Johan Cruijff

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Johan Cruijff
Johan Cruijff 2013 Catalonia.jpg
Persoonlijke informatie
Volledige naam Hendrik Johannes Cruijff
Bijnaam Nummer 14
El Flaco (De Magere)
Het orakel (van Betondorp)
Geboortedatum 25 april 1947
Geboorteplaats Amsterdam, Nederland
Lengte 178 cm
Been rechts
Clubinformatie
Spelend bij Gestopt in 1984
Positie Aanvaller
Middenvelder
Jeugd
1959-1964 Vlag van Nederland Ajax
Senioren
Seizoen Club w 0(g)
1964-1973
1973-1978
1979-1980
1980
1981
1981
1981-1983
1983-1984
Totaal
Vlag van Nederland Ajax
Vlag van Spanje FC Barcelona
Vlag van Verenigde Staten Los Angeles Aztecs
Vlag van Verenigde Staten Washington Diplomats
Vlag van Spanje Levante
Vlag van Verenigde Staten Washington Diplomats
Vlag van Nederland Ajax
Vlag van Nederland Feyenoord
239 (190)
143 0(48)
027 0(14)
027 0(10)
010 00(2)
005 00(2)
036 0(14)
033 0(11)
520 (291)
Interlands
1966-1977 Vlag van Nederland Nederland 48 0(33)
Getrainde clubs
1985-1988
1988-1996
2009-2013
Vlag van Nederland Ajax
Vlag van Spanje FC Barcelona
Catalonië Catalonië
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

Hendrik Johannes (Johan) Cruijff (Amsterdam, 25 april 1947, Geluidsfragment Johan Cruijff (info / uitleg)) is een voormalig Nederlandse profvoetballer en voetbalcoach.

Cruijff wordt wereldwijd erkend als een van de beste voetballers aller tijden.[1] In 1999 werd hij door de IFFHS verkozen tot Europees voetballer van de twintigste eeuw. Bij de verkiezing van Wereldvoetballer van de twintigste eeuw eindigde hij als tweede achter Pelé.[2] De voormalige aanvaller en spelverdeler werd met name geroemd vanwege zijn techniek, startsnelheid, handelingssnelheid en spelinzicht.[3] Drie maal werd hij verkozen tot Europees voetballer van het jaar en ook won hij drie keer de Europacup I. Dit laatste deed Cruijff met Ajax, waar hij gold als de leider en ster van het elftal.[4] In 1974 bereikte Cruijff als aanvoerder van het Nederlands elftal de finale van het WK, waarin met 1-2 werd verloren van West-Duitsland.[5]

Na een twintigjarige carrière als voetballer, waarin hij als prof voor clubs in Nederland, Spanje en de Verenigde Staten speelde, legde Cruijff zich in 1985 toe op het trainerschap. Zonder de benodigde diploma's werd de oud-speler trainer bij Ajax en met de Amsterdammers won hij twee KNVB bekers en de Europacup II. Nadat Cruijff begin 1988 ontslag had genomen bij Ajax, werd hij trainer bij zijn voormalige werkgever FC Barcelona. Daar formeerde hij een succesvol elftal dat de geschiedenisboeken inging als het Dream Team. Hoogtepunt tijdens zijn verblijf bij de Catalanen was de winst van de Europacup I in 1992. Na zijn ontslag in 1996 beëindigde Cruijff zijn trainerscarrière maar bleef hij invloedrijk bij zowel Ajax als Barcelona. Hij ging zich vanaf dat moment inzetten als weldoener en richtte diverse maatschappelijk betrokken instellingen op, die zich met name richten op jongeren en sport. Daarnaast bleef hij bij het voetbal betrokken, onder andere als analyticus, ambassadeur, adviseur en columnist.[5] In 2009 besloot Cruijff het trainerschap opnieuw op te pakken toen hij werd benaderd voor het bondscoachschap van Catalonië.[6] Deze functie vervulde hij tot en met 2013.[7] Daarnaast had Cruijff van juni 2011 tot april 2012 zitting in de raad van commissarissen van Ajax.

Privéleven[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Johan Cruijff werd op vrijdag 25 april 1947 rond één uur 's middags geboren in het Burgerziekenhuis in de Linnaeusstraat te Amsterdam.[5] Hij was de tweede zoon van Hermanus Cornelis Cruijff en Petronella Bernarda Draaijer, die hem vernoemden naar de opa van moeders kant: Hendrik Johannes Draaijer.[8] Johan, die door zijn moeder 'Jopie' werd genoemd, groeide op in de Akkerstraat in de wijk Betondorp, op een steenworp afstand van het toenmalige Ajax-stadion De Meer.[5] Samen met zijn tweeënhalf jaar oudere broer Henny voetbalde hij veel op straat. Later speelden ze ook samen in de jeugd van Ajax.[9] Vader Manus en moeder Nel kwamen beiden uit de Jordaan. Na de oorlog waren ze in een woonwinkelpand een groentezaak begonnen, genaamd Cruijffs Aardappelenhandel.[10][11] Nel werkte op vrijwillige basis ook af en toe als hulp in de kantine van het Ajax-stadion.[12]

Johan Cruijff (1965)

Toen Johan twaalf jaar oud was, verhuisde het gezin naar een benedenwoning in de Weidestraat.[13] Op de avond van 8 juli 1959, toen 'Jopie' Cruijff afscheid nam van de Groen van Prinstererschool aan de Zaaiersweg, overleed zijn vader, 45 jaar oud, plotseling aan de gevolgen van een hartaanval.[12] Het overlijden van zijn vader was het grote drama uit Johans leven.[14] Nog jarenlang zou hij denkbeeldige gesprekken met hem voeren.[5] Nel kon de groentezaak niet in haar eentje voortzetten en daarom werd de winkel gesloten. Nel was op dat moment enig kostwinner van het gezin en ging als huishoudster bij Ajax-trainer Vic Buckingham werken. Ajax bood het gezin Cruijff ook uitkomst door Nel voortaan te betalen voor de werkzaamheden bij de club.[11][12] Enkele jaren later hertrouwde ze, met Henk Angel, een terreinknecht bij Ajax.[15]

Na afronding van de lagere school ging Johan vanaf september 1959 naar de Frankendaal-Ulo. Tussen de middag at hij regelmatig bij zijn moeder en het gezin Buckingham. Hier maakte hij voor het eerst kennis met de Engelse taal.[11] De school werd geen succes. Johan bleef tweemaal zitten en verliet na enkele jaren de Ulo zonder diploma. Via Ajax kreeg hij vervolgens een baantje als winkelbediende bij Perry van der Kar aan de Ceintuurbaan.[16] Na Johans huwelijk, in 1968, verwaterde het contact met zijn broer Henny.[17] Na de dood van hun moeder, in december 2007, verbrak Henny het contact.[9]

Gezin[bewerken]

Johan Cruijff en Danny Coster op hun huwelijksdag.

Op de bruiloft van ploeggenoot Piet Keizer, op 13 juni 1967, ontmoette de jeugdige Cruijff Diana Margaretha Coster, een dochter van de Amsterdamse zakenman Cor Coster.[18] Ze kregen verkering en op 2 december 1968 traden Johan en de bijna twee jaar jongere Danny in het huwelijk. Ze gingen samenwonen in Vinkeveen en kregen drie kinderen: Chantal (16 november 1970), Susila (27 januari 1972) en Jordi (9 februari 1974). Jordi werd vernoemd naar de Catalaanse beschermheilige Sant Jordi, en hoewel het gezin Cruijff op het moment dat hun zoon in een Amsterdams ziekenhuis werd geboren, al in Spanje woonde en het Franco-regime deze naam verboden had om het Catalaanse nationalisme de kop in te drukken,[19] kon de Spaanse burgerlijke stand de aangifte niet weigeren omdat Jordi in Nederland was geboren.[20]

Roken en gezondheidsklachten[bewerken]

Op 26 januari 1991 kreeg Cruijff tijdens een wandeling met zijn vrouw Danny last van zijn hart. In eerste instantie werd er gevreesd voor een licht hartinfarct, maar na onderzoek in het ziekenhuis bleek hij last van aderverkalking te hebben. Om dit te verhelpen onderging Cruijff met spoed een bypassoperatie. Naast twee maanden rust kreeg de toenmalige Barcelona-trainer van de doktoren ook het advies om met roken te stoppen.[5] Tijdens zijn actieve carrière had Cruijff zich op het gebied van eten en drinken altijd als een voorbeeldig professional gedragen, maar de verleiding van het roken had hij nooit kunnen weerstaan. Soms rookte hij tachtig sigaretten per dag.[21] De Wasem, een bijnaam die Bild-zeitung hem ooit had gegeven, besloot het advies van de doktoren op te volgen en verleende meteen zijn medewerking aan een reclamespotje waarin roken werd ontmoedigd.[22] Vanaf dat moment verruilde Cruijff zijn sigaret voor een Chupa Chups-lolly, waar hij in de dug-out regelmatig op zat te zuigen. In het voetbalminnende Catalonië leidde dit er in 1991 toe dat de verkoop van deze lolly verdubbelde.[23]

Golf[bewerken]

Tijdens een Dutch Open in het midden van de jaren 70 maakte hij voor het eerst kennis met de golfsport. Nadien was Cruijff regelmatig te vinden op diverse golfbanen.[24] Traditiegetrouw neemt hij samen met Maarten Lafeber jaarlijks deel aan grote golftoernooien, zoals het Alfred Dunhill Links Championship in Schotland of het KLM Open.[25] Volgens de officiële NGF Handicap registratie, op basis waarvan Golf Weekly in 2006 de resultaten van een aantal bekende voetballers publiceerde, had Cruijff in dat jaar een handicap 35,3.[26]

Clubcarrière[bewerken]

Ajax[bewerken]

Naar de Europese top[bewerken]

Vanaf zijn zesde jaar trainde Cruijff al bij Ajax mee. Pas op zijn tiende verjaardag kon hij officieel lid van Ajax worden. Op 25 april 1957 ontving hij een brief waarin stond dat hij als lid was aangenomen. Omdat jeugdtrainer Jany van der Veen Johan Cruijff al regelmatig in Betondorp had zien spelen en hem goed genoeg vond om direct Ajacied te worden, hoefde hij geen proefwedstrijd te spelen.[27] In de jaren 1957-1963 doorliep hij de jeugdopleiding. In het seizoen 1962/63 werd hij met het hoogste jeugdteam van Ajax kampioen.[5] Niet veel later tekende Cruijff zijn eerste profcontract. Dit bond hem voor vier jaar aan de Amsterdammers. Zijn salaris bedroeg 15.000 gulden per jaar plus premies.[28] Daarmee werd hij na zijn teamgenoot, Piet Keizer de tweede fullprof van Nederland.[15][29]

Cruijff in 1967 tegen Feyenoord.

Op 15 november 1964 maakte Cruijff zijn officiële debuut in het eerste elftal van Ajax, dat onder leiding stond van trainer Vic Buckingham. Als debutant scoorde Cruijff die middag het enige doelpunt in de met 3-1 verloren uitwedstrijd tegen GVAV. Lang speelde hij niet onder het bewind van Buckingham, want ruim twee maanden na Cruijffs eerste opwachting keerde de oefenmeester terug naar Engeland, waarna hij werd opgevolgd door Rinus Michels. De onervaren keuzeheer vond Cruijff eigenlijk nog te jong en fysiek niet sterk genoeg voor het eerste elftal. Desalniettemin wist het zeventienjarige talent tijdens zijn debuutseizoen tienmaal binnen de lijnen te verschijnen, waarin hij vier keer scoorde.[11] Voor Ajax verliep het seizoen sportief gezien zeer teleurstellend. De club eindigde als dertiende op de ranglijst en wist slechts ternauwernood aan degradatie te ontsnappen. De eindklassering van 1965 is nog steeds de laagste die Ajax ooit behaalde sinds de invoering van het betaald voetbal. Michels besloot in te grijpen en drong bij het bestuur, dat onder leiding stond van de nieuwe voorzitter Jaap van Praag, aan op nieuwe versterkingen. De clubleiding besloot Co Prins en Henk Groot terug naar het oude nest te halen en contracteerde daarnaast doelman Gert Bals van PSV.[30] Hoewel Michels het nog niet de tijd vond om Cruijff een vaste rol binnen het elftal te geven, bemachtigde deze op 24 oktober 1965 tegen DWS toch een basisplaats toen hij de geblesseerde Klaas Nuninga verving. Cruijff scoorde die middag tweemaal, waarmee hij Michels overtuigde van zijn kunnen. Met hem in de spits bleef Ajax vervolgens zestien wedstrijden op rij ongeslagen.[11] De 2-0 uit-winst tegen FC Twente op 15 mei 1966 betekende dat Ajax twee wedstrijden voor het verstrijken van de competitie zeker was van de titel, waarmee de club terugkeerde aan de top. In dat seizoen was Ajax al de meest trefzekere ploeg van de eredivisie, met 79 doelpunten. In het volgende seizoen maakte het eerste elftal van Ajax in de competitie 122 doelpunten; een aantal dat sindsdien nooit is overtroffen. Cruijff had met 33 treffers het grootste aandeel, en werd met dit aantal topscorer van de Eredivisie. Met een positief doelsaldo van 88 prolongeerde Ajax de landstitel en behaalde het bovendien voor de eerste maal in de clubhistorie de dubbel, door in de KNVB beker-finale NAC met 2-1 te verslaan. Zijn aandeel in het behalen van zowel de titel als de beker leidde ertoe dat Cruijff in 1967 werd uitgeroepen tot Nederlands voetballer van het jaar.[5]

In deze periode ging Cor Coster, de aanstaande schoonvader van Cruijff, als een van de eersten inzien dat individuele spelers een commerciële waarde vertegenwoordigden. Hij begreep dat De Meer iedere wedstrijd veel toeschouwers trok, die hoofdzakelijk voor Cruijff kwamen.[18] Costers inzichten leidden ertoe dat Cruijff besloot zich vanaf dat moment te laten vertegenwoordigen door zijn aanstaande schoonvader, die daarmee een van de eerste zaakwaarnemers in het nationale en internationale topvoetbal werd.[31] De intrede van de zaakwaarnemer bracht een kentering in de voetbalwereld teweeg, aangezien sportbestuurders tot dan toe gewend waren dat zij de voorwaarden voor het contract opstelden en dat spelers slechts hoefden te tekenen.[18] Illustratief was bijvoorbeeld Costers invloed op het clubbestuur, toen hem ter ore kwam dat de nieuwe aankoop Dick van Dijk meer ging verdienen dan Cruijff. Coster greep in en zorgde er persoonlijk voor dat Cruijffs contract werd opengebroken. Er vond een financiële opwaardering plaats waarbij het jaarsalaris werd opgetrokken naar 50.000 gulden: hetzelfde bedrag dat Van Dijk ook ontving. Coster vond namelijk dat wanneer iemand zo goed kon voetballen als Cruijff deze daar ook vorstelijk voor gehonoreerd mocht worden. Begin jaren zeventig, toen de spelerssalarissen een vlucht namen, ging Coster zelfs nog een stapje verder door zichzelf te beloven dat hij ervoor ging zorgen dat Cruijff van zijn voetbalkwaliteiten miljonair zou worden.[32]

Johan Cruijff op de tribune met Cor Coster.

