De Geheime Leer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Geheime Leer (The Secret Doctrine) is een werk van de theosofe Helena Petrovna Blavatsky, dat in 1888 in twee delen verscheen. Het heeft als ondertitel: de synthese van wetenschap, religie en filosofie. Eerder schreef zij Isis Ontsluierd (1877). Het eerste deel gaat over 'het ontstaan van de kosmos' en het tweede over 'het ontstaan van de mens'. Later verscheen er nog een deel, maar dat was onder Annie Besant, die leider werd van de 'Theosophical Society' (TS), na Blavatsky's overlijden in 1891.

In dit werk zet Blavatsky de leer uiteen van een 'universele wijsheidsreligie', die uit archaïsche dus oeroude tijden stamt. Ze wil door vergelijkend godsdienstonderzoek aantonen dat de religies wereldwijd als zovele takken van dezelfde oerstam zijn gegroeid. Ooit zou er wereldwijd een religie zijn geweest.

Eerste deel[bewerken]

Het eerste deel is verdeeld in drie afdelingen: 'Kosmische evolutie, vertaling van zeven stanza's met toelichtingen uit het geheime boek van Dzyan' (I), 'De ontwikkeling van de symboliek in benaderde volgorde' (II) en 'Een confrontatie van de wetenschap met de geheime leer' (III).

Tweede deel[bewerken]

Het tweede deel is op dezelfde manier verdeeld in drie afdelingen: 'Vertaling van stanza's met toelichtingen uit het geheime boek van Dzyan' (I), 'De archaïsche symboliek van de wereldreligies' (II) en 'Een confrontatie van de wetenschap met de geheime leer' (III)

In dit tweede deel, 'het ontstaan van de mens', beschrijft Blavatsky de ontwikkeling van de mens van een reusachtig doorschijnend wezen (het zogenaamde eerste 'Wortelras'), via de Hyperborese (tweede wortelras), Lemurische (derde wortelras) en kleinere Atlantische (vierde wortelras) reus tot de hedendaagse mens (van het vijfde wortelras).

Beschreven wordt de scheiding in het mannelijke en vrouwelijke geslacht tijdens het Lemurische ras, de zondige gemeenschap tussen mannelijke mensen en vrouwelijke dieren en de 'bezieling' van de mensheid, waardoor ze pas kon beginnen met redelijk denken. De zonde met dieren was bedreven door 'enghoofdige' mensen, dus zonder verstand ('manas', denkvermogen). Tijdens het Atlantische ras bedreven mannen wederom zonde, ditmaal met de afstammelingen van het 'stomme' ras, dat eerder in het leven was geroepen tijdens de Lemurische tijd en hieruit zouden de 'mensapen' zijn ontstaan.

Volgens de theosofie van Blavatsky staat Lucifer ('Lichtdrager') net als de Griekse titaan Prometheus voor het mysterieuze 'wezen', dat de bezieling van de mensheid bewerkstelligde. Het geschenk van kennis wordt door haar gezien als een zegen en noodzakelijk stadium in de ontwikkeling van de mensheid naar onsterfelijkheid (goddelijkheid). Ze beoogt Lucifers naam te zuiveren van de smet die op 'hem' is geworpen, want zoals bekend ging 'hij' in het westerse christendom door voor de 'duivel' en het 'kwaad', in plaats van 'de goede draak' of 'draak van wijsheid'.

Literatuur[bewerken]

  • Blavatsky, H.P. (1888), De Geheime Leer, Theosophical University Press Agency, Den Haag, 1988

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]