Station Tilburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
    Tilburg   
aanzicht vanaf de Spoorlaan, 2013, kort voor de renovatie
aanzicht vanaf de Spoorlaan, 2013, kort voor de renovatie
Plaats Tilburg
Afkorting Tb
Opening 5 oktober 1863 (oorspronkelijk station)
1965 (huidig station)
Perrons 1 eilandperron (noordzijde) en 1 zijperron (zuidzijde)
Perronsporen 3 (Sporenschema)
Perrontoegang via poortjes
Spoorlijn(en) Breda - Eindhoven (Staatslijn E)
Tilburg - Nijmegen
Tilburg - Turnhout (Bels lijntje, opgebroken)
Vervoerders
- Treinvervoerder NS
- Busvervoerder Arriva & De Lijn
Reizigers 34.503 (2018)[1] per dag
Coördinaten 51° 34′ NB, 5° 5′ OL
Externe link  NS-stationsinformatie
Station Tilburg (Nederlands spoorwegstation)
Station Tilburg
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer
De wasknijper, de klokkentoren van het station in 2013, kort voor het begin van de verbouwing. Rechts van de toren, achter de rood-witte paaltjes, is de oprit naar de autoslaaptreinen en het hooggelegen parkeerdek voor langparkeren te zien. Geheel links loopt de Spoorlaan; de geparkeerde auto's staan langs de voorrijstrook die inmiddels verdwenen is, evenals de fietsenstalling.

Station Tilburg is het centrale treinstation en busstation van Tilburg. Evenals het stadscentrum rond de Heuvel ligt het ver aan de oostkant van de stad, terwijl het kleine Station Tilburg Universiteit (voorheen Tilburg West) door stadsuitbreidingen vrij centraal is komen te liggen. Nog westelijker ligt Tilburg Reeshof; de drie stations liggen op de lijn Breda – Tilburg – Eindhoven; door een aftakking bij Berkel-Enschot is ook 's-Hertogenbosch rechtstreeks bereikbaar.

Het eerste stationsgebouw van Tilburg, van het standaardtype 3, werd geopend op 5 oktober 1863 en markeerde toen het eindpunt van de spoorlijn BredaTilburg (staatslijn E). Dit gebouw werd in 1961 afgebroken, omdat het door de aanleg van het hoogspoor niet meer voldeed.

Het huidige gebouw, een ontwerp van Koen van der Gaast in wederopbouwstijl, werd voltooid in 1965 en geniet internationale bekendheid vanwege de vormgeving en de bijzondere oplossingen voor het krappe perceel waarop gebouwd werd.[2] Het wordt van 2013 tot 2025 grootschalig vernieuwd.

Architectuur[bewerken | brontekst bewerken]

Het huidige stationsgebouw, naar een ontwerp van Koen van der Gaast, kwam gereed in 1965, vier jaar na de afbraak van het oude. Het wordt gezien als een hoogtepunt in het oeuvre van deze stationsarchitect en is sinds 2016 een rijksmonument, met monumentnummer 532141.[3][4] Het bestaat voornamelijk uit een hoge, opmerkelijk vormgegeven overkapping van hypparschalen die zwevend aan stalen dragers hangt, wat bekendstaat als 'het kroepoekdak'. Perrons, dienstruimtes, restauratie en andere faciliteiten liggen in blokken onder dat dak, zonder er contact mee te maken, overeenkomstig de ontwerpfilosofie van Van der Gaast, die een station beschouwde als een overkoepeling voor sociale en logistieke functies. Er was nog een andere bijzonderheid die destijds de aandacht trok: na Station Amersfoort Centraal was dit het tweede Nederlandse station dat roltrappen kreeg.[2]

Van der Gaast moest woekeren met de ruimte vanwege het talud van het nieuwe hoogspoor en de uitbreiding van de Spoorlaan tot 2×2 rijstroken, door de gemeente aangeduid als oostwestboulevard, De oplossing vond hij door enkel de stationshal en de traverse naar de sporen op de begane grond te plaatsen. Dienstruimtes, toiletten en het restaurant kwamen gelijk met de hooggelegen perrons te liggen, in blokken die haaks op de richting van het spoor en de Spoorlaan staan. Het restaurant vormde een overkapping voor het westelijk deel van het stationsplein, zodat de onderdoorgang naar het busstation gemarkeerd wordt door de schuin staande pylonen die het dak dragen. Door de zuinige omgang met het beschikbare oppervlak bleef er tussen station en Spoorlaan zelfs ruimte over voor een voorrijstrook voor afhalende auto's en taxi's.

