Mottekasteel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Reconstructie mottekasteel in Luneburg
Arundel Castle

Een mottekasteel is een hoogmiddeleeuws burchttype dat meestal in hout werd opgetrokken. Het hoofdkenmerk was dat het stond op een motte, een kunstmatig aangelegde aarden heuvel. Het mottekasteel zelf bestond veelal uit een torenvormig gebouw. Heden ten dage resteert vaak slechts de heuvel.

Benaming en verspreiding[bewerken]

In Vlaanderen is vooral de term motte courant, hoewel ook de termen mot, en motteken voorkomen. In Nederland komen naast deze termen meerdere andere voor, nl. werf, bergh, barch, borg, huus, casteel, die alle op een motteversterking betrekking kunnen hebben. In Friesland heten de motteheuvels hege wieren, terwijl ook de vliedbergen in Zeeland door archeologen als mottekasteel worden gezien.

Opbouw van een mottekasteel[bewerken]

De meest voorkomende verschijningsvorm van een mottekasteel bestond uit twee gedeelten, een hoofdburcht en een of meer voorburchten. Beide waren gebouwd op kunstmatige heuvels die meestal waren omgeven door een gracht en een houten omwalling die later vaak werd vervangen door een stenen muur. Op de hoogste motteheuvel (de opperhof) werd een donjon, een kasteel, een burcht of een ander verdedigingswerk aangelegd. De motteheuvel met zijn toren vertegenwoordigde het residentiële (adellijke) en militaire karakter van de plaats[1]. Verder bestond het mottekasteel uit een of meer lager gelegen voorburchten (de neerhof). Hier stonden de nutsgebouwen met soms een kapel of het eigenlijke woonhuis van de heer in het geval dat de donjon enkel als noodverblijf werd gebruikt. De neerhof vertegenwoordigde dan het dagelijkse leven. Een zeldzame variant van het mottekasteel is de abschnittsmotte waarbij de motteheuvel gecreëerd is door gedeeltelijke afgraving van een heuvelrug. Een andere zeldzame verschijningsvorm is de dubbelmotte waarbij op het terrein 2 opperhoven gelegen zijn. Een voorbeeld hiervan is Eriksvold op Lolland in Denemarken.

De afmetingen van de motteheuvel varieerde gemiddeld tussen 20 en 100 meter diameter; de hoogte kon tussen 3 en 20 meter bedragen. De aarde voor de heuvel werd dikwijls verkregen door het uitgraven van een gracht rond het bouwwerk.

De shell keep[bewerken]

Een speciaal type van motteversterking is de shell keep. Met deze, uit het Engels overgenomen term wordt in de castellologie verwezen naar mottekastelen waarbij de houten palissade die de heuvel bekroont, vervangen is door een stenen omheiningsmuur die de plateaurand van de heuvel volgt. De toren neemt hierbij geen centrale plaats in, maar is tegen de muur aan gebouwd. Indien van toepassing worden ook de nutsgebouwen verwerkt in deze stenen omheiningsmuur, waardoor een cirkelvormige binnenplaats ontstaat. Voorbeelden van dit type vinden we zowel in de Lage Landen (Leiden, Kessel), Groot-Brittannië (Restormel, Arundel) als in Frankrijk (Gisors).

Geschiedenis[bewerken]

Het tapijt van Bayeux

Deze versterkingsvorm wordt traditioneel een ontstaan toegedicht ergens aan het eind van de 10e eeuw, in de gebieden tussen de Rijn en de Loire. De oudste afbeelding van een mottekasteel vinden we op het 11e-eeuwse Tapijt van Bayeux. In de loop van de 11e en de 12e eeuw kent deze versterkingsvorm vervolgens een hoogtepunt en een grote verspreiding: tegen de 13e eeuw vinden we ze van Denemarken tot Italië en van de Atlantische kust tot Polen. Het succes van deze versterkingsvorm valt te verklaren door:

  • de relatief makkelijk te verkrijgen bouwmaterialen: hout en aarde zijn immers makkelijk verkrijgbaar, terwijl steen in deze periode duur is, en
  • de relatieve snelheid waarmee een motteheuvel opgeworpen en een mottekasteel gebouwd kon worden: de bouwtijd kon variëren van enkele dagen tot enkele weken.

Na de 13e eeuw neemt het mottekasteel in belang af door de opkomst van nieuwe versterkingsvormen en wordt ze in het landschap gaandeweg vervangen door stenen constructies. Toch komen ook later nog mottekastelen voor, maar het betreft hier dan vooral constructies met een symbolische functie (als statussymbool) en niet langer met een dominante militaire functie.

