Lijst van leden van het Europees Parlement (2014-2019)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Flag of Europe.svg
Fracties bij het begin van de achtste zitting van het Europees Parlement:

 Europees Unitair Links/Noords Groen Links (GUE/NGL)

 Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten (S&D)

 De Groenen/Vrije Europese Alliantie (Groenen/VEA)

 Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa (ALDE)

 Europese Volkspartij (christendemocraten) (EVP)

 Europese Conservatieven en Hervormers (ECH)

 Europa van Vrijheid en Directe Democratie (EVDD)[1]

 niet-fractiegebonden leden (NI)

---

 Europa van Naties en Vrijheid (ENV)[2]

Dit is de lijst van leden van het Europees Parlement na de Europese verkiezingen van 2014 voor de achtste zitting van Europees Parlement.

De zittingsperiode ging in op 1 juli 2014 en eindigde op 1 juli 2019.

Wijzigingen in de samenstelling van het parlement na 1 juli 2014 zijn onderaan dit artikel aangegeven.

Leden van het Europees Parlement[bewerken | brontekst bewerken]

België[bewerken | brontekst bewerken]

Zie Lijst van Belgische Europarlementariërs voor de zittende leden.

Nederlands kiescollege:

Op de lijst van de Nieuw-Vlaamse Alliantie: (ECH)

  1. Johan Van Overtveldt[3]
  2. Helga Stevens
  3. Mark Demesmaeker
  4. Louis Ide[3]

Op de lijst van Open Vlaamse Liberalen en Democraten: (ALDE)

  1. Guy Verhofstadt
  2. Annemie Neyts[3]
  3. Karel De Gucht
(zetel niet ingenomen; vervangen door Philippe De Backer)

Op de lijst van Christen-Democratisch en Vlaams: (EVP)

  1. Marianne Thyssen[3]
  2. Ivo Belet

Op de lijst van de Socialistische Partij Anders: (S&D)

  1. Kathleen Van Brempt

Op de lijst van Groen: (Groenen/VEA)

  1. Bart Staes

Op de lijst van Vlaams Belang: (niet-fractiegebonden[4])

  1. Gerolf Annemans

Frans kiescollege:

Op de lijst van Parti Socialiste: (S&D)

  1. Marie Arena
  2. Marc Tarabella
  3. Hugues Bayet

Op de lijst van Mouvement Réformateur: (ALDE)

  1. Louis Michel
  2. Frédérique Ries
  3. Gérard Deprez

Op de lijst van Ecolo: (Groenen/VEA)

  1. Philippe Lamberts

Op de lijst van Centre démocrate humaniste: (EVP)

  1. Claude Rolin




Duitstalig kiescollege:

Op de lijst van Christlich Soziale Partei: (EVP)

  1. Pascal Arimont


Bulgarije[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Burgers voor Europese Ontwikkeling van Bulgarije: (EVP)

  1. Tomislav Donchev[3]
  2. Marija Gabriel[3]
  3. Andrej Kovatsjev
  4. Eva Maydell
  5. Emil Radev
  6. Vladimir Oeroetsjev

Op de lijst van de Bulgaarse Socialistische Partij: (S&D)

  1. Iliana Jotova[3]
  2. Momchil Nekov
  3. Georgi Pirinski
  4. Sergei Stanishv

Op de lijst van de Beweging voor Rechten en Vrijheden: (ALDE)

  1. Nedzhmi Ali
  2. Filiz Hoesmenova
  3. Ilhan Kyuchyuk
  4. Delyan Peevski
(zetel niet ingenomen; vervangen door Iskra Mihaylova)

Op de lijst van Bulgarije zonder censuur: (ECH)

  1. Nikolay Barekov

Op de lijst van VMRO - Bulgaarse Nationale Beweging: (ECH)

  1. Angel Dzhambazki

Op de lijst van Democraten voor een Sterk Bulgarije: (EVP)

  1. Svetoslav Malinov


Cyprus[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Dimokratikos Synagermos: (EVP)

  1. Christos Stylianides[3]
  2. Eleni Theocharous[5][6]

Op de lijst van de Progressieve Partij van de Arbeiders: (GUE/NGL)

  1. Takis Hadjigeorgiou
  2. Neoklis Sylikiotis

Op de lijst van Dimokratikó Kómma: (S&D)

  1. Costas Mavrides

Op de lijst van Kinima Sosialdimokraton: (S&D)

  1. Demetris Papadakis


Denemarken[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Dansk Folkeparti: (ECH)

  1. Jørn Dohrmann
  2. Rikke Karlsson[5][6]
  3. Morten Messerschmidt
  4. Anders Primdahl Vistisen

Op de lijst van de Socialdemokraterne: (S&D)

  1. Ole Christensen
  2. Jeppe Kofod
  3. Christel Schaldemose

Op de lijst van Venstre: (ALDE)

  1. Jens Rohde[5]
  2. Ulla Tørnæs[3]

Op de lijst van de Socialistische Volkspartij: (Groenen/VEA)

  1. Margrete Auken

Op de lijst van de Det Konservative Folkeparti: (EVP)

  1. Bendt Bendtsen

Op de lijst van de Volksbeweging tegen de EU: (GUE/NGL)

  1. Rina Ronja Kari

Op de lijst van Radikale Venstre: (ALDE)

  1. Morten Helveg Petersen


Duitsland[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Christlich Demokratische Union Deutschlands: (EVP)