In 1968 werd Ajax voor de derde keer op rij landskampioen. Het gevolg was dat de club daarom in 1968/69 mocht deelnemen aan de Europacup I en daarin kende men de nodige successen. Mede door de doelpunten van Cruijff en Danielsson tegen het Benfica van Eusébio, wist Ajax als eerste Nederlandse club de finale van het Europese bekertoernooi te bereiken. Op 28 mei 1969 bleek AC Milan in de eindstrijd echter een maatje te groot voor de Amsterdammers, het catenaccio van de Italianen leverde die avond een 4-1-overwinning op.[5] Door het drukke internationale programma liep Ajax op de valreep ook op nationaal niveau alle prijzen mis, waardoor het seizoen 1968/69 als verloren kon worden beschouwd. Michels besloot als reactie het elftal te verjongen en dit leidde een seizoen later tot een positief resultaat: Cruijff won met zijn club opnieuw de dubbel.

Door een liesblessure miste Cruijff de eerste wedstrijden van het daaropvolgende seizoen. Na een wekenlange afwezigheid vond de rentree van Cruijff plaats op 30 oktober 1970 tegen PSV. Tijdens die wedstrijd droeg hij echter niet zijn vaste rugnummer 9, maar nummer 14. Dit vond zijn oorsprong in het ontbrekende shirt van Gerrie Mühren met rugnummer 7, dat niet in de wasmand werd aangetroffen. Aangezien Cruijff langdurig geblesseerd was geweest, vond hij dat Mühren dan maar zijn tricot met nummer 9 moest nemen. Cruijff trok vervolgens een reserveshirt met rugnummer 14 aan. Nadat het duel tegen PSV in een 1-0-overwinning voor Ajax was geëindigd, droeg Cruijff een week later opnieuw het shirt met nummer 14 omdat het tegen PSV 'zo lekker was gegaan' en Mühren wederom met nummer 9 kon spelen. Uit bijgeloof behield Cruijff rugnummer 14, dat op den duur in de beeldvorming onlosmakelijk met hem werd verbonden. In dat kader is het opvallend dat hij in het vervolg van zijn carrière nog regelmatig met andere rugnummers speelde.[33] Cruijff was na zijn lange afwezigheid opmerkelijk snel hersteld en toonde dit binnen een maand na zijn rentree op 29 november 1970 tegen AZ'67, toen hij met zes treffers een groot aandeel had in de 8-1-overwinning van Ajax. Daarmee evenaarde Cruijff het record van Lammers en Kerkhoffs, die ook zes keer hadden gescoord in één competitiewedstrijd.[5] In 2007 schoot Afonso Alves dat record echter uit de boeken toen hij zeven keer het net vond tegen Heracles.[34]

Europese hegemonie[bewerken]

Cruijff tijdens de loting voor de kwartfinales van de UEFA Cup bij de NOS. Links van hem zitten nieuwslezer Fred Emmer en ploeggenoot Sjaak Swart.

Inmiddels had Michels een team geformeerd dat zich kon meten met de Europese top. Het elftal bestond naast jongelingen als Stuy, Krol, Neeskens, Rijnders, Blankenburg en Haan uit oudgedienden die al aanwezig waren bij de Europacupfinale van 1969 zoals Suurbier, Hulshoff, Vasović, Swart, Keizer en Cruijff. Bijna twee jaar na dato wist dit gezelschap op 2 juni 1971 wederom de finale van de Europacup I te bereiken. Op Wembley was het Griekse Panathinaikos, gecoacht door Ferenc Puskás, de tegenstander. Net als Feyenoord een jaar eerder, wist Ajax ditmaal ook het prestigieuze toernooi te winnen dankzij twee doelpunten van Van Dijk en Haan.

Na de gewonnen Europacup I ontstond er speculatie dat Cruijff zou vertrekken bij Ajax. Zo stond hij onder andere in de belangstelling van FC Barcelona, maar behoorde ook een overstap naar Feyenoord tot de mogelijkheden.[35] Coster had in het geheim maandenlang onderhandeld met de Rotterdamse club om Cruijff, via een verhuurconstructie met een buitenlandse club, de beoogde opvolger van de vertrekkende Ove Kindvall te laten worden.[36] Na lang onderhandelen bereikten Cruijff en Coster op 12 juli 1971 echter toch een akkoord met Ajax. Cruijff kreeg de financiële zekerheid waar hij op had gehoopt. Hij tekende een zevenjarig contract dat hem jaarlijks 95.000 gulden opleverde, plus winstpremies van 1.500 gulden. In 1978, wanneer Cruijffs contract zou aflopen, was de planning dat hij ook definitief zou stoppen met voetballen. Daarom regelde Coster ook nog een akkoord met Koninklijke Bijenkorf Beheer, waarin was opgenomen dat Cruijff vanaf zijn 31e tot zijn 65e jaarlijks een bedrag uitgekeerd zou krijgen ter hoogte van 60.000 gulden.[18]

In 1971/72 beleefde Cruijff met Ajax één van de meest succesvolle seizoenen uit de historie van de club, nadat vanaf half 1971 John Rep, Arnold Mühren en Heinz Schilcher de selectie aanvulden. Trainer Rinus Michels was inmiddels vertrokken naar FC Barcelona en opgevolgd door Ștefan Kovács. Onder leiding van de Roemeense oefenmeester wonnen de Amsterdammers opnieuw de dubbel en stond de club voor de tweede achtereenvolgende maal in de finale van de Europacup I. Op 31 mei 1972 vond de eindstrijd plaats in De Kuip, waar Cruijff een hoofdrol opeiste door beide doelpunten voor zijn rekening te nemen in de 2-0-overwinning op Internazionale. Andere hoogtepunten dat seizoen waren onder meer het snelste doelpunt van Cruijff ooit (op 21 november 1971 na negen seconden tegen Telstar) en de grootste overwinning in de geschiedenis van de Eredivisie, toen Ajax op 19 mei 1972 Vitesse met 12-1 versloeg.[37] Ook de lob waarmee Cruijff de 2-1 aantekende tegen FC Den Haag kon tot de hoogtepunten van het seizoen worden gerekend. Nadat Cruijff zijn tegenstander in een vloeiende beweging was gepasseerd, schoot hij de bal met een subtiel boogje over de Haagse doelman Ton Thie heen.[38] Dat Cruijff in die periode door de media tot de absolute top werd gerekend, bewezen onder andere de uitverkiezing tot Nederlands en Europees voetballer van het jaar in 1971.[39]

In tegenstelling tot 1971, toen Ajax als titelhouder van de Europacup I deelname aan de Wereldbeker had afgezegd, besloot de club in het najaar van 1972 de confrontatie met de winnaar van de Copa Libertadores toch op te zoeken. Aanvankelijk bestond er twijfel vanwege de lange reis en de geringe uitstraling van de Wereldbeker, maar de intentie binnen de spelersgroep om alles te willen winnen gaf uiteindelijk de doorslag om toch te gaan.[40] In de strijd tussen de Europese en Zuid-Amerikaanse kampioen, werd het Argentijnse Independiente door Ajax over twee wedstrijden met 4-1 verslagen. Na de Wereldbekerwinst volgde Cruijff Piet Keizer op als aanvoerder van Ajax. Onder leiding van Cruijff werd begin 1973 door Ajax ook de Europese Supercup veroverd, na een dubbele overwinning op Glasgow Rangers. Op 7 maart 1973 volgde er in de kwartfinale van de Europacup I een belangrijke 4-0-thuisoverwinning op Bayern München. Het duel werd in 2005 door L'Équipe verkozen tot de beste Europacupwedstrijd ooit. De Franse sportkrant omschreef het duel als 'de beste demonstratie van totaalvoetbal'.[41] Nadat de Ajacieden in de halve finale ook Real Madrid hadden uitgeschakeld (2-1 zege thuis, 0-1 zege uit), bereikte de club op 30 mei 1973 voor de derde keer op rij de Europacup I-finale. Daarin wisten de Amsterdammers opnieuw te winnen, ditmaal met 1-0 van Juventus.

Inmiddels begon echter het enthousiasme over het aanvoerderschap van Cruijff onder spelers af te nemen. In juli 1973 ging een onderling verdeelde selectie op trainingskamp in een hotel in De Lutte. Keizer wilde weer aanvoerder worden maar Cruijff zag dit niet zitten.[42] Er werd daarom een stemming gehouden over de vraag of Cruijff aanvoerder moest blijven of niet. Met drie stemmen voor en dertien stemmen tegen zegde de spelersgroep het vertrouwen in Cruijff op en kreeg Keizer de aanvoerdersband terug.[5] Cruijff ervoer de beslissing van de spelersgroep als een motie van wantrouwen en had het gevoel dat zijn gezag werd ondermijnd.[43] Geschokt keerde hij terug naar zijn hotelkamer, waar hij contact opnam met zijn schoonvader. Telefonerend gaf Cruijff hem de opdracht: "je moet nu meteen Barcelona bellen. Ik vertrek hier."[44]

De grenzen in Spanje waren weer opengesteld voor buitenlandse spelers en Barcelona, dat Cruijff al eerder had willen contracteren, sloeg zijn slag, nadat in een eerder stadium de transfer van Gerd Müller was afgeketst.[45] Cruijff speelde nog twee competitiewedstrijden voor Ajax, op 12 augustus 1973 (FC Groningen-Ajax 0-4) en zijn laatste op 19 augustus 1973 tegen FC Amsterdam (6-1). Hoewel Cruijff in de eerste minuten van het duel nog werd uitgefloten, was hij erop gebrand om de club waardig te verlaten. Tien minuten voor tijd wist de afzwaaiende vedette het net te vinden, waarna hij onder luid applaus een publiekswissel ontving om afscheid te kunnen nemen.[46] Drie dagen later, op 22 augustus, werd het contract ondertekend en verhuisde Cruijff voor zes miljoen gulden, waarvan drie miljoen voor hem zelf, naar Barcelona.[27] Door zijn transfer mocht Cruijff zich de duurste voetballer aller tijden noemen.[47]

FC Barcelona[bewerken]

Johan Cruijff als Barcelona-speler op het Amsterdam 700 Tournament in 1975.

In Barcelona werd Cruijff herenigd met Michels, die van 1965 tot 1971 zijn trainer bij Ajax was geweest. De Catalanen hadden lang op de komst van Cruijff moeten wachten. Eerst stond de Spaanse voetbalbond geen buitenlanders toe en daarna werkte de KNVB niet mee, omdat Cruijff na het verstrijken van de transferperiode was gecontracteerd. Cruijff kon aanvankelijk alleen in vriendschappelijke wedstrijden voor Barcelona uitkomen en maakte op 5 september 1973 zijn officieuze debuut tegen Cercle Brugge (6-0). De recettes van de vriendschappelijke duels waren zodanig dat Barcelona, nog voordat Cruijff in de Spaanse competitie speelgerechtigd was, het transferbedrag van Cruijff helemaal terugverdiende.[42] Met als argument dat Cruijff wedstrijdritme moest behouden voor het Nederlands elftal gaf de KNVB alsnog toe. Hierdoor kon Johan Cruijff op 28 oktober 1973 in de thuiswedstrijd tegen Granada zijn officiële debuut voor Barcelona maken.[5] Inmiddels was het seizoen al zeven speelronden oud en bevond Barcelona zich, na twee overwinningen, twee gelijke spelen en drie nederlagen, in de onderste regionen van de ranglijst. Cruijff scoorde twee doelpunten tegen Granada waardoor er met 4-0 werd gewonnen. Met de Nederlander in het elftal bleef de club vervolgens 25 wedstrijden op rij ongeslagen (negentien overwinningen en zes gelijke spelen). Toen de club vijf wedstrijden voor het einde van de competitie niet meer door de concurrentie achterhaald kon worden, behaalde Barcelona voor het eerst in veertien jaar weer het kampioenschap van Spanje. Cruijff scoorde zestien doelpunten (één doelpunt minder dan clubtopscorer Marcial) en leverde een fundamentele bijdrage aan dit kampioenschap. Dit werd het hoogste aantal doelpunten dat hij in een seizoen in Spanje zou scoren, een aantal dat ver verwijderd bleef van de 33 in zijn beste seizoen bij Ajax.[48] Hoogtepunt van dit seizoen was onder andere de 0-5-overwinning op aartsrivaal Real Madrid, waarin Cruijff eenmaal had gescoord.[49] Ook was er het beroemde doelpunt tegen Atlético Madrid, waarbij Cruijff met de rug van het doel draaide om vervolgens met zijn hiel de bal langs keeper Miguel Reina binnen te tikken.[50] De prestaties van Cruijff zorgden ervoor dat hij in 1973 en 1974 opnieuw werd verkozen tot Europees voetballer van het jaar. Daarmee werd hij de eerste speler die de prijs driemaal won. Michel Platini en Marco van Basten zijn de enige spelers die dit wisten te evenaren.[51]

Hoewel Cruijff destijds in de hoogtijdagen van zijn carrière zat, bleef de landstitel van 1974 jarenlang de enige prijs die hij in dienst van Barcelona zou winnen. Na het vertrek van Michels in 1975 kon zijn opvolger Hennes Weisweiler daar geen verandering in brengen. De Duitse oefenmeester had bij Borussia Mönchengladbach grote successen gevierd, maar ook daar viel al op dat Weisweiler slecht overweg kon met vedetten. Hij botste voortdurend met zijn sterspeler Günter Netzer. Deze geschiedenis herhaalde zich in Barcelona: Weisweiler botste met Cruijff, die in 1976 tegen Sevilla zelfs naar de kant werd gehaald. De socios kozen massaal partij voor Cruijff en zijn populariteit bleef onaangetast. Weisweilers dagen waren geteld en hij moest na één seizoen weer vertrekken. Ondanks geruchten dat Cruijff naar Juventus zou gaan of zelfs naar Nederland zou terug keren (naar Ajax of AZ’67), tekende hij voor twee seizoenen bij. Hij eiste dat Michels moest worden teruggehaald.[42] Deze eis werd ingewilligd. Onder leiding van de teruggekeerde oefenmeester behaalde Cruijff in 1978 zijn tweede en laatste prijs gedurende zijn vijfjarig verblijf bij FC Barcelona. Op 19 april won de club de Spaanse nationale beker na een 2-0-overwinning op Las Palmas.[5]

Afscheid[bewerken]

Johan Cruijff tijdens zijn afscheidswedstrijd tegen Bayern München.

Zoals hij zijn hele carrière al had voorspeld, besloot de 31-jarige Cruijff in de zomer van 1978 een punt achter zijn loopbaan te zetten.[52] Met een 3-1 zege op Ajax nam hij op 27 mei 1978 afscheid van het Catalaanse publiek.[5] Speciaal voor Cruijff werd op 7 november 1978 door Ajax nog een afscheidswedstrijd georganiseerd. Het Duitse Bayern München was uitgenodigd voor de erewedstrijd in het Olympisch Stadion. Vooraf kreeg Cruijff van voorzitter Ton Harmsen een gouden horloge met inscriptie en een kleurentelevisie. Dit laatste cadeau zorgde voor hilariteit op de tribunes maar later bleek dat de televisie gekocht was naar de wens van Cruijffs vrouw Danny.

Het werd geen feestelijke dag en geen gebruikelijke uitslag voor een erewedstrijd. In een vol stadion en met miljoenen tv-kijkers over de hele wereld werd Ajax met 0-8 ingemaakt. De Duitsers waren getergd door de nederlagen die ze hadden geleden in de voorgaande jaren tegen Ajax (in augustus 1972 werd het in München 0-5 en in maart 1973 in Amsterdam 4-0). Daarnaast stond er niemand van de Amsterdamse club op Schiphol om de Duitsers welkom te heten en werden ze ondergebracht in een tweederangs hotel. Ook hebben ze achteraf laten weten uitgejouwd te zijn vanaf de tribunes (voor onder andere 'Nazi-Schweine'). Het team van Ajax wilde er een leuke avond van maken maar werd verrast door de geconcentreerde strijdlust van Bayern. Na de achtste treffer, van Karl-Heinz Rummenigge, verliet Cruijff het veld voor Ray Clarke. Het was de grootste nederlaag die Cruijff in zijn carrière had geleden.[53] In mei 2006 hebben enkele voormalige spelers van Bayern München in NOVA alsnog hun excuses aangeboden voor deze wedstrijd.[54]

Na zijn voetbalcarrière stortte Cruijff zich op een zakelijk avontuur in Spanje. In het verleden had hij zich al op zaken toegelegd met Jack van Zanten en nu besloot Cruijff in zee te gaan met goede vriend en zakenpartner Michel Basilevitsj.[55] Vanuit een luxe kantoor aan de Passeig de Gràcia in Barcelona begonnen ze samen CB-International (met de C van Cruijff en de B van Basilevitsj). Het bedrijf hield zich onder meer bezig met de export van wijn, cement en groenten, de handel in onroerend goed, het vertegenwoordigen van Warner Bros en de exploitatie van varkensfokkerij Ganadera Catalana. Het project liep echter uit op een fiasco: Basilevitsj bleek het vermogen handig te hebben weggesluisd en liet Cruijff achter met een schuld van zes miljoen gulden.[56]

Los Angeles Aztecs[bewerken]

Cruijff zag zich genoodzaakt om het voetballen weer op te pakken. Hij wilde graag naar de Verenigde Staten, waar New York Cosmos de volgende club uit zijn carrière leek te worden. Bij Cosmos had Cruijff namelijk ooit een voorcontract getekend waarin was vastgelegd dat hij in de Verenigde Staten alleen voor die club mocht uitkomen. Toen hij op 30 augustus 1977, enkele weken voor zijn afscheid, als gastspeler had deelgenomen aan een benefietwedstrijd had Cruijff al kennis gemaakt met de Amerikaanse ploeg. Clubeigenaar Steve Ross, die ook de baas was van Warner Bros, besloot werk te maken van Cruijffs komst en bood hem een driejarige overeenkomst aan met een honorarium van in totaal vier miljoen dollar.[57] Cruijff sloeg dat aanbod echter af, omdat hij maar één jaar voor de club uit wilde komen. De verklaring daarvoor was dat Cruijff niet zoveel trek had in de commerciële activiteiten die hij namens de club voor Warner Bros moest uitvoeren, zoals dat in het verleden ook van oud-speler Pelé werd verwacht. New York Cosmos zou onder andere op een wereldtournee gaan, waarmee miljoenen dollars zouden worden opgehaald. Andere verhalen vertellen dat de invloedrijke sterspeler Giorgio Chinaglia niet op de komst van Cruijff zat te wachten en daarom een overgang blokkeerde.[58]

Nadat bleek dat een voortzetting van Cruijffs carrière er bij New York Cosmos niet in zat, toonde Los Angeles Aztecs interesse. Aan de Amerikaanse westkust lag een lucratief contract voor Cruijff klaar met een jaarsalaris van 750.000 dollar.[57] De werkloze Cruijff ging akkoord en tekende voor één seizoen. Het ging hem echter niet om het geld, zoals hij in tientallen interviews aangaf. Naar eigen zeggen had hij in Europa veel meer kunnen verdienen. Cruijff vond van zichzelf dat hij op een missie was: hij wilde het voetbal in de Verenigde Staten tot een succes maken, laten zien dat het ‘de mooiste sport ter wereld was’. Of Cruijff dit nu meende of niet, in Nederland kreeg hij de reputatie van een geldwolf. In de VS werd hij echter geprezen vanwege zijn inzet en liefde voor de sport. Zo was Cruijff bereid om uren te rijden als hij ergens kosteloos tien minuten op de televisie over voetbal mocht vertellen.[59]

Direct vanuit het vliegtuig, met de jetlag nog in zijn lijf en na negen maanden niet getraind te hebben, maakte Cruijff op 23 mei 1979 zijn debuut tegen Rochester Lancers. Aan het Amerikaanse publiek gaf hij meteen zijn visitekaartje af door binnen tien minuten tweemaal te scoren. In de tweede helft verzorgde hij nog een assist waarmee de 3-0-eindstand werd bepaald.[57] Zijn periode bij LA Aztecs betekende voor Cruijff een tweede hereniging met Michels, die een jaar eerder door de club was aangetrokken. Naast de inbreng van Cruijff speelden bij de Aztecs sinds 1979 de Nederlanders Thomas Rongen, Leo van Veen, Huub Smeets en Wim Suurbier. Michels bouwde een team dat volledig op Cruijff was afgestemd en gaf zijn spelers de opdracht: "je moet gewoon lopen waar Johan niet is".[60] Net zoals bij Ajax en Barcelona mocht Cruijff van Michels binnen het veld de lijnen uitzetten. Zijn prestaties zorgden ervoor dat hij aan het einde van het seizoen werd uitgeroepen tot meest waardevolle speler van de NASL. Zijn doelpunt in de playoffs tegen Washington Diplomats werd verkozen tot Goal of the Year.[57] Ondanks deze persoonlijke successen bleef het verblijf van Cruijff bij de Aztecs tot één seizoen beperkt, dit aangezien de nieuwe eigenaren in 1980 meer Mexicaanse invloeden bij de club wilden zien.[5] Andere bronnen meldden dat de Aztecs hem moesten laten gaan omdat ze zich het salaris van Cruijff niet nog een jaar konden veroorloven.[57]

Washington Diplomats[bewerken]

Cruijff besloot in Amerika te blijven en tekende een contract bij Washington Diplomats, waar hij de ploeggenoot van Wim Jansen werd. Zijn debuut op 29 maart 1980 tegen Tampa Bay Rowdies eindigde in een 3-2 nederlaag na shootouts.[5] In Amerika kende men afwijkende spelregels. Zo waren er per wedstrijd maximaal negen punten te verdienen en was een gelijkspel niet mogelijk. Shootouts, die Cruijff niet zelden miste, moesten dan de beslissing brengen.[61] In Washington kende Cruijff een sportief minder goed seizoen dan bij de Aztecs. De Diplomats werden al in de eerste ronde van de playoffs uitgeschakeld. Bovendien had Cruijff regelmatig last van blessures, die waarschijnlijk werden veroorzaakt door het kunstgras.[62] Ook kwam hij in conflict met trainer Gordon Bradley en sommige van zijn ploeggenoten. In tegenstelling tot LA Aztecs, waar nog werd geluisterd naar de aanwijzingen van Cruijff, waren medespelers bij de Diplomats niet geïnteresseerd in zijn adviezen. Daarnaast had Cruijff lang aan de speelwijze van de Diplomats moeten wennen, aangezien deze bijna tegenovergesteld was aan de manier waarop hij het gewend was. Het spel liet zich vooral vergelijken met het harde voetbal zoals dat in de Engelse derde divisie werd gespeeld.[57]

Johan Cruijff op de bank naast Leo Beenhakker.

Na afloop van de Amerikaanse competitie was Cruijff actief in Nederland. In het najaar van 1980 trainde hij mee met de selectie van Ajax. Meevoetballen werd hem door de KNVB verboden omdat het aantrekken van "Amerikaanse" spelers buiten de transferperiode tot competitievervalsing zou leiden.[63] Wel werd Cruijff op 24 november 1980 door Ajax tot technisch adviseur van trainer Leo Beenhakker benoemd, nadat Ajax door 3 successievelijke competitienederlagen in oktober 1980, en door eveneens zwakke resultaten in november 1980, naar de 8ste plaats in de eredivisie was gezakt. Het 1-1 gelijke spel uit tegen MVV op zaterdagavond 22 november 1980, was voor het Ajax-bestuur de druppel die de emmer deed overlopen.[5] In de functie van technisch adviseur baarde Cruijff groot opzien door tijdens een wedstrijd tegen subtopper FC Twente op 30 november 1980 van de tribune in Amsterdam af te dalen en naast de verbouwereerde Beenhakker op de bank plaats te nemen. Na met 1-3 achter gestaan te hebben won het op dat moment als achtste geklasseerde Ajax, na onder meer Rijkaard in de ploeg te hebben gebracht, alsnog met 5-3. Een zesde competitienederlaag in de veertiende speelronde werd zodoende voorkomen.[62] Wim Jansen, door Cruijff gevraagd mee te komen van de Washington Diplomats naar Ajax, voegde zich bij de selectie. Tijdens de wedstrijd Ajax-FC Twente (5-3) was Jansen vooralsnog bankzitter. Vanaf januari 1981 begon het het echt goed te draaien bij Ajax en in mei 1981 en juni 1981 finishte Ajax nog als 2de, een huzarenstukje. Ajax eindigde weliswaar op grote afstand van het dat seizoen superieure AZ'67, maar in ieder geval streefde Ajax de nummers 3, 4 en 5, FC Utrecht, Feyenoord en PSV, nog net voorbij. Ook haalde Ajax de bekerfinale, na onder meer subtopper FC Twente te hebben uitgeschakeld (5-1). De bekerfinale werd in Amsterdam met 1-3 van landskampioen AZ'67 verloren.

Naast zijn werkzaamheden voor Ajax speelde Cruijff in januari 1981 ook drie vriendschappelijke wedstrijden als gastspeler voor DS'79. Het verzoek daarvoor kwam van DS'79-voorzitter Nico de Vries, die zijn sportmerken Admiral en Pony meer onder de aandacht wilde brengen. Naast Cruijff had De Vries ook Rensenbrink bereid gevonden om deel te nemen. Samen met DS'79 werkten de twee oud-internationals drie duels af tegen Chelsea, Charleroi en MVV.[5]

Levante[bewerken]

Omdat Cruijff begin 1981 plannen had om een rentree te maken bij het Nederlands elftal, diende hij weer regelmatig op het veld te staan om in aanmerking te komen voor Oranje. Het voornemen van Cruijff verspreidde zich snel door Europa en leidde tot de concrete belangstelling van vier clubs. Arsenal was zeer geïnteresseerd maar zij wilden hem pas contracteren voor het seizoen 1981/82, waardoor een overgang naar Londen geen doorgang vond. Ook een onbekende Duitse club (vermoedelijk Hamburger SV) deed hem een aanbod, maar vanwege de verloren WK-finale was Cruijff niet geneigd om naar de Bundesliga te vertrekken. Na weken van onderhandelingen leek Leicester City toen de beste papieren te hebben om de handtekening van Cruijff te bemachtigen. Trainer Wallace rekende op zijn komst en liet de Engelse pers weten dat de overgang op één of twee kleine puntjes na rond was. Toen dit nieuws Spanje bereikte kwam de vierde gegadigde Levante met een verbeterde aanbieding die meer financiële zekerheid bood.[64] Cruijff besloot de Spaanse lokroep te beantwoorden en bereikte op 28 februari 1981 overeenstemming met de tweede club van Valencia, waar ook zijn jeugdidool Faas Wilkes had gespeeld.[5] De komst van Cruijff naar Levante was het idee geweest van Luis Rodríguez, een supporter van de club. Levante stond rond de winterstop bovenaan in de Segunda División, maar desondanks bleef het stadion leeg. Rodríguez wist dat Cruijff in Nederland was en adviseerde het bestuur van de club om contact met hem te zoeken. De clubleiding vloog naar Nederland en ontmoette Cruijff in een hotel in Rotterdam. Coster regelde het contract voor Cruijff, waarin was opgenomen dat de Nederlander zou tekenen tot 30 juni 1981 in ruil voor een vast bedrag van tien miljoen peseta. Omgerekend naar de toenmalige wisselkoers kwam dit neer op een bedrag van ongeveer 250.000 gulden. De vergoeding werd destijds omschreven als een regelrecht schandaal. Levante bleek echter nooit in staat te zijn geweest om de genoemde financiële verplichting te voldoen. Cruijff ontving uiteindelijk niet meer dan zes miljoen peseta.[56]

Op 1 maart 1981 maakte Cruijff in de Spaanse tweede divisie zijn debuut tegen Palencia. Het zorgde ervoor dat de thuishaven Estadi Ciutat de València voor de eerste en enige keer helemaal was uitverkocht. De komst van Cruijff bleek echter een negatieve invloed op de club te hebben. Er werd niet meer serieus gevoetbald en binnen het bestuur van Levante draaide alles alleen nog maar om geld. Hoewel er rond de kerst nog uitzicht was geweest op promotie naar het hoogste niveau, eindigde de club uiteindelijk als negende op de ranglijst. De organisatie binnen de club was een puinhoop geworden en spelers hadden zich tegen het einde van het seizoen opgesloten in de kleedkamers om het bestuur te dwingen hun salarissen uit te betalen. Ook Cruijff kende een teleurstellende periode in Valencia. Zijn gehele verblijf werd gekenmerkt door lichte blessures en vormverlies waardoor hij niet verder kwam dan tien optredens en twee doelpunten.[56]

Washington Diplomats[bewerken]

Nog voordat zijn dienstverband bij Levante officieel was afgelopen, tekende Cruijff op 18 juni 1981 opnieuw een contract bij Washington Diplomats. Zijn rentree op de Amerikaanse velden vond plaats op 1 juli tijdens het uitduel tegen San Diego Sockers (3-2 verlies). Tijdens zijn tweede seizoen bij de Diplomats kwam Cruijff echter, als gevolg van de naweeën van een hamstringblessure, maar tot vijf optredens en scoorde hij slechts twee doelpunten.[5] De kwetsuur aan zijn hamstrings had hij in juni 1981 opgelopen tijdens het Mundialito toernooi, waar hij als gastspeler deelnam aan een vriendschappelijke wedstrijd tussen AC Milan en Feyenoord.[65] Spelersmakelaar Ploon Konijnenburg had geregeld dat Cruijff een helft aan de zijde van Milan mee zou spelen voor een bedrag van 20.000 dollar.[66]

Ajax[bewerken]

Johan Cruijff bij zijn terugkeer naar Ajax in 1981. Links van hem zit Ajax-voorzitter Harmsen en rechts Ajax-secretaris Bartels.

In december 1981 keerde Cruijff terug bij Ajax. Het was Jack van Gelder, sinds 1979 PR-manager van Cruyff Sports, die ervoor had gezorgd dat beide partijen weer met elkaar in gesprek gingen. Op een zondagmiddag deed Van Gelder verslag voor Langs de Lijn en daarin stelde hij dat het te gek voor woorden was dat zowel Cruijff als Ajax graag met elkaar wilden samenwerken, maar dat beide partijen te trots waren om de eerste stap te zetten. Vervolgens belde diezelfde avond Rolf Leeser, een goede vriend van Michels, naar Van Gelder met de boodschap dat hij best een bemiddelende rol wilde spelen. De volgende ochtend kwam Van Gelder tot het besef dat hij die rol ook zelf kon spelen. Nadat hij daarvoor toestemming van Cruijff had ontvangen, belde hij met Ajax-voorzitter Harmsen die ook meteen akkoord ging. Er volgde een constructief gesprek maar na afloop van het onderhoud bestond er geen eensgezindheid binnen de clubleiding van Ajax. Van Eijden en Harmsen waren voor de komst van Cruijff, maar zij wisten de overige drie bestuursleden niet te overtuigen. Westrik en Neefjes werden door penningmeester Bartels tegengehouden omdat die vond dat je met Cruijff een financieel risico binnenhaalde en er dus vrijwel zeker problemen over geld zouden ontstaan.[67]

Intussen was Van Gelder door Harmsen getipt dat tijdens een volgende bestuursvergadering de beslissing over de komst van Cruijff zou vallen. Van Gelder besloot vervolgens een truc toe te passen om de terugkeer van Cruijff door het bestuur te loodsen.[68] Hij belde de avond van tevoren met Neefjes om hem te vertellen dat hij op de hoogte was van de geplande stemming een dag later. Vervolgens wist Van Gelder hem wijs te maken dat hij als enige bestuurslid tegen de komst van Cruijff was. Neefjes antwoordde dat hij dat niet op zijn geweten wilde hebben. Toen Harmsen de volgende dag tijdens de bestuursvergadering, in tegenstelling tot alle andere keren, de stemming begon bij Neefjes ging die akkoord met Cruijffs komst. De beslissing van Neefjes leidde tot een unaniem bestuursbesluit, waardoor Cruijff terug kon keren naar de club waar hij zijn carrière was begonnen.[67]

Cruijff ondertekende een contract op recettebasis waarbij werd afgesproken dat zodra er meer dan 11.000 toeschouwers in De Meer zaten, hij de helft van de meeropbrengst ontving. Met deze deal waren beide partijen tevreden, aangezien enerzijds het Ajax-bestuur wist dat wedstrijden in 1980 soms door niet meer dan 8.000 mensen werden bezocht, en Cruijff zich anderzijds realiseerde dat hij persoonlijk voor extra toeschouwers kon zorgen, zeker wanneer het met Ajax sportief weer bergopwaarts zou gaan. Ondanks prima resultaten in de eerste 8 competitieduels stond Ajax op het moment dat Cruijff arriveerde namelijk op de 3de plaats, een straatlengte achter op PSV en AZ. Dit werd veroorzaakt door slechte resultaten in de competitie in oktober 1981 (2 ruime nederlagen uit, 1 gelijkspel tegen NAC thuis). Ajax had de beschikking over de nodige 17- tot 20-jarige talenten (onder andere Wim Kieft, Frank Rijkaard, Gerald Vanenburg, Sonny Silooy, Jesper Olsen) maar deze wisten het voetbal niet naar een hoger plan te brengen. Het was echter maar de vraag of de inmiddels 34-jarige Cruijff daar verandering in kon brengen.[69]

Cruijff met Japanse fans na een training van Ajax in 1982.

De comeback van Cruijff vond plaats op 6 december 1981 tegen HFC Haarlem in een uitverkochte De Meer. Er waren die middag 12.000 toeschouwers meer op komen dagen dan normaal, terwijl ook in de rij voor de loketten nog duizenden fans stonden.[70] Aanvankelijk bestond er scepsis over Cruijffs komst, maar deze wist hij in de 21e minuut weg te nemen toen hij in het strafschopgebied langs Piet Huyg en Martin Haar slalomde en de 1-0 aantekende door de bal met een subtiel lobje over keeper Edward Metgod heen te wippen. Het stadion raakte uitzinnig en het publiek zag dat de speler met rugnummer 14 'het' nog kon. Met de komst van Cruijff verdween de wisselvalligheid bij Ajax waardoor PSV na de winterstop op de ranglijst kon worden gepasseerd. De club uit Amsterdam verloor geen enkele wedstrijd in de competitie meer, en omdat de naaste concurrenten in het slot van de competitie punten lieten liggen, werd Ajax in 1982 met vijf punten voorsprong en een imposant doelsaldo van +75 (117-42) alsnog landskampioen.[71]

Bijna exact een jaar na zijn comeback zorgde Cruijff opnieuw voor een zeldzaam moment, toen Ajax op 5 december 1982 met 1-0 voor stond tegen Helmond Sport. De Amsterdammers kregen een penalty, waarna Cruijff de bal opeiste. Dit was op zichzelf al een opvallend voorval omdat de routinier nog nooit eerder een penalty voor Ajax had genomen.[71] De uitvoering was vervolgens echter nog curieuzer: Cruijff legde de bal breed op Jesper Olsen en die wist meteen wat hij moest doen. Hij pikte de bal op en legde hem terug op Cruijff die simpel binnen kon tikken omdat doelman Versfeld naar Olsen was toegelopen. Helmond-spelers protesteerden nog maar de genomen strafschop voldeed aan de reglementen. Het doelpunt ging de hele wereld over, maar later bleek dat het niet de eerste keer was dat een penalty in drieën werd genomen. Het Feyenoord-duo Bas Paauwe en Gerard Kuppen had dit kunstje op 4 mei 1944 tegen Sparta al eens eerder vertoond.[72] Het seizoen 1982/83 werd door Ajax opnieuw succesvol afgesloten met een landskampioenschap en de KNVB beker.

In de laatste maanden van het seizoen was Cruijff echter in conflict gekomen met Ajax-voorzitter Harmsen. Het bestuurslid vond Cruijff te oud geworden en wilde zijn salaris van anderhalf miljoen gulden niet uitbetalen.[73] Gedreven door rancune over de behandeling door het Ajax-bestuur, gaf Cruijff aan Coster de opdracht om contact te zoeken met Feyenoord voor een onvoorstelbaar geachte overstap naar de aartsrivaal.[74] Na maanden van onderhandelingen kwamen partijen tot een overeenstemming, waarbij een soortgelijke beloningsconstructie op recettebasis werd opgezet als bij Ajax, aangezien de clubkas van Feyenoord bijna leeg was.[75] Op 10 mei 1983 kondigde Cruijff zijn afscheid aan. Een week later, na de gewonnen bekerfinale, vertrok het clubicoon.[5]

Feyenoord[bewerken]

Cruijff bij zijn afscheid als voetballer in 1984.

Aanvankelijk hadden de supporters van Feyenoord de nodige moeite met de van Ajax overgekomen routinier. Deze verdween echter snel toen Cruijff, nadat hij op 21 augustus 1983 had gedebuteerd tegen FC Volendam, zijn meerwaarde bewees. Ondanks een 8-2 nederlaag tegen Ajax, haalde Cruijff zijn sportieve revanche door met de Rotterdamse club zowel de landstitel als de KNVB beker te winnen. Behalve een getergde Cruijff, was dit met name te danken geweest aan de sterk spelende Ruud Gullit en André Hoekstra en de trefzekere Peter Houtman. Ondanks zijn relatief hoge leeftijd speelde Cruijff dat seizoen op één wedstrijd na alle competitieduels.[5] Door zijn prestaties op het veld werd de 37-jarige Feyenoorder in 1984 voor een vijfde maal gekozen tot Nederlands voetballer van het jaar. Aan het einde van het seizoen kondigde de routinier zijn definitieve afscheid aan. Op 13 mei 1984 werd hij in het competitieduel tegen PEC Zwolle elf minuten voor tijd met een symbolische rode kaart van het veld gestuurd door scheidsrechter Severein. Hij werd vervangen door een jeugdige Mario Been.[5]

Zijn allerlaatste duel speelde Cruijff driekwart jaar later in Saoedi-Arabië, toen Feyenoord voor vele miljoenen een zeer aanlokkelijk aanbod ontving van de Saoedische koning Fahd. Twee afzwaaiende internationals van het Saoedische nationale elftal hadden een afscheidsduel aangeboden gekregen en omdat Cruijff de beste voetballer was die de koning ooit had gezien, moest en zou hij meespelen. Cruijff, die al gestopt was met voetballen en ongetraind aan de aftrap verscheen, scoorde in de eerste helft tweemaal voor het elftal van Saoedi-Arabië en bracht Feyenoord na de rust terug in de wedstrijd met een doelpunt en een assist. Nadat het duel in een 2-2 gelijkspel was geëindigd, ontving Cruijff als dank voor zijn deelname een veeldelig 24-karaats gouden servies.[76]

Wedstrijden en doelpunten[bewerken]

Seizoen Club Land Competitie Competitie Beker Internationaal Totaal
Wed. Dlp. Wed. Dlp. Wed. Dlp. Wed. Dlp.
1964/65 Ajax Vlag van Nederland Eredivisie 10 4 0 0 0 0 10 4
1965/66 19 16 4 6 0 0 23 22
1966/67 30 33 5 5 6 3 41 41
1967/68 33* 25 5 6 2 1 40 32
1968/69 29 24 3 3 10 6 42 33
1969/70 33 23 5 6 8 4 46 33
1970/71 25 21 6 5 6 1 37 27
1971/72 32 25 4 3 9 5 45 33
1972/73 26 16 0 0 6 3 32 19
1973/74 2 3 0 0 0 0 2 3
Club totaal 239 190 32 34 47 23 318 247
1973/74 FC Barcelona Vlag van Spanje Primera División 26 16 12 8 0 0 38 24
1974/75 30 7 12 7 8 0 50 14
1975/76 20 6 10 3 9 2 39 11
1976/77 30 14 9 6 7 5 46 25
1977/78 28 5 7 1 10 5 46 11
Club totaal 143 48 50 25 34 12 227 85
1979 Los Angeles Aztecs Vlag van Verenigde Staten North American Soccer League 27 14 0 0 0 0 27 14
Club totaal 27 14 0 0 0 0 27 14
1980 Washington Diplomats Vlag van Verenigde Staten North American Soccer League 27 10 0 0 0 0 27 10
Club totaal 27 10 0 0 0 0 27 10
1980/81 Levante Vlag van Spanje Segunda División 10 2 0 0 0 0 10 2
Club totaal 10 2 0 0 0 0 10 2
1981 Washington Diplomats Vlag van Verenigde Staten North American Soccer League 5 2 0 0 0 0 5 2
Club totaal 32 12 0 0 0 0 32 12
1981/82 Ajax Vlag van Nederland Eredivisie 15 7 1 0 0 0 16 7
1982/83 21 7 7 2 2 0 30 9
Club totaal 275 204 40 39 49 23 364 266
1983/84 Feyenoord Vlag van Nederland Eredivisie 33 11 7 1 4 1 44 13
Club totaal 33 11 7 1 4 1 44 13
Carrière totaal 520 291 97 65 87 36 704 392

* Exclusief de gestaakte wedstrijd Ajax - Feyenoord (21 januari 1968)[77]

Interlandcarrière[bewerken]

Debuut en controverse[bewerken]

Johan Cruijff tijdens zijn debuut bij het Nederlands elftal in 1966. Staand: Flinkevleugel, Israël, Pieters Graafland, Muller, Veldhoen, Schrijvers. Zittend: Pijs, Swart, Cruijff, Nuninga, Keizer.

Cruijff maakte op 7 september 1966 als negentienjarige zijn debuut voor het Nederlands elftal tijdens de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Hongarije. De aanvaller scoorde het tweede doelpunt voor Oranje, waardoor de confrontatie in een 2-2 gelijkspel eindigde. Een klein half jaar eerder, op 9 februari 1966, had Cruijff al zijn officieuze opwachting gemaakt voor het Nederlands elftal in een oefeninterland tegen Racing Strasbourg. In dat duel maakte Cruijff een hattrick en won Oranje met 7-0.[5] Al in zijn tweede interland, op 6 november 1966 tegen Tsjecho-Slowakije, werd Cruijff uit het veld gestuurd. Hij was daarmee de eerste Nederlandse international in de geschiedenis die gedwongen het terrein moest verlaten. Cruijff zou scheidsrechter Glöckner in het gezicht hebben geslagen, hoewel dit door de speler zelf werd betwist. De KNVB besloot Cruijff naar aanleiding van het incident een jaar lang uit te sluiten van interlandvoetbal, maar onder druk van de media werd de aanvaller na acht maanden alweer opgeroepen voor het EK-kwalificatieduel tegen de DDR. Zijn rentree wist hij binnen twee minuten op te luisteren met een doelpunt, waarmee ook meteen de eindstand was bepaald.[5]

Hoewel Cruijff al snel naam had gemaakt binnen Oranje, bleek het geen aanzet tot een langdurige interlandcarrière. In 1968 begon er onenigheid te ontstaan tussen Cruijff en de KNVB. De aanvaller kon zich, samen met vier ploeggenoten van Ajax, niet vinden in de hoogte van de vergoeding die zij zouden ontvangen voor de deelname aan een trainingskamp en het spelen van een interland tegen Bulgarije. De internationals onder leiding van Cruijff wilden alleen voor Oranje uitkomen als daar ook een substantieel geldbedrag tegenover stond.[5] Het was niet ongebruikelijk dat Cruijff zo nu en dan zijn eigen belangen boven het landsbelang stelde. Hij zei daarom regelmatig om diverse redenen wedstrijden af. Zo werd de aanvaller eens geschorst door bondscoach Keßler omdat hij, vanwege het bezoeken van een buitenlandse schoenenbeurs in het kader van zijn eigen bedrijf, een belangrijke training had gemist.[52] Hoewel de verstandhouding bij vlagen soms moeizaam verliep, was Cruijff inmiddels wel verkozen tot aanvoerder van het Nederlands elftal. Deze rol had hij al sinds zijn vijftiende interland, op 1 december 1971, vervuld. De aanvoerdersband zou hij ook de resterende 33 wedstrijden uit zijn interlandcarrière behouden.[5]

Ondanks de internationale successen van Ajax en Feyenoord eind jaren 60 en begin jaren 70, wist het Nederlands elftal zich niet te kwalificeren voor het WK in 1970 en EK in 1972. Cruijff gaf later toe dat in die periode het belang van Oranje niet zo werd ingezien.[52] Voor het WK in 1974 wist Nederland zich wel te plaatsen, na 36 jaar van afwezigheid op het mondiale eindtoernooi. Voordat er echter werd afgereisd naar gastland West-Duitsland, had Cruijff tegenover Voetbal International verklaard dat dit zijn eerste en laatste WK zou zijn. De aanvaller liet er geen twijfel over bestaan dat hij in 1978 op zijn 31e zou stoppen met voetballen. Deelname aan het volgende WK in Argentinië was daarmee uitgesloten. Cruijff zag op tegen het lange verblijf in Zuid-Amerika maar vreesde ook de risico's die hij in Argentinië zou lopen. In 1972 had Ajax in Buenos Aires om de Wereldbeker gespeeld en die reis was al gepaard gegaan met verschillende incidenten. Tevens lag bij een verblijf in Zuid-Amerika het gevaar van kidnapping op de loer.[78]

WK 1974[bewerken]

Johan Cruijff (1974)

Onder leiding van bondscoach Rinus Michels begon Oranje op 15 juni 1974 voortvarend aan het WK. In het openingsduel tegen Uruguay bepaalden twee doelpunten van Johnny Rep de eindstand, en omdat Nederland tijdens de eerste speelronde als enige land indruk had gemaakt, werd het in de pers al meteen bestempeld tot aanstaand wereldkampioen. Tegen Zweden, de volgende tegenstander in de groepsfase, bleef het Nederlands elftal op een 0-0 gelijkspel steken. In het laatste groepsduel liet Oranje tegen Bulgarije echter zien waar het toe in staat was. Cruijff kreeg van Michels een vrije rol in de aanval. Zwervend over het hele veld schiep hij ruimte en bracht hij ploeggenoten in stelling. Nederland speelde het totaalvoetbal waar het nog jarenlang bekend om zou staan en versloeg de Bulgaren met 4-1. Oranje plaatste zich na twee overwinningen en een gelijkspel voor de finalepoule, waar Argentinië de volgende tegenstander was. Tegen de Zuid-Amerikanen speelde Oranje zijn beste wedstrijd tot dan toe. Het systeem van Michels en Cruijff werd uitgevoerd zoals het was bedoeld. Cruijff scoorde zijn eerste twee WK-doelpunten. Nederland won met 4-0 en kon zich opmaken voor het volgende duel tegen Oost-Duitsland. Deze partij was minder hoogstaand dan het duel tegen Argentinië, maar werd relatief eenvoudig gewonnen met 2-0. Een gelijkspel tijdens het laatste duel tegen Brazilië zou vervolgens voldoende zijn om de finale te bereiken. De ontmoeting met de regerend wereldkampioen ontaardde echter in een legendarische schoppartij, die werd ontsierd door het spuwen naar tegenstanders, het op elkaars voeten gaan staan en vliegende tackles. Oranje liet zich niet van de wijs brengen en dankzij de doelpunten van Neeskens en Cruijff werden de Brazilianen met 2-0 verslagen, waardoor Nederland voor de eerste maal de WK-finale bereikte.[5]

Nog voordat de eindstrijd werd gespeeld ontstond er echter een rel aan Nederlandse zijde. Een dag voor de halve finale plaatste het Duitse boulevardblad Bild-zeitung een verhaal over een zwempartij bij het Waldhotel Krautkrämer in Hiltrup, waar het Nederlands elftal verbleef. Het artikel droeg als kop 'Cruyff, Sekt und nackte Mädchen' en beschreef een zwemfeest dat na de overwinning op Oost-Duitsland zou hebben plaatsgevonden, waarbij Nederlandse spelers in gezelschap van naakte Duitse vrouwen hadden verkeerd. Wat er precies die nacht was gebeurd bleef een raadsel, maar vooral Cruijff kreeg grote problemen met zijn vrouw, Danny die meteen aan de telefoon hing. Volgens sommigen zou dit invloed hebben gehad op het spel van Cruijff tijdens de finale, aangezien hij in die wedstrijd niet zijn gebruikelijke niveau haalde.[79]

Cruijff met Vogts (links) en Hoeneß (rechts), vlak voordat hij werd getackeld door laatstgenoemde.

Op 7 juli 1974 trapte Nederland af voor de finale tegen West-Duitsland. Nog voordat de Duitsers de bal hadden kunnen beroeren, kwam Oranje al op voorsprong door een benutte strafschop van Neeskens. De strafschop werd gegeven na een overtreding van Uli Hoeneß op Cruijff die in deze wedstrijd geen grote rol meer zou spelen. Nadat West-Duitsland met een voorsprong de rust in was gegaan, kreeg Cruijff op weg naar de kleedkamer van scheidsrechter Taylor een gele kaart wegens aanhoudend protesteren. In de tweede helft probeerde Nederland iets terug te doen, maar het combinatiespel en de overmacht, waarmee men eerdere wedstrijden naar zijn hand had gezet, ontbrak in de finale. Het duel eindigde in 1-2 en West-Duitsland werd wereldkampioen. De prestaties die Cruijff op het toernooi had neergezet zorgden er wel voor dat hij na afloop tot beste speler van het WK werd verkozen.[5]

EK 1976[bewerken]

Twee jaar later had Nederland zich gekwalificeerd voor het EK in 1976. Het doel was om met een finaleplaats het verloren WK van twee jaar terug goed te maken. In de halve finale tegen Tsjecho-Slowakije wist Nederland echter niet te scoren en zorgden doelpunten van de opponent voor een 3-1-eindstand. Een van de hoofdpersonen tijdens het duel was scheidsrechter Thomas geweest, die bekendstond vanwege zijn strikte interpretatie van de spelregels.[80] Van Hanegem en Neeskens ontvingen van hem een rode kaart, evenals de Tsjecho-Slowaak Pollák. Cruijff kreeg een gele kaart en omdat hij deze tijdens een kwalificatiewedstrijd ook al had ontvangen, was het EK na één wedstrijd voor hem afgelopen. Nederland won vervolgens de troostfinale van Joegoslavië met 3-2 waardoor het alsnog derde eindigde.[5]

Op 26 oktober 1977 speelde Cruijff, zoals hij jaren van tevoren al had aangekondigd, zijn laatste wedstrijd voor Oranje. Bijna niemand geloofde dat het Cruijffs laatste interland was geweest, maar de hoofdpersoon zelf bleek vastbesloten. In 1981 leek het er op dat Cruijff toch nog een rentree zou maken bij Oranje, nadat hij een lang gesprek had gevoerd met bondscoach Rijvers. Vanwege verschillende sponsorbelangen wisten Cruijff (die een contract had met Puma) en de KNVB (die werd gesponsord door adidas) echter geen overeenstemming te bereiken over het aantal strepen op de mouwen van de shirts. Cruijff wilde met twee strepen spelen maar de KNVB hield vast aan de kenmerkende drie strepen van adidas.[5] Voorafgaand aan het WK 1974 had de strepenkwestie ook al gespeeld, maar destijds waren adidas en de KNVB uiteindelijk akkoord gegaan met Cruijffs eisen, waardoor hij als enige Nederlandse speler in een shirt met twee strepen had gespeeld. Alle andere internationals hadden wel de drie adidas-strepen op hun tenue.[81]

Trainerscarrière[bewerken]

Ajax[bewerken]

Na zijn actieve loopbaan was Cruijff tijdens het seizoen 1984/85 korte tijd technisch adviseur bij Roda JC. Cruijff leek nadien zijn weg te vervolgen bij Feyenoord, maar besloot medio 1985 toch terug te keren naar zijn jeugdliefde Ajax. Het Ajax-bestuur verkoos Cruijff boven de 3 andere kandidaten Tomislav Ivic, Rinus Israël en Leo van Veen. Omdat Cruijff echter niet over de vereiste diploma's beschikte om als trainer aan de slag te gaan, trad de oud-speler op 6 juni 1985 als technisch directeur in dienst bij Ajax. Met deze functie kreeg hij de verantwoordelijkheid over alle technische zaken binnen de Amsterdamse club, van de jeugdopleiding tot het eerste elftal.[27] Halverwege het seizoen ontving Cruijff van de KNVB officieel dispensatie om het eerste elftal te trainen in zijn rol als technisch directeur.[82] Met het trainerschap bracht Cruijff nieuwe ontwikkelingen binnen de voetbalwereld op gang. Onder zijn toezicht werd het totaalvoetbal verder ontwikkeld en bovendien kwam hij met nieuwe inzichten. Zo huurde hij onder meer een operazanger in om zijn speler te leren ademhalen. Ook liet hij voetballers in de jeugd van positie wisselen, zodat aanvallers leerden hoe verdedigers dachten. Daarnaast was Cruijff van mening dat spelers een laag basissalaris moesten ontvangen en hoge prestatiepremies; een concept dat pas vele jaren later ruime navolging zou vinden.[19]

Bij Ajax had Cruijff de beschikking over een talentvolle groep, met spelers als Menzo, Silooy, Koeman, Vanenburg, Rijkaard, Van 't Schip, Van Basten en de Wit. De successen als trainer volgden spoedig. Al in zijn eerste seizoen als trainer won Cruijff met Ajax de KNVB beker. De landstitel ging naar PSV, ondanks een positief Amsterdams doelsaldo van 85 (120 doelpunten voor en 35 tegen). Tijdens het tweede seizoen wist Ajax opnieuw alleen de prestaties in de KNVB beker te verzilveren, de landstitel ging wederom naar Eindhoven. Het Europese succes vormde echter een pleister op de wonde, want na veertien jaar werd opnieuw een internationale prijs behaald in de vorm van de Europacup II.[5]

Als dank voor wat Cruijff had betekend voor het Nederlandse voetbal, schonk het bondsbestuur van de KNVB hem op 1 juli 1987 de licentie 'coach betaald voetbal'. De keuzeheer was daarmee officieel bevoegd om als trainer aan de slag te gaan. Toevalligerwijs verslechterde vanaf dat moment juist de situatie bij Ajax. Cruijff kwam in conflict met Rijkaard, die daarop aangaf nooit meer onder hem te willen spelen en de club verliet. Ook viervoudig Eredivisietopscorer Van Basten en routinier Silooy verruilden Ajax voor een buitenlands avontuur, waardoor de club binnen korte tijd drie ervaren spelers verloor. De aankopen die Cruijff deed om het verlies te compenseren pakten niet goed uit waardoor de resultaten tegenvielen.[83] Desalniettemin wilde Ajax graag langer met de trainer door. Het clubbestuur bood hem een jaar verlenging aan, maar aangezien Cruijff alleen maar voor twee jaar bij wilde tekenen, nam hij op 4 januari 1988 na moeizame contractbesprekingen plotseling ontslag.[5]

FC Barcelona[bewerken]

In de maanden na zijn vertrek leek het er even op dat Cruijff naar sc Heerenveen zou vertrekken. Maar na een aanbod van FC Barcelona besloot de oud-speler terug te keren naar zijn voormalige werkgever.[84] Evenals in Nederland ontstond er ook in Spanje bezwaar op zijn aanstelling als trainer. Cruijff beschikte wel over de benodigde diploma's maar het ontbrak hem aan de vereiste drie jaar ervaring als trainer. Ondanks dit gemis werd de aanstelling van Cruijff toch goedgekeurd.[85] Daarmee volgde hij interim-trainer Charly Rexach op, die in de jaren 70 te boek stond als een goede vriend van Cruijff tijdens hun gezamenlijke verblijf bij Barcelona. Rexach keerde terug in zijn oude functie als assistent-trainer en ging Cruijff ondersteunen bij de opbouw van een nieuw te vormen elftal. Een groot deel van de oorspronkelijke spelersgroep was namelijk in opstand gekomen, toen zij op 28 april 1988 tijdens een door hen zelf ingelaste persconferentie het vertrek van het clubbestuur hadden geëist vanwege een financieel dispuut. Clubpresident Núñez was weinig vergevingsgezind en had op negen spelers na de hele selectie ontslagen.[86]

Cruijff als trainer van FC Barcelona. Op de foto staan tevens van links naar rechts: assistent-trainer Tonny Bruins Slot, materiaalman Txema Corbella, assistent-trainer Charly Rexach en spits Óscar García.

Door het vertrek van zoveel spelers hadden Núñez en Cruijff alle vrijheid om samen de fundamenten te leggen voor een elftal dat voldeed aan hun eigen wensen. Voor de totstandbrenging van het nieuwe FC Barcelona hanteerden zij een dubbele strategie. Allereerst moesten uit binnen- en buitenland de beste voetballers worden gecontracteerd. Naderhand zou de rest van het team worden aangevuld met talenten uit de cantera (jeugdopleiding). Het eerste deel van de strategie werd geconcretiseerd met Spaanse aankopen als José Bakero, Txiki Begiristain en Julio Salinas. Buitenlandse versterkingen verschenen er na het eerste seizoen toen Ronald Koeman en Michael Laudrup in 1989 en Christo Stoitsjkov in 1990 werden vastgelegd. Voor de doorstroom van talent had Cruijff tien jaar eerder al een basis gelegd toen hij vlak voor zijn vertrek als speler een belangrijk advies had meegegeven aan Núñez: start een jeugdopleiding. Met de totstandkoming van La Masía had Núñez gehoor gegeven aan zijn oproep, waardoor Cruijff na verloop van tijd een beroep kon doen op veelbelovende jeugdspelers als Pep Guardiola, Guillermo Amor, Albert Ferrer en Sergi Barjuán.[87]

Het team dat Cruijff formeerde moest een speelstijl gaan hanteren die was afgeleid van het totaalvoetbal. Uitgangspunten daarbij waren techniek en balbezit: Barcelona moest zo veel mogelijk de bal hebben, domineren en zich niet aanpassen aan de tegenstander. In de ogen van Cruijff was het behalen van punten niet het belangrijkste, dat was slechts een onderdeel van het spel. In zijn filosofie was de sleutel tot het behalen van resultaten het spelen van aanvallend voetbal.[88] De visie van Cruijff werd niet alleen overgebracht op het eerste elftal maar ook gehanteerd binnen de gehele jeugdopleiding. Op die manier konden talenten vanuit de jeugd gemakkelijker de overstap maken naar het eerste elftal.[86]

Na enkele seizoenen begon de speelstijl vruchten af te werpen en brak er een jarenlange bloeiperiode aan. Het succesvolle elftal kreeg als bijnaam het Dream Team, wat was afgeleid van de gelijknamige Amerikaanse basketbalploeg die in 1992 olympisch goud had gewonnen in Barcelona.[89] Onder leiding van Cruijff doorbrak het Dream Team de jarenlange dominantie van Real Madrid en won het vier opeenvolgende landstitels (1991-1994), waarvan drie op de laatste speeldag van de competitie. Op Europees vlak legde Barcelona in 1989 beslag op de Europacup II en won het in 1992 de Europacup I. Tijdens beide finales waren de Catalanen te sterk geweest voor Sampdoria. Vooral de winst van de Europacup I was een memorabel moment, aangezien het de eerste maal in de historie was dat Barcelona de belangrijkste Europese beker veroverde. Andere trofeeën die Barcelona onder het bewind van Cruijff op zijn naam schreef, waren de Copa del Rey in 1990, de Europese Supercup in 1992 en drie Supercopas in 1991, 1992 en 1994. Met het winnen van deze elf prijzen werd Cruijff met afstand de meest succesvolle trainer uit de geschiedenis van de club.[86] Het record bleef vijftien jaar staan, maar werd verbroken op 26 augustus 2011, toen Guardiola door het winnen van de Europese Supercup met Barcelona zijn twaalfde titel pakte en het aantal van zijn leermeester passeerde. Hier had hij slechts drie seizoenen voor nodig gehad.[90]

Op 18 mei 1994 vond het keerpunt plaats in de succesreeks van het Dream Team. Het vooraf als favoriet bestempelde FC Barcelona verloor die avond de Champions League-finale van AC Milan met 4-0. In de voorgaande zestien edities was er slechts eenmaal een ploeg geweest die de finale met meer dan één doelpunt verschil had verloren.[91] Na de afstraffing volgden er voor Barcelona twee seizoenen zonder titel. Dit was met name te wijten aan de kwaliteitsafname van de spelersgroep door het vertrek van achtereenvolgens Laudrup, Romário, Koeman en Stoitsjkov. Goedkopere Oost-Europese vervangers als Hagi, Kodro, Kornejev en Prosinečki mislukten onder Cruijffs bewind. Achteraf werd volgens Rexach vaak ten onrechte gedacht dat het systeem bepalend was voor het resultaat, terwijl de spelers degenen waren die wedstrijden moesten winnen. Ook het opstellen van zijn zoon Jordi en binnenhalen van schoonzoon Angoy brachten Cruijff in moeilijkheden na beschuldigingen van nepotisme. Jordi kon het niveau nog bijhouden, maar Angoy kwam volgens de Spaanse media duidelijk tekort voor Barcelona. Núñez verhoogde de druk door Cruijff persoonlijk verantwoordelijk te stellen voor de tegenvallende resultaten en begon kritiek te leveren op zijn selectiebeleid. Op 18 mei 1996, de dag voor de een-na-laatste wedstrijd tegen Celta de Vigo, barstte de bom. De zaterdagkrant meldde die ochtend namelijk dat Núñez en vicepresident Gaspart Bobby Robson als nieuwe trainer hadden gecontracteerd. Toen Cruijff bespeurde dat Barcelona in het geheim een breuk had geforceerd, raakte hij buiten zinnen. Hij zei dat het niet uit te leggen viel, waarna het gesprek met Núñez en Gaspart ontaardde in een pijnlijke ruzie.[92] De breuk betekende het vertrek van Cruijff, die na 2.936 werkdagen werd ontslagen. Met zijn acht achtereenvolgende dienstjaren werd hij de langst zittende coach uit de clubgeschiedenis.[5] Na zijn ontslag bleef Cruijff in het voetbal actief als adviseur, ambassadeur en analist. Een terugkeer als trainer of bondscoach kwam vaak ter sprake maar heeft nooit doorgang gevonden.[15]

Catalonië[bewerken]

In 2013 ontving Cruijff een hommage van de Catalaanse voetbalbond bij zijn afscheid als bondscoach.

Cruijff woont al sinds 1988 definitief in Barcelona en heeft een zwak voor Catalonië. In 2006 heeft hij van de Catalaanse regering het Sint-Joriskruis gekregen, een van de hoogste onderscheidingen als erkenning voor zijn verdiensten voor het land.[93] Cruijff was sinds zijn vertrek bij Barcelona nooit ingegaan op aanbiedingen van voetbalbonden of clubs, totdat hij in september 2009 door de Catalaanse voetbalbond gepolst werd voor het bondscoachschap van Catalonië.[6] Hij besloot gehoor te geven aan het verzoek. Op 2 november werd zijn aanstelling wereldkundig gemaakt.[6] Naast zijn rol als bondscoach van de autonome regio, ging hij ook andere werkzaamheden voor de voetbalbond verrichten om het Catalaanse voetbal verder te ontwikkelen. De Catalaanse nationale ploeg speelt slechts enkele wedstrijden per jaar en is niet aangesloten bij de FIFA of de UEFA, waardoor ze zich niet kan kwalificeren voor een eindtoernooi.[94]

Vanuit Spanje werd getracht een oefeninterland met Oranje te regelen, maar vanwege de volle agenda wees de KNVB dit verzoek af.[95] Cruijff debuteerde vervolgens op 22 december 2009 als bondscoach tegen Argentinië en boekte een 4-2-overwinning in het Camp Nou.[96] Tijdens het tweede optreden van Cruijff als bondscoach, ruim een jaar later tegen Honduras, werd door Catalonië opnieuw een ruime zege geboekt (4-0).[97] Het derde duel onder Cruijffs leiding, op 30 december 2011 tegen Tunesië, eindigde in een doelpuntloos gelijkspel.[98] Op 7 november 2012 liet Cruijff in een officiële verklaring weten dat hij tijdens de interland op 2 januari 2013 voor de laatste keer als bondschoach op de bank zou zitten.[99] Tijdens het duel werd met 1-1 gelijk gespeeld tegen Nigeria. Hierdoor handhaafde Catalonië zijn ongeslagen status onder het bewind van Cruijff.[7]

Resultaten[bewerken]

Team Nat Van Tot Balans
D W G V Win
Ajax Vlag van Nederland 6 juni 1985 4 januari 1988 117 86 10 21 74%
FC Barcelona Vlag van Spanje 4 mei 1988 18 mei 1996 430 250 97 83 58%
Catalonië Catalonië 2 november 2009 2 januari 2013 4 2 2 0 50%
Totaal 551 338 109 104 61,34

Deze lijst is bijgewerkt tot en met de wedstrijd Catalonië - Nigeria (1-1) op 2 januari 2013.[83][100]

Erelijst en onderscheidingen[bewerken]

In een meer dan dertig jaar durende carrière won Cruijff als speler en als trainer vele prijzen. Zo is hij één van de slechts zes voetballers die als speler én als trainer De Cup met de Grote Oren heeft gewonnen naast Muñoz, Trapattoni, Ancelotti, Rijkaard en Guardiola.[101] Bovendien duikt zijn naam regelmatig op in lijstjes van beste voetballers ooit, waaronder die van de FIFA, UEFA, IFFHS, AFS en tijdschriften als France Football en World Soccer. Ook werd hij opgenomen in diverse wereldelftallen van de twintigste eeuw, die vanaf begin jaren 80 wereldwijd verschenen.[102]

Voor zijn bijzondere verdiensten op sportief en maatschappelijk vlak ontving Cruijff tweemaal een koninklijke onderscheiding. Na de verloren WK-finale werd Cruijff, evenals Michels en Fadrhonc, benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, waarvoor hij de versierselen ontving van premier Den Uyl. Achtentwintig jaar later, op 10 april 2002, werd Cruijff bevorderd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau.[5] Ook van diverse organisaties zoals de KNVB, UEFA, FIFA, Ajax en het Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur ontving hij hoge erkenningen. In 2004 werd Cruijff genomineerd voor de titel De grootste Nederlander. Daarbij eindigde hij, als enige nog levende Nederlander binnen de top tien, op de zesde plaats.[103]

Speler[bewerken]

Johan Cruijff bij de uitreiking van de Ballon d'Or in 1971.

Met Ajax:

Met FC Barcelona:

Met Feyenoord:

Individueel:

Trainer[bewerken]

Met Ajax:

Met FC Barcelona:

Individueel:

Onderscheidingen[bewerken]

Controverses[bewerken]

Jan van Beveren en Willy van der Kuijlen[bewerken]

Johan Cruijff en Jan van Beveren lezen de krant op Schiphol voor een interland tegen Engeland in 1970.

Jan van Beveren ontbrak in 1974 op het WK voetbal, nadat hij al bijna zeven jaar achtereenvolgens de eerste keus in het Nederlands elftal was geweest. Over de reden van zijn absentie bestaan echter verschillende verhalen. Wat in ieder geval vaststaat, is dat Van Beveren voorafgaand aan het WK kampte met hardnekkige liesklachten. De keeper leek echter precies op tijd te zijn hersteld om af te reizen naar West-Duitsland.[104] Tijdens de training voor de voorbereidingswedstrijden tegen Argentinië en HSV ging het echter toch mis. Van Beveren trainde twee dagen geforceerd mee maar bleek meer tijd nodig te hebben voor zijn herstel. Hij deelde daarom samen met zijn clubcoach Kees Rijvers aan Rinus Michels mee dat hij niet in staat was om deel te nemen aan het WK.[105][106]

In het door Ruud Doevendans over Jan van Beveren geschreven boek Klem![107] blijkt echter een andere lezing van het verhaal. In de biografie komt naar voren dat een hoogoplopend financieel conflict met Cruijff en Coster ten grondslag lag aan de afwezigheid van Van Beveren. De KNVB had in de zomer van 1974 een bedrag van 150.000 gulden uitgetrokken om de persoonlijke contracten van vier spelers (Cruijff, Neeskens, Van Hanegem en Keizer) af te kopen. Dit geld kwam echter uit een gezamenlijke pot, waaruit alle spelers betaald dienden te worden. Per saldo kregen de overgebleven spelers dus minder geld uitbetaald dan de vier vedetten. Toen Van Beveren dit in de gaten kreeg en de spelersgroep daarover inlichtte, ontstonden volgens hem de problemen: "er moet iets ontstaan zijn: van die vent moeten we af. Die doet veel te moeilijk, wordt ons veel te gevaarlijk". Ook het feit dat Van Beveren zich niet wilde laten begeleiden door Inter Football, het bedrijf van Coster, werd door een KNVB-official betiteld als 'niet slim'. Michels wilde problemen met Cruijff voorkomen en zette Van Beveren daarom onder druk. Vlak voor het WK eiste Michels dat de keeper meespeelde in de vriendschappelijke wedstrijd tegen HSV. Van Beveren was nog niet helemaal fit omdat hij net van een liesblessure was hersteld, maar vertelde dat hij met een paar dagen wél weer speelklaar zou zijn. Michels antwoordde: 'Dan heb ik een slecht bericht voor je', en hij stuurde Van Beveren naar huis.[108] Ook Oranje-historicus Matty Verkamman bevestigt deze lezing van het verhaal.[106][109]

In september 1975 keerde Van Beveren terug bij Oranje, toen hij samen met vijf andere PSV'ers werd geselecteerd voor een uitwedstrijd tegen Polen. Cruijff en Neeskens mochten een dag later afreizen naar Oost-Europa. Bij aankomst van het tweetal bleken zij echter als enige spelers hun vrouw te hebben meegenomen. Iedereen begroette hen, behalve de zes PSV'ers. Van der Kuijlen maakte vervolgens een opmerking in de trant van: zo, de koningen van Spanje zijn gearriveerd. Tot ongenoegen van Cruijff haalden de woorden van Van der Kuijlen de krant. Hiervoor riep hij Van Beveren ter verantwoording op, omdat die in zijn ogen de aanstichter was. Cruijff eiste vervolgens: jij eruit of wij eruit. De beslissing werd niet meteen genomen, maar nadat de wedstrijd tegen Polen met 4-1 was verloren,[110] besloot Cruijff bondscoach George Knobel te bellen met de boodschap dat Van Beveren en Van der Kuijlen uit het elftal moesten en Jongbloed en Van Hanegem erin. Zo niet, dan zouden volgens Cruijff alle Ajacieden opstappen. Het gevolg was dat er een bijeenkomst werd georganiseerd in Zeist, waar Cruijff Knobel opnieuw liet beslissen of hij Van Beveren en Van der Kuijlen eruit zette of dat hij zelf zou opstappen. Knobel koos voor de kant van Cruijff,[108] waarna het Nederlands elftal thuis met 3-0 van Polen won.[111]

Van Beveren kwam daarna nog één keer terug in Oranje, toen het Nederlands elftal in 1977 moest spelen tegen IJsland. Vlak voor het daaropvolgende WK-kwalificatieduel tegen België, vertelde bondscoach Zwartkruis aan Van Beveren dat Jongbloed in zijn plaats zou spelen. Zwartkruis gaf als reden dat hij werd gemanipuleerd: Cruijff zou niet meedoen wanneer de PSV-keeper tussen de palen stond.[108] Van Beveren wist toen genoeg en nam voorgoed afscheid van het Nederlands elftal. Ook Van der Kuijlen, die bij het eigenlijke conflict slechts zijdelings betrokken was, bedankte tweemaal voor het Nederlands elftal omdat hij niet goed overweg kon met Cruijff en de overige Ajacieden. De spelers van Ajax hadden onderling geregeld dat de spits niet in het spel werd betrokken, door de bal telkens naar elkaar over te spelen. Van der Kuijlen voelde zich niet welkom en dit leidde ertoe dat de topscorer van de Eredivisie aller tijden in 1977, evenals Van Beveren, besloot zijn interlandloopbaan voortijdig te beëindigen.[112]

Cruijff zelf keek bij het overlijden van Van Beveren nog eens terug op deze strubbelingen:

Aanhalingsteken openen

De laatste keer dat ik [Van Beveren] ontmoette was tijdens de Wedstrijd van de Eeuw in 1999. Niet alleen vond ik het fijn om Jan weer te zien, we hadden meteen goed contact. Dat er sprake zou zijn van oud zeer heb ik toen niet gemerkt. Het conflict dat wij ooit als spelers hebben gehad, beschouw ik daarom als een momentopname. In dezelfde orde als ik met Tscheu La Ling en Marco van Basten heb gehad. Soms gebeuren dingen op bepaalde momenten, maar dat is het dan ook. Dat blijkt als je elkaar later weer tegenkomt. Dan ga je eigenlijk direct over tot de orde van de dag.[113]

Aanhalingsteken sluiten

Louis van Gaal[bewerken]

Johan Cruijff en Louis van Gaal leven vanaf het einde van de jaren 80, begin van de jaren 90, op gespannen voet met elkaar. In 2009 legde Van Gaal in zijn autobiografie uit waarom het tussen hem en Cruijff botste en het daarna nooit meer goed kwam:

Aanhalingsteken openen

Ik ben een, twee keer bij hem thuis geweest. Eén heel goed gesprek gevoerd over het leven, maar dat was vooral met Danny. Johan zei niet zoveel. Op 26 december 1989 vierde ik Kerst, met ook de Koemannetjes, bij de familie Cruijff thuis. Toen ging de telefoon. Het was voor mij. De familie: 'Riet is overleden.' Mijn zus. Ik ben halsoverkop naar huis gegaan. Later hoorde ik dat Johan het me kwalijk heeft genomen dat ik hem nooit bedankt heb.[114]

Aanhalingsteken sluiten

Cruijff gaf daarop zijn lezing van het verhaal:

Aanhalingsteken openen

Ik kan me het voorval niet herinneren, maar Van Gaal heeft echt Alzheimer als hij zoiets opschrijft. Er is wat mij betreft geen probleem, dus er hoeft ook niets te worden opgelost. Als je zoiets hoort dan vraag je jezelf af of er bij iemand een draadje los zit of een kabel. Normaal gesproken reageer ik niet op zoiets, maar dit keer worden de normen overtreden die wij in ons gezin hanteren. Als ik namelijk boos zou zijn, dan deug ik niet als mens.[115]

Aanhalingsteken sluiten

Cruijff bevestigde in zijn column in De Telegraaf dat Van Gaal tijdens Kerst 1989 bij hem thuis was, maar dat hij plotseling vertrok vanwege het overlijden van zijn zus. Kort daarna kwamen ze elkaar weer tegen op het Sportgala: "Van Gaal was heel vriendelijk. Het klopt dus niet dat ik, of wie dan ook binnen onze familie, boos zou zijn omdat hij zonder te bedanken zou zijn vertrokken".[115]

Er is echter nog een andere verklaring voor de moeizame verstandhouding tussen Cruijff en Van Gaal. Deze vindt zijn oorsprong in de zomer van 1992, toen beide trainers met hun club Europese successen hadden behaald. Cruijff had met Barcelona de eerste Europacup I uit de clubgeschiedenis gewonnen en Van Gaal had zijn eerste jaar als hoofdtrainer bij Ajax afgesloten met de winst van de UEFA Cup. Beide ploegen speelden aantrekkelijk voetbal en werden als het toonbeeld van modern voetbal beschouwd. In de media reageerden Cruijff-aanhangers echter gereserveerd op het onverwachte succes van Ajax. Het was namelijk de eerste internationale prijs die Ajax had gewonnen, zonder dat Cruijff daarin een rol van betekenis had gespeeld. Van Gaal was van mening dat het journaille hem het succes niet gunde en dit ontaarde in november 1992 tot een staaltje brutaliteit van de oefenmeester, toen Ajax in de derde ronde van de UEFA Cup 1. FC Kaiserslautern lootte. Een jaar eerder had de Duitse ploeg Barcelona nog tot de rand van de afgrond gebracht maar werd een vroegtijdige uitschakeling van Cruijffs equipe voorkomen door een doelpunt van Bakero. Verslaggever Frits Barend vroeg Van Gaal naar een reactie op de loting en deze antwoordde: "Moeilijke loting? Ik denk het niet, wij zijn Ajax". Barend bracht daarop in herinnering dat Barcelona het een jaar daarvoor nog behoorlijk lastig had met Kaiserslautern. Met een glimlach diende Van Gaal hem van repliek: "Dat weet ik, maar wij zijn Barcelona niet. We zijn Ajax". Toen Cruijff op de hoogte werd gesteld van de uitspraken begon het moddergooien. Bovendien sprak Cruijff in de daaropvolgende jaren nooit zijn waardering uit over de successen die Ajax behaalde.[116]

In 1994, toen Cruijff net zijn vierde landstitel had gevierd met Barcelona en in de finale stond van de Champions League, werd hem gevraagd naar andere Europese ploegen die in zijn ogen ook mooi voetbal speelden. Dit leek een open deur om over Ajax en Van Gaal te beginnen, maar Cruijff antwoordde: "In de afgelopen twee jaren zijn er nog twee ploegen die me kunnen bekoren: Auxerre en Parma". Mogelijk was dat dit als steek onder water richting Van Gaal bedoeld, want uitgerekend Auxerre en Parma hadden Ajax in die beide seizoenen in Europees verband uitgeschakeld. Het waren dit soort onschuldige opmerkingen en speldenprikjes die daarna de verstandhouding tussen beiden bepaalden, zeker nadat Van Gaal een jaar later met Ajax ook beslag legde op de Champions League, waarmee hij Cruijff naar de kroon stak.[116][117]

Volgens Cruijff zelf begon de ruzie pas enkele jaren later:

Aanhalingsteken openen

Toen Van Gaal in 1997 trainer van Barcelona werd, kwam hij meteen met flinke kritiek op de jeugdopleiding daar. Die opleiding die ik samen met Tonny Bruins Slot had opgezet. En dat niet alleen; Van Gaal stuurde meteen een hoop jeugdspelers weg die wij hadden opgeleid. Dat was onacceptabel, zoiets flik je niet. Van Gaal zou het wel even anders doen bij Barcelona. En vervolgens haalt hij busladingen met Nederlandse spelers en trainers naar de club waar de Catalaanse identiteit zo belangrijk is. Dan begrijp je er helemaal niets van.[118]

Aanhalingsteken sluiten

Nevencarrière[bewerken]

Media[bewerken]

In zijn functie als voetbalanalist werkte Cruijff jarenlang voor het televisieprogramma Studio Sport van de NOS. Hij maakte zijn debuut op 11 september 1996 tijdens de Champions League-wedstrijd Juventus - Manchester United. Daarna leverde hij ieder jaar analyses bij twaalf Europese wedstrijden en was hij te zien tijdens eindtoernooien als het EK of WK.[119] In augustus 2009 legde Cruijff zijn taken als analist neer omdat hij vond dat de NOS het voetbal vanuit een te kritische invalshoek benaderde.[120]

Cruijff is tevens columnist van De Telegraaf, al is chef sport Jaap de Groot hier zijn ghostwriter.[121] Tussen februari 2005 en december 2007 was Cruijff ook columnist van het voetbalmaandblad Nummer 14, waar Bert Nederlof fungeerde als ghostwriter.[11]

Mislukte terugkeer naar Ajax[bewerken]

In 2008 keerde Cruijff terug naar Ajax. Het erelid schoof op 20 februari plotseling na een jarenlange afwezigheid aan bij de ledenvergadering, waar de uitkomsten van het rapport van de commissie-Coronel werden besproken. Tijdens de vergadering werd een belangrijke aanbeveling om het bestuursmodel van de Amsterdamse club aan te passen overgenomen. Het bestuur trad terug en Cruijff kreeg vervolgens het verzoek om vorm te geven aan het voetbaltechnische beleid van Ajax.[122] Cruijff ging zich bezighouden met het kiezen van de beste organisatievorm, maar na twee weken legde hij zijn taken alweer neer. Zijn denkbeelden kwamen niet overeen met die van de nieuwe hoofdtrainer Marco van Basten.[123] De hervormingen gingen hem te ver omdat Cruijff de gehele jeugdopleiding op de schop wilde nemen en daarbij vrijwel iedereen wilde ontslaan om vervolgens met nieuwe gezichten talenten op te gaan leiden.[124]

Erevoorzitter FC Barcelona[bewerken]

Vanwege zijn betekenis voor FC Barcelona werd Cruijff op 26 maart 2010 benoemd tot erevoorzitter van de club. Volgens het bestuur van Barcelona voldeed Cruijff aan alle eisen en was het besluit om hem de eretitel te verlenen unaniem.[125] Drie maanden later leverde hij de titel met insigne echter onverwacht in nadat de nieuwe clubpresident Rosell had geconstateerd dat de beslissing om hem te benoemen tot erevoorzitter op een niet-statutaire wijze tot stand was gekomen.[126]

Fluwelen revolutie Ajax[bewerken]

Aan het begin van het seizoen 2010/11 bleek al snel dat Ajax de vorm van het voorgaande seizoen niet meer kon vasthouden. Na een afgetekende nederlaag tegen Real Madrid in de Champions League begon Cruijff vanaf 20 september met zijn columns in De Telegraaf stevige kritiek te uiten op het spel en het bestuur van de Amsterdammers.[127] Met de slechte resultaten groeide de kritiek ook onder de supporters, Cruijff kreeg van hen steeds meer steun. In zijn column van 15 november riep hij op tot actie onder de Ajacieden. Doel was om tijdens de algemene ledenvergadering van 14 december de acht vrijkomende plaatsen in de ledenraad te laten innemen door oud-voetballers. Tot groot ongenoegen van Cruijff bestond deze namelijk enkel uit personen die geen voetbalachtergrond hadden.[128] Oud-Ajacieden gaven massaal gehoor aan de oproep. Onder aanvoering van Keje Molenaar stelden Barry Hulshoff, Aron Winter, Dick Schoenaker, Peter Boeve, Edo Ophof, Co Meijer, Dirk de Groot en Molenaar zelf zich kandidaat. De actie van Cruijff werd in de media al snel bestempeld als de Fluwelen revolutie. Na de algemene ledenvergadering van 14 december werd bekend dat zeven van de acht ex-voetballers die zich beschikbaar hadden gesteld, gekozen waren in de nieuwe ledenraad.[129]

Zelf keerde Cruijff ook officieel terug bij Ajax, toen de club op 10 februari 2011 naar buiten bracht dat hij werd toegevoegd aan de klankbordgroep technische zaken.[130] Vanuit die rol presenteerde Cruijff als voorzitter van het adviesorgaan in maart een rapport waarmee hij Ajax terug wilde brengen naar de top. De sleutel tot verandering lag volgens Cruijff in het aanpakken van de jeugdopleiding. Ajax moest in zijn ogen weer geleid worden door oud-topvoetballers zoals Wim Jonk en Dennis Bergkamp.[131] Om ook verantwoordelijkheid voor zijn plannen te nemen, stelde Cruijff zich kandidaat voor de raad van commissarissen.[132] Na goedkeuring van de ledenraad nam hij op 6 juni zitting.[133] Eind 2011 kwam Cruijff echter in conflict met zijn medecommissarisen. Zij blokkeerden de benoeming van Tscheu La Ling als nieuwe algemeen directeur van Ajax. Na een lange impasse en nadat Marco van Basten uiteindelijk ook afzag van deze functie, stelden de overige vier commissarissen Louis van Gaal zonder medeweten van Cruijff als algemeen directeur aan.[134] Cruijff bleek het niet eens te zijn met deze benoeming en daarom spande hij een kort geding aan tegen de Ajax NV en zijn vier medecommissarissen. De rechtbank besliste in december 2011 aanvankelijk in het nadeel van Cruijff door de benoeming van Van Gaal goed te keuren, maar schortte de aanstelling toch op om het vertrouwen van de Ajax-aandeelhouders in de raad van commissarissen te peilen. Tegen dit oordeel gingen de Ajax NV en de vier commissarissen in hoger beroep, maar deze procedure werd in februari 2012 bij het gerechtshof verloren.[135] Cruijff haalde zijn gelijk en naar aanleiding hiervan besloot de voltallige raad van commissarissen op te stappen. Ten Have en Römer stelden op 26 maart 2012 als eersten hun functie ter beschikking en op 13 april 2012 traden ook de overige commissarissen Davids, Olfers en Cruijff af.[136][137] Cruijff bleef nadien nog wel betrokken bij Ajax in een rol als adviseur.[138]

Johan Cruyff-instellingen[bewerken]

Na zijn actieve loopbaan wilde Cruijff zich meer in gaan zetten voor sociale initiatieven en besloot hij tot de oprichting van een aantal maatschappelijk betrokken instellingen.[139]

  • Johan Cruyff College, MBO-opleidingen 'Sport en Business' en 'Sport en Coaching' in Amsterdam, Enschede, Groningen, Nijmegen en Roosendaal. Onderdeel van ROC's.
  • Johan Cruyff University, een HBO-opleiding Sportmarketing voor topsporters in samenwerking met de Hogeschool van Amsterdam en de Fontys Hogeschool in Tilburg.
  • Johan Cruyff Institute, wereldwijd netwerk met opleidingscentra, waaronder Amsterdam en Barcelona, dat de International Master in Sport Management, Master in Coaching en online programma's aanbiedt voor (oud) sporters en iedereen met een passie voor sport.
  • Johan Cruyff Foundation, een non-profit organisatie die zich onder andere bezighoudt met het ondersteunen van sportprojecten voor (gehandicapte) kinderen en jongeren en de aanleg van moderne trapveldjes (Cruyff Courts).

Uitspraken[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Cruijffiaans voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Cruijff is in Nederland tevens beroemd geworden vanwege zijn uitspraken, meestal oneliners die het midden houden tussen een briljant inzicht en een open deur. Men spreekt wel eens van Cruijffiaans taalgebruik. Ook zijn anakoloeten zijn bekend (zinnen die niet lopen).[140]

In Spanje geniet hij, in mindere mate, bekendheid met zijn uitspraken. Befaamd werd zijn frequente gebruik van de uitdrukking en un momento dado, dat op een gegeven moment betekent. De uitdrukking werd in 2004 gebruikt voor een documentaire over Cruijffs leven, genaamd Johan Cruijff - En Un Momento Dado.[141]

Imitaties[bewerken]

Vanwege het specifieke stemgeluid van Cruijff zijn er nogal wat mensen die hem imiteren. Hieronder een selectie:

Trivia[bewerken]

Johan Cruijff tijdens de opname van zijn single "Oei oei oei (dat was me weer een loei)".
  • Het idee dat Cruijff in Barcelona de bijnaam 'El Salvador' ('De Verlosser') kreeg, blijkt een verzinsel, vermoedelijk in de jaren zeventig door De Telegraaf geponeerd. In Spanje kent men de bijnaam die met grote regelmaat in de Nederlandse pers opduikt niet. Hiermee is het vooral een bijnaam van Nederlandse kant geworden.[142]
  • In 1969 maakte Cruijff in de Haagse GTB-studio van Ge Bakker een opname voor de single "Oei oei oei (dat was me weer een loei)". Dit nummer was geproduceerd en geschreven door Peter Koelewijn en werd later ook uitgebracht in Baskenland, waar het een groter succes werd dan in Nederland.[143]
  • Bij de transfer van Cruijff naar FC Barcelona kende de Spaanse wet geen regelgeving voor de import van personen. De directeur van het toenmalige Instituut voor Buitenlandse Geldzaken kwam toen met een oplossing. Hij verzon een manier om de voetballer te importeren alsof het om een vrachtwagen ging. Voor Cruijffs transfer golden zodoende dezelfde regels als voor de import van auto's of vee. Zo viel hij bij de wet onder ‘levende have’.[42]
  • Cruijff speelde samen met gastspeler Džajić op 17 en 19 juni 1975 twee vriendschappelijke duels in het shirt van Paris Saint-Germain tegen Sporting Lissabon en Valencia op het Tournoi de Paris. Al jaren eerder had Cruijff dit mondeling toegezegd aan modeontwerper en PSG-voorzitter Daniel Hechter die een groot fan van hem was.[144][145]
  • In het inmiddels gesloopte Oosterenkstadion van FC Zwolle droeg de hoofdtribune de naam 'Johan Cruijff-tribune'. Deze werd vernoemd naar Cruijff omdat hij in 1984 de laatste officiële wedstrijd uit zijn loopbaan speelde tegen PEC Zwolle. In de jaren 80 sloeg Cruijff samen met de bevriende voorzitter Marten Eibrink zelf de eerste paal.[146]
  • In 1996 verbond Cruijff zijn naam aan de traditionele openingswedstrijd van het voetbalseizoen tussen de landskampioen en de bekerwinnaar, die voorheen bekendstond als de Supercup. In plaats van een bokaal ontving de winnaar vanaf dat moment de Johan Cruijff Schaal.[147] Daarnaast wordt sinds 2003, tijdens het jaarlijkse VVCS-gala, de Johan Cruijff Prijs uitgereikt aan de meest talentvolle Eredivisiespeler van het seizoen.[148]
  • Op 19 april 2007 werd, ter gelegenheid van Cruijffs zestigste verjaardag, bekendgemaakt dat Ajax vanaf het seizoen 2007/08 'zijn' rugnummer 14 uit de roulatie zou nemen. Het was een eerbetoon aan Cruijff, die als speler 'van onschatbare waarde was geweest voor Ajax en de club wereldwijde naam en faam had bezorgd'.[149]
  • De achternaam Cruijff wordt officieel met een ij geschreven, maar in veel vreemde talen zoals het Engels, Spaans en Frans, komt de combinatie uijff vreemd over en is zij moeilijk uitspreekbaar. Daarom wordt de naam in het buitenland vaak geïnternationaliseerd tot Johan Cruyff, met een y. De uitspraak van zijn naam in het Spaans klinkt voor Nederlandstaligen ongeveer als kroejieff met de tweeklank van het Franse woord oui.[150] Zelf maakt Cruijff in binnen- en buitenland gebruik van beide schrijfwijzen.[151]
  • In 2010 werd er een planetoïde vernoemd naar Cruijff. Zijn naam werd gegeven aan planetoïde 14282: een kleine planeet met een diameter van zo'n negen kilometer die tussen Mars en Jupiter in een baan om de zon draait.[152]

