Lintdorp

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Lintbebouwing)
Ga naar: navigatie, zoeken
Plaats B heeft lintbebouwing, plaats A niet
de lintbebouwing langs het Stadskanaal

Een lintdorp, wegdorp of streekdorp is een lang uitgestrekt dorp dat meestal langs een kanaal, weg of oeverwal c.q. kreekrug is gesitueerd. In België en het noorden en westen van Nederland komen lintdorpen veel voor.

[bewerken] Nederland

Lintdorpen liggen in het noorden en westen van Nederland vaak op oude dijken of op een oude kreekrug (zandrug).

Ook de door de mens aangelegde dijken waren ideale hogere plaatsen voor bewoning. Ook dit was een basis voor een lintdorp.

Kleine riviertjes (kreken) lieten zand achter op de bodem, waardoor er een zandlaag achterbleef. Als door ontwatering van het landschap bodemdaling intrad, dan bleven de kreekruggen door hun stabiele zandlaag achter als hogere delen in het landschap. Overstromingen spoelden veengronden weg, maar de zandlaag van de kreekrug bleef liggen. In tijden van veel overstromingen werden deze kreekruggen ideale plaatsen voor bewoning. Dit verklaart de soms kronkelige loop van de lintdorpjes. (Schellinkhout West-Friesland)

De lintdorpen in het noordoosten van Nederland bevinden zich veelal in de veenkoloniën in Groningen en Drenthe. Ze ontstonden langs de vaarten waarlangs turf werd afgevoerd. Een kleiner aantal is ontstaan langs wegen.

Een voorbeeld van een lintdorp in de provincie Groningen is Stadskanaal, een dorp langs het gelijknamige kanaal. Een voorbeeld aaneenschakeling van lintdorpen langs een weg is te vinden ten oosten van de Hunze zoals de wegen door Zuidlaarderveen, Eexterveen, Gieterveen, Drouwenerveen, Buinerveen en Exloërveen.

Andere voorbeelden zijn Smilde en Staphorst. Een dorp als Ouddorp op Goeree-Overflakkee is zeer uitgestrekt, maar kan men geen lintdorp noemen omdat de lintbebouwing zich naar alle windstreken heeft uitgewaaierd.

In Zuidwest-Drenthe en Zuidoost-Friesland liggen lintbebouwingen die ouder zijn. Die dorpen zijn in de Middeleeuwen ontstaan toen de boeren vanuit esdorpen als Vledder, Wapse of Ruinen de nattere beekdalen in cultuur brachten en dorpen stichtten als Nijensleek, Wapserveen en Ruinerwold.

In Noord-Holland hzijn er ook enkele lintdorpen, waaronder Cruquius-Oost, De Hoek, Boesingheliede, Haarlemmerliede en Assendelft.

Lintdorpen, vaak vele kilometers lang en met meerdere dorpscentra, zijn wijdverspreid in het waardengebied van de provincies Zuid-Holland en Utrecht, zoals de Graafstroom (Oud-Alblas/Bleskensgraaf/Molenaarsgraaf/Ottoland) in de Alblasserwaard en Cabauw/Lopik/Lopikerkapel in de Lopikerwaard.

In Zeeland is een voorbeeld van lintbebouwing het buurtschap Brigdamme in de gemeente Middelburg. Langs de Noordweg ligt Brigdamme ingeklemd tussen Middelburg en Sint Laurens. De lintbebouwing langs de Noordweg heeft een lengte van ongeveer 2 km.

[bewerken] België

Bijna alle Belgische dorpen hebben lintbebouwing. Dit is een gevolg van het feit dat de ruimtelijke ordening er tot voor kort nauwelijks door de overheid werd gestuurd. Dit bouwfenomeen, dat zich vooral voordoet in het dichtbevolkte Vlaanderen, zette zich sterk door in de loop van de twintigste eeuw. Dit gebeurde ook omwille van wettelijke bepalingen zoals de meermaals aangepaste zogenaamde opvulregels waarbij kleinere stukken landbouwgrond, natuurgebied of gewoon braakliggend terrein tussen bestaande woningen mochten worden aangewend als bouwgrond. Een groot nadeel is dat er relatief veel mensen langs een drukke weg wonen, zodat ze lijden onder luchtvervuiling, geluidshinder en het gevaar van het verkeer.

Deze Belgische maatregel had zoveel succes doordat deze voor kleine grondeigenaars winstgevend was. Dit had tot gevolg dat men vanaf de Vlaamse hoofdwegen vaak weinig zicht had op de open ruimte. Deze wordt pas zichtbaar vanaf de achtertuinen vol berghokken ('koterij'). Een ander minpunt is dat Vlamingen in eigen regio de stille landweggetjes moeten opzoeken om te kunnen genieten van natuurschoon. Daarbij worden ze dan nog dikwijls geconfronteerd met zonevreemde woningen. Dit zijn allerhande grote of kleinere bouwwerken die esthetisch of functioneel niet thuishoren in een bepaalde omgeving. Veel van deze volgens milieuactivisten spijtige, historisch gegroeide eigenaardigheden werden na enige tijd vanuit menselijk en sociaal oogpunt in functie van rechtszekerheid geregulariseerd.

Sedert de ruimtelijke ordening qua bevoegdheid overgegaan is van het federale (Belgische) niveau naar het gewestelijke (Vlaamse) niveau is het beleid ten aanzien van ruimtelijke ordening strikter geworden. Nieuwe lintbebouwing is sindsdien sterk teruggelopen. Tegenover de langwerpige lintbebouwing bestaat in België de veel compactere en kernachtiger woonvorm die "tuinwoonwijk" wordt genoemd en in het begin van de twintigste eeuw tot stand kwam in de Vlaamse stad Roeselare. Dit concept werd veel nagevolgd, onder meer in de Limburgse mijnstreek.

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen