaag af, [14][15] mogelijk door menselijke invloed.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. blueplanetbiomes.org
  2. Calculations favor reducing atmopshere for early Earth, Science Daily
  3. Past Climate Change, U.S. Environmental Protection Agency
  4. History of Climate Change, Hugh Anderson & Bernard Walter, NASA
  5. The Discovery of Global Warming, American Institute of Physics
  6. Definition of Life, California Academy of Sciences
  7. The Flow of Energy in Ecosystems - Productivity, Food Chain, and Trophic Level, publisher=University of Hamburg Department of Biology
  8. Introduction to the Biosphere: Species Diversity and Biodiversity
  9. How Many Species are There?
  10. "Animal." World Book Encyclopedia. 16 vols. Chicago: World Book, 2003
  11. Just How Many Species Are There, Anyway?, Science Daily
  12. Changing Patterns in the Number of Species in North American Floras
  13. Tropical Scientists Find Fewer Species Than Expected, Science Daily
  14. Species Loss and Aboveground Carbon Storage in a Tropical Forest, Science
  15. Support for Biocomplexity as a Research Paradigm, EcoHealth March 2006
Zoek dit woord op in WikiWoordenboek