Functie[bewerken]

Er kunnen verschillende soorten mottekastelen worden onderscheiden naargelang hun doel: aanvalsmottes, verdedigingsmottes en mottekastelen met een residentiële functie. Vaak is een mottekasteel niet louter in één categorie onder te brengen, maar cumuleert ze meerdere van deze functies tegelijk. Wat de verdediging betreft onderscheiden we publieke functies (het verdedigen van een grondgebied, cfr. verdedigingsmottes), private functies (verdedigen van het huis van de heer, samenlopend met het residentiële aspect), actieve verdedigende functies (het veroveren en onderwerpen van een gebied) en passieve verdedigende functies (het beschermen van een gebied, cfr. de publieke functie). Naast dit defensieve aspect had het mottekasteel ook vaak een residentiële functie, als de residentie van een adellijke figuur. Verder had het mottekasteel ook een niet te onderschatten sociale functie als statussymbool, dat wil zeggen als symbool van de heerlijke macht. Het optrekken van een kasteel was immers niet iedereen gegund.

Nederland[bewerken]

Verschillende voormalige mottekastelen zijn geheel verdwenen uit het landschap, zoals in Rosmalen en Gouda. In Eijsden (Breust) is een kelder gevonden van een voormalige mottetoren[2].

Op diverse plaatsen zijn echter nog motteheuvels te zien in het Nederlandse landschap:

Nog zichtbare motteheuvels waarvan het kasteel verdwenen is[bewerken]

Vliedberg 't Hof Blaemskinderen
Hege wier bij Menaldum
Motte Struyver bij Ten Esschen (Heerlen)
Kasteel Limbricht
De Burcht van Leiden
Reconstructie Terra Maris, Oostkapelle

Drenthe[bewerken]

Overijssel[bewerken]

Motteheuvels komen in Twente een aantal maal voor in waterrijke en moerassige gebieden.

Gelderland[bewerken]

Motteheuvels komen in de Achterhoek veelvuldig voor.

Limburg[bewerken]

Noord-Brabant[bewerken]

Zuid-Holland[bewerken]

Zeeland[bewerken]

Ook in Zeeland komen motteheuvels voor, daar worden ze vliedbergen genoemd.

Friesland[bewerken]

In Friesland worden de motteheuvels stinswieren of Hege wieren genoemd.

Nog zichtbare motteheuvels waarop het kasteel (deels) nog aanwezig is[bewerken]

Drenthe[bewerken]

Limburg[bewerken]

Zuid-Holland[bewerken]

Reconstructie van een mottekasteel[bewerken]

Zeeland[bewerken]

België[bewerken]

Motte te Zoutleeuw (18 juni 2006)

Nog zichtbare motteheuvels waarvan het kasteel verdwenen is[bewerken]

Antwerpen[bewerken]

  • Poederlee, de Ouden Hofberg in het natuurgebied Den Haert.

Brabant[bewerken]

West-Vlaanderen[bewerken]

  • Merkem (Houthulst), de Hoge Motte, gelegen tussen de Noord- en Zuidwallandstraat. Deze motteheuvel werd tijdens de Eerste Wereldoorlog door de Duitsers als observatiepost gebruikt.
  • Werken (Kortemark), de Hogen Andjoen.
  • Kanegem, de hoeve Strichtensgoed staat op een oude motte.

Oost-Vlaanderen[bewerken]

  • In Ertvelde (Oost-Vlaanderen) bevindt zich een van de best bewaarde motteheuvels van Vlaanderen.
  • In Ressegem (Oost-Vlaanderen) bevindt zich achter de pastorij van Ressegem een zeer goed bewaarde motteheuvel met volledig intacte omwalling, die nu dienst doet als visvijver.
  • In Oudenaarde (Oost-Vlaanderen) bevindt zich het "Hof de Bruwaan" met zijn bewaarde motte.

Nog zichtbare motteheuvels waarop het kasteel (deels) nog aanwezig is[bewerken]

Limburg[bewerken]

  • Brustem, motteheuvel met ruïne van de burchttoren.
  • Kessenich, ruïnes van de mottetoren op de ca. 10 meter hoge kunstmatige heuvel, op de neerhof staat de huidige Sint-Martinuskerk.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • R.M. van Heeringen, A.G. Jong, M.J.G.Th. Montforts, A.W.P.M. Penders & C.A.M. van Rooijen, Monumenten van aarde. Beeldcatalogus van de Zeeuwse bergjes, Koudekerke 2007.
  • Horst Wolfgang Böhme: Der Hochmittelalterliche Burgenbau. Burgen vom 10. bis Mitte des 12. Jahrhunderts. In: Burgen in Mitteleuropa. Ein Handbuch. 2 Bände, Deutsche Burgenvereinigung (Hrsg.) Stuttgart 1999, Band 1 S. 54 - 77.

  1. M. Bur, Le château, Brepols, Turnhout, 1999, p. 23.
  2. http://www.volkskrant.nl/binnenland/article1155352.ece/Unieke_kasteelkelder_in_Eijsden_gevonden
  3. http://www2.historischcentrumoverijssel.nl/overijssel/leenrep/repertorium/lenen/39.htm Online versie]
  4. (nl) Thoben, Peter et al. ed., De canon van Eindhoven, Adr. Heinen, 's-Hertogenbosch, 2009, p. 36
Algemeen: Ecotoop · Landschap · Landschapselement · Nederlandse landschappen
Vlakvormig: Abschnittsmotte · Achterkade · Beekdal · Beemd · Begraafplaats · Bolle akker · Bos · Brink · Brinkdorp · Broek · Del · Dorp · Droogmakerij · Duin · Eiland · Eng · Enk · Es · Esdorp · Fort · Geriefbos · Gors · Griend · Haven · Heuvel · Houtkade · Inlaag · Karreveld · Kerkhof · Kolk · Kraag · Kreek · Kreekrug · Kromakker · Kwelder · Landgoed · Legakker · Lintdorp · Luchthaven · Maat · Made · Mede · Marke · Meer · Meerstal · Meetje · Meet · Moeras · Mijnsteenheuvel · Oeverwal · Pestbosje · Petgat · Pingoruïne · Plas · Poel · Polder · Raatakkers · Rak · Redoute · Rivier · Rivierstrand · Rustbosje · Schans · Schol · Schor · Slik · Sluis · Stad · Stelle · Stinswier · Strand · Strandwal · Strang · Stroomrug · Struweel · Stuwmeer · Stuwwal · Terril · Terp · Uiterwaard · Veenkoepel · Veenlens · Veenkolonie · Veenpolder · Veenplas · Veenterp · Ven · Vesting · Viskenij · Visvijver · Vliedberg · Vliegveld · Vloeiveld · Vloeiweide · Waai · Wad · Weel · Weide · Weiland · Wiel · Wierde · Zee
Lijnvormig: Aarden dam · Aquaduct · Autosnelweg · Autoweg · Bandijk · Barrage · Beek · Berceau · Berm · Boezem · Brandsloot · Dam · Diep · Dijk · Doodweg · Dromerdijk · Enkwal · Fietspad · Fietsstrook · Gracht · Grubbe · Haag · Haha · Heg · Holle weg · Houtkant · Houtsingel · Houtwal · Jaagpad · Kaai · Kade · Kanaal · Kerkpad · Krib · Laan · Landscheiding · Landgraaf · Landweer · Lijkweg · Maar · Molengang · Muraltmuur · Opvaart · Ossengang · Pad · Reeweg · Ringdijk · Ringvaart · Rivier · Schipsloot · Schipvaart · Schurveling · Singel · Singelgracht · Slaperdijk · Sloot · Snelweg · Spoorweg · Steenberg · Strandhoofd · Strekdam · Stuwdam · Tiendweg · Trambaan · Trekpad · Trekvaart · Trottoir · Tunnel · Turfvaart · Tuunwal · Uiterdijk · Vaart · Veenkade · Veendijk · Vlechtheg · Voetpad · Wakerdijk · Wal · Wandelpad · Weg · Wetering · Wieke · Wijk · Wierdijk · Wildwal · Zeedijk · Zwetsloot
Puntvormig: Banpaal · Bermmonument · Boe · Boerderij · Boerenkuil · Boô · Borg · Brug · Buitenplaats · Burcht · Coupure · Daliegat · Dobbe · Duiker · Eendenkooi · Galg · Gemaal · Grafheuvel · Grenspaal · Hagelkruis · Havezate · Hoeve · Hollestelle · Hoogholtje · Hunebed · Inlaat · Inundatiesluis · Kasteel · Kerkgebouw · Kwakel · Molen · Mottekasteel · Overlaat · Overweg · Pijp · Pomp · Ringwalburcht · Rolpaal · Schaapvolt · Stuw · Til · Turfput · Veenput · Verlaat · Viaduct · Vijver · Voorde · Waterpomp · Waterput · Watertoren