Sint-Janskathedraal ('s-Hertogenbosch)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kathedrale Basiliek van Sint-Jan Evangelist
De zuidzijde
De zuidzijde
Plaats 's-Hertogenbosch
Gebouwd in 1220 tot 1530
Monumentnummer  21879
Architectuur
Stijlperiode Brabantse gotiek
Toren 73 m hoog (westtoren)
Interieur
Altaar Gesneden altaar uit ca. 1500, vervaardigd in Antwerpen
Zitplaatsen 1.500
Portaal  Portaalicoon   Christendom
Het koor
Enkele van de 96 luchtboogfiguren

De Sint-Janskathedraal (voluit: de Kathedrale Basiliek van Sint-Jan Evangelist) in de binnenstad van 's-Hertogenbosch wordt veelal beschouwd als het hoogtepunt van de Brabantse gotiek. De Sint-Jan staat op de hoek van de Parade en de Torenstraat waaraan zich de hoofdingang bevindt. De kathedraal imponeert door zijn omvang en enorme rijkdom aan beeldhouwwerk. Uniek in Nederland zijn de dubbele luchtbogen en uniek in de wereld zijn de 96 luchtboogfiguren. De kathedraal werd oorspronkelijk als parochiekerk gebouwd en werd in 1366 tot kapittelkerk en in 1559 tot kathedraal van het nieuwe Bisdom 's-Hertogenbosch verheven. De kathedraal kreeg op 22 juni 1929 de eretitel basiliek. Het is qua vorm een kruiskerk, meer specifiek een kruisbasiliek. De kerk behoort tot de Top 100 van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg en geldt als zogenaamd kanjermonument, een kwalificatie die sinds het jaar 2000 bij de rijksoverheid in gebruik is bij de verdeling van ten behoeve van restauraties geoormerkte financiële middelen.

Geschiedenis[bewerken]

Op de plek waar nu de Sint-Jan staat, stond eerst een romaanse kerk. De bouw hiervan startte vermoedelijk in 1220 en duurde tot 1340. Rond 1370, mogelijk na de verheffing tot kapittelkerk, begon men deze kerk echter geleidelijk aan te vervangen door een nieuwe kerk in gotische stijl. Het koor was waarschijnlijk rond 1415 voltooid, het transept rond 1470, waarna ten slotte het schip tot stand kwam. Van 1480 tot 1496 is de weelderige H. Sacramentskapel ten noorden van het koor toegevoegd. Deze kapel was in gebruik bij het Illustre Lieve Vrouwe Broederschap. In 1505 is de romaanse kerk, uitgezonderd delen van de romaanse toren, afgebroken. Als laatste verrees een hoge kruisingtoren. De gotische Sint-Jan kwam gereed omstreeks 1530.[1]

Deze gotische Sint-Jan is als het ware over haar voorganger heen gebouwd. Er zijn nog steeds delen van de romaanse kerk bewaard gebleven. Oorspronkelijk zou ook de oude toren tegen de vlakte gaan, maar vanwege geldgebrek is dit niet gebeurd. De nieuwe toren van de Sint-Jan was gepland aan de overkant van de straat. Toen hiervan werd afgezien moest men improviseren om de kerk aan te passen. Dit is ook goed te zien aan de vensters, die bij de toren smaller zijn dan die in de rest van het schip.

Opvallend aan de Sint-Jan is vooral de ongewoon rijke versiering met beeldhouwwerk aan de buitenkant. Figuraal beeldhouwwerk is te vinden in de wimbergen boven de vensters van het koor, in het zuidportaal en op de luchtbogen van het schip, die met talloze schrijlings gezeten figuurtjes bevolkt zijn. Binnen en buiten zijn er in totaal zo'n 600 beelden. Koor en schip worden geschraagd door een dubbele rij luchtbogen, iets wat in Nederland verder niet voorkomt. Het interieur is weids door de vijf beuken van het schip, maar de hoogte is een beetje gedrongen vergeleken met grote gotische kathedralen: het middenschip is bijna 28 meter hoog.

De bouwstijl van de Sint-Jan heeft in de omgeving van 's-Hertogenbosch bijna geen invloed gehad, maar de kerk is wel verwant aan een aantal grote stadskerken in het oude hertogdom Brabant. De kerken van onder andere Antwerpen, Mechelen, Leuven en Diest zijn wel in een verwante stijl gebouwd. Vandaar dat men spreekt van Brabantse gotiek.

Na de val van de Spaanse vesting 's-Hertogenbosch werd op woensdag 19 september 1629 een eerste hervormde dienst gehouden. Frederik Hendrik van Oranje en zijn gemalin Amalia van Solms waren hierbij aanwezig. Andere hoge gasten waren de Koning van de Bohemen en de Prins van Denemarken. De katholieke erediensten werden verboden. De Sint-Jan werd protestants, evenals de andere katholieke kerken. In de stad waren wel katholieke schuilkerken, die tegen betaling van steekpenningen wel werden gedoogd.

Keizer Napoleon Bonaparte was in mei 1810 in 's-Hertogenbosch. Hij ontving hier een delegatie van Bossche katholieken. Hem werd duidelijk gemaakt, dat de overgrote meerderheid van de bevolking katholiek was. Hij gaf hierop resoluut de kerk terug aan de katholieken en zei: "Vous aurez la grande église et un évêque aussi" (U zult de grote kerk hebben en ook een bisschop). Het bisdom 's-Hertogenbosch werd heropgericht. In het najaar van 1810 is de teruggave aan de katholieken door Napoleon in de Tuilerieën bevestigd.[2]

Brand[bewerken]

In 1584 ontstond een brand die de hoge houten kruisingtoren, majestueuzer dan de huidige toren, vernielde en ook delen van het dak tot aan het orgel. Vanwege geldgebrek kon er geen nieuwe toren komen, maar is er een soort koepel gebouwd.

In 1830 ontstond opnieuw brand, deze keer in de westertoren. Het herstel was in 1842 klaar. Een nieuwe bekroning kreeg de toren in 1876 (73 meter hoog). De geleding waar de klokken hangen is veertiende-eeuws, er zijn zowel luidklokken als een beiaard.

Restauraties[bewerken]

Van 1858 tot 1985 is de kathedraal vrijwel onafgebroken in restauratie geweest. Aanvankelijk gebeurde dat op een nogal dubieuze manier, waarbij vele vrijheden genomen en slechte steensoorten toegepast werden, terwijl het interieur getooid werd met allerlei neogotische elementen. Hoewel de kathedraal in de 19e eeuw al grotendeels de huidige vorm had, zijn er toch een aantal belangrijke verschillen te herkennen, bijvoorbeeld in de vorm van de toren en koepel[3].

De meest recente restauratie dateert van 1999 tot begin 2011, toen grote delen van het gebouw weer in de steigers stonden om met name tufstenen en kalkstenen onderdelen te vervangen waar deze sterk verweerd waren. Het betrof hier voornamelijk (delen van) ornamenten, waterspuwers, pinakels, profiellijsten en balustrades. Hiervoor zijn verschillende soorten natuursteen gebruikt, voornamelijk Weiberner tuf, Portlandsteen en Bentheimer zandsteen. Ook zijn veel beelden en engelen vervangen door kopieën in Portlandsteen en zandsteen.

Het noorderportaal werd geheel gedemonteerd, omdat de krammen en doken (borgpennen) van smeedijzer waren gaan roesten. Omdat ijzer uitzet bij roesten en tot vele malen haar omvang kan bereiken, drukt dit de omringende zandsteen kapot. De reden dat dit bij de zandstenen portalen meer gevolgen heeft gehad dan elders is onder andere omdat zandsteen poreuzer is, waardoor vocht er dieper indringt, en omdat het gebruikte ijzer van de 19e eeuw veel zuiverder is dan het middeleeuwse ijzer, dat meer koolstofresten bevat. De doken werden vervangen door roestvast staal en beschadigde natuursteen is vervangen door kopieën in dezelfde steensoort, Bentheimer zandsteen type Gildehaus. De Sint-Jan is een zogenaamd Kanjermonument dat extra financiële steun van de Nederlandse overheid krijgt.

Bezienswaardigheden in het interieur en exterieur[bewerken]

Beeld dat bekendstaat als de erwtenman en waaraan een volksverhaal is verbonden
Een getordeerd baldakijn met pinakel boven een heiligenbeeld

Door de beeldenstorm en latere aanpassingen zijn veel kunstwerken in en om de Sint-Jan verloren gegaan. Een groot verlies voor de kerk betekende ook de verkoop in 1866 van het marmeren oksaal uit 1611 dat nu te zien is in het Victoria and Albert Museum in Londen. Deze omstreden verkoop was de aanleiding tot het tot stand komen van de monumentenzorg.[4] in Nederland op te richten. Toch zijn er nog een aantal bijzondere inventarisstukken bewaard gebleven.

  • Het beeld van Zoete Moeder uit de dertiende eeuw
  • De koorbanken met mooi snijwerk uit de vijftiende eeuw
  • Het beroemde koperen doopvont uit 1492 door meester Aert van Tricht uit Maastricht
  • Een gesneden altaar uit circa 1500, vervaardigd in Antwerpen
  • De preekstoel uit circa 1550 in renaissancestijl
  • Grafmonument voor bisschop Ghisbertus Masius (†1641), toegeschreven aan Hans van Mildert
  • Het grote orgel uit 1617-1620
  • Enkele schilderijen van Abraham Bloemaert, Theodoor van Thulden enz.
  • Twee biechtstoelen
  • Diversen kapellen zoals de Sacramentskapel, Mariakapel, Sint- Jozefkapel en Sint-Vincentiuskapel. Aan de kooromgang bevinden zich een groot aantal straalkapellen.[5]
  • 96 luchtboogfiguren (oorspronkelijk 15e-eeuws)
  • Hertogen van Brabant op de luchtboogstoelen rond het koor
  • Wimbergreliëfs met o.a. de erwtenman (niet te verwarren met het beeld van de erwteneter op de Sint-Jan). De erwtenman trapt een pot met erwten om. Het origineel dateert uit de 14e-eeuw, maar dat is inmiddels verdwenen en vervangen. Het beeld is een (ludieke) waarschuwing van een restaurateur of beeldhouwer tegen - en een afkeuring van - hoogmoed in het algemeen. Aan het beeld is een sage gehecht, die voor het eerst in de 18e-eeuw is opgetekend. In dit verhaal kwam de bouwmeester van de Sint-Jan thuis van zijn werk. Zijn vrouw had groene erwten voor hem gekookt en ze op de stenen vloer neergezet om af te koelen. Toen de bouwmeester de pot zag riep hij verontwaardigd: 'Is dit nu de spijs voor eenen man, die daags een braspenning winnen kan?'[6]
  • Bij de laatste restauratie is op een lege console een beeld van een engel toegevoegd, met een modern tintje: de engel draagt een broek en is via een mobiele telefoon in gesprek. Deze engel is het laatste werk van beeldhouwer Ton Mooy voor deze kathedraal, die de mobiele telefoon voorzag van slechts één toets, voor een directe verbinding met God.[7] Een anoniem echtpaar opende een telefoonlijn voor het beeld waarop mensen een persoonlijk verhaal aan de engel kwijt kunnen, maar ook het kerkbestuur van de Sint-Jan gaf de engel een telefoonnummer, 0900-7468526. Via dit laatstgenoemde nummer krijgt de luisteraar informatie over de kathedraal.[8]
  • Een getordeerd baldakijn met gedraaide spits en pinakel boven een heiligenbeeld, bij de ingang van de sacramentskapel.

Enkele afmetingen[bewerken]

Plattegrond
  • De grootste lengte bedraagt 115 meter
  • De lengte van het dwarsschip bedraagt 62 meter
  • De gewelfhoogte in het middenschip bedraagt 29 meter
  • De hoogte van het koepelgewelf bedraagt 41 meter
  • De daknok van het schip ligt 39 meter boven de grond
  • De westtoren is 73 meter hoog
  • De vieringkoepel is 63 meter hoog

Kerststal[bewerken]

In december is er een kerststal in de Sint-Janskathedraal. Deze is bekend vanwege zijn jaarlijks veranderende thema, de bijna levensgrote kerstfiguren maar vooral ook door de grote aantallen opgezette dieren afkomstig uit een bijzonder grote eigen collectie.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Adriaanse, W.J.J., et al., 125 Heiligenbeelden in de St. Janskathedraal te 's-Hertogenbosch.
  • 's-Hertogenbosch: Commisssie Zomertentoonstelling Sint Jan, 1984.
  • Oudheusden, Jan van, De Sint Jan van 's-Hertogenbosch. Zwolle: Waanders, 1985.

Externe links[bewerken]

Foto- en videogalerij[bewerken]

Bronnen

Noten

  1. De St Janskerk te 's Hertogenbosch, Jan Mosmans, Mosmans 1931/Heinen 1980, 's Hertogenbosch
  2. Nationaal Archief
  3. Teletijd.nl: de Sint Jan in 1900 en 2012
  4. Victor de Stuers, Holland op zijn smalst, De Gids 1873. Dit artikel was de aanleiding tot het tot stand komen van de monumentenzorg.
  5. Groeten uit den bosch
  6. 'De erwtenman van de Sint-Jan', in: W. de Blécourt, R.A. Koman (red.) [et al.]. Verhalen van stad en streek: sagen en legenden in Nederland. Amsterdam 2010, p. 482-483.
  7. Een engel met een mobieltje
  8. 'Hallo, met de engel van de Sint-Jan', in: InspiratieMagazine, nr. 2 (2012), p. 9, met als bron de New Tork Times en de RKK.