  1. Burkhard Balz[3]
  2. Reimer Böge
  3. Elmar Brok
  4. Daniel Caspary
  5. Birgit Collin-Langen
  6. Christian Ehler
  7. Karl-Heinz Florenz
  8. Michael Gahler
  9. Jens Gieseke
  10. Ingeborg Gräßle
  11. Peter Jahr
  12. Dieter-Lebrecht Koch
  13. Werner Kuhn
  14. Werner Langen
  15. Peter Liese
  16. Norbert Lins
  17. Thomas Mann
  18. David McAllister
  19. Markus Pieper
  20. Godelieve Quisthoudt-Rowohl
  21. Herbert Reul[3]
  22. Sven Schulze
  23. Andreas Schwab
  24. Renate Sommer
  25. Sabine Verheyen
  26. Axel Voss
  27. Rainer Wieland
  28. Hermann Winkler
  29. Joachim Zeller

Op de lijst van de Sozialdemokratische Partei Deutschlands: (S&D)

  1. Udo Bullmann
  2. Ismail Ertug
  3. Knut Fleckenstein
  4. Evelyne Gebhardt
  5. Jens Geier
  6. Matthias Groote[3]
  7. Iris Hoffmann
  8. Petra Kammerevert
  9. Sylvia-Yvonne Kaufmann
  10. Dietmar Köster
  11. Constanze Angela Krehl
  12. Bernd Lange
  13. Jo Leinen
  14. Arne Lietz
  15. Susanne Melior
  16. Norbert Neuser
  17. Maria Noichl
  18. Gabriele Preuß
  19. Ulrike Rodust
  20. Martin Schulz[3]
  21. Joachim Schuster
  22. Peter Simon
  23. Birgit Sippel
  24. Jutta Steinruck[3]
  25. Jakob von Weizsäcker[3]
  26. Martina Werner
  27. Kerstin Westphal

Op de lijst van de Bündnis 90/Die Grünen: (Groenen/VEA)

  1. Jan Philipp Albrecht[3]
  2. Reinhard Bütikofer
  3. Michael Cramer
  4. Sven Giegold
  5. Rebecca Harms
  6. Martin Häusling
  7. Maria Heubuch
  8. Ska Keller
  9. Barbara Lochbihler
  10. Terry Reintke
  11. Helga Trüpel

Op de lijst van Die Linke: (GUE/NGL)

  1. Fabio De Masi[3]
  2. Cornelia Ernst
  3. Thomas Händel
  4. Sabine Lösing
  5. Martina Michels
  6. Helmut Scholz
  7. Gabriele Zimmer

Op de lijst van Alternative für Deutschland: (ECH)

  1. Hans-Olaf Henkel[5]
  2. Bernd Kölmel[5]
  3. Bernd Lucke[5]
  4. Marcus Pretzell[6]
  5. Joachim Starbatty[5]
  6. Beatrix von Storch[6][3]
  7. Ulrike Trebesius[5]

Op de lijst van de Christlich-Soziale Union: (EVP)

  1. Albert Deß
  2. Markus Ferber
  3. Monika Hohlmeier
  4. Angelika Niebler
  5. Manfred Weber

Op de lijst van de Freie Demokratische Partei: (ALDE)

  1. Alexander Lambsdorff[3]
  2. Gesine Meißner
  3. Michael Theurer[3]

Op de lijst van de Piratenpartij Duitsland: (Groenen/VEA)

  1. Julia Reda

Op de lijst van Freie Wähler: (ALDE)

  1. Ulrike Müller

Op de lijst van de Duitse Familiepartij: (ECH)

  1. Arne Gericke[5]

Op de lijst van de Ökologisch-Demokratische Partei: (Groenen/VEA)

  1. Klaus Buchner

Op de lijst van Partei Mensch Umwelt Tierschutz: (GUE/NGL)

  1. Stefan Eck[5]

Op de lijst van de Nationaldemokratische Partei Deutschlands: (niet-fractiegebonden)

  1. Udo Voigt

Op de lijst van Die PARTEI: (niet-fractiegebonden)

  1. Martin Sonneborn


Estland[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Estse Hervormingspartij: (ALDE)

  1. Andrus Ansip[3]
  2. Kaja Kallas[3]

Op de lijst van de Estse Centrumpartij: (ALDE)

  1. Yana Toom

Op de lijst van Isamaa ja Res Publica Liit: (EVP)

  1. Tunne Kelam

Op de lijst van de Sociaaldemocratische Partij: (S&D)

  1. Marju Lauristin[3]

Op de lijst van Indrek Tarand: (Groenen/VEA)

  1. Indrek Tarand

Finland[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Nationale Coalitiepartij: (EVP)

  1. Sirpa Pietikäinen
  2. Alexander Stubb
    (zetel niet ingenomen; vervangen door Petri Sarvamaa)
  3. Henna Virkkunen

Op de lijst van de Centrumpartij van Finland: (ALDE)

  1. Olli Rehn[3]
  2. Anneli Jäätteenmäki
  3. Paavo Väyrynen[3]

Op de lijst van de Sociaaldemocratische Partij van Finland: (S&D)

  1. Liisa Jaakonsaari
  2. Miapetra Kumpula-Natri

Op de lijst van de Finse Partij: (ECH)

