Azijnzuur
| Azijnzuur | ||||
| Structuurformule en molecuulmodel | ||||
| Structuurformule van azijnzuur | ||||
| Molecuulmodel van azijnzuur | ||||
| Algemeen | ||||
| Molecuulformule (uitleg) |
CH3COOH | |||
| IUPAC-naam | ethaanzuur | |||
| Molmassa | 60,05196 g/mol | |||
| SMILES |
CC(=O)O
|
|||
| InChI |
1/C2H4O2/c1-2(3)4/h1H3,(H,3,4)/f/h3H
|
|||
| CAS-nummer | 64-19-7 | |||
| EG-nummer | 200-580-7 | |||
| PubChem | 176 | |||
| Beschrijving | Kleurloze vloeistof met een stekende geur | |||
| Vergelijkbaar met | mierenzuur | |||
| Waarschuwingen en veiligheidsmaatregelen | ||||
|
|
||||
| H-zinnen | H226 - H314 | |||
| EUH-zinnen | geen | |||
| P-zinnen | P280 - P305+P351+P338 - P310 | |||
| EG-Index-nummer | 607-002-00-6 | |||
| VN-nummer | 2789 | |||
| ADR-klasse | Gevarenklasse 8 | |||
| LD50 (ratten) | 3310 mg/kg | |||
| LD50 (konijnen) | 1113 mg/kg | |||
| Fysische eigenschappen | ||||
| Aggregatietoestand | vloeibaar | |||
| Kleur | kleurloos | |||
| Dichtheid | 1,0492 g/cm³ | |||
| Smeltpunt | 16,6 °C | |||
| Kookpunt | 117,9 °C | |||
| Vlampunt | 40 °C | |||
| Zelfontbrandings- temperatuur | 400 °C | |||
| Dampdruk | 15400 Pa | |||
| Goed oplosbaar in | water, ethanol, glycerol, diethylether, tetrachloormethaan | |||
| Onoplosbaar in | koolstofdisulfide | |||
| Geometrie en kristalstructuur | ||||
| Dipoolmoment | 1,74 D | |||
| Thermodynamische eigenschappen | ||||
| ΔfH |
-432,2 kJ/mol | |||
| ΔfH |
-484,3 kJ/mol | |||
| S |
283,5 J/mol·K | |||
| S |
159,8 J/mol·K | |||
| Evenwichtsconstante(n) | pKa = 4,75 | |||
| Nutritionele eigenschappen | ||||
| Type additief | conserveermiddel, zuurregelaar, smaakstof | |||
| E-nummer | E260 | |||
| Waar mogelijk zijn SI-eenheden gebruikt. Tenzij anders vermeld zijn standaardomstandigheden gebruikt (298,15 K of 25 °C, 1 bar) | ||||
|
||||
Azijnzuur (systematische naam ethaanzuur) is een zwak zuur met een kenmerkende stekende geur. Het heeft als formule CH3-COOH (soms ook geschreven als H3C-COOH). Azijnzuur is, na mierenzuur, het eenvoudigste carbonzuur en de wetenschappelijke naam was vroeger dan ook methaancarbonzuur. Zuiver watervrij azijnzuur wordt ook wel ijsazijn genoemd, en is een kleurloze vloeistof die bij temperatuur lager dan 17 °C stolt tot heldere kleurloze kristallen (vandaar de naam ijsazijn). Indien ijsazijn in een (trillingvrije) koelkast wordt geplaatst, kan het tot beneden het stolpunt worden gekoeld terwijl het toch een vloeistof blijft. Het is dan een onderkoelde vloeistof geworden, en een geringe fysieke verstoring doet de vloeistof dan direct stollen.
Inhoud |
Voorkomen [bewerken]
In het menselijk lichaam komt azijnzuur voornamelijk gebonden aan het Co-enzym A (CoA) voor, een stof die uitermate belangrijk is voor vele biochemische processen. Daarnaast vormt azijnzuur met choline de ester acetylcholine, een zeer veel voorkomende en belangrijke neurotransmitter. Het azijnzuur dat bij de biochemische processen vrijkomt, wordt doorlopend hergebruikt. Daarnaast komt azijnzuur voor in bepaalde bacteriën, in sommige planten en vele vruchten.
Synthese [bewerken]
Het bereiden van azijn als voedingsmiddel werd vroeger gedaan door alcohol te laten fermenteren. Wijnazijn is daar een mooi voorbeeld van, maar ook de huidige tafelazijn wordt gemaakt van alcohol.
Voor industrieel gebruik zijn er andere synthesemethodes:
- Uit methanol en koolstofmonoxide wordt azijnzuur gemaakt met behulp van een katalysator (kobalt-, rhodium- of indiumverbindingen) bij circa 180 °C en onder hoge druk (30 tot 40 atmosfeer). Dit proces, het Monsanto-proces, is wereldwijd het meest gebruikt voor de productie van azijnzuur. De omzetting tot azijnzuur is zeer hoog (ca. 99%).
- Uit aceetaldehyde door oxidatie aan de lucht met behulp van een katalysator (mangaan-, kobalt en chroomzouten).
- Uit butaan door oxidatie aan de lucht met behulp van een katalysator (mangaan, kobalt en chroomzouten) en onder verhoogde temperatuur.
- Uit een reactie van water met azijnzuuranhydride ontstaat azijnzuur.
Toepassingen [bewerken]
Industrie [bewerken]
Zuiver azijnzuur is een belangrijke grondstof in de polymeerchemie waarbij celluloseacetaat en polyvinylacetaat gemaakt worden voor onder meer synthetische vezels, plastics en lijmen. Azijnzuuranhydride is daarin een belangrijke tussenstof. Ook acetaten (azijnzure zouten) zijn belangrijke eindproducten.
Met alcoholen vormt azijnzuur esters die als oplosmiddel of geurstof gebruikt worden.
Voeding [bewerken]
Azijnzuur en sommige acetaten worden gebruikt als smaakstof, conserveermiddel of zuurteregelaar in de voedingsmiddelenindustrie. Dit zijn:
- E 260 - Azijnzuur
- E 261 - Kaliumacetaat
- E 262 - Natriumacetaat
- E 263 - Calciumacetaat
Azijn is een oplossing van 4 tot 15% azijnzuur in water. Azijn wordt weer gebruikt bij het inmaken van groentes en de bereiding van diverse sauzen, zoals mosterd.
Zie ook [bewerken]
Externe link [bewerken]
International Chemical Safety Card van Azijnzuur- (en) Gegevens van Azijnzuur in de GESTIS-stoffendatabank van het Duitse Institut für Arbeitsschutz der Deutschen Gesetzlichen Unfallversicherung (IFA) (JavaScript vereist)
| Carbonzuren | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|