Katholieke Vlaamse Volkspartij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Katholieke Vlaamse Volkspartij
(KVV)
Afbeelding gewenst
Algemene gegevens
Partijvoorzitter Alfons Verbist
Actief in Flag of Flanders.svg Vlaanderen
Flag Belgium brussels.svg Brussel
Hoofdkantoor Vlag van België België
Ideologie / Geschiedenis
Richting Rechts
Ideologie Christendemocratie
Vlaamsgezind
Opgericht 1936
Opheffing 1945
Ontstaan uit UCB
Opgegaan in CVP
Portaal  Portaalicoon   Politiek
België

De Katholieke Vlaamse Volkspartij (KVV) was een Belgische politieke partij, actief in Vlaanderen, die de facto deel bleef uitmaken van het Katholiek Verbond van België (UCB).

Geschiedenis[bewerken]

De partij ontstond na de verkiezingen van 24 mei 1936, waarin de UCB maar liefst zestien zetels in het parlement verloor. Dit leidde tot een versterking van de federalistische Vlaamsgezinde vleugel van de partij. Onder hen ook een groep, die niet onbewogen bleef door de ideeën van het Vlaams-nationalisme en die van mening was dat het minimumprogramma zoals Frans van Cauwelaert dat eens voorstond voorbijgestreefd was. Deze groeiende groep slaagde erin de ‘regionalisering’ van hun partij af te dwingen en het sinds 1921 bestaande Katholiek Verbond van België (UCB) werd hervormd tot het Blok der Katholieken van België. Deze koepelpartij bestond uit de KVV in Vlaanderen enerzijds en de Parti catholique social in Franstalige België anderzijds. Alfons Verbist werd de eerste voorzitter.[1]

Diezelfde Verbist lag tevens aan de basis van het beginselakkoord tussen de KVV en het Vlaams Nationaal Verbond (VNV) van 8 december 1936. Dit paste binnen de idee van een concentratiebeweging van alle Vlaamsgezinde, katholieke krachten die vooral gevoed werd vanuit anticommunistische gevoelens en de vrees voor een Volksfront, zoals onder andere in Frankrijk. Deze beweging wordt bevoordeeld door de katholieke verkiezingsnederlaag van 1936. Op KVV-initiatief worden gesprekken opgestart met gematigde VNV’ers als Hendrik Borginon en Gerard Romsée die zullen leiden tot het beginselakkoord.

Deze ontwikkeling kon echter op heel wat tegenstand rekenen. Binnen de Katholieke Partij protesteert de groep rond Frans van Cauwelaert, de Boerenbond en het ACW. Bovendien was ook VNV-leider Staf de Clercq niet voor een samenwerking te vinden. Uiteindelijk werden het de bisschoppen die omtrent Kerstmis de gedachte ten grave droegen. In een herderlijke brief veroordeelden ze elk extremistisch regime – hetzij van communistische, hetzij van rechts-totalitaire aard.

Op lokaal vlak leefde de concentratiegedachte alsnog door. Bij de gemeenteraadsverkiezingen ontstonden er verschillende lijsten waarop KVV’ers, VNV’ers en soms ook rexisten gezamenlijk naar de stem van de kiezer dingen. Zo kwam bijvoorbeeld in Mechelen een kartel tot stand tussen KVV, VNV, Rex, en twee afgescheurde liberalen waaronder burgemeester Karel Dessain.

Na de bezetting en de daaruit voortvloeiende Tweede Wereldoorlog ontstond hieruit de (opnieuw unitaire) Christelijke Volkspartij (CVP). Deze splitste zich later in een afzonderlijke Vlaamse en Franstalige partij. De Vlaamse CVP veranderde in 2001 haar naam in Christen-Democratisch en Vlaams (CD&V).

Bekende leden[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Fiche Katholieke Vlaamse Volkspartij (1936 - 1945); Odis, databank intermediaire structuren