Tuindorp Oostzaan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tuindorp Oostzaan
Wijk van Amsterdam
Map - NL - Amsterdam - Stadsdeel Amsterdam-Noord - Buurt 65 Tuindorp Oostzaan.svg
Kerngegevens
Gemeente Amsterdam
Stadsdeel Noord
Oppervlakte 173 ha.  
Inwoners (2009) 10.330 (6256 inw/km²)
Overig
Postcode(s) 1033
Website [1]

Tuindorp Oostzaan is een wijk in Amsterdam-Noord in de Nederlandse provincie Noord-Holland. De Amsterdamse wijk is vernoemd naar het aangrenzende dorp Oostzaan en grenst aan de gemeentes Oostzaan en Zaanstad. De stadswijk maakt echter geen deel uit van het Zaanse dorp Oostzaan.[1]

Het ideaal van het tuindorp[bewerken]

Huizen met een tuintje in Tuindorp Oostzaan.

Tuindorp Oostzaan is een van de tuindorpen die tussen de Eerste en Tweede Wereldoorlog werden ontwikkeld in Amsterdam om een tegenwicht te bieden aan de verpauperde volksbuurten in de binnenstad. Bovendien wilde men de groeiende groep arbeiders van de nieuwe industrieën en scheepsbouw aan de noordoevers van het IJ dichtbij hun werk huisvesten, om te voorkomen dat een dure oeververbinding tussen de binnenstad en Amsterdam-Noord nodig zou worden. De tuindorpen in de Watergraafsmeer, Nieuwendam, Buiksloot, de Buiksloterham en bij Oostzaan zijn te danken aan de vooruitstrevende wethouders Floor Wibaut en Monne de Miranda, en de dadendrang van de directeur van de Gemeentelijke Woningdienst Amsterdam, Arie Keppler.

Semipermanent[bewerken]

Kraan op verlaten NDSM-werf in Amsterdam-Noord.

In 1918 waren vanwege de grote woningnood twee noodwooncomplexen neergezet in Amsterdam-Noord: Vogeldorp en Disteldorp. Samen waren ze goed voor 537 semipermanente arbeiderswoningen. Het jaar daarna kreeg de Gemeentelijke Woningdienst Amsterdam opdracht om nog eens 1.000 semipermanente woningen neer te zetten tussen Zaandam en Amsterdam, eveneens langs de noordelijke oever van het IJ. Dit gebied (het huidige Amsterdam-Noord) was toen niet meer dan een uitgestrekt poldergebied, dat door de gemeente was bestemd voor de vestiging van grootschalige industrie die veel havenfaciliteiten nodig had. Op sommige plekken had de gemeente zelf baggerstortplaatsen in gebruik, waar slib uit de Amsterdamse grachten en vaarten werd gedumpt.

Eind 19e, begin 20e eeuw waren er tal van nieuwe ondernemingen neergestreken. Dat waren vooral grote scheepswerven, zoals de Amsterdamse Droogdok Maatschappij (ADM), die steeds meer arbeiders nodig hadden. Daarmee bezorgden ze de gemeente een probleem. Om soepel werkverkeer tussen de stad en het noordelijke havengebied mogelijk te maken, moest er eigenlijk een vaste oeververbinding komen. Maar een hoge brug over het IJ waar alle grote zeeschepen onder konden passeren, zou veel te duur worden. Eenvoudiger en goedkoper was het om in de buurt van de bedrijven nieuwe woningen te bouwen voor de arbeiders. De gemeente Amsterdam liet haar oog vallen op een uitgestrekt voormalig baggerterrein, dat op het grondgebied lag van de gemeente Oostzaan. Uiteindelijk lukte het Amsterdam om dit terrein aan te kopen en een gemeentegrenscorrectie voor elkaar te krijgen. Hier verrees Tuindorp Oostzaan.

Stedenbouwkundig plan[bewerken]

Borstbeeld van Arie Keppler, die goedkeurend Tuindorp Oostzaan aanschouwt.

Het stedenbouwkundig plan is gemaakt door architect B.T. Boeyinga en J.H. Mulder jr. (1888-1960). Zij hebben ook Vogeldorp, Disteldorp, Tuindorp Nieuwendam en Floradorp ontworpen. De wijk is ontworpen in de stijl van de Amsterdamse School. In eerste instantie waren de arbeiderswoningen bedoeld als noodwoningen, die niet langer dan 35 jaar zouden blijven bestaan. De eerste woningen zijn daarom op betonplaten gebouwd en zijn geconstrueerd met een houtskelet.

Nederlandse Scheepsbouw Maatschappij[bewerken]

Noordelijke IJ-oever.

In 1919 startte de bouw van 1.000 woningen met rijksfinanciering dankzij de Noodwoningenwet uit 1917. De eerste bewoners kwamen in 1921. De rijksoverheid had met betrekking tot de eerste 1.000 woningen bepaald dat deze uitsluitend mochten worden verhuurd aan gezinnen met kinderen die uit Amsterdamse krotwoningen afkomstig waren. De arbeiders die door de omliggende industrieën, zoals de Amsterdamsche Droogdok Maatschappij (ADM), werden aangetrokken uit buurgemeenten zoals Buiksloot, Landsmeer, Nieuwendam, Oostzaan en Zaandam, of arbeiders zonder kinderrijk gezin, mochten zich er dus niet vestigen. In 1919 besloot de succesvolle Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij te verhuizen naar de noordkant van het IJ. Het gevolg was dat zich in beide richtingen toch een druk woon-werkverkeer ging ontwikkelen, vooral over het IJ met de veerponten. In 1924 was de arbeiderswijk ten noorden van de Meteorenweg compleet en bestond uit 1.324 woningen. Veel kostwinners uit de binnenstad die werkten op de scheepswerven zagen een verhuizing naar Amsterdam-Noord desondanks toch niet zitten. In Tuindorp Oostzaan kwamen daardoor veel arbeiders te wonen met een baan in de Amsterdamse binnenstad, en de drukte op de veerponten bleef, in beide richtingen.

Meteorenweg zuidzijde, gebouwd in de jaren '30 van de 20e eeuw.

Tien jaar later, van 1934 tot 1939, is Tuindorp Oostzaan uitgebreid in zuidelijke richting met 642 woningen. Dit gebeurde in opdracht van twee woningcorporaties, waaronder de sociaal-democratische Algemene Woningbouw Vereniging in het kader van het Algemeen Uitbreidingsplan uit 1934. Deze uitbreiding is ontworpen door Jakoba Mulder en Cornelis van Eesteren. Een deel van de bewoners was toch werkzaam bij de scheepswerven en droogdokken van de NSM, de ADM en de in 1920 opgerichte NDM.

Twee gedeelten[bewerken]

Duplexwoningen in Tuttifruttidorp.

Tuindorp Oostzaan bestaat twee gedeelten: een hoog gelegen en een laag gelegen deel. In de oude, lage wijk zijn straten vernoemd naar hemellichamen. Het nieuwere hogeland, ook wel bekend als "Terrasdorp", is gebouwd in de jaren vijftig. Terrasdorp is onderverdeeld in de fruitbuurt (in de volksmond "Tuttifruttidorp" genoemd) en de werfbuurt, die in de jaren tachtig werd gebouwd. Laatstgenoemde wijk ligt op een steenworp afstand van de oude werf waar vroeger de NDSM gevestigd was. De straten zijn dan ook vernoemd naar de ambachten die men op de werf bedreef.

De Bongerd[bewerken]

Op het hogere gedeelte van Tuindorp Oostzaan is aan het eind van het eerste decennium van de 21e eeuw ook nog de buurt De Bongerd gebouwd. Vele tientallen jaren heeft daar het volkstuinencomplex De Bongerd gelegen, waar vele bewoners van Tuindorp Oostzaan hun volkstuinen onderhielden en bewerkten, en in de zomer soms ook overnachtten.

Noodvliegveld[bewerken]

Tijdens de meidagen van 1940 heeft het Hogeland tijdelijk dienst gedaan als noodvliegveld, aangezien Schiphol gebombardeerd was en de overgebleven Fokker D-XXI een andere 'thuisbasis' nodig hadden. Het vliegveld was onbekend bij de Duitse inlichtingendienst, waardoor het gespaard is gebleven.[2] Na de bezetting door de Duitsers werd er Duits luchtafweergeschut opgesteld.

Zonnehuis[bewerken]

Het Zonnehuis op het Zonneplein, het hart van Tuindorp Oostzaan.

Tuindorp Oostzaan kent en kende een actief verenigingsleven. Het Zonnehuis, (gebouwd in 1932) op het Zonneplein speelde daarbij een belangrijke rol. Er zijn/waren voetbal-, atletiek-, toneel- en zangverenigingen en er waren verschillende harmonieën, waarvan er nu nog een actief is, en er werden ook bioscoopvoorstellingen gegeven

Gemeentewoningen privaat bezit[bewerken]

Spelende kinderen op straat.

De Gemeentelijke Woningdienst, die alle woningen in de oudste buurten van Tuindorp Oostzaan verhuurde en beheerde en ook in de decennia daarna veel nieuwbouw en renovaties voor haar rekening nam, werd in 1965 omgedoopt in Gemeentelijke Dienst Volkshuisvesting, waar de bouw en het beheer van de gemeentewoningen in handen kwam van het dienstonderdeel Gemeentelijk Woningbedrijf Amsterdam. Het Gemeentelijk Woningbedrijf werd in 1994 geprivatiseerd in de Stichting Het Woningbedrijf Amsterdam.

Huizen met een tuintje.

Het Woningbedrijf Amsterdam fuseerde in het eerste decennium van de 21e eeuw met woningcorporaties in Almere, Amsterdam, Haarlem en Haarlemmermeer tot de huidige Stichting Ymere, die haar woningen in Tuindorp Oostzaan tegenwoordig verhuurt als sociale-huurwoningen en soms als vrijesector huurwoningen. Een deel van de woningen is verkocht aan huurders en andere particulieren.

Tuindorpen waren de trots van de Gemeentelijke Woningdienst Amsterdam.
Overstromingen in Tuindorp Oostzaan in januari 1960.

Museumwoning Tuindorp Oostzaan[bewerken]

Aan de Meteorenweg 174 ligt een nog in oorspronkelijke staat zijnde woning uit 1922, die sinds 2002 is opengesteld voor het publiek.

Belangrijke gebeurtenissen[bewerken]

  • Bombardement in oktober 1940.
  • Een malaria-epidemie; in Tuindorp Oostzaan brak in 1946 een epidemie uit. 4.500 personen werden ziek, waaronder 1.000 kinderen.
  • Kadebreuk; in de ochtend van 14 januari 1960 stroomde het tuindorp onder als gevolg van het bezwijken door verzakking van de dijk ter hoogte van het Zijkanaal H. Dit kanaal staat in verbinding met het Noordzeekanaal. De overstroming die daarop volgde verdreef 15.000 inwoners uit hun huizen. De financiële afwikkeling van de schade zou tot 1971 duren.[3]

(Sport)Verenigingen[bewerken]

Opgeheven

Voormalig, inmiddels verhuisd

Bekende Tuindorpers[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  • Thuis in Amsterdam : verleden, heden en toekomst van Woningbedrijf Amsterdam, Pieter van Kesteren. Uitgeverij SUN, Nijmegen, 2001. ISBN 90 5875 171 6
  • Van Amsterdamse Huize, ontwikkeling en identiteit van het Woningbedrijf Amsterdam, Frank Smit, Woningbedrijf Amsterdam, 1993
  • De Droom van Howard, Frank Smit, Uitgeverij Elmar, Rijswijk, 1990
  • De tweede bloei van een tuindorp : de renovatie van Tuindorp Oostzaan 93, Karel Hubert, Woningbedrijf Amsterdam, 1996. ISBN 9080290114

Noten[bewerken]

  1. Tuindorp Oostzaan - Stadsdeel Noord. amsterdam.nl Geraadpleegd op 08-05-2014
  2. Meer informatie is te vinden op: http://www.stelling-amsterdam.nl/bunkers/luchtstrijdkrachten/buiksloot/.
  3. Jaarverslag AWV 2007, pagina 97