  1. Jussi Halla-aho
  2. Sampo Terho[3]

Op de lijst van de Zweedse Volkspartij in Finland: (ALDE)

  1. Nils Torvalds

Op de lijst van de Linkse Alliantie: (GUE/NGL)

  1. Merja Kyllönen

Op de lijst van de Groene Liga: (Groenen/VEA)

  1. Heidi Hautala


Frankrijk[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Front National[7]: (niet-fractiegebonden[4])

  1. Louis Aliot[3]
  2. Marie-Christine Arnautu
  3. Nicolas Bay
  4. Joëlle Bergeron (onafhankelijk sinds juni 2014, aangesloten bij EVDD[1])
  5. Dominique Bilde-Pierron
  6. Marie-Christine Boutonnet
  7. Steeve Briois
  8. Aymeric Chauprade[6][5]
  9. Édouard Ferrand[8]
  10. Sylvie Goddyn[6][5]
  11. Bruno Gollnisch
  12. Jean-François Jalkh
  13. Marine Le Pen[3]
  14. Jean-Marie Le Pen
  15. Gilles Lebreton[5]
  16. Dominique Martin
  17. Joëlle Mélin
  18. Bernard Monot[6]
  19. Sophie Montel[5][6]
  20. Mireille d'Ornano[5][6]
  21. Florian Philippot[5][6]
  22. Jeanne Pothain
    (zetel niet ingenomen; vervangen door Philippe Loiseau)
  23. Mylène Troszczynski

Op de lijst van Front National-Rassemblement bleu Marine: (niet-fractiegebonden[4])

  1. Jean-Luc Schaffhauser

Op de lijst van de Union pour un Mouvement Populaire[9]: (EVP)

  1. Michèle Alliot-Marie
  2. Alain Cadec
  3. Arnaud Danjean
  4. Michel Dantin
  5. Rachida Dati
  6. Angélique Delahaye
  7. Françoise Grossetête
  8. Brice Hortefeux
  9. Marc Joulaud
  10. Philippe Juvin
  11. Alain Lamassoure[5]
  12. Jérôme Lavrilleux[5]
  13. Constance Le Grip[3]
  14. Nadine Morano
  15. Élisabeth Morin-Chartier[5]
  16. Renaud Muselier
  17. Maurice Ponga
  18. Franck Proust
  19. Tokia Saïfi[5]
  20. Anne Sander

Op de lijst van de Parti Socialiste: (S&D)

  1. Éric Andrieu
  2. Guillaume Balas
  3. Pervenche Berès
  4. Jean-Paul Denanot[3]
  5. Sylvie Guillaume
  6. Louis-Joseph Manscour
  7. Édouard Martin
  8. Emmanuel Maurel[6]
  9. Gilles Pargneaux
  10. Vincent Peillon
  11. Christine Revault d'Allonnes-Bonnefoy
  12. Virginie Rozière (Parti Radical de Gauche)
  13. Isabelle Thomas[5]

Op de lijst van UDI/MoDem/Les Européens: (ALDE)

  1. Jean Arthuis (UDI)
  2. Jean-Marie Cavada[5] (UDI)
  3. Sylvie Goulard[3] (MoDem)
  4. Nathalie Griesbeck (MoDem)
  5. Dominique Riquet (UDI)
  6. Robert Rochefort (MoDem)
  7. Marielle de Sarnez[3] (MoDem)

Op de lijst van Europe Écologie: (Groenen/VEA)

  1. José Bové
  2. Karima Delli
  3. Pascal Durand
  4. Yannick Jadot
  5. Eva Joly
  6. Michèle Rivasi

Op de lijst van Links Front: (GUE/NGL)

  1. Patrick Le Hyaric
  2. Jean-Luc Mélenchon[3]
  3. Younous Omarjee
  4. Marie-Christine Vergiat


Griekenland[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van SYRIZA: (GUE/NGL)

  1. Kostas Chrysogonos
  2. Manolis Glezos[3]
  3. Giorgos Katrougalos[3]
  4. Konstantína Kouneva
  5. Dimitrios Papadimoulis
  6. Sofia Sakorafa[5]

Op de lijst van Nea Dimokratia: (EVP)

  1. Manolis Kefalogiannis
  2. Georgios Kyrtsos
  3. Maria Spyraki
  4. Eliza Vozemberg
  5. Theodoros Zagorakis

Op de lijst van Gouden Dageraad: (niet-fractiegebonden)

  1. Georgios Epitideios[5]
  2. Lambros Foundoulis
  3. Eleftherios Synadinos

Op de lijst van PASOK: (S&D)

  1. Nikos Androulakis
  2. Eva Kaili

Op de lijst van To Potami: (S&D)

  1. Giorgos Grammatikakis
  2. Miltiadis Kyrkos

Op de lijst van de Communistische Partij: (niet-fractiegebonden)

  1. Konstantinos Papadakis
  2. Sotirios Zarianopoulos

Op de lijst van Onafhankelijke Grieken: (ECH)

  1. Notis Marias[5]


Hongarije[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Fidesz-Magyar Polgári Szövetség-KDNP: (EVP)

  1. Andrea Bocskor
  2. Andor Deli
  3. Tamás Deutsch
  4. Norbert Erdős
  5. Kinga Gál
  6. Ildikó Pelczné Gáll[3]
  7. András Gyürk
  8. György Hölvényi
  9. Ádám Kósa
  10. György Schöpflin
  11. József Szájer
  12. László Tőkés

