Charles Ruijs de Beerenbrouck

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Charles Ruijs de Beerenbrouck
Beerenbrouck.jpg
Naam Charles Joseph Marie Ruijs de Beerenbrouck
Geboren Roermond, 1 december 1873
Overleden Utrecht, 17 april 1936
Partij RKSP, RKSP
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Charles Joseph Marie Ruijs de Beerenbrouck (Roermond, 1 december 1873 - Utrecht, 17 april 1936) was een Nederlandse jonkheer en premier in de jaren 1918-1925 en van 1929-1933.

Hij was de zoon van jonkheer Gustave Ruijs de Beerenbrouck (1842-1926), minister van Justitie in het kabinet-Mackay (grondlegger van de arbeidsinspectie en de eerste sociale wet) en later gouverneur van Limburg (1918).

[bewerken] Politiek

Charles Ruijs de Beerenbrouck studeerde rechten in Leiden en promoveerde in 1895. Hij was daarna enige tijd advocaat.

Van 1901 tot 1905 werkte hij bij het Openbaar Ministerie en was gemeenteraadslid in Maastricht en later Tweede Kamerlid voor de Bond van rooms-katholieke Kiesverenigingen (later: Roomsch-Katholieke Staatspartij - RKSP).

In 1918 volgde hij zijn vader op als commissaris van de koningin in Limburg. Maar enige maanden later schoof formateur mgr. Nolens hem naar voren als minister-president van Nederland. De katholieken waren bij de eerste verkiezingen volgens het stelsel van evenredige vertegenwoordiging de grootste fractie geworden. Maar Nolens, een priester, als eerste minister was ondenkbaar, in de eerste plaats voor de koningin.

Ruijs de Beerenbrouck en zijn derde kabinet

Op 9 september 1918 ging het eerste kabinet-Ruijs de Beerenbrouck van start onder de tot dan toe jongste en eerste katholieke Nederlandse premier. Ruijs trad tevens op als minister van Binnenlandse Zaken. Twee nieuwe departementen werden opgericht: Onderwijs (De Visser, CHU) en Arbeid (Aalberse, RKSP).

De regering werd kort na aantreden - in 1918 - geconfronteerd met de revolutiedreiging (van onder anderen Troelstra) die echter spoedig overging. De regering slaagde erin om de door de Eerste Wereldoorlog ontstane economische crisis te bezweren.

In 1922 werd hij na de verkiezingen opnieuw premier (het tweede kabinet-Ruijs de Beerenbrouck). Nadat de door het kabinet ingediende Vlootwet werd afgewezen door de Tweede Kamer diende hij zijn ontslag in, hetgeen koningin Wilhelmina afwees. Na moeizame onderhandelingen binnen het kabinet kon hij verder regeren. De regering trad uiteindelijk in 1925 toch af. In datzelfde jaar werd hij voorzitter van de Tweede Kamer (tot 1929). In 1927 werd hij minister van Staat.

In 1929 vormde Ruijs zijn derde (en laatste) kabinet. Hij bekleedde naast het premierschap ook het ministerschap van Binnenlandse Zaken en korte tijd dat van Landbouw. Dit kabinet werd, toen de economische crisis als gevolg van de beurskrach van 1929 ook in Nederland duidelijk werd, vooral een crisiskabinet. Na zijn aftreden als premier in 1933 was hij tot zijn dood in 1936 opnieuw Kamervoorzitter. Hij was getrouwd met Jonkvrouw Maria Josephina Ernestina Alexandrina van der Heyden (19 augustus 1877 - 17 januari 1948 't Suideras, Vierakker)

[bewerken] Andere initiatieven

Ruijs de Beerenbrouck speelde ook een belangrijke rol in het katholieke verenigingsleven (men zou kunnen zeggen: binnen de katholieke zuil), waaronder al tijdens zijn studietijd als eerste voorzitter van de Leidse studentenvereniging Augustinus, en in de strijd tegen het alcoholisme. Ook is hij, in twee perioden, lid geweest van het curatorium van de R.K. Leergangen, namelijk van 1912 tot 1919 en van 1925 tot 1929.
In het begin van de 20e eeuw viel op het gebied van de openbare hygiëne, gezondheidsvoorlichting en -opvoeding en de verpleging van zieken veel te verbeteren. Op zijn initiatief werd in 1910 het Limburgse Groene Kruis opgericht.

[bewerken] Externe links

Voorganger:
G. Ruijs de Beerenbrouck
Gouverneur van Nederlands-Limburg
1918
Opvolger:
E.O.J.M. baron van Hövell tot Westerflier
Voorganger:
A.W.F. Idenburg
Minister van Koloniën a.i.
1918-1919
Opvolger:
S. de Graaff
Voorganger:
P.W.A. Cort van der Linden
Voorzitter van de Ministerraad
1918-1925
Opvolger:
H. Colijn
Voorganger:
P.W.A. Cort van der Linden
Minister van Binnenlandse Zaken
1918-1922
Opvolger:
D.J. de Geer
Voorganger:
W. Naudin ten Cate
Minister van Marine a.i.
1919
Opvolger:
H. Bijleveld
Voorganger:
G.A.A. Alting von Geusau
Minister van Oorlog a.i.
1920
Opvolger:
W.F. Pop
Voorganger:
H.A. van IJsselsteyn
Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel a.i.
1922
Opvolger:
P.J.M. Aalberse (Handel en Nijverheid)
Voorganger:
-
Minister van Binnenlandse Zaken en Landbouw
1922-1925
Opvolger:
D.J. de Geer
Voorganger:
D.A.P.N. Koolen
Voorzitter van de Tweede Kamer
1925-1929
Opvolger:
J.R.H. van Schaik
Voorganger:
J.B. Kan
Minister van Binnenlandse Zaken en Landbouw
1929-1932
Opvolger:
-
Voorganger:
D.J. de Geer
Voorzitter van de Ministerraad
1929-1933
Opvolger:
H. Colijn
Voorganger:
-
Minister van Binnenlandse Zaken
1932-1933
Opvolger:
J.A. de Wilde
Voorganger:
Frans Beelaerts van Blokland
Minister van Buitenlandse Zaken
1933
Opvolger:
A.C.D. de Graeff
Voorganger:
J.R.H. van Schaik
Voorzitter van de Tweede Kamer
1933-1936
Opvolger:
P.J.M. Aalberse
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen