Johan Cruijff

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Johan Cruijff
Cruyff a la banqueta del Camp Nou.jpg
Persoonlijke informatie
Volledige naam Hendrik Johannes Cruijff
Bijnaam Nummer 14
El Flaco (De Magere)
Het orakel (van Betondorp)
El Salvador (De Verlosser)
Geboortedatum 25 april 1947
Geboorteplaats Amsterdam, Nederland
Lengte 178 cm
Clubinformatie
Spelend bij Gestopt in 1984
Positie Aanvaller
Middenvelder
Jeugdteams
1959-1964 Nederland Ajax
Professionele clubs
Seizoen Club w 0(g)
1964-1973
1973-1978
1979-1980
1980
1981
1981
1981-1983
1983-1984
Totaal
Nederland Ajax
Spanje FC Barcelona
Verenigde Staten Los Angeles Aztecs
Verenigde Staten Washington Diplomats
Spanje Levante
Verenigde Staten Washington Diplomats
Nederland Ajax
Nederland Feyenoord
239 (190)
143 0(48)
027 0(14)
027 0(10)
010 00(2)
005 00(2)
036 0(14)
033 0(11)
520 (291)
Interlands
1966-1977 Nederland Nederland 48 0(33)
Getrainde clubs
1985-1988
1988-1996
2009-heden
Nederland Ajax
Spanje FC Barcelona
Flag of Catalonia.svg Catalonië
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

Hendrik Johannes Cruijff (Amsterdam, 25 april 1947, Sound Johan Cruijff (info·uitleg)) is een voormalig Nederlands profvoetballer en huidig voetbalcoach.

Cruijff wordt wereldwijd erkend als een van de beste voetballers aller tijden.[1] In 1999 werd hij door de IFFHS verkozen tot Europees voetballer van de twintigste eeuw. Bij de verkiezing van Wereldvoetballer van de twintigste eeuw eindigde hij als tweede achter Pelé.[2] De voormalige aanvaller en spelverdeler werd met name geroemd vanwege zijn techniek, startsnelheid, handelingssnelheid en spelinzicht.[3] Drie maal werd hij verkozen tot Europees voetballer van het jaar en ook won hij drie keer de Europacup I. Dit laatste deed Cruijff met Ajax, waar hij gold als de leider en ster van het elftal.[4] In 1974 bereikte Cruijff als aanvoerder van het Nederlands elftal de finale van het WK, waarin met 1-2 werd verloren van West-Duitsland.[5]

Na een twintigjarige carrière als voetballer, die hem onder meer twee keer langs Spanje en de Verenigde Staten hadden geleid, legde Cruijff zich in 1985 toe op het trainerschap. Zonder benodigde diploma's werd de oud-speler trainer bij Ajax en bezorgde hij de Amsterdammers twee KNVB bekers en een Europacup II. Nadat Cruijff begin 1988 ontslag had genomen, werd hij trainer bij zijn voormalige werkgever FC Barcelona. Daar formeerde hij een succesvol elftal dat de geschiedenisboeken inging als het Dream Team. Hoogtepunt tijdens zijn verblijf bij de Catalanen was de winst van de Europacup I in 1992. Na zijn ontslag in 1996 beëindigde Cruijff zijn trainerscarrière maar bleef hij invloedrijk bij zowel Ajax als Barcelona. Cruijff ging zich vanaf dat moment inzetten als weldoener en richtte diverse maatschappelijk betrokken instellingen op. Daarnaast bleef hij bij het voetbal betrokken, onder andere als analyticus, ambassadeur, adviseur en columnist.[5] In 2009 besloot Cruijff het trainerschap opnieuw op te pakken toen hij werd benaderd voor het bondscoachschap van Catalonië.[6]

Inhoud

[bewerken] Privéleven

[bewerken] Jeugd

Cruijff werd op vrijdag 25 april 1947 rond één uur 's middags geboren in het Burgerziekenhuis in de Linnaeusstraat te Amsterdam.[5] Hij was de tweede zoon van Hermanus Cornelis Cruijff en Petronella Bernarda Draaijer, die hem vernoemden naar de opa van moeders kant: Hendrik Johannes Draaijer.[7] Johan Cruijff, die door zijn moeder 'Jopie' werd genoemd, groeide op in de Akkerstraat in de wijk Betondorp, dat op een steenworp afstand lag van Ajax-stadion De Meer.[5] Vader Manus en moeder Nel kwamen beiden uit de Jordaan en waren na de oorlog in hun woonwinkelpand een groentezaak begonnen.[8] Daarnaast hielp Nel op vrijwillige basis af en toe mee in het Ajax-stadion als werkster en hulp in de kantine.[9]

Toen Cruijff twaalf jaar oud was, verhuisde het gezin naar een benedenwoning op de Akkerstraat. Op de avond dat ‘Jopie’ Cruijff afscheid wilde nemen van de Groen van Prinstererschool aan de Zaaiersweg, was zijn vader plotseling overleden aan de gevolgen van een hartaanval. Het overlijden van de 45-jarige Manus was het grote drama uit Johans leven.[10] Nog jarenlang zou hij denkbeeldige gesprekken voeren met zijn vader, die ligt begraven op de Oosterbegraafplaats.[5] Nel kon de groentezaak als weduwe niet in haar eentje voortzetten en daarom werd besloten om de winkel te sluiten. Nel werd vanaf dat moment kostwinner maar hertrouwde enkele jaren later met Henk Angel, een toenmalige terreinknecht bij Ajax.[11] Ondertussen was ze de kost gaan verdienen als huishoudster bij Ajax-trainer Vic Buckingham, maar bood Ajax haar ook uitkomst door haar voortaan te betalen voor de werkzaamheden bij de club.[8][9]

Na afronding van de lagere school koos Johan als vervolgopleiding voor de Frankendaal-Ulo, waar hij in september 1959 startte. Tussen de middag at hij regelmatig bij zijn moeder en het gezin Buckingham, waardoor hij ondertussen de Engelse taal machtig werd.[8] De school werd echter geen succes. Cruijff bleef tweemaal zitten en besloot na enkele jaren zonder diploma de Frankendaal-Ulo te verlaten. Via Ajax kreeg hij vervolgens een baantje als winkelbediende bij Perry van der Kar aan de Ceintuurbaan.[12]

[bewerken] Gezin

Cruijff op het KLM Open 2009.