Op de lijst van Jobbik: (niet-fractiegebonden)

  1. Zoltán Balczó
  2. Béla Kovács
  3. Krisztina Morvai

Op de lijst van de Hongaarse Socialistische Partij: (S&D)

  1. Tibor Szanyi
  2. István Ujhelyi

Op de lijst van de Demokratikus Koalíció: (S&D)

  1. Csaba Molnár
  2. Ferenc Gyurcsány
(zetel niet ingenomen; vervangen door Péter Niedermüller)

Op de lijst van Együtt-Párbeszéd Magyarországért: (Groenen/VEA)

  1. Gordon Bajnai
(zetel niet ingenomen; vervangen door Benedek Jávor)

Op de lijst van Lehet Más a Politika: (Groenen/VEA)

  1. Tamás Meszerics


Ierland[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Fine Gael: (EVP)

  1. Deirdre Clune
  2. Brian Hayes
  3. Seán Kelly
  4. Mairead McGuinness

Op de lijst van Sinn Féin: (GUE/NGL)

  1. Lynn Boylan
  2. Matt Carthy
  3. Liadh Ní Riada

Op de lijst van Fianna Fáil: (ECH)

  1. Brian Crowley

Onafhankelijk:

  1. Nessa Childers (S&D)
  2. Luke Flanagan (GUE/NGL)
  3. Marian Harkin (ALDE)


Italië[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Democratische Partij: (S&D)

  1. Brando Benifei
  2. Goffredo Bettini
  3. Simona Bonafé
  4. Mercedes Bresso
  5. Renata Briano
  6. Nicola Caputo
  7. Caterina Chinnici
  8. Sergio Cofferati[5]
  9. Silvia Costa
  10. Andrea Cozzolino
  11. Nicola Danti
  12. Paolo De Castro
  13. Isabella De Monte
  14. Enrico Gasbarra
  15. Elena Gentile
  16. Michela Giuffrida
  17. Roberto Gualtieri
  18. Cécile Kyenge
  19. Luigi Morgano
  20. Alessandra Moretti[3]
  21. Alessia Mosca
  22. Massimo Paolucci[5]
  23. Pier Antonio Panzeri[5]
  24. Pina Picierno
  25. Gianni Pittella[3]
  26. David Sassoli
  27. Elly Schlein[5]
  28. Renato Soru[6]
  29. Patrizia Toia
  30. Daniele Viotti
  31. Flavio Zanonato[5]

Op de lijst van de MoVimento 5 Stelle: (EVDD[1])

  1. Isabella Adinolfi
  2. Marco Affronte[6]
  3. Laura Agea
  4. Daniela Aiuto
  5. Tiziana Beghin
  6. David Borrelli[5][6]
  7. Fabio Massimo Castaldo
  8. Ignazio Corrao
  9. Rosa D'Amato
  10. Eleonora Evi
  11. Laura Ferrara
  12. Giulia Moi[5]
  13. Piernicola Pedicini
  14. Dario Tamburrano
  15. Marco Valli[5]
  16. Marco Zanni[6][5]
  17. Marco Zullo

Op de lijst van Forza Italia: (EVP)

  1. Salvatore Cicu
  2. Alberto Cirio
  3. Lara Comi
  4. Raffaele Fitto[6]
  5. Elisabetta Gardini[6]
  6. Barbara Matera
  7. Fulvio Martusciello
  8. Alessandra Mussolini[6]
  9. Aldo Patriciello
  10. Salvo Pogliese[3]
  11. Remo Sernagiotto[6]
  12. Antonio Tajani
  13. Giovanni Toti[3]

Op de lijst van Lega Nord: (niet-fractiegebonden[4])

  1. Mara Bizzotto
  2. Mario Borghezio
  3. Gianluca Buonanno[8]
  4. Matteo Salvini[3]
  5. Flavio Tosi[3]

Op de lijst van Nieuw Centrumrechts-Unie van het Centrum: (EVP)

  1. Lorenzo Cesa
  2. Giovanni La Via[5]
  3. Maurizio Lupi
(zetel niet ingenomen; vervangen door Massimiliano Salini[5])

Op de lijst van L'Altra Europa con Tsipras: (GUE/NGL)

  1. Eleonora Forenza
  2. Curzio Maltese
  3. Barbara Spinelli[5]

Op de lijst van de Südtiroler Volkspartei: (EVP)

  1. Herbert Dorfmann


Kroatië[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Kroatische Democratische Unie: (EVP)

  1. Ivana Maletić
  2. Andrej Plenković[3]
  3. Davor Stier[3]
  4. Dubravka Šuica

Op de lijst van de Sociaaldemocratische Partij van Kroatië: (S&D)

  1. Biljana Borzan
  2. Tonino Picula

Op de lijst van Istarski demokratski sabor: (ALDE)

  1. Neven Mimica
(zetel niet ingenomen; vervangen door Ivan Jakovčić)

Op de lijst van Hrvatska narodna stranka - liberalni demokrati: (ALDE)

  1. Jozo Radoš[5]

Op de lijst van Hrvatska stranka prava dr. Ante Starčević: (ECH)

  1. Ruža Tomašić[5]

Op de lijst van Održivi razvoj Hrvatske: (Groenen/VEA)

  1. Mirela Holy
(zetel niet ingenomen; vervangen door Davor Škrlec[5])

Op de lijst van Hrvatska seljačka stranka: (EVP)