Ten oosten van het station kwam aan de Spoorlaan een parkeerterrein. Daarachter en deels daarboven, op gelijke hoogte met de perrons, kwam een parkeerdek voor langparkeerders, waarvan de hellingbaan gemarkeerd werd door de vrijstaande klokkentoren, die vanwege de kleur en vlakverdeling bekendstaat als de wasknijper. Dit parkeerdek diende tevens als perron voor autoslaaptreinen.

Ligging en inpassing[bewerken | brontekst bewerken]

Het eerste, neoclassicistische station werd in de 19e eeuw aangelegd ten noordwesten van de stedelijke kern; noordelijker lagen nog wel herdgangen, deels verbonden door lintbebouwing. Dit eerste station moest in 1961 wijken om het hoogspoor te kunnen aanleggen, dat in 1962 gereedkwam. Het nieuwe station staat op de plaats van het oude.

Aan de noordkant van het Tilburgse station lag een groot open gebied, waarop vanaf 1866 het gebouwencomplex van 'De Ateliers' van de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen gevestigd werd. De vestigingsplaats van de Ateliers werd bepaald door de ligging aan staatslijn E, de eerste van de staatslijnen. De Ateliers ontwikkelden zich afgeschermd van de stad tot de Hoofdwerkplaats Tilburg van de NS. Het terrein, dat wel 'de verboden stad' genoemd werd, is begin 21e eeuw vrijgekomen en staat sindsdien algemeen bekend als de Spoorzone.

Sinds de bouw van het eerste station heeft Tilburg zich naar het noorden en zuiden uitgebreid, waarbij het nieuwe gebouw min of meer op de noord-zuidas van de stad kwam te liggen. Vooral is de stad echter naar het westen gegroeid, door de aanleg van de Reeshof vanaf de jaren tachtig. Daardoor kwam het station aan de oostkant te liggen: de oostgrens van de aaneengesloten bebouwing, bepaald door het Wilhelminakanaal, ligt hemelsbreed op ruim anderhalve kilometer afstand, de westgrens van de Reeshof op acht kilometer.

Stedenbouw[bewerken | brontekst bewerken]

De renovatie van Station Tilburg in het begin van de 21e eeuw vindt plaats in het kader van grote stedenbouwkundige ingrepen in het centrum van Tilburg. Die werden noodzakelijk geacht om de effecten van twee hindernissen in de stad te neutraliseren: door de aanleg van het hoogspoor in de jaren vijftig en de ligging van de Hoofdwerkplaats Tilburg ten noorden van het station werd de stad in tweeën gedeeld.

Door het centrum van de stad liep in oost-westrichting een wal van meer dan een kilometer lang zonder noord-zuidverbinding voor wegverkeer. Ook was een stationspassage naar de noordkant van de stad onmogelijk. Ten noorden van het spoor ontstonden woonwijken, terwijl de zuidzijde zich ontwikkelde met stedelijke commerciële en sociale functies: kantoren aan de Spoorlaan, het winkelgebied rond de Heuvelstraat en het uitgaansgebied rond de Heuvel en het Piusplein. Deze functies kregen ruimtenood, terwijl het gebied aan de noordzijde, dat op enkele tientallen meters afstand lag, zich niet ontwikkelde.

Vooruitlopend op het onvermijdelijke vertrek van de NS-werkplaats werd al vanaf de jaren zeventig het Structuurplan Spoorzone ontwikkeld om de tweedeling van de stad aan te pakken. Dit heeft geleid tot de huidige Spoorzone, waarin vooral aan de noordzijde kantoren, horeca en sociale en culturele instellingen ontwikkeld worden. In dit kader passen de twee nieuwe noord-zuidverbindingen voor langzaam verkeer: tussen de Spoorlaan en de Burgemeester Brokxlaan lopen de stationspassage voor voetgangers en de Willem II-passage, die enkele honderden meters oostelijker ligt en vooral een fietsroute is.

De Spoorlaan aan de zuidzijde verliest een deel van zijn traditionele functie van toevoersader voor het autoverkeer naar het station. Passend bij de omzetting van de Cityring Tilburg naar kloksgewijs eenrichtingsverkeer is de Spoorlaan teruggebracht van 2×2 rijstroken naar 2 stroken, zonder gelegenheid voor automobilisten om treinreizigers op te pikken; deze functie is overgegaan naar de Burgemeester Brokxlaan aan de noordkant van het station.

Het busstation aan de Spoorlaan is volledig nieuw ontworpen en gebouwd en heeft naar het westen een busbaan om niet gehinderd te worden door het eenrichtingsverkeer op de Cityring. Tot de heropening op 10 maart 2019 was er gedurende enkele jaren een provisorisch busstation aan de noordzijde van het station.

Renovatie[bewerken | brontekst bewerken]

Het station en de omgeving worden grootschalig vernieuwd: het totale project duurt van 2013 tot 2025 en omvat een strook van ruim een kilometer lang, met breedtes rond de driehonderd meter, lopend vanaf het NS-plein tot de Gasthuisring. Het volgt op de realisatie van de Spoorzone op het gebied van de vroegere Hoofdwerkplaats Tilburg en is daar deels een uitvloeisel van. Het project omvat de opening van het station naar het Stekelenburgplein en de Brokxlaan aan de noordzijde en de herverdeling van stedelijke functies naar die noordzijde. Ook de verkeersstroom en de parkeerplaatsen verhuizen naar de noordkant. Het adres van het station, voorheen Spoorlaan 35, is veranderd in Stationspassage 9.

Het station zelf en het voorterrein aan de Spoorlaan worden volledig opnieuw ingedeeld. Het geheel krijgt groot onderhoud, met name aan het beeldbepalende dak. Het busstation aan de zuidwestzijde werd volledig vervangen door een half overdekt station, zodat er voor enkele jaren een tijdelijk busstation aan de noordzijde moest worden ingericht. De parkeerterreinen aan de zuidoostzijde, die hun functie verloren hadden, worden opnieuw ingericht.

Fase 1[bewerken | brontekst bewerken]

Station Tilburg wordt van begin 2013 tot maart 2019 vernieuwd en voorzien van een tweede entree aan de noordzijde. Daardoor kon er een brede passage door het station gemaakt worden, ter vervanging van de smalle traverse vanaf de Spoorlaan, die ophoudt bij het eilandperron aan de noordzijde en nu als dienstgang gebruikt wordt. In oktober 2014 werd daartoe een 6,6 miljoen kilo wegende tunnel onder het station geschoven.[5] Deze brede tunnel herbergt niet alleen de eigenlijke passage, maar ook de perronhal aan de oostkant en de commerciële ruimtes aan de westkant, die NS Stations Retailbedrijf beschikbaar stelt voor horeca en winkels. Hier zijn onder andere AH to go en Bruna gevestigd.

De vloer van de nieuwe passage onder de sporen ligt anderhalve meter lager dan de oude, die op straatniveau ligt en vanwege het lage dak als benauwd werd ervaren. De stationshal, met grote ramen in de lange kant, die naar de Spoorlaan gekeerd is, ligt tussen beide passages in. Tegenover de ramen, waar voorheen de loketten waren, liggen nu commerciële ruimtes. Evenals voorheen heeft de hal aan beide einden uitgangen naar het stationsplein, maar aan de oostkant moet men nu een trap van anderhalve af vanwege de verlaging van het plein bij de nieuwe passage, die de Spoorlaan verbindt met de noordkant van de stad, in het bijzonder met het nieuwe stationsplein (Johan Stekelenburgplein) en de Burgemeester Brokxlaan.[6]

Fietsenstallingen[bewerken | brontekst bewerken]

Onder het station lag een fietsparkeerkelder, die opviel door de krap bemeten en dus steile en smalle helling. Op deze plaats is de nieuwe stationspassage gekomen, zodat er voor enkele jaren drie tijdelijke fietsenstallingen kwamen. Aan de centrumzijde kwamen er twee: een onbetaalde en een betaalde. De eerste was onoverdekt en onbewaakt en werd gerealiseerd op het oostelijke deel van het perron langs Spoor 1, het gedeelte dat oorspronkelijk bedoeld was voor langparkeerders en voor toegang tot de autoslaaptrein. De al aanwezige hellingbaan werd door aanleg van trappen geschikt gemaakt voor het lopen met een fiets aan de hand. Een tweede, bewaakte, betaalde en overdekte stalling lag iets verder van het station, in een loods die aan de Spoorlaan gebouwd werd op het voormalige parkeerterrein. Een deel van dat terrein was al jaren in gebruik als gratis fietsenstalling, maar deze is volledig ontruimd. Een derde stalling kwam er aan de noordzijde van het station, op het Stekelenburgplein, waar een gedeelte afgezet werd met hekken en voorzien van fietsklemmen. Dit terrein was aanvankelijk onbewaakt, maar mede omdat het voortdurend overvol was, kwam er in 2019 toezicht. Er waren 4 600 gratis fietsenklemmen; na de verbouwing is dit aantal verhoogd tot 4 700.

Begin 2013 besloot het college van burgemeester en wethouders om het zogenoemde ruimgebied voor fietsen uit te breiden. Verkeerd gestalde fietsen kunnen worden geruimd bij dit station, met voorafgaand een waarschuwingskaartje aan de fiets.

Dak[bewerken | brontekst bewerken]

Een belangrijk en tijdrovend onderdeel van de renovatie was het groot onderhoud aan het dak. Vanwege de moeilijke vorm was onderhoud en schoonmaak lastig en waren de doorlopende daklichten al vele jaren vrijwel ondoorzichtig: veel Tilburgers wisten niet anders. Met anderhalf jaar groot onderhoud is de door de architect gewenste transparantie hersteld en is de vlakverdeling van het dak weer helder.[7] Vanaf 2023 zijn verdere werkzaamheden gepland.

Fase 2[bewerken | brontekst bewerken]

Hoewel de verbouwing een continu proces is, kwam de verbouwing in de eerste helft van 2019 in rustiger vaarwater. De renovatie van het stationsgebied richtte zich vooral op de omgeving van het station: de bouw van twee grote fietsenstallingen en de afwerking van de entree vanaf de Spoorlaan. Dit duurt tot eind 2021, daarna wordt het versleten Perron 1 van een nieuwe toplaag voorzien. Ook wordt Perron 4 ingericht, waarvan het casco is gebouwd bij de aanleg van het Stekelenburgplein. Eind 2023 of in het volgende jaar wordt de dakbedekking van het station vernieuwd, wat minstens tot tot 2025 duurt.[8]

OV-chipkaart[bewerken | brontekst bewerken]

De perrons zijn bereikbaar via een rij OVC-poortjes aan de oostzijde van de nieuw aangelegde stationspassage. Door deze opstelling blijft de stedelijke noord-zuidverbinding vrij voor wandelaars zolang het station open is. Poortjes zijn eveneens geplaatst bij de toegang vanaf de fietsenstalling die ten oosten van het station is ingericht op het vroegere parkeerdek voor langparkeerders.

Verbindingen[bewerken | brontekst bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie voor trein- en busverbindingen vanaf station Tilburg het artikel Openbaar vervoer in Tilburg

In Tilburg stoppen treinen in de richting Eindhoven, 's-Hertogenbosch en Breda. Het busstation vormt een knooppunt voor regionaal en stedelijk vervoer, dat vanaf december 2014 door Arriva verzorgd wordt. De Belgische vervoerder De Lijn rijdt streekbus 450 richting Station Turnhout.

Treinseries die stoppen in Tilburg tijdens de dienstregeling 2020:

Serie Treinsoort Route Bijzonderheden
1100 Intercity Den Haag CentraalDen Haag HSDelftRotterdam CentraalBredaTilburgEindhoven Centraal Stopt niet in Schiedam Centrum en Rotterdam Blaak; via HSL.
1900 Intercity DordrechtBredaTilburgEindhoven Centraal Rijdt in beide richtingen 4× per dag
3600 Intercity RoosendaalBredaTilburg's-HertogenboschNijmegenArnhem CentraalZutphenDeventerZwolle
5200 Sprinter Tilburg UniversiteitTilburgBoxtelEindhoven Centraal Gekoppeld in Eindhoven aan serie 6400 naar Weert.
6600 Sprinter DordrechtBredaTilburg's-HertogenboschNijmegenArnhem Centraal Rijdt niet ’s avonds tussen Nijmegen en Arnhem Centraal. Rijdt op zondag overdag 1x per uur tussen 's-Hertogenbosch en Arnhem Centraal
21400 Intercity Eindhoven CentraalUtrecht Centraal; Rotterdam CentraalTilburgEindhoven Centraal Nachtnet. Rijdt alleen in de nachten volgend op vrijdag en zaterdag.

Herdenking[bewerken | brontekst bewerken]

Voor de personeelsleden van het station die gesneuveld zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog hangt er zowel in de stationshal als in de voormalige hoofdwerkplaats een plaquette met zes namen voor het gevallen spoorwegpersoneel.

Fotogalerij[bewerken | brontekst bewerken]

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Tilburg train station van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.