Zie ook[bewerken]

Logo Wikiquote
Wikiquote heeft een collectie citaten gerelateerd aan Johan Cruijff.
Voorganger:
Luis Aragonés
Trainer van FC Barcelona
1988-1996
Opvolger:
Bobby Robson
Bronnen, noten en/of referenties
  1. "The Best of The Best" Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation
  2. IFFHS' Century Elections, Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation.
  3. Adoreren van Cruijff mag wel een onsje minder, Volkskrant, 30 maart 2011
  4. Johan Cruijff, Voetbalhistorie.
  5. a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z aa ab ac ad ae af ag ah ai Biografie Johan Cruijff Officiële website Johan Cruijff
  6. a b c Cruijff geeft gehoor aan verzoek Catalaanse bond, Voetbal International, 2 november 2009.
  7. a b Coach Cruijff neemt afscheid bij Catalonië met gelijkspel Voetbal International, 2 januari 2013
  8. Hiddema, Bert (2006), Cruijff! van Jopie tot Johan, uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam, pag. 17
  9. a b Vriesema, Ingmar (2011). Henny Cruijff. Uit: Het beroemde broer & zus boek, Uitgeverij Rap, Amsterdam, pag. 60-63 ISBN 978-94-004-0291-1
  10. Hiddema, Bert (2006), Cruijff! van Jopie tot Johan, uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam, pag. 15
  11. a b c d e f 'Grote Johan Cruijff-hype is in aantocht', Voetbal International, 12 februari 2007.
  12. a b c Hiddema, Bert (2006), Cruijff! van Jopie tot Johan, uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam, pag. 65
  13. Hiddema, Bert (2006), Cruijff! van Jopie tot Johan, uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam, pag. 51
  14. Betondorp (2), NRC, 29 augustus 2007.
  15. a b c Johan Derksen - Cruijff is een geschenk uit de hemel, Voetbal International, 29 november 2010.
  16. Van Huizen naar Amsterdam, Weblog Ronald van den Boogaard.
  17. Het blijft je broer: Henny Cruijff en Walter Beckenbauer, Sportgeschiedenis, 15 februari 2007.
  18. a b c d 'Cor Coster, een kleurrijke schoonvader', Voetbal International, 24 november 2008.
  19. a b Johan Cruijff: Voetbaldenker, Historisch Nieuwsblad.
  20. Johan Cruijff bondscoach van Catalonië, Voetbal online, 2 november 2009.
  21. Johan Cruyff, Teil 2 - nach der aktiven Laufbahn ARD Sportschau
  22. Hoe Johan Cruijff stopte met roken Sportgeschiedenis, 16 juni 2007
  23. These Lollies Are About to Go Pop Fast Company, 30 november 2002
  24. Cruijff: Ballesteros fenomeen Telegraaf, 9 mei 2011
  25. Van Basten grote ster in St. Andrews Telegraaf, 1 oktober 2009
  26. Golf en WK voetbal (deel IV) Golfers van Nederland, 13 juni 2006
  27. a b c VI Dossier: Ajax en Cruijff door de jaren heen Voetbal International, 31 maart 2011
  28. Het tweede profcontract van Johan Cruijff bij Ajax YouTube
  29. Op de divan in de Watergraafsmeer NRC, 17 maart 2006
  30. Ajax Dossier: De angst voor degradatie Parool, 20 november 2009
  31. Zaakwaarnemer gouden generatie ’Ome’ Cor Coster, overleden Trouw, 14 november 2008
  32. De Vos, Maarten (1971), De Ajacieden, Uitgeverij De Boekerij, Baarn, pag. 23-24
  33. Mühren: 'Dat Johan met 14 speelde is per toeval ontstaan' Voetbal International, 25 april 2012
  34. Zeven goals Alves record in eredivisie NRC, 7 oktober 2007
  35. Cor Coster (1920-2008) NRC, 14 november 2008
  36. Feyenoord hengelde in 71 al naar Cruijff Algemeen Dagblad, 29 januari 2008
  37. Johan Cruijff Voetbalzone, 23 december 2003
  38. Lob van Johan Cruijff tot in Afrika bekend Sportgeschiedenis, 2 januari 2008
  39. Genie Johan Cruijff, de engel op noppen Volkskrant, 3 januari 2011
  40. Swart herinnert zich Independiente goed Ajax, 20 juli 2011
  41. Ajax - Bayern München beste wedstrijd ooit Voetbalzone, 14 mei 2005
  42. a b c d TV-avond publieke omroep 50 jaar Johan Cruijff, 25 april 1997
  43. 'Ik weet wat ik kan' Volkskrant, 20 november 2010
  44. Winner, David (2010), Brilliant Orange: The Neurotic Genius of Dutch Football, uitgeverij Bloomsbury Publishing PLC, Londen, pag. 75
  45. Afhaken Müller reden komst Cruijff Voetbalzone, 13 oktober 2007
  46. Toen Cruijff vertrok bij Ajax Sportgeschiedenis, 19 januari 2008
  47. De Europese hegemonie Ajax
  48. Johan Neeskens in Barcelona: 'Ik scheet mezelf helemaal leeg' Sportgeschiedenis, 6 september 2007
  49. Real Madrid 0 - Barça 5 (Liga 1973/1974) YouTube
  50. El golàs de Cruyff al Atlético de Madrid (1973/1974) YouTube
  51. European Footballer of the Year ("Ballon d'Or") Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation
  52. a b c Johan Cruijff WK '74 finale
  53. 'Dit had Johan niet verdiend' Sportgeschiedenis, 9 mei 2006
  54. Sorry Johan Sportgeschiedenis, 9 mei 2006
  55. Pand van Oranjewoud was ooit van voetballer Johan Cruijff BN De Stem, 2 juli 2011
  56. a b c Geweldige voetballer, fantastisch mens, rampzalig seizoen Volkskrant, 24 april 1997
  57. a b c d e f Beckham's a path once trodden by Cruyff ESPN Soccernet, 20 juni 2007
  58. De New York Cosmos zijn terug Catenaccio, 3 augustus 2010
  59. Cruijffje in Amerika De Groene Amsterdammer, 21 juli 2007
  60. ‘De dingen die Cruijff deed, konden niet’ Friesch Dagblad, 24 april 2007
  61. Johan Cruijff - De Amerikaans jaren ENVB
  62. a b Wat Cruijff niet kan Vrij Nederland, 1 maart 2008
  63. Hiddema, Bert (2002), El Cruijff, uitgeverij Pandora Pockets, Amsterdam, pag. 125
  64. Cruyff and four weeks that rocked Leicester In bed with Maradona
  65. Johan Cruijff Maglia Rossonera
  66. Ploon Konijnenburg herdenkt Cor Coster Voetbalonline, 15 november 2008
  67. a b Johan Cruijff en Jack van Gelder Sportgeschiedenis, 28 februari 2008
  68. Een haat-liefde verhouding met het fenomeen Johan Volkskrant, 25 april 2007
  69. Het Cruijff-effect Andere Tijden, 28 februari 2008
  70. Anderhalf uur kippenvel bij terugkeer Johan Cruijff Sportgeschiedenis, 4 december 2006
  71. a b De ‘extra’s’ van Cruijff Ajax, 6 december 2007
  72. Een strafschop in tweeën Volkskrant, 30 november 2005
  73. Opkomst en val van een brombeer NRC, 2 maart 2000
  74. Johan Cruijff naar Feyenoord! Sportgeschiedenis, 29 juni 2007
  75. Feyenoord wilde Johan Cruijff in 1964 als jeugdspeler inlijven Sportgeschiedenis, 3 april 2007
  76. De echte afscheidswedstrijd van Cruijff Catenaccio, 20 juli 2009
  77. Spelersstatistieken Officiële website Johan Cruijff
  78. Cruijff wilde al in 1974 niet naar Argentinië, Sportgeschiedenis, 16 april 2008
  79. Een pleziertje in Waldhotel Krautkrämer Volkskrant, 29 september 2001
  80. Oranje had in 1976 de EK-finale moeten spelen Sportgeschiedenis, 15 mei 2008
  81. Adidas en Puma leggen jarenlange ruzie bij NOS, 17 september 2009
  82. Hiddema, Bert (2002), El Cruijff, uitgeverij Pandora Pockets, Amsterdam, pag. 180
  83. a b Johan Cruijff Ajax
  84. Johan Cruijff was bijna trainer van Heerenveen geworden Sportgeschiedenis, 6 april 2007
  85. Cruijff Barcelona-coach Officiële website Johan Cruijff
  86. a b c Johan Cruyff (1988-96) FC Barcelona
  87. The realization of a Dream Team – the story of the first Barcelona team to win a European Cup Goal, 24 mei 2011
  88. Johan Cruyff Reveals Origin Of Barcelona's Tactics Goal, 7 oktober 2009
  89. Voetballen alsof de club nog niets heeft gewonnen Volkskrant, 24 april 2011
  90. Messi bedreigt Pedro, Guardiola passeert Cruijff en evenaart Van Gaal Voetbalzone, 26 augustus 2011
  91. Het Genie zet Godenzonen lelijk te kijk Volkskrant, 19 april 1994
  92. Charly Rexach en Johan Cruijff Sportgeschiedenis, 21 april 2008
  93. Johan Cruijff onderscheiden Voetbalzone, 21 september 2006
  94. Cruijff: 'Dit is een aardigheidje voor een goed doel', Voetbal International, 2 november 2009.
  95. Cruijff vangt bot bij KNVB voor oefenduel, Voetbal International, 9 november 2009.
  96. Succesvol debuut Cruijff als bondscoach Catalonië, Voetbal International, 22 december 2009.
  97. Krkic gidst elftal van Cruijff naar ruime overwinning, Voetbal International, 28 december 2010.
  98. Bondscoach Cruijff ziet remise bij duel met Tunesië, Voetbal International, 30 december 2011.
  99. Cruijff nog één duel bondscoach van Catalaans elftal, Voetbal International, 7 november 2012.
  100. Tècnics que han superat els 100 partits Barça Camp Nou, 20 februari 2010
  101. Barça evenaart Ajax en PSV, Guardiola 'kopieert' Cruijff Voetbal International, 21 mei 2009
  102. World All-Time Teams Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation
  103. Cruijff enige levende in top tien van grootste Nederlanders Volkskrant, 12 april 2004
  104. Jan van Beveren na rentree "Blessure helemaal verdwenen" De Telegraaf, 20 mei 1974
  105. Ook Jan van Beveren blijft thuis Het Vrije Volk, 24 mei 1974
  106. a b Jan van Beveren, topatleet en sieraad in het doel Voetbal International, 26 juni 2011
  107. Klem! Jan van Beveren door Ruud Doevendans, bol.com
  108. a b c Eerherstel Van Beveren, ontmaskering Cruijff Eindhovens Dagblad, 16 oktober 2007
  109. Van Beveren vluchtte, Van Bommel bleef Volkskrant, 10 juli 2010
  110. voetbalstats.nl
  111. Voetbalstats.nl
  112. Willy van der Kuijlen 65 jaar: voor altijd Mister PSV Voetbal International, 6 december 2011
  113. Van Beveren was uniek, door Johan Cruijff, de Telegraaf, 27 juni 2011
  114. Van Gaal haalt uit naar Koeman Algemeen Dagblad, 8 oktober 2009
  115. a b Cruijff: Van Gaal heeft Alzheimer Algemeen Dagblad, 11 oktober 2009
  116. a b Ruzie tussen Cruijff en van Gaal begon in 1992 Sportgeschiedenis, 12 oktober 2009
  117. Johan Cruijff -Louis van Gaal 0-8 Volkskrant, 11 oktober 2003
  118. Cruijff wil geen verzoening met Van Gaal en onthult ware reden ruzie Voetbalzone, 22 december 2011
  119. Cruijff als analist Officiële website Johan Cruijff
  120. Cruijff hekelt negativisme bij wedstrijdanalyses Voetbalzone, 20 augustus 2009
  121. Voor één keer schrijft Cruijff een column in de Volkskrant Volkskrant, 19 april 2011
  122. Cruijff keert terug en Jaakke gaat weg bij Ajax Voetbal International, 20 februari 2008
  123. Cruijff weer weg na verschil van inzicht met Van Basten Voetbal International, 7 maart 2008
  124. Van Basten: 'Ideeën Cruijff over Ajax te rigoureus' Voetbal International, 29 september 2010
  125. Barcelona benoemt Cruijff tot erevoorzitter Voetbal International, 26 maart 2010
  126. Cruijff neemt afstand van erevoorzitterschap Voetbal International, 3 juli 2010
  127. 'In het belang Ajax zou iedereen moeten vertrekken' Voetbal International, 20 september 2010
  128. Cruijff: 'Ik ben niet bezig Ajax kapot te maken' Voetbal International, 15 november 2010
  129. Leden Ajax steunen Cruijff en vernieuwen ledenraad Voetbal International, 14 december 2010
  130. Cruijff als lid technische commissie terug bij Ajax Voetbal International, 10 februari 2011
  131. Cruijff: 'Dit rapport belichaamt mijn voetbalvisie' Voetbal International, 16 maart 2011
  132. Cruijff en Davids bij kandidaten voor rvc van Ajax Voetbal International, 1 juni 2011
  133. Ledenraad Ajax stemt in met voordracht commissarissen Voetbal International, 6 juni 2011
  134. 'Maatregelen genomen omdat Cruijff steeds Ling noemde' Voetbal International, 16 november 2011
  135. Benoemingen Van Gaal en Sturkenboom verboden Voetbalzone, 7 februari 2012
  136. Ten Have en Römer stappen onmiddellijk uit rvc Ajax Voetbal International, 26 maart 2012
  137. Cruijff is vanaf twaalf uur vrijdagnacht commissaris af Voetbal International, 13 april 2012
  138. Nieuwe raad van commissarissen Ajax eerder aan de slag Voetbal International, 18 april 2012
  139. Johan Cruijff Foundation Officiële website Johan Cruijff
  140. "Utopieën wie nooit gebeuren" - De taal van Johan Cruijff Onze Taal
  141. En un momento dado Holland Sport, 11 januari 2004
  142. Een harde klap voor de parochie van Johan Cruijff Volkskrant, 8 maart 2008
  143. Produkties en/of songs voor Johan Cruyff Peter Koelewijn
  144. Johan Cruijff: Paris c'est magique! The vintage football club, 22 februari 2011
  145. Saison 1975/76 PSG '70
  146. FC Zwolle ruilt Cruijff in voor sponsor Voetbal International, 5 november 2003
  147. Ajax en de fenomenen PTT Telecom Cup, Super Cup en Johan Cruijff Schaal Ajax, 9 augustus 2006
  148. Johan Cruijff Prijs Johan Cruyff Foundation
  149. Ajax laat niemand meer met Cruijffs 14 spelen Voetbal International, 19 april 2007
  150. De lange schaduw van El Salvador NRC, 7 april 1997
  151. De Kruyff, Kruijff, Cruyff of toch Cruijff? Officiële website Johan Cruijff
  152. Cruijff krijgt eigen planetoïde Nu, 23 september 2010
Etalagester
Etalagester Dit artikel is op 23 mei 2012 in deze versie opgenomen in de etalage.