  1. Marijana Petir


Letland[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Eenheid: (EVP)

  1. Valdis Dombrovskis[3]
  2. Sandra Kalniete
  3. Krišjānis Kariņš[3]
  4. Artis Pabriks[3]

Op de lijst van Centriskā partija Latvijas Zemnieku savienība: (EVDD[1])

  1. Iveta Grigule[6]

Op de lijst van Sociaal-Democratische Partij ‘Harmonie’: (S&D)

  1. Andrejs Mamikins

Op de lijst van Nationale Alliantie: (ECH)

  1. Roberts Zīle

Op de lijst van Letlands Russische Unie: (Groenen/VEA)

  1. Tatjana Ždanoka[3]


Litouwen[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Lietuvos socialdemokratų partija: (S&D)

  1. Zigmantas Balčytis
  2. Vilija Blinkevičiūtė

Op de lijst van Tėvynės Sąjunga – Lietuvos krikščionys demokratai: (EVP)

  1. Gabrielius Landsbergis[3]
  2. Algirdas Saudargas

Op de lijst van Tvarka ir teisingumas: (EVDD[1])

  1. Valentinas Mazuronis[6][5]
  2. Rolandas Paksas

Op de lijst van Lietuvos Respublikos liberalų sąjūdis: (ALDE)

  1. Petras Auštrevičius
  2. Antanas Guoga[6]

Op de lijst van de Partij van de Arbeid: (ALDE)

  1. Viktor Uspaskich

Op de lijst van Electorale Actie van Polen in Litouwen: (ECH)

  1. Waldemar Tomaszewski

Op de lijst van Lietuvos valstiečių ir žaliųjų sąjunga: (Groenen/VEA)

  1. Ramūnas Karbauskis
(zetel niet ingenomen; vervangen door Bronis Ropė)


Luxemburg[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Chrëschtlech Sozial Vollekspartei: (EVP)

  1. Georges Bach
  2. Frank Engel
  3. Viviane Reding[3]

Op de lijst van de Lëtzebuerger Sozialistesch Aarbechterpartei: (S&D)

  1. Mady Delvaux-Stehres

Op de lijst van de Demokratesch Partei: (ALDE)

  1. Charles Goerens

Op de lijst van Déi Gréng: (Groenen/VEA)

  1. Claude Turmes[3]

Malta[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Malta Labour Party: (S&D)

  1. Miriam Dalli
  2. Marlene Mizzi
  3. Alfred Sant

Op de lijst van Partit Nazzjonalista: (EVP)

  1. David Casa
  2. Therese Comodini Cachia[3]
  3. Roberta Metsola

Nederland[bewerken | brontekst bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Lijst van Nederlandse Europarlementariërs 2014-2019 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op de lijst van het Christen-Democratisch Appèl: (EVP)

  1. Wim van de Camp
  2. Esther de Lange
  3. Jeroen Lenaers
  4. Lambert van Nistelrooij
  5. Annie Schreijer-Pierik

Op de lijst van Democraten 66: (ALDE)

  1. Gerben-Jan Gerbrandy
  2. Matthijs van Miltenburg
  3. Marietje Schaake
  4. Sophie in 't Veld

Op de lijst van de Partij voor de Vrijheid: (niet-fractiegebonden[4])

  1. Marcel de Graaff
  2. Vicky Maeijer[3]
  3. Olaf Stuger
  4. Geert Wilders
(zetel niet ingenomen; vervangen door Hans Jansen[8])

Op de lijst van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie: (ALDE)

  1. Hans van Baalen
  2. Jan Huitema
  3. Cora van Nieuwenhuizen[3]

Op de lijst van de Partij van de Arbeid: (S&D)

  1. Agnes Jongerius
  2. Kati Piri
  3. Paul Tang

Op de lijst van de Socialistische Partij: (GUE/NGL)

  1. Dennis de Jong
  2. Anne-Marie Mineur

Op de lijst van ChristenUnie/Staatkundig Gereformeerde Partij: (ECH)

  1. Bas Belder
  2. Peter van Dalen

Op de lijst van GroenLinks: (Groenen/VEA)

  1. Bas Eickhout
  2. Judith Sargentini

Op de lijst van de Partij voor de Dieren: (GUE/NGL)

  1. Anja Hazekamp


Oostenrijk[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Oostenrijkse Volkspartij: (EVP)

  1. Heinz Becker
  2. Othmar Karas
  3. Elisabeth Köstinger[3]
  4. Paul Rübig
  5. Claudia Schmidt

Op de lijst van de Sociaaldemocratische Partij van Oostenrijk: (S&D)

  1. Eugen Freund
  2. Karin Kadenbach
  3. Jörg Leichtfried[3]
  4. Evelyn Regner
  5. Josef Weidenholzer

Op de lijst van de Vrijheidspartij van Oostenrijk: (niet-fractiegebonden[4])

  1. Barbara Kappel
  2. Georg Mayer
  3. Franz Obermayr
  4. Harald Vilimsky

Op de lijst van de Die Grünen - Die Grüne Alternative: (Groenen/VEA)

  1. Ulrike Lunacek[3]
  2. Michel Reimon
  3. Monika Vana

Op de lijst van de NEOS: (ALDE)

  1. Angelika Mlinar


Polen[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van het Burgerplatform: (EVP)