Op de bruiloft van ploeggenoot Piet Keizer liep de jeugdige Cruijff Diana Margaretha Coster tegen het lijf, een dochter van de Amsterdamse zakenman Cor Coster.[13] Ze kregen verkering en op 2 december 1968 traden Johan en de bijna twee jaar jongere Danny in het huwelijk. Ze gingen samenwonen in Vinkeveen en kregen drie kinderen: Chantal (16 november 1970), Susila (27 januari 1972) en Jordi (9 februari 1974). Op het moment dat hun zoon in een Amsterdams ziekenhuis werd geboren, woonde het gezin Cruijff al in Spanje. Jordi was vernoemd naar de Catalaanse beschermheilige Sant Jordi, maar het Franco-regime had deze naam verboden om het Catalaanse nationalisme de kop in te drukken.[14] Omdat Jordi echter in Nederland was geboren kon de Spaanse burgerlijke stand de aangifte niet weigeren.[15]

[bewerken] Roken en gezondheidsklachten

Op 26 januari 1991 kreeg Cruijff tijdens een wandeling met Danny last van hartklachten. In eerste instantie werd er gevreesd voor een licht hartinfarct, maar na onderzoek in het ziekenhuis bleek hij last te hebben van aderverkalking. Om dit te verhelpen onderging Cruijff met spoed een bypassoperatie. Naast twee maanden rust kreeg de toenmalige Barcelona-trainer van de doktoren ook het advies om te stoppen met roken.[5] Tijdens zijn actieve carrière had Cruijff zich op het gebied van eten en drinken altijd als een voorbeeldprof gedragen, maar de verleiding van het roken had hij nooit kunnen weerstaan. Soms liep de nicotineconsumptie op tot tachtig sigaretten per dag.[16] De Wasem, een bijnaam die Bild-zeitung hem ooit had gegeven, besloot het advies van de doktoren op te volgen en verleende meteen zijn medewerking aan een reclamespotje waarin roken werd ontmoedigd.[17] Vanaf dat moment verruilde Cruijff zijn sigaret voor een Chupa Chups, waardoor hij regelmatig met een lolly in de dug-out was te vinden. In het voetbalminnende Catalonië leidde dit er in 1991 toe dat de verkoop van deze lolly verdubbelde.[18]

[bewerken] Golf

Naast voetbal heeft Cruijff een passie voor golf. De eerste keer dat hij een golfclub in zijn handen hield was tijdens een Dutch Open midden jaren 70. Nadien was Cruijff regelmatig te vinden op diverse golfcourses wereldwijd.[19] Traditiegetrouw neemt hij samen met Maarten Lafeber jaarlijks deel aan grote golftoernooien, zoals het Alfred Dunhill Links Championship of het KLM Open.[20] Volgens de officiële NGF Handicap registratie, waaruit Golf Weekly in 2006 een rijtje voetballers publiceerde, had Cruijff toentertijd een handicap 35,3.[21]

[bewerken] Clubcarrière

[bewerken] Ajax

[bewerken] Naar de Europese top

Cruijff werd op zijn tiende verjaardag lid van Ajax. Nadat hij al vanaf zijn zesde jaar bij de club had meegetraind, ontving hij op 25 april 1957 een brief waarin stond dat hij als lid was aangenomen. Cruijff hoefde geen proefwedstrijd te spelen omdat jeugdtrainer Jany van der Veen de pupil al regelmatig in Betondorp had zien spelen en hij hem goed genoeg vond om direct Ajacied te worden.[22] Hij bracht enkele seizoenen in de opleiding door en werd in het seizoen 1962/63 kampioen met de jeugd van Ajax.[5] Niet veel later tekende Cruijff zijn eerste profcontract, dat hem voor vier jaar aan de Amsterdammers bond in ruil voor een jaarlijkse vergoeding van 15.000 gulden plus premies.[23] Daarmee werd hij na Piet Keizer niet alleen de tweede fullprof van Ajax, maar ook van Nederland.[11][24]

Op 15 november 1964 maakte Cruijff zijn officiële debuut in het eerste elftal van Ajax, dat onder leiding stond van trainer Vic Buckingham. Als debutant scoorde Cruijff die middag het enige doelpunt in de met 3-1 verloren uitwedstrijd tegen GVAV. Lang speelde hij niet onder het bewind van Buckingham, want ruim twee maanden na Cruijffs eerste opwachting keerde de oefenmeester terug naar Engeland, waarna hij werd opgevolgd door Rinus Michels. De onervaren keuzeheer vond Cruijff eigenlijk nog te jong en fysiek niet sterk genoeg voor het eerste elftal. Desalniettemin wist het zeventienjarige talent tijdens zijn debuutseizoen tienmaal binnen de lijnen te verschijnen, waarin hij vier keer scoorde.[8] Voor Ajax verliep het seizoen sportief gezien zeer teleurstellend. De club eindigde als dertiende op de ranglijst en wist slechts ternauwernood aan degradatie te ontsnappen. De eindklassering van 1965 is nog steeds de laagste die Ajax ooit behaalde sinds de invoering van het betaald voetbal. Michels besloot in te grijpen en drong bij het bestuur, dat onder leiding stond van de nieuwe voorzitter Jaap van Praag, aan op nieuwe versterkingen. De clubleiding besloot Co Prins en Henk Groot terug naar het oude nest te halen en contracteerde daarnaast doelman Gert Bals van PSV.[25] Hoewel Michels het nog niet de tijd vond om Cruijff een vaste rol binnen het elftal te geven, bemachtigde deze op 24 oktober 1965 tegen DWS toch een basisplaats toen hij de geblesseerde Klaas Nuninga verving. Cruijff scoorde die middag tweemaal, waarmee hij Michels overtuigde van zijn kunnen. Met hem in de spits bleef Ajax vervolgens zestien wedstrijden op rij ongeslagen.[8] De 2-0 uit-winst tegen FC Twente op 15 mei 1966 betekende dat Ajax zich twee wedstrijden voor het verstrijken van de competitie kroonde tot landskampioen, waarmee de club terugkeerde naar de top. Hoewel Ajax dat seizoen al de meest trefzekere ploeg van de Eredivisie was geweest met 79 doelpunten, werd daar het volgende seizoen nog een flinke schep bovenop gedaan toen de club in de competitie liefst 122 keer tot scoren kwam, een hoeveelheid die sindsdien nooit is overtroffen. Cruijff had met 33 treffers het grootste aandeel in de Amsterdamse doelpuntenproductie en werd met dit aantal topscorer van de Eredivisie. Met een positief doelsaldo van 88 prolongeerde Ajax de landstitel en behaalde het bovendien voor de eerste maal in de clubhistorie de dubbel, door in de KNVB beker-finale NAC met 2-1 te verslaan. Zijn aandeel in het behalen van zowel de titel als de beker leidde ertoe dat Cruijff in 1967 werd uitgeroepen tot Nederlands voetballer van het jaar.[5]

Het was in deze periode dat de aanstaande schoonvader van Cruijff, Cor Coster, als een van de eersten ging inzien dat individuele spelers een commerciële waarde vertegenwoordigden. Hij had door dat De Meer iedere wedstrijd veel publiek trok en dat toeschouwers hoofdzakelijk voor Cruijff kwamen.[13] Costers inzichten leidden ertoe dat Cruijff besloot zich vanaf dat moment te laten vertegenwoordigen door zijn aanstaande schoonvader, die daarmee een van de eerste zaakwaarnemers in het nationale en internationale topvoetbal werd.[26] De intrede van de zaakwaarnemer bracht een kentering in de voetbalwereld teweeg, aangezien sportbestuurders tot dan toe gewend waren dat zij de voorwaarden voor het contract opstelden en dat spelers slechts hoefden te tekenen.[13] Illustratief was bijvoorbeeld Costers invloed op het clubbestuur, toen hem ter ore kwam dat de nieuwe aankoop Dick van Dijk meer ging verdienen dan zijn aanstaande schoonzoon. Coster greep in en zorgde er persoonlijk voor dat Cruijffs contract werd opengebroken. Er vond een financiële opwaardering plaats waarbij het jaarsalaris werd opgetrokken naar 50.000 gulden: hetzelfde bedrag dat Van Dijk ook ontving. Coster vond namelijk dat wanneer iemand zo goed kon voetballen als zijn schoonzoon hij daar ook vorstelijk voor gehonoreerd mocht worden. Begin jaren 70, toen de spelerssalarissen een vlucht namen, ging Coster zelfs nog een stapje verder door zichzelf te beloven dat hij ervoor ging zorgen dat Cruijff van zijn voetbalkwaliteiten miljonair zou worden.[27]

In 1968 werd Ajax voor de derde keer op rij landskampioen. Het gevolg was dat de club daarom in 1968/69 mocht deelnemen aan de Europacup I en daarin kende men de nodige successen. Mede door de doelpunten van Cruijff en Danielsson tegen het Benfica van Eusébio, wist Ajax als eerste Nederlandse club de finale van het Europese bekertoernooi te bereiken. Op 28 mei 1969 bleek AC Milan in de eindstrijd echter een maatje te groot voor de Amsterdammers, het catenaccio won die avond met 4-1.[5] Door het drukke internationale programma greep Ajax op nationaal vlak ook net naast de prijzen, waardoor het aan het einde van de rit met lege handen achterbleef. Michels besloot als reactie het elftal drastisch te veranderen en dit wierp een jaar later zijn vruchten af toen Cruijff met zijn club opnieuw de dubbel won. Door een slopende liesblessure mistte hij echter de eerste wedstrijden van het daaropvolgende seizoen. Na een wekenlange afwezigheid vond de rentree van Cruijff plaats op 30 oktober 1970 tegen PSV. Tijdens die wedstrijd droeg Cruijff niet zijn vaste rugnummer 9, maar nummer 14. Dit vond zijn oorsprong in het ontbrekende shirt van Gerrie Mühren met rugnummer 7 dat niet in de wasmand werd aangetroffen. Aangezien Cruijff langdurig geblesseerd was geweest, vond hij dat Mühren dan maar zijn tricot met nummer 9 moest nemen. Cruijff trok vervolgens een reserveshirt met rugnummer 14 aan. Nadat het duel tegen PSV in een 1-0 overwinning voor Ajax was geëindigd, droeg Cruijff een week later opnieuw het shirt met nummer 14 omdat het tegen de club uit Eindhoven 'zo lekker was gegaan' en Mühren wederom met nummer 9 kon spelen. Uit bijgeloof behield Cruijff rugnummer 14, dat op den duur in de beeldvorming onlosmakelijk met hem werd verbonden. In dat kader is het opvallend dat hij in het vervolg van zijn carrière nog regelmatig met andere rugnummers speelde.[28] Cruijff was na zijn lange afwezigheid opmerkelijk snel hersteld en toonde dit binnen een maand na zijn rentree op 29 november 1970 tegen AZ'67, toen hij met zes treffers een groot aandeel had in de 8-1 overwinning van Ajax. Daarmee evenaarde Cruijff het record van Lammers en Kerkhoffs, die ook zes keer hadden gescoord in één competitiewedstrijd.[5] In 2007 schoot Afonso Alves dat record echter uit de boeken toen hij zeven keer het net vond tegen Heracles.[29]

[bewerken] Europese hegemonie

Inmiddels had Michels een team geformeerd dat zich kon meten met de Europese top. Het elftal bestond naast jongelingen als Stuy, Krol, Neeskens, Rijnders, Blankenburg en Haan uit oudgedienden die al aanwezig waren bij de Europacupfinale van 1969 zoals Suurbier, Hulshoff, Vasović, Swart, Keizer en Cruijff. Bijna twee jaar na dato wist dit gezelschap op 2 juni 1971 wederom de finale van de Europacup I te bereiken. Op Wembley was het Griekse Panathinaikos, gecoacht door Ferenc Puskás, de tegenstander. Net als Feyenoord een jaar eerder, wist Ajax ditmaal ook het prestigieuze toernooi te winnen dankzij twee doelpunten van Van Dijk en Haan.

Na de gewonnen Europacup I ontstond er speculatie dat Cruijff zou vertrekken bij Ajax. Zo stond hij onder andere in de belangstelling van FC Barcelona, maar behoorde ook een overstap naar Feyenoord tot de mogelijkheden.[30] Coster had in het geheim maandenlang onderhandeld met de Rotterdamse club om Cruijff, via een verhuurconstructie met een buitenlandse club, de beoogde opvolger van de vertrekkende Ove Kindvall te laten worden.[31] Na lang onderhandelen bereikten Cruijff en Coster op 12 juli 1971 echter toch een akkoord met Ajax. Cruijff kreeg de financiële zekerheid waar hij op had gehoopt. Hij tekende een zevenjarig contract dat hem jaarlijks 95.000 gulden opleverde, plus winstpremies van 1.500 gulden. In 1978, wanneer Cruijffs contract zou aflopen, was de planning dat hij ook definitief zou stoppen met voetballen. Daarom regelde Coster ook nog een akkoord met Koninklijke Bijenkorf Beheer, waarin was opgenomen dat Cruijff vanaf zijn 31e tot zijn 65e jaarlijks een bedrag uitgekeerd zou krijgen ter hoogte van 60.000 gulden.[13]

Cruijff en de tegenstanders van Independiente in de strijd om de Wereldbeker.

In 1971/72 beleefde Cruijff met Ajax één van de meest succesvolle seizoenen uit de historie van de club. Rinus Michels was inmiddels vertrokken naar FC Barcelona en opgevolgd door Stefan Kovács. Onder leiding van de Roemeense oefenmeester wonnen de Amsterdammers opnieuw de dubbel en stond de club voor de tweede achtereenvolgende maal in de finale van de Europacup I. Op 31 mei 1972 vond de eindstrijd plaats in De Kuip, waar Cruijff een hoofdrol opeiste door beide doelpunten voor zijn rekening te nemen in de 2-0 overwinning op Internazionale. Andere hoogtepunten dat seizoen waren onder meer het snelste doelpunt van Cruijff ooit (op 21 november 1971 na negen seconden tegen Telstar) en de grootste overwinning in de geschiedenis van de Eredivisie, toen Ajax op 19 mei 1972 Vitesse met 12-1 versloeg.[32] Ook de lob waarmee Cruijff de 2-1 aantekende tegen FC Den Haag kon tot de hoogtepunten van het seizoen worden gerekend. Nadat Cruijff zijn tegenstander in een vloeiende beweging was gepasseerd, schoot hij de bal met een subtiel boogje over de Haagse doelman Ton Thie heen.[33] Dat Cruijff in die periode door de media tot de absolute top werd gerekend, bewezen onder andere de uitverkiezing tot Nederlands en Europees voetballer van het jaar in 1971.[34]

In tegenstelling tot 1971, toen Ajax als titelhouder van de Europacup I deelname aan de Wereldbeker had afgezegd, besloot de club in het najaar van 1972 de confrontatie met de winnaar van de Copa Libertadores toch op te zoeken. Aanvankelijk bestond er twijfel vanwege de lange reis en de geringe uitstraling van de Wereldbeker, maar de intentie binnen de spelersgroep om alles te willen winnen gaf uiteindelijk de doorslag om toch te gaan.[35] In de strijd tussen de Europese en Zuid-Amerikaanse kampioen, werd het Argentijnse Independiente door Ajax over twee wedstrijden met 4-1 verslagen. Na de Wereldbekerwinst volgde Cruijff Piet Keizer op als aanvoerder van Ajax. Onder leiding van Cruijff werd begin 1973 door Ajax ook de Europese Supercup veroverd, na een dubbele overwinning op Glasgow Rangers. In maart 1973 volgde er in de kwartfinale van de Europacup I een belangrijke 4-0 overwinning op Bayern München. Het duel werd in 2005 door L'Équipe verkozen tot de beste Europacupwedstrijd ooit. De Franse sportkrant omschreef het duel als 'de beste demonstratie van totaalvoetbal'.[36] Nadat de Ajacieden in de halve finale ook Real Madrid hadden uitgeschakeld, bereikte de club op 30 mei 1973 voor de derde keer op rij de Europacup I-finale. Daarin wisten de Amsterdammers opnieuw te winnen, ditmaal met 1-0 van Juventus.

Inmiddels begon echter het enthousiasme over het aanvoerderschap van Cruijff onder spelers af te nemen. In juli 1973 ging een onderling verdeelde selectie op trainingskamp in een hotel in De Lutte. Keizer wilde weer aanvoerder worden maar Cruijff zag dit niet zitten.[37] Er werd daarom een stemming gehouden over de vraag of Cruijff aanvoerder moest blijven of niet. Met drie stemmen voor en dertien stemmen tegen zegde de spelersgroep het vertrouwen in Cruijff op en kreeg Keizer de aanvoerdersband terug.[5] Cruijff ervoer de beslissing van de spelersgroep als een motie van wantrouwen en had het gevoel dat zijn gezag werd ondermijnd.[38] Geschokt keerde hij terug naar zijn hotelkamer, waar hij contact opnam met zijn schoonvader. Telefonerend gaf Cruijff hem de opdracht: "je moet nu meteen Barcelona bellen. Ik vertrek hier."[39]

De grenzen in Spanje waren weer opengesteld voor buitenlandse spelers en Barcelona, dat Cruijff al eerder had willen contracteren, sloeg zijn slag nadat in een eerder stadium de transfer van Gerd Müller was afgeketst.[40] Cruijff speelde nog twee competitiewedstrijd voor Ajax, waarvan zijn laatste op 19 augustus 1973 tegen FC Amsterdam. Hoewel Cruijff in de eerste minuten van het duel nog werd uitgefloten, was hij erop gebrand om de club waardig te verlaten. Tien minuten voor tijd wist de afzwaaiende vedette het net te vinden, waarna hij onder luid applaus een publiekswissel ontving om afscheid te kunnen nemen.[41] Drie dagen later, op 22 augustus, werd het contract ondertekend en verhuisde Cruijff voor zes miljoen gulden, waarvan drie miljoen voor hem zelf, naar Barcelona.[22] Door zijn transfer mocht Cruijff zich de duurste voetballer aller tijden noemen.[42]

[bewerken] FC Barcelona

In Barcelona werd Cruijff herenigd met Michels, die van 1965 tot 1971 zijn trainer bij Ajax was geweest. De Catalanen hadden lang op de komst van Cruijff moeten wachten. Eerst stond de Spaanse voetbalbond geen buitenlanders toe en daarna werkte de KNVB niet mee, omdat Cruijff na het verstrijken van de transferperiode was gecontracteerd. Cruijff kon aanvankelijk alleen in vriendschappelijke wedstrijden voor Barcelona uitkomen en maakte op 5 september 1973 zijn officieuze debuut tegen Cercle Brugge (6-0). Met behulp van de recettes voor de vriendschappelijke duels verdiende Barcelona het transferbedrag van Cruijff helemaal terug, nog voordat hij speelgerechtigd was in de Spaanse competitie.[37] Met het argument dat hij wedstrijdritme moest behouden voor het Nederlands elftal zwichtte de bond namelijk, waardoor Cruijff op 28 oktober 1973 zijn officiële debuut voor Barcelona kon maken in de thuiswedstrijd tegen Granada.[5] Inmiddels was het seizoen al zeven speelronden oud en bevond Barcelona zich in de onderste regionen van de ranglijst, na twee overwinningen, twee gelijke spelen en drie nederlagen. Cruijff maakte echter meteen zijn reputatie waar en scoorde twee doelpunten tegen Granada waardoor er met 4-0 werd gewonnen. Met de Nederlander aan boord maakte de club vervolgens jacht op de titel en bleef het 25 wedstrijden op rij ongeslagen (negentien overwinningen en zes gelijke spelen). Toen de club vijf wedstrijden voor het einde van de competitie niet meer achterhaald kon worden door de concurrentie, kroonde Barcelona zich voor het eerst sinds veertien jaar weer tot kampioen van Spanje. Cruijff had met zestien treffers (één doelpunt minder dan clubtopscorer Marcial) een fundamentele bijdrage geleverd. Het werd het hoogste aantal dat hij in Spanje zou halen, wat ver verwijderd was van de 33 in zijn beste seizoen bij Ajax.[43] Hoogtepunt dat seizoen was onder andere de 0-5 overwinning op aartsrivaal Real Madrid, waarin Cruijff eenmaal had gescoord.[44] Ook was er het beroemde doelpunt tegen Atlético Madrid, waarbij Cruijff met de rug van het doel draaide om vervolgens met zijn hiel de bal langs keeper Miguel Reina binnen te tikken.[45] De prestaties van Cruijff zorgden ervoor dat hij in 1973 en 1974 opnieuw werd verkozen tot Europees voetballer van het jaar. Daarmee werd hij de eerste speler die de prijs driemaal won. Michel Platini en Marco van Basten zijn de enige spelers die dit wisten te evenaren.[46]

Hoewel Cruijff persoonlijk in de hoogtijdagen van zijn carrière zat, bleef de landstitel van 1974 jarenlang de enige prijs die hij in dienst van Barcelona had gewonnen. Ook na het vertrek van Michels in 1975, kon zijn opvolger Hennes Weisweiler daar geen verandering in brengen. De Duitse oefenmeester had grote successen gevierd met Borussia Mönchengladbach, maar aldaar viel het op dat Weisweiler slecht overweg kon met vedetten. Hij botste voortdurend met zijn sterspeler Günter Netzer. De geschiedenis herhaalde zich in Barcelona: Weisweiler botste met Cruijff, die in 1976 tegen Sevilla zelfs naar de kant werd gehaald. De socios kozen massaal partij voor Cruijff en zijn populariteit bleef ongeschonden. Weisweilers dagen waren geteld en hij moest na één seizoen weer vertrekken. Ondanks geruchten dat Cruijff naar Juventus zou gaan of zelfs terug zou keren naar Nederland (naar Ajax of AZ’67), tekende hij voor twee seizoenen bij en stelde met succes de eis dat Michels moest worden teruggehaald.[37] Onder leiding van de teruggekeerde oefenmeester volgde in 1978 uiteindelijk de tweede en laatste prijs voor Cruijff, tijdens zijn vijfjarige verblijf in Barcelona. Op 19 april werd beslag gelegd op de Copa del Rey, na een 2-0 overwinning op Las Palmas.[5]

[bewerken] Afscheid

Zoals hij zijn hele carrière al had voorspeld, besloot de 31-jarige Cruijff in de zomer van 1978 een punt achter zijn loopbaan te zetten.[47] Met een 3-1 zege op Ajax nam hij op 27 mei 1978 afscheid van het Catalaanse publiek.[5] Speciaal voor Cruijff werd op 7 november 1978 door Ajax nog een afscheidswedstrijd georganiseerd. Het Duitse Bayern München was uitgenodigd voor de erewedstrijd in het Olympisch Stadion. Vooraf kreeg Cruijff van voorzitter Ton Harmsen een gouden horloge met inscriptie en een kleurentelevisie. Dit laatste cadeau zorgde voor hilariteit op de tribunes maar later bleek dat de televisie gekocht was naar de wens van Cruijffs vrouw Danny.

Het werd geen feestelijke dag en geen gebruikelijke uitslag voor een erewedstrijd. In een vol stadion en met miljoenen tv-kijkers over de hele wereld werd Ajax met 0-8 ingemaakt. De Duitsers waren getergd door de nederlagen die ze hadden geleden in de voorgaande jaren tegen Ajax (in augustus 1972 werd het in München 0-5 en in maart 1973 in Amsterdam 4-0). Daarnaast stond er niemand van de Amsterdamse club op Schiphol om de Duitsers welkom te heten en werden ze ondergebracht in een tweederangs hotel. Ook hebben ze achteraf laten weten uitgejouwd te zijn vanaf de tribunes (voor onder andere 'Nazi-Schweine'). Het team van Ajax wilde er een leuke avond van maken maar werd verrast door de geconcentreerde strijdlust van Bayern. Na de achtste treffer, van Karl-Heinz Rummenigge, verliet Cruijff het veld voor Ray Clarke. Het was de grootste nederlaag die Cruijff in zijn carrière had geleden.[48] In mei 2006 hebben enkele voormalige spelers van Bayern München in NOVA alsnog hun excuses aangeboden voor deze wedstrijd.[49]

