Humor

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Humor is het vermogen om iets wat grappig, amusant of geestig is aan te voelen, te waarderen of tot uitdrukking te brengen. Humor kan ook een aanduiding zijn van de expressie van iets komisch of grappigs in woord, daad of geschrift.[1]

Er bestaan meerdere vormen van humor. Grappen zijn verhalen of vooropgezette situaties met een bedoelde humoristische of geestige strekking.

Etymologie[bewerken]

De term humor is, evenals als het woord humeur, afgeleid van het Griekse woord voor vocht of sap (χυμός). De oude Grieken meenden namelijk dat de lichaamssappen het menselijk temperament of stemming regelden.

Werking[bewerken]

Humor kan gezien worden als een eigenschap van het menselijk denken en menselijke emoties. Gevoel voor humor heeft betrekking op het kunnen begrijpen, aanvoelen of zelf bedenken van een bepaalde humoristische boodschap of grap. De werking van humor is gebaseerd op een zogenaamde dubbele binding: enerzijds creëert men een sterke associatie met het onderwerp van de humor in kwestie, zodat verteller en publiek deel uitmaken van het onderwerp of het ernstig nemen. Anderzijds wordt het zodanig gerelativeerd dat verteller en publiek afstand nemen van het onderwerp, er als het ware buiten gaan staan en het dus niét (langer) ernstig nemen. De dubbele binding die hierdoor in de hersenen ontstaat, leidt doorgaans tot lachen, al dan niet met tranen.

Onderzoek naar de relatie humor en hersenfuncties suggereert dat vooral de mediaal prefrontale cortex actief is als mensen naar gesproken grappen luisteren.[2] Dit deel van de hersenen is ook actief bij beloning, en is vermoedelijk vooral betrokken bij het verwerken van de affectieve component van humor. Daarnaast blijken ook de taalgebieden in de temporale kwab actief. Dit deel van de hersenen lijkt vooral verbonden te zijn met de cognitieve kant van humor: dat wil zeggen het begrijpen van de betekenis van taalkundige grappen.

Ook in mensapen kan de lach worden waargenomen, al zijn de wetenschappers het er nog steeds niet over eens of deze hominidae over een zodanig vermogen tot (zelf)bespiegeling beschikken, dat het een vergelijkbaar gevoel voor humor oplevert.

Gezichtsuitdrukking[bewerken]

Humor roept bij de mens een bepaalde gelaatsuitdrukking op. Die uitdrukking varieert van een voorzichtige glimlach waarbij alleen de mondhoeken omhooggetrokken worden tot vervormingen van het gezicht waarbij vrijwel alle spieren in het gezicht een rol spelen. Vooral het gebruik van spieren rond de ogen zijn belangrijk: dankzij de uitdrukking rond de ogen is vaak het onderscheid op te merken tussen een echte, welgemeende (glim)lach, die plezier aanduidt, en een die alleen voor de vorm wordt gedaan, zoals wanneer een foto wordt genomen.

Humor als fenomeen[bewerken]

Slapstick als vorm van humor: Stan Laurel en Oliver Hardy in "Utopia" ("Atoll K.") (1950).

Humor is een zeer subjectief fenomeen. Wat één iemand hilarisch vindt, is voor een andere flauw, ongepast of onbegrijpelijk. Individuele verschillen spelen een belangrijke rol, zoals verschillen in cultuur, leeftijd, opleidingsniveau, leefsituatie, levenservaringen, geslacht, uiterlijk, karakter en intelligentie, alhoewel ook hier geen algemene lijn kan worden getrokken. Zo houden kinderen bijvoorbeeld van slapstick, een eenvoudige en grove vorm van humor, terwijl volwassenen juist satire beter zullen waarderen, maar zijn er ook veel volwassenen die met slapstick kunnen lachen en kinderen die een satirische voorstelling van iets of iemand waar ze mee vertrouwd zijn ook als humoristisch kunnen ervaren.

Sommige vormen van humor, meestal rond taboes of gevoelige thema's, worden niet door iedereen amusant gevonden. Soms is dit louter een kwestie van een slecht gekozen moment en/of de smaak en ethische grenzen van het publiek. Bepaalde komieken en moppentappers kunnen de intentie hebben om deze gespreksonderwerpen bespreekbaarder te maken en spanningen weg te nemen. Andere willen dan weer vooral hun publiek choqueren of kwaad maken. Gezien de reactie van het publiek onvoorspelbaar is, zijn zwarte humor of beledigende grappen zeer riskant.

Aanleidingen voor (elementen van) humor[bewerken]

Humor kan in de volgende situaties optreden:

  • Plotselinge opluchting of vermindering van spanning.
  • Bij een onverwachte (of verrassende) wending of een onverwacht antwoord op een bepaalde vraag of een ontknoping.
  • Bij sterke incongruentie, dit wil zeggen: als twee gedachten of zaken op een lijn worden geplaatst, die qua betekenis of emotionele inhoud sterk van elkaar verschillen. Dit aspect komen we bijvoorbeeld bij een woordspeling tegen. Onverwachtheid en incongruentie zijn ook door de Frans filosoof Henri Bergson als kernelementen van humor benadrukt. Zie ook de discussie op een meer theoretisch vlak tussen John Morreall en Robert Latta over dit laatste aspect.[3][4]
  • Als vorm van leedvermaak, dit wil zeggen als anderen fouten maken, zich dom of onhandig gedragen of pech hebben. Het voorbeeld van de clown sluit hierbij aan. Ook de Belgen- en Nederlandermop kunnen gezien worden als een variant hierop. Een overheersend element van veel grappen is, dat er een slachtoffer in voorkomt. Dit kan een personage in de grap zijn, zoals iemand die over een bananenschil uitglijdt, maar ook de verteller, een "typetje", uitgebeeld door een cabaretier en de clown en in laatste instantie kan degene die de grap ondergaat het slachtoffer zijn, zoals in de zogenaamde "practical joke".

Soorten en stijlen[bewerken]

"Uitgang voor lastige klanten", en daaronder twee handen die uit het water steken. Een vorm van humor.
Vervoersmaatschappij De Lijn promoot het openbaar vervoer met een auto op een bus.
De schepping van Jimbo Wales

Verbale humor[bewerken]

Non-verbale humor[bewerken]

Humor die zowel verbaal als non-verbaal kan zijn[bewerken]

Landsgebonden humor[bewerken]

Met "Britse humor" wordt een vorm van humor aangeduid die typisch wordt geacht voor het Britse volk en vaak te zien is in Britse komische films en series. Over het algemeen worden zelfspot, ironie, sarcasme, droge humor, zwarte humor, verbale humor, absurdisme, excentrieke personages, hyperbolen en anti-establishment-humor als typisch voor Britse humor gezien. Vaak aangehaalde voorbeelden hiervan zijn programma's als Monty Python's Flying Circus, Fawlty Towers, Blackadder, Absolutely Fabulous en The Office. Desondanks bestaat er ook veel Britse comedy die meer gestoeld is op onderbroekenlol, non-verbale humor, slapstick en seksuele insinuaties en dubbelzinnigheden, zoals Benny Hill, Carry On, Mr. Bean, 'Allo 'Allo en Are You Being Served?.

In veel Amerikaanse komedies wordt gebruikgemaakt van humor waar in sommige kringen op wordt neergekeken: slapstick, visuele humor, onderbroekenlol, poep-en-pieshumor, sekshumor, overdreven gezichtsexpressies, karikaturale en stereotiepe typetjes, grappen waarbij een personage iets beweert en dan een seconde later juist het tegenovergestelde doet van wat hij gezegd had, parodie, grappige situaties die teren op de aanwezigheid van een bekende Hollywood-ster, tekenfilmachtige grappen, ... Amerikaanse humor is doorgaans ook sentimenteler, met grappen die niet al te veel mensen kwetsen, sympathieke personages, een veilige, gezellige sfeer en af en toe ook ernstige, gevoelige momenten. Voorbeelden van deze vorm van Amerikaanse humor zijn I Love Lucy, Happy Days, Will & Grace, Family Matters, The Naked Gun, Dude, Where's My Car?, Home Alone, Jim Carrey, Meet the Parents, Scary Movie ... Twee andere aspecten die mee hebben gezorgd voor de pejoratieve bijklank van "Amerikaanse humor" is de lachband, die in veel Amerikaanse sitcoms erg nadrukkelijk aanwezig is, en het feit dat Amerikaanse sitcoms en filmkomedies meestal zo lang mogelijk worden voortgezet in sequels en nieuwe seizoenen, wat in beide gevallen de kwaliteit niet altijd ten goede komt.

Ironie, sarcasme, satire, zwarte humor, woordspelingen en zelfspot zijn in de VS niet zo populair, al bestaan er ook uitzonderingen, zoals The Simpsons, Looney Tunes, Married With Children, The Daily Show, Woody Allen en All in the Family. De VS is ook de bakermat van de stand-upcomedy, die doorheen de jaren ook veel komieken heeft voortgebracht die gebruik maken van gewaagdere humor, zoals Bob Hope, Lenny Bruce, George Carlin, Eddie Murphy, Bill Hicks, Richard Pryor ... Ook zijn er sinds de jaren 2000 méér Amerikaanse sitcoms die zonder lachband of studiopubliek worden opgenomen, zoals Malcolm in the Middle en de Amerikaanse versie van The Office. En men mag ook niet uit het oog verliezen dat veel Amerikaanse en Britse humor vanwege de woordspelingen en verwijzingen naar de cultuur uit deze landen voor niet-Engelstaligen niet altijd volledig begrijpbaar zijn.

In de media[bewerken]

Literatuur[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie komische literatuur voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Ook in de literatuur wordt gebruikgemaakt van humor, soms als doel op zich, maar meestal als stijlmidddel om bijvoorbeeld de spanning wat te ontladen of sympathie voor een personage op te wekken. Geestigheid hoort net als intelligentie bij de persoonlijkheid van de schrijver, waardoor het ook in de producten van die schrijver zichtbaar zal worden. Het is dus best mogelijk dat die schrijver zich niet echt bewust is van zijn 'geestigheid'. Willem Elsschot die met Lijmen een van de geestigste boeken uit de Nederlandse literatuur schreef, beschouwde zichzelf geenszins als humoristisch. Andere bekende humoristische auteurs zijn Rudolf Erich Raspe, Miguel de Cervantes, Molière, Voltaire, Charles Dickens, Oscar Wilde, Jerome K. Jerome, Godfried Bomans, P.G. Wodehouse, Herman Brusselmans, Simon Carmiggelt, Douglas Adams, Sue Townsend, Roald Dahl, Mark Twain, James Thurber ...

Er bestaat ook een groot aantal humoristische strips, waaronder Asterix, Kuifje, Suske en Wiske, De familie Snoek, Piet Fluwijn, De Lustige Kapoentjes, De familie Doorzon, Guust Flater, The Katzenjammer Kids, Kwik en Flupke, Donald Duck, De Generaal, Agent 327, Peanuts, Krazy Kat, Fritz the Cat, Popeye, Nero, De Kiekeboes, Lucky Luke, De Smurfen, Piet Pienter en Bert Bibber, Tom Poes, Billie Turf, Garfield, Hägar de Verschrikkelijke, Iznogoedh, Paling en Ko, Cowboy Henk, Kabouter Wesley, Dirkjan.

Muziek[bewerken]

Humoristische liedjes kunnen noveltynummers zijn die een grappig verhaaltje vertellen, zoals het fenomeen van de carnavalskrakers. Ze kunnen ook een parodie zijn op een bestaand liedje of satirische maatschappijkritiek leveren. Sammy Davis Jr. voerde tijdens zijn concerten vaak grappige imitaties of sketches op. Veel cabaretiers en komieken hebben komische nummers opgenomen die meestal dankzij hun naambekendheid grote hits werden. Bekende komische muzikale artiesten zijn William S. Gilbert & Arthur Sullivan, Erik Satie, Louis Armstrong, Maurice Chevalier, Gracie Fields, George Formby, Frans Lamoen, Spike Jones, Harpo Marx, Chico Marx, Stan Freberg, Victor Borge, The Beatles, The Coasters, De Strangers, Bourvil, Henri Salvador, Drs. P, Frank Zappa, The Fugs, The Bonzo Dog Band, Neil Innes, André van Duin, Randy Newman, Tom Lehrer, 10cc, Napoleon XIV, Sjef van Oekel, Robert Long, Vuile Mong en zijn Vieze Gasten, Urbanus, The Residents, Les Charlots, George Clinton, Monty Python, Kamagurka, Spinal Tap, The Rutles, Ray Ventura, Annie Cordy, Normaal, De Gantwerp Rappers, Van Kooten en de Bie, Madness, "Weird Al" Yankovic, De Kommeniste, De Nieuwe Snaar,Katastroof, Osdorp Posse, Psychostick, Belgian Asociality, Paul de Leeuw, Ome Henk, De Heideroosjes, The Bloodhound Gang, Hans Teeuwen, de Clement Peerens Explosition, Richard Cheese, Liam Lynch, The Barron Knights, Eminem, ...

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Webster's New World Dictionary of the American Language. Second College Edition, Simon and Schuster, 1982
  2. Vinod Goel & Raymond J. Dolan. The functional anatomy of humor: segregating cognitive and affective components. Nature Neuroscience, 4, 3, 237-238
  3. Robert L. Latta (1999) The Basic Humor Process: A Cognitive-Shift Theory and the Case against Incongruity, Walter de Gruyter, ISBN 3110161036 (Humor Research no. 5)
  4. John Morreall (1983) Taking Laughter Seriously, Suny Press, ISBN 0873956427