  1. Michał Boni
  2. Jerzy Buzek
  3. Danuta Hübner
  4. Danuta Jazłowiecka
  5. Agnieszka Kozłowska-Rajewicz
  6. Barbara Kudrycka
  7. Janusz Lewandowski
  8. Elżbieta Łukacijewska
  9. Jan Olbrycht
  10. Julia Pitera
  11. Marek Plura
  12. Dariusz Rosati
  13. Jacek Saryusz-Wolski[6]
  14. Adam Szejnfeld
  15. Róża Thun
  16. Jarosław Wałęsa
  17. Bogdan Wenta[3]
  18. Bogdan Zdrojewski
  19. Tadeusz Zwiefka

Op de lijst van Recht en Rechtvaardigheid: (ECH)

  1. Ryszard Czarnecki
  2. Andrzej Duda[3]
  3. Anna Fotyga
  4. Beata Gosiewska
  5. Marek Gróbarczyk[3]
  6. Dawid Jackiewicz[3]
  7. Karol Karski
  8. Zbigniew Kuźmiuk
  9. Ryszard Legutko
  10. Stanisław Ożóg
  11. Bolesław Piecha
  12. Mirosław Piotrowski[5]
  13. Tomasz Poręba
  14. Kazimierz Michał Ujazdowski[5][6]
  15. Jadwiga Wiśniewska
  16. Janusz Wojciechowski[3]
  17. Kosma Złotowski

Op de lijst van Prawica Rzeczypospolitej: (ECH)

  1. Marek Jurek

Op de lijst van Bezpartyjny: (ECH)

  1. Zdzisław Krasnodębski

Op de lijst van Alliantie van Democratisch Links - Unie van de Arbeid: (S&D):

  1. Lidia Geringer de Oedenberg
  2. Adam Gierek
  3. Bogusław Liberadzki
  4. Krystyna Łybacka
  5. Janusz Zemke

Op de lijst van het Congres van Nieuw Rechts (niet-fractiegebonden[4])

  1. Robert Iwaszkiewicz[6]
  2. Janusz Korwin-Mikke[5][3]
  3. Michał Marusik
  4. Stanisław Żółtek

Op de lijst van de Poolse Volkspartij: (EVP)

  1. Andrzej Grzyb
  2. Krzysztof Hetman
  3. Jarosław Kalinowski
  4. Czesław Siekierski


Portugal[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Partido Socialista: (S&D)

  1. Francisco Assis
  2. Elisa Ferreira[3]
  3. Ana Gomes
  4. Maria João Rodrigues
  5. Ricardo Serrão Santos
  6. Pedro Silva Pereira
  7. Liliana Rodrigues
  8. Carlos Zorrinho

Op de lijst van de Partido Social Democrata: (EVP)

  1. Carlos Coelho
  2. José Manuel Fernandes
  3. Nuno Melo
  4. Cláudia Monteiro de Aguiar
  5. Paulo Rangel
  6. Sofia Ribeiro
  7. Fernando de Carvalho Ruas

Op de lijst van de Unitaire Democratische Coalitie: (GUE/NGL)

  1. João Ferreira
  2. Miguel Viegas
  3. Inês Zuber[3]

Op de lijst van de Partido da Terra: (ALDE)

  1. José Inácio Faria[6]
  2. António Marinho e Pinto[5]

Op de lijst van Links Blok: (GUE/NGL)

  1. Marisa Matias


Roemenië[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de PDL: (EVP)

  1. Theodor Stolojan
  2. Monica-Luisa Macovei[5][6]
  3. Traian Ungureanu
  4. Marian-Jean Marinescu
  5. Daniel Buda

Op de lijst van de UDMR: (EVP)

  1. Iuliu Winkler
  2. Csaba Sógor

Op de lijst van de Volksbewegingspartij: (EVP)

  1. Siegfried Mureșan
  2. Cristian-Dan Preda[5]

Op de lijst van de PNL: (EVP)

  1. Norica Nicolai[6][5]
  2. Adina-Ioana Vălean
  3. Ramona-Nicole Mănescu
  4. Cristian-Silviu Bușoi
  5. Renate Weber[6][5]
  6. Eduard-Raul Hellvig[3]

Op de lijst van de PSD+PC+UNPR: (S&D)

  1. Corina Creţu[3] (PSD)
  2. Ecaterina Andronescu (PSD)
    (zetel niet ingenomen; vervangen door Victor Negrescu (PSD)[3])
  3. Cătălin-Sorin Ivan (PSD)[5][6]
  4. Dan Nica (PSD)
  5. Damian Drăghici (UNPR)[5]
  6. Daciana Sârbu (PSD)
  7. Ioan Mircea Pașcu (PSD)
  8. Viorica Dăncilă (PSD)[3]
  9. Ionel-Sorin Moisă (PSD)[5][6]
  10. Victor Boştinaru (PSD)
  11. Claudiu-Ciprian Tănăsescu (PSD)
  12. Doru-Claudian Frunzulică (UNPR)[5]
  13. Laurențiu Rebega (PC)[6][5]
  14. Maria Grapini (PC)[5]
  15. Ana-Claudia Țapardel (PSD)
  16. Cristea Andi-Lucian (PSD)

Onafhankelijk: (ALDE)

  1. Mircea Diaconu


Slovenië[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Sloveense Democratische Partij: (EVP)