Na zijn voetbalcarrière stortte Cruijff zich op een zakelijk avontuur in Spanje. In het verleden had hij zich al op zaken toegelegd met Jack van Zanten en nu besloot Cruijff in zee te gaan met goede vriend en zakenpartner Michel Basilevitsj.[50] Vanuit een luxe kantoor aan de Passeig de Gràcia in Barcelona begonnen ze samen CB-International (met de C van Cruijff en de B van Basilevitsj). Het bedrijf hield zich onder meer bezig met de export van wijn, cement en groenten, de handel in onroerend goed, het vertegenwoordigen van Warner Bros en de exploitatie van varkensfokkerij Ganadera Catalana. Het project liep echter uit op een fiasco: Basilevitsj bleek het vermogen handig te hebben weggesluisd en liet Cruijff achter met een schuld van zes miljoen gulden.[51]

[bewerken] Los Angeles Aztecs

Cruijff zag zich genoodzaakt om het voetballen weer op te pakken en wilde graag naar de Verenigde Staten, waar New York Cosmos de volgende club uit zijn carrière leek te worden. Bij Cosmos had Cruijff namelijk ooit een voorcontract getekend waarin was bepaald dat hij in de Verenigde Staten alleen voor die club mocht uitkomen. Enkele weken voorafgaand aan zijn afscheid als speler had Cruijff al kennis gemaakt met de Amerikaanse ploeg, toen hij op 30 augustus 1977 als gastspeler had deelgenomen aan een benefietwedstrijd. Clubeigenaar Steve Ross, die ook de baas was van Warner Bros, besloot werk te maken van Cruijffs komst en bood hem een driejarige overeenkomst aan met een honorarium van in totaal vier miljoen dollar.[52] Cruijff sloeg dat aanbod echter af omdat hij maar één jaar voor de club uit wilde komen. De verklaring daarvoor was dat Cruijff niet zoveel trek had in de commerciële activiteiten die hij namens de club voor Warner Bros moest uitvoeren, zoals dat in het verleden ook van oud-speler Pelé was verwacht. New York Cosmos zou onder andere op een wereldtournee gaan, waarmee miljoenen dollars werden opgehaald. Andere verhalen vertellen dat de invloedrijke sterspeler Giorgio Chinaglia niet zat te wachten op de komst van Cruijff en daarom een overgang blokkeerde.[53]

Nadat bleek dat een voortzetting van Cruijffs carrière er bij New York Cosmos niet in zat, toonde Los Angeles Aztecs interesse. Aan de Amerikaanse westkust lag een lucratief contract voor Cruijff klaar met een jaarsalaris van 750.000 dollar.[52] De werkloze Cruijff ging akkoord en tekende voor één seizoen. Het ging hem echter niet om het geld, zoals hij in tientallen interviews aangaf. Naar eigen zeggen had hij in Europa veel meer kunnen verdienen. Cruijff vond van zichzelf dat hij op een missie was: hij wilde het voetbal in de Verenigde Staten tot een succes maken, laten zien dat het ‘de mooiste sport ter wereld was’. Of Cruijff dit nu meende of niet, in Nederland kreeg hij de reputatie van een geldwolf. In de VS werd hij echter geprezen vanwege zijn inzet en liefde voor de sport. Zo was Cruijff bereid om uren te rijden als hij ergens kosteloos tien minuten op de televisie over voetbal mocht vertellen.[54]

Direct vanuit het vliegtuig, met de jetlag nog in zijn lijf en na negen maanden niet getraind te hebben, maakte Cruijff op 23 mei 1979 zijn debuut tegen Rochester Lancers. Aan het Amerikaanse publiek gaf hij meteen zijn visitekaartje af door binnen tien minuten tweemaal te scoren. In de tweede helft verzorgde hij nog een assist waarmee de 3-0 eindstand werd bepaald.[52] Zijn periode bij LA Aztecs betekende voor Cruijff een tweede hereniging met Michels, die een jaar eerder door de club was aangetrokken. Naast de inbreng van Cruijff waren de Aztecs sinds 1979 voorzien van een flinke Nederlandse injectie door de komst van Thomas Rongen, Leo van Veen, Huub Smeets en Wim Suurbier. Michels bouwde een team dat volledig op Cruijff was afgestemd en gaf zijn spelers mee: "je moet gewoon lopen waar Johan niet is".[55] Net zoals bij Ajax en Barcelona mocht Cruijff van Michels binnen het veld de lijnen uitzetten. Zijn prestaties zorgden ervoor dat hij aan het einde van het seizoen werd uitgeroepen tot meest waardevolle speler van de NASL. Zijn doelpunt in de playoffs tegen Washington Diplomats werd verkozen tot Goal of the Year.[52] Ondanks deze persoonlijke successen bleef het verblijf van Cruijff bij de Aztecs slechts beperkt tot één seizoen, aangezien de nieuwe eigenaren in 1980 meer Mexicaanse invloeden bij de club wilden zien.[5] Andere bronnen meldden dat de Aztecs hem moesten laten gaan omdat ze zich het salaris van Cruijff niet nog een jaar konden veroorloven.[52]

[bewerken] Washington Diplomats

Cruijff besloot in Amerika te blijven en tekende een contract bij Washington Diplomats, waar hij de ploeggenoot van Wim Jansen werd. Zijn debuut vond plaats op 29 maart 1980 tegen Tampa Bay Rowdies en werd opgeluisterd met een 3-2 nederlaag na shootouts.[5] In Amerika kende men afwijkende spelregels. Zo waren er per wedstrijd maximaal negen punten te verdienen en was een gelijkspel niet mogelijk. Shootouts, die Cruijff niet zelden miste, moesten dan de beslissing brengen.[56] In Washington kende Cruijff een sportief minder goed seizoen dan bij de Aztecs. De Diplomats werd al in de eerste ronde van de playoffs naar huis gestuurd en bovendien had Cruijff regelmatig last van kwetsuren, die waarschijnlijk werden veroorzaakt door het kunstgras.[57] Ook kwam hij in conflict met trainer Gordon Bradley en sommige van zijn ploeggenoten. In tegenstelling tot LA Aztecs, waar nog werd geluisterd naar de aanwijzingen van Cruijff, waren medespelers bij de Diplomats niet geïnteresseerd in zijn adviezen. Daarnaast had Cruijff lang aan de speelwijze van de Diplomats moeten wennen, aangezien deze bijna tegenovergesteld was aan de manier waarop hij het gewend was. Het spel liet zich vooral vergelijken met het harde voetbal zoals dat in de Engelse derde divisie werd gepeeld.[52]

