Kasteel Groot Engelenburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Groot Engelenburg
Voorzijde Engelenburg anno 2015
Voorzijde Engelenburg anno 2015
Locatie
Locatie Brummen
Status en tijdlijn
Huidig gebruik hotel
Start bouw 17e eeuw
Verbouwing 1828
Architectuur
Bouwstijl neoclassicisme
Erkenning
Monumentstatus rijksmonument
Monumentnummer 510406
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Groot Engelenburg is een landhuis en buitenplaats met landgoed, gelegen in Brummen in de Nederlandse provincie Gelderland.

Het oorspronkelijke kasteel stamt uit de middeleeuwen, het werd in 1624 door het Spaanse leger verwoest tijdens de Inval van de Veluwe. Jacob Schimmelpenninck II bouwde op de grondvesten een nieuw landhuis, dat hij voor de jacht gebruikte. Later was het als vakantie- en conferentieoord in bezit van de Twentsche Bank en na een fusie van de Algemene Bank Nederland. Sinds 1987 is het een hotel-restaurant. Groot Engelenburg is opgenomen in het register van rijksmonumenten.

Bouwgeschiedenis[bewerken]

In de kelder is muurwerk aangetroffen dat waarschijnlijk uit de middeleeuwen dateert, en kruisgewelven uit de 17e eeuw. Het huis is in 1828 ingrijpend gerestaureerd in neoclassicistische stijl, maar de 17e-eeuwse indeling van de ruimtes is tot op heden intact gebleven, wat een voornaam aspect van de beschermwaardigheid is.[1]

Kenmerken en bijzonderheden[bewerken]

Door de toegangspoort loopt een oprijlaan naar het huis, ernaast zijn terrassen en tuinen. Vlakbij ligt de 9-holesgolfbaan van de Engelenburg Golf & Country Club, omgeven door een bos- en parklandschap.

De voorgevel van het landhuis is symmetrisch en bestaat uit zeven traveeën. Het is geheel omgeven door een grillig gevormde gracht die ruim om de gebouwen heen loopt. Het totale landgoed is 230 hectare groot. Op de zolder van het gebouw bevinden zich een bronzen slagklok uit 1616 met de inscriptie 'ÍAN VAN DEN GHEIN HEFT MY GHEGOTEN M CCCCCC XVI' en een bronzen luidklok uit 1781 met het opschrift 'L HAVERKAMP ME FESIT HORNA A° 1781'.

Tot de bijgebouwen behoren een 17e-eeuws koetshuis ten noorden van de oprijlaan, dat in de 19e eeuw verbouwd is en zo een pendant vormt van de 19e-eeuwse oranjerie aan de andere zijde van de laan. Beide gebouwen zijn, net als het hoofdgebouw witgepleisterd en gedekt met een schilddak.

Zichtas[bewerken]

De oprijlaan loopt in westzuidwestelijke richting en bood, zoals gebruikelijk in de tijd van Schimmelpenninck, een zichtas op een karakteristiek punt, in dit geval de toren van de Oude- of Sint-Pancratiuskerk die van omstreeks het jaar 1500 dateert. Deze staat ruim anderhalve kilometer verderop, in het centrum van Brummen.

Klein en Groot Engelenburg[bewerken]

Oorspronkelijk werd het landhuis aangeduid als Engelenburg, Huize Engelenburg of Kasteel Engelenburg. De toevoeging Groot is vermoedelijk in zwang gekomen toen Judith van Walrée-van Lennep, de eigenares van (Groot) Engelenburg in 1835 het kleinere landhuis Klein Engelenburg liet bouwen en daar ging wonen. Dit veel kleinere goed ligt eveneens in Brummen, precies een kilometer verderop, vrijwel oostelijk van Groot Engelenburg. Met de toevoeging Groot is toch niet alle verwarring uit de wereld, want in Doorn, weliswaar vijftig kilometer verderop, is ook een buitenplaats Groot Engelenburg.

Commando Pieters[bewerken]

Op 6 april 1945, kort voor het einde van de Tweede Wereldoorlog, vestigde een groep Nederlandse SD'ers onder leiding van Andries Pieters zich op het landgoed. De groep bleef er acht dagen alvorens op de vlucht te slaan voor de naderende Canadese troepen. In die tijd folterden ze tientallen gevangenen. Onder deze waren de collaborateurs Jacob Detmar en Antoon den Otter die als marechaussee Joden, onderduikers en verzetsmensen actief opgespoord en gearresteerd hadden. Eind 1944 deserteerden Detmar en Den Otter, maar zij werden opgepakt door de groep van Pieters. Ze zijn in de kelders van Groot Engelenburg gemarteld tot ze de desertie bekenden. Op 13 april 1945 zijn ze met zes anderen gefusilleerd.[2]

Bewoning, gebruik en beheer[bewerken]

  • Het geslacht Schimmelpenninck van der Oye
  • Het geslacht Van Heeckeren
  • 1781 Van der Capellen
  • Het geslacht van der Heyden:
    • 1791-1802/1827: Twee dochters van Gerardus Wilhelmus Josephus van der Heyden (1688-1752) en Aleida Richarda Gertrudis Haeck (1707-1760)
    • 1. Anna Joanna Maria Tresia van der Heyden (1744-1802), mede-eigenares van 1791 tot 1802
    • 2. Reyniera Maria Antonia van der Heyden (1748-1827), mede-eigenares van 1791 tot 1802 – erfgename/eigenares van 1802 tot 1827
  • 1828-1835 Mevrouw Judith van Walrée-van Lennep, die het kasteel had gekocht en in 1835 Klein-Engelenburg liet bouwen.
  • tot 1877 mr. Adrianus Theodorus Louis Metelerkamp (1820-1896), die getrouwd was met Anna Maria Bondt (-1851), waarna Adrianus hertrouwde met Florentina A.P. den Tex, de ouders van Adriaan J.P. Metelerkamp.
  • 1877-1910 familie Bogaardt
  • 1910-1942 Schelto van Citters (1865-1942)
  • 1943-1945 gevorderd door de Duitse bezetter
  • 1945-1946 diverse bezitters
  • 1946-1947 gemeente Brummen
  • 1947-1987 Twentsche Bank, later de Algemene Bank Nederland
  • 1987-2005 familie De Lange, vestigde er een hotel-restaurant in
  • 2005-2019 het echtpaar Johan en Carin Agricola, exploiteert het pand, onder de naam Kasteel Engelenburg, vanaf 2011 als deel van de keten Relais & Chateaux Hotels & Restaurants[3] en heeft aangegeven per 2020 te stoppen.
  • 2019 Ton de Lange, de eigenaar van het pand, heeft de exploitatierechten teruggekocht van het echtpaar Agricola.[4]