  1. Patricija Šulin
  2. Romana Tomc
  3. Milan Zver

Op de lijst van Nieuw Slovenië: (EVP)

  1. Lojze Peterle (NSi)
  2. Franc Bogovič (SLS)

Op de lijst van de Sociaaldemocraten: (S&D)

  1. Tanja Fajon

Op de lijst van Zares: (ALDE)

  1. Ivo Vajgl

Op de lijst van Verjamem!: (Groenen/VEA)

  1. Igor Šoltes


Slowakije[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van SMER - sociálna demokracia: (S&D)

  1. Monika Flašíková-Beňová
  2. Vladimír Maňka
  3. Maroš Šefčovič
  4. Boris Zala

Op de lijst van de Christendemocratische Beweging: (EVP)

  1. Miroslav Mikolášik
  2. Anna Záborská

Op de lijst van de Slowaakse Democratische en Christelijke Unie - Democratische Partij: (EVP)

  1. Eduard Kukan
  2. Ivan Štefanec[5]

Op de lijst van Obyčajní ľudia a nezávislé osobnosti: (ECH)

  1. Branislav Škripek

Op de lijst van NOVA: (ECH)

  1. Jana Žitňanská

Op de lijst van Sloboda a Solidarita: (ALDE)

  1. Richard Sulík[6]

Op de lijst van de Partij van de Hongaarse Gemeenschap: (EVP)

  1. Pál Csáky

Op de lijst van Most-Híd: (EVP)

  1. József Nagy


Spanje[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Partido Popular: (EVP)

  1. Miguel Arias Cañete[3]
  2. Esteban González Pons
  3. Teresa Jiménez-Becerril Barrio[3]
  4. Luis de Grandes Pascual
  5. Pilar del Castillo Vera
  6. Ramón Luis Valcárcel
  7. Rosa Estaràs Ferragut
  8. Francisco Millán Mon
  9. Pablo Zalba Bidegain[3]
  10. Verónica Lope Fontagne
  11. Antonio López-Istúriz White
  12. Santiago Fisas Ayxelá
  13. Gabriel Mato Adrover
  14. Pilar Ayuso González
  15. María Esther Herranz García
  16. Agustín Díaz de Mera García-Consuegra

Op de lijst van Partido Socialista Obrero Español: (S&D)

  1. Elena Valenciano
  2. Ramón Jáuregui
  3. Soledad Cabezón Ruiz
  4. Juan Fernando López Aguilar[6]
  5. Iratxe García Pérez
  6. Javi López (Partit dels Socialistes de Catalunya)
  7. Inmaculada Rodríguez-Piñero
  8. Enrique Guerrero Salom
  9. Eider Gardiazabal Rubial
  10. José Blanco López
  11. Clara Aguilera García
  12. Sergio Gutiérrez Prieto[3]
  13. Inés Ayala Sender
  14. Jonás Fernández

Op de lijst Izquierda Unida: (GUE/NGL)

  1. Willy Meyer[3]
  2. Paloma López Bermejo
  3. Marina Albiol
  4. Lidia Senra
  5. Ángela Vallina

Op de lijst van Podemos: (GUE/NGL)

  1. Pablo Iglesias Turrión[3]
  2. María Teresa Rodríguez-Rubio Vázquez[3]
  3. Carlos Jiménez Villarejo[3]
  4. Lola Sánchez
  5. Pablo Echenique[3]

Op de lijst van Unión Progreso y Democracia: (ALDE)

  1. Francisco Sosa Wagner[3]
  2. Maite Pagazaurtundua
  3. Fernando Maura Barandiarán[3]
  4. Beatriz Becerra Basterrechea[5]

Op de lijst van de Coalitie voor Europa:

  1. Ramon Tremosa (Convergència Democràtica de Catalunya) (ALDE)[5]
  2. Izaskun Bilbao (Eusko Alderdi Jeltzalea) (ALDE)
  3. Francesc de Paula Gambús i Millet (Unió Democràtica de Catalunya) (EVP)

Op de lijst van Nova Esquerra Catalana: (Groenen/VEA)

  1. Ernest Maragall[3]

Op de lijst van Ciudadanos-Partido de la Ciudadanía: (ALDE)

  1. Javier Nart
  2. Juan Carlos Girauta Vidal[3]

Op de lijst van COMPROMIS: (Groenen/VEA)

  1. Jordi Sebastià i Talavera[3]

Op de lijst van EH Bildu: (GUE/NGL)

  1. Josu Juaristi[3]

Op de lijst Iniciativa per Catalunya Verds: (Groenen/VEA)

  1. Ernest Urtasun

Onafhankelijk: (Groenen/VEA)

  1. Josep-Maria Terricabras


Tsjechië[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van ANO 2014: (ALDE)

  1. Dita Charanzová
  2. Martina Dlabajová
  3. Petr Ježek
  4. Pavel Telička

Op de lijst van TOP 09 a Starostové: (EVP)

  1. Luděk Niedermayer
  2. Stanislav Polčák[5]
  3. Jiří Pospíšil
  4. Jaromír Štětina

Op de lijst van de Tsjechische Sociaaldemocratische Partij: (S&D)

  1. Jan Keller
  2. Pavel Poc
  3. Miroslav Poche
  4. Olga Sehnalová

Op de lijst van de Communistische Partij van Bohemen en Moravië: (GUE/NGL)

  1. Kateřina Konečná
  2. Jiří Maštálka
  3. Miloslav Ransdorf[8]

Op de lijst van de Christendemocratische Unie-Tsjechische Volkspartij: (EVP)

  1. Pavel Svoboda
  2. Michaela Šojdrová
  3. Tomáš Zdechovský

Op de lijst van de Democratische Burgerpartij: (ECH)

  1. Evžen Tošenovský
  2. Jan Zahradil

Op de lijst van Strana svobodných občanů: (EVDD[1])

  1. Petr Mach[3]


Verenigd Koninkrijk[bewerken | brontekst bewerken]

Groot-Brittannië[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de UK Independence Party: (EVDD[1])

  1. Stuart Agnew[6]
  2. Tim Aker[5]
  3. Jonathan Arnott[5]
  4. Janice Atkinson[6][5]
  5. Amjad Bashir[6]
  6. Gerard Batten[6]
  7. Louise Bours[5]
  8. James Carver[5][6]
  9. David Coburn[5]
  10. Jane Collins[6][5]
  11. William, Earl of Dartmouth[5]
  12. Bill Etheridge[5]
  13. Nigel Farage[5]
  14. Ray Finch[5]
  15. Nathan Gill[5]
  16. Roger Helmer[3]
  17. Mike Hookem[6]
  18. Diane James[5][6]
  19. Paul Nuttall[5]
  20. Patrick O'Flynn[5]
  21. Margot Parker[5]
  22. Julia Reid[5]
  23. Jill Seymour[5]
  24. Steven Woolfe[5][6]

Op de lijst van de Labour Party: (S&D)

  1. Lucy Anderson
  2. Paul Brannen
  3. Richard Corbett
  4. Seb Dance
  5. Anneliese Dodds[3]
  6. Neena Gill
  7. Theresa Griffin
  8. Mary Honeyball
  9. Richard Howitt[3]
  10. Afzal Khan[3]
  11. Judith Kirton-Darling
  12. David Martin
  13. Linda McAvan[3]
  14. Clare Moody
  15. Claude Moraes
  16. Siôn Simon
  17. Catherine Stihler[3]
  18. Derek Vaughan
  19. Julie Ward
  20. Glenis Willmott[3]

Op de lijst van de Conservative Party: (ECH)

  1. Richard Ashworth[6]
  2. Philip Bradbourn[8]
  3. David Campbell Bannerman
  4. Nirj Deva
  5. Ian Duncan[3]
  6. Vicky Ford[3]
  7. Jacqueline Foster
  8. Ashley Fox
  9. Julie Girling[6]
  10. Daniel Hannan
  11. Syed Kamall
  12. Sajjad Karim
  13. Timothy Kirkhope[3]
  14. Andrew Lewer[3]
  15. Emma McClarkin
  16. Anthea McIntyre
  17. Kay Swinburne
  18. Charles Tannock
  19. Geoffrey Van Orden

Op de lijst van de Green Party of England and Wales: (Groenen/VEA)

  1. Molly Scott Cato
  2. Jean Lambert
  3. Keith Taylor

Op de lijst van de Scottish National Party: (Groenen/VEA)

  1. Ian Hudghton
  2. Alyn Smith

Op de lijst van de Liberal Democrats: (ALDE)

  1. Catherine Bearder

Op de lijst van Plaid Cymru: (Groenen/VEA)

  1. Jill Evans


Noord-Ierland[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van Sinn Féin: (GUE/NGL)

  1. Martina Anderson

Op de lijst van de Democratische Unionistische Partij: (niet-fractiegebonden)

  1. Diane Dodds

Op de lijst van Ulster Unionist Party: (ECH)

  1. Jim Nicholson

Zweden[bewerken | brontekst bewerken]

Op de lijst van de Sveriges socialdemokratiska arbetareparti: (S&D)

  1. Jytte Guteland
  2. Anna Hedh
  3. Olle Ludvigsson
  4. Marita Ulvskog
  5. Jens Nilsson[8]

Op de lijst van de Miljöpartiet de Gröna: (Groenen/VEA)

  1. Max Andersson
  2. Bodil Ceballos
  3. Peter Eriksson[3]
  4. Isabella Lövin[3]

Op de lijst van de Moderata samlingspartiet: (EVP)

  1. Anna Maria Corazza Bildt
  2. Christofer Fjellner
  3. Gunnar Hökmark

Op de lijst van de Folkpartiet liberalerna[10]: (ALDE)

  1. Marit Paulsen[3]
  2. Cecilia Wikström

Op de lijst van Sverigedemokraterna: (EVDD[1])

  1. Peter Lundgren[6]
  2. Kristina Winberg[6]

Op de lijst van de Centerpartiet: (ALDE)

  1. Fredrick Federley

Op de lijst van de Vänsterpartiet: (GUE/NGL)

  1. Malin Björk

Op de lijst van Kristdemokraterna: (EVP)

  1. Lars Adaktusson[3]

Op de lijst van Feministiskt initiativ: (S&D)

  1. Soraya Post


Wijzigingen gedurende de zittingsperiode[bewerken | brontekst bewerken]

2014[bewerken | brontekst bewerken]

2015[bewerken | brontekst bewerken]

2016[bewerken | brontekst bewerken]

2017[bewerken | brontekst bewerken]

2018[bewerken | brontekst bewerken]

2019[bewerken | brontekst bewerken]