Na afloop van de Amerikaanse competitie was Cruijff actief in Nederland. In het najaar van 1980 trainde hij mee met de selectie van Ajax. Meevoetballen werd hem door de KNVB verboden omdat dit tot competitievervalsing zou leiden. Wel werd Cruijff in november door Ajax benoemd tot technisch adviseur van trainer Leo Beenhakker.[5] In deze functie baarde hij groot opzien door tijdens een wedstrijd tegen FC Twente op 30 november 1980 van de tribune af te dalen en naast de verbouwereerde Beenhakker op de bank plaats te nemen. Na met 1-3 achter gestaan te hebben won het op dat moment als achtste geklasseerde Ajax, na onder meer Rijkaard in de ploeg te hebben gebracht, alsnog met 5-3. Een zesde competitienederlaag in de veertiende speelronde werd zodoende voorkomen.[57]

Naast zijn werkzaamheden voor Ajax, speelde Cruijff in januari 1981 ook drie vriendschappelijke wedstrijden als gastspeler voor DS'79. Het verzoek daarvoor kwam van DS'79-voorzitter Nico de Vries, die zijn sportmerken Admiral en Pony meer onder de aandacht wilde brengen. Naast Cruijff had De Vries ook Rensenbrink bereid gevonden om deel te nemen. Samen met DS'79 werkten de twee oud-internationals drie duels af tegen Chelsea, Charleroi en MVV.[5]

[bewerken] Levante

Omdat Cruijff begin 1981 plannen had om een rentree te maken bij het Nederlands elftal, diende hij weer regelmatig op het veld te staan om in aanmerking te komen voor Oranje. Het voornemen van Cruijff verspreidde zich snel door Europa en leidde tot de concrete belangstelling van vier clubs. Arsenal was zeer geïnteresseerd maar zij wilden hem pas contracteren voor het seizoen 1981/82, waardoor een overgang naar Londen geen doorgang vond. Ook een onbekende Duitse club (vermoedelijk Hamburger SV) deed hem een aanbod, maar vanwege de verloren WK-finale was Cruijff niet geneigd om naar de Bundesliga te vertrekken. Na weken van onderhandelingen leek Leicester City toen de beste papieren te hebben om de handtekening van Cruijff te bemachtigen. Trainer Wallace rekende op zijn komst en liet de Engelse pers weten dat de overgang op één of twee kleine puntjes na rond was. Toen dit nieuws Spanje bereikte kwam de vierde gegadigde Levante met een verbeterde aanbieding die meer financiële zekerheid bood.[58] Cruijff besloot de Spaanse lokroep te beantwoorden en bereikte op 28 januari 1981 overeenstemming met de tweede club van Valencia, waar ook zijn jeugdidool Faas Wilkes had gespeeld.[5] De komst van Cruijff naar Levante was het idee geweest van Luis Rodríguez, een supporter van de club. Levante stond rond de winterstop bovenaan in de Segunda División, maar desondanks bleef het stadion leeg. Rodríguez wist dat Cruijff in Nederland was en adviseerde het bestuur van de club om contact met hem te zoeken. De clubleiding vloog naar Nederland en ontmoette Cruijff in een hotel in Rotterdam. Coster regelde het contract voor Cruijff, waarin was opgenomen dat de Nederlander zou tekenen tot 30 juni 1981 in ruil voor een vast bedrag van tien miljoen peseta. Omgerekend naar de toenmalige wisselkoers kwam dit neer op een bedrag van ongeveer 250.000 gulden. De vergoeding werd destijds omschreven als een regelrecht schandaal. Levante bleek echter nooit in staat te zijn geweest om de genoemde financiële verplichting te voldoen. Cruijff ontving uiteindelijk niet meer dan zes miljoen peseta.[51]

Op 1 maart 1981 maakte Cruijff in de Spaanse tweede divisie zijn debuut tegen Palencia. Het zorgde ervoor dat de thuishaven Estadi Ciutat de València voor de eerste en enige keer helemaal was uitverkocht. De komst van Cruijff bleek echter een negatieve invloed op de club te hebben. Er werd niet meer serieus gevoetbald en binnen het bestuur van Levante draaide alles alleen nog maar om geld. Hoewel er rond de kerst nog uitzicht was geweest op promotie naar het hoogste niveau, eindigde de club uiteindelijk als negende op de ranglijst. De organisatie binnen de club was een puinhoop geworden en spelers hadden zich tegen het einde van het seizoen opgesloten in de kleedkamers om het bestuur te dwingen hun salarissen uit te betalen. Ook Cruijff kende een teleurstellende periode in Valencia. Zijn gehele verblijf werd gekenmerkt door lichte blessures en vormverlies waardoor hij niet verder kwam dan tien optredens en twee doelpunten.[51]

[bewerken] Washington Diplomats

Nog voordat zijn dienstverband bij Levante officieel was afgelopen, tekende Cruijff op 18 juni 1981 opnieuw een contract bij Washington Diplomats. Zijn rentree op de Amerikaanse velden vond plaats op 1 juli tijdens het uitduel tegen San Diego Sockers (3-2 verlies). Tijdens zijn tweede seizoen bij de Diplomats kwam Cruijff echter, als gevolg van de naweeën van een hamstringblessure, maar tot vijf optredens en scoorde hij slechts twee doelpunten.[5] De kwetsuur aan zijn hamstring had hij in juni 1981 opgelopen tijdens het Mundialito toernooi, waar hij als gastspeler had deelgenomen aan een vriendschappelijke wedstrijd tussen AC Milan en Feyenoord.[59] Spelersmakelaar Ploon Konijnenburg had geregeld dat Cruijff een helft aan de zijde van Milan mee zou spelen voor een bedrag van 20.000 dollar.[60]

