Potvis
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
| Potvis IUCN-status: Kwetsbaar[1] |
|||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() "Scarred giant" - Artiest: Chris Harman [2] |
|||||||||||||
| Taxonomische indeling | |||||||||||||
|
|||||||||||||
| Soort | |||||||||||||
| Physeter macrocephalus Linnaeus, 1758 |
|||||||||||||
De potvis (Physeter macrocephalus of P. catodon) is een walvis uit de familie der potvissen (Physeteridae). Het is de grootste soort van de onderorde tandwalvissen (Odontoceti).
De potvis voedt zich o.a. met reuzeninktvissen, enorme pijlinktvissen, die hij tot op 3000 meter diepte vangt. Daarvoor heeft hij 3000 kg bloed, dat voor voldoende zuurstof zorgt om 2 uur onder water te blijven. De potvis eet gemiddeld per dag 3% van zijn gewicht.
Een afvalproduct uit de darmen van potvissen, amber, wordt gebruikt bij de productie van parfum.
Inhoud |
[bewerken] Kenmerken
De potvis is de grootste tandwalvis en tevens een van de grootste roofdieren die ooit geleefd hebben. Mannetjes worden tot 18 meter lang en vrouwtjes tot 11 meter. Het gewicht kan tot 50 ton bedragen. De lichaamskleur is donkergrijs en in het licht van de zon vaak bruinig. De potvis heeft alleen tanden in zijn onderkaak, en dan nog alleen de mannetjes.
De merkwaardige vorm van de neus wordt veroorzaakt door een groot orgaan dat zo'n 3000 liter wasachtig materiaal, walschot, bevat. De vorm die daardoor gecreëerd wordt lijkt echter zeer sterk op moderne schepen. Dit orgaan helpt de potvis bij het duiken en stijgen. Door afkoeling wordt de was hard en zwaarder dan water: de potvis zinkt zonder inspanning. Door verwarming smelt de was, wordt lichter en helpt de potvis weer te stijgen.
Het grote hoofd van de walvis, de aparte vorm en de belangrijke rol in Herman Melvilles "Moby Dick" hebben ertoe geleid dat veel mensen hem beschouwen als de specifieke walvissoort. Hij is grijs of bruin en de zijkanten zijn plat. Zijn fontein kan wel 5 meter hoog worden, gevolgd door een paar kleine straaltjes.
[bewerken] Verspreiding en strandingen
Het dier komt voor in alle wereldzeeën. Zo zijn er zelfs enkele potvisstrandingen geweest in de jaren 1990, op onder andere de Belgische en de Nederlandse kust.
[bewerken] Nederland
Volgens sommige deskundigen werkt de Noordzee als een fuik voor de potvis. Onderweg van de tropen naar het Noorden nemen sommige dieren een verkeerde afslag en komen dan in de Noordzee terecht. Als dieren die gewend zijn aan diep water kunnen ze niet omgaan met de zandbanken. Het is er veel te ondiep en ze missen er hun favoriete voedsel, de inktvis. Ze raken gedesoriënteerd, vinden geen eten en raken verzwakt. Uiteindelijk stranden ze of sterven ze op zee.
De recente toename van potvissen aan de Noordzeekusten is waarschijnlijk het gevolg van het einde van de potvisjacht in de jaren tachtig.
|
[bewerken] België
- 26 februari 2004, Koksijde 10 m lang en 8 ton zwaar mannetje, genaamd Windekind;
- 18 november 1994, 3 potvissen spoelen aan te Koksijde, 1 potvis te Lombardsijde (en 1 bruinvis in De Haan);
- 1991, het dier kon op eigen kracht terug wegzwemmen;
- 12 februari 1989, Oostduinkerke 17 m lang en en 25 ton zwaar mannetje, genaamd Valentijn van St. André, het dier werd begraven te Koksijde;
- 1954, 1 potvis.
[bewerken] Oregon
Een bekende potvisstranding is die van 1970 te Florence, Oregon toen men besloot het dode dier van 8 ton op te ruimen met behulp van dynamiet. Toen op 12 november de explosie volgde, bleek het niet goed te gaan. De rondvliegende stukken vernielden een wagen en bedekte iedereen onder de blubber. Gelukkig vielen er geen gewonden. Wanneer men langer had gewacht, en het dier niet had opgeblazen, dan was het dier vanzelf geëxplodeerd. Door het rottingsproces van de dode potvissen komen gassen vrij, vergelijkbaar met methaan, die op den duur niet uit het dode beest kunnen ontsnappen waardoor de walvis ontploft.
[bewerken] Trivia
- In het Visboeck van Adriaen Coenen[2] wordt de stranding te Ter Heijde van drie potvissen op 23 november 1577 weergegeven. Op de bladzijden 112 t/m 117 van het Visboeck vindt men, naast afbeeldingen, tevens een uitvoerige beschrijving van dit gebeuren.
- In de bibliotheek van de Koninklijke Maatschappij voor Dierkunde te Antwerpen bevindt zich het Walvisboeck van Adriaen Coenen. Ook daarin is de stranding van de drie potvissen te Ter Heijde opgenomen.
- Zowel over het Visboeck als het Walvisboeck is een schitterend naslagwerk verschenen, geschreven door Dr. Florike Egmond. In de beide boeken staat de bovengenoemde stranding, samen met de illustratie ervan, vermeld.
[bewerken] Afbeeldingen
[bewerken] Externe links
Beelden / bronnen
Waarnemingen
| Meer afbeeldingen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden in de categorie Physeter macrocephalus van Wikimedia Commons. |
Bronnen, noten en/of referenties:
!["Scarred giant" - Artiest: Chris Harman [1]](http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/f/f9/Sperm_whale1b.jpg)