[bewerken] Ajax

In december 1981 keerde Cruijff terug bij Ajax. Het was Jack van Gelder, sinds 1979 PR-manager van Cruyff Sports, die ervoor had gezorgd dat beide partijen weer met elkaar in gesprek gingen. Op een zondagmiddag deed Van Gelder verslag voor Langs de Lijn en daarin stelde hij dat het te gek voor woorden was dat zowel Cruijff als Ajax graag met elkaar wilden samenwerken, maar dat beide partijen te trots waren om de eerste stap te zetten. Vervolgens belde diezelfde avond Rolf Leeser, een goede vriend van Michels, naar Van Gelder met de boodschap dat hij best een bemiddelende rol wilde spelen. De volgende ochtend kwam Van Gelder tot het besef dat hij die rol ook zelf kon spelen. Nadat hij daarvoor toestemming van Cruijff had ontvangen, belde hij met Ajax-voorzitter Harmsen die ook meteen akkoord ging. Er volgde een constructief gesprek maar na afloop van het onderhoud bestond er geen eensgezindheid binnen de clubleiding van Ajax. Van Eijden en Harmsen waren voor de komst van Cruijff, maar zij wisten de overige drie bestuursleden niet te overtuigen. Westrik en Neefjes werden door penningmeester Bartels tegengehouden omdat die vond dat je met Cruijff een financieel risico binnenhaalde en er dus vrijwel zeker problemen over geld zouden ontstaan.[61]

Intussen was Van Gelder door Harmsen getipt dat tijdens een volgende bestuursvergadering de beslissing over de komst van Cruijff zou vallen. Van Gelder besloot vervolgens een truc toe te passen om de terugkeer van Cruijff door het bestuur te loodsen.[62] Hij belde de avond van tevoren met Neefjes om hem te vertellen dat hij op de hoogte was van de geplande stemming een dag later. Vervolgens wist Van Gelder hem wijs te maken dat hij het enige bestuurslid was die tegen de komst van Cruijff was. Neefjes antwoordde dat hij dat niet op zijn geweten wilde hebben. Toen Harmsen de volgende dag tijdens de bestuursvergadering, in tegenstelling tot alle andere keren, de stemming begon bij Neefjes ging die akkoord met Cruijffs komst. De beslissing van Neefjes leidde tot een unaniem bestuursbesluit, waardoor Cruijff terug kon keren naar de club waar hij zijn carrière was begonnen.[61]

Cruijff ondertekende een contract op recettebasis waarbij werd afgesproken dat zodra er meer dan 11.000 toeschouwers in De Meer zaten, hij de helft van de meeropbrengst ontving. Met deze deal waren beide partijen tevreden, aangezien enerzijds het Ajax-bestuur wist dat wedstrijden in 1980 soms door niet meer dan 8.000 mensen werden bezocht, en Cruijff zich anderzijds realiseerde dat hij persoonlijk voor extra toeschouwers kon zorgen, zeker wanneer het met Ajax sportief weer bergopwaarts zou gaan. De club stond op het moment dat Cruijff arriveerde namelijk een straatlengte achter op PSV. Ajax had de beschikking over de nodige talenten maar deze wisten het voetbal niet naar een hoger plan te brengen. Het was echter maar de vraag of de inmiddels 34-jarige Cruijff daar verandering in kon brengen.[63]

Cruijff met Japanse fans na een training van Ajax in 1982.

De comeback van Cruijff vond plaats op 6 december 1981 tegen HFC Haarlem in een uitverkochte De Meer. Er waren die middag 12.000 toeschouwers meer op komen dagen dan normaal, terwijl ook in de rij voor de loketten nog duizenden fans stonden.[64] Aanvankelijk bestond er scepsis over Cruijffs komst, maar deze wist hij in de 21e minuut weg te nemen toen hij in het strafschopgebied langs Piet Huyg en Martin Haar slalomde en de 1-0 aantekende door de bal met een subtiel lobje over keeper Edward Metgod heen te wippen. Het stadion raakte uitzinnig en het publiek zag dat de speler met rugnummer 14 'het' nog kon. Met de komst van Cruijff verdween de wisselvalligheid bij Ajax waardoor PSV na de winterstop op de ranglijst kon worden gepasseerd. De club uit Amsterdam verloor bijna geen wedstrijden meer, en omdat de naaste concurrenten in het slot van de competitie punten lieten liggen, werd Ajax in 1982 met vijf punten voorsprong alsnog landskampioen.[65]

Bijna exact een jaar na zijn comeback zorgde Cruijff opnieuw voor een zeldzaam moment, toen Ajax op 5 december 1982 met 1-0 voor stond tegen Helmond Sport. De Amsterdammers kregen een penalty, waarna Cruijff de bal opeiste. Dit was op zichzelf al een opvallend voorval omdat de routinier nog nooit eerder een penalty voor Ajax had genomen.[65] De uitvoering was vervolgens echter nog curieuzer: Cruijff legde de bal breed op Jesper Olsen en die wist meteen wat hij moest doen. Hij pikte de bal op en legde hem terug op Cruijff die simpel binnen kon tikken omdat doelman Versfeld naar Olsen was toegelopen. Helmond-spelers protesteerden nog maar de genomen strafschop voldeed aan de reglementen. Het doelpunt ging de hele wereld over, maar later bleek dat het niet de eerste keer was dat een penalty in drieën werd genomen. Het Feyenoord-duo Bas Paauwe en Gerard Kuppen had dit kunstje op 4 mei 1944 tegen Sparta al eens eerder vertoond.[66] Het seizoen 1982/83 werd door Ajax opnieuw succesvol afgesloten met een landskampioenschap en de KNVB beker.

In de laatste maanden van het seizoen was Cruijff echter in conflict gekomen met Ajax-voorzitter Harmsen. Het bestuurslid vond Cruijff te oud geworden en wilde zijn salaris van anderhalf miljoen gulden niet uitbetalen.[67] Gedreven door rancune over de behandeling door het Ajax-bestuur, gaf Cruijff aan Coster de opdracht om contact te zoeken met Feyenoord voor een onvoorstelbaar geachte overstap naar de aartsrivaal.[68] Na maanden van onderhandelingen kwamen partijen tot een overstemming, waarbij een soortgelijke beloningsconstructie op recettebasis werd opgezet als bij Ajax, aangezien de clubkas van Feyenoord bijna leeg was.[69] Op 10 mei 1983 kondigde Cruijff zijn afscheid aan. Een week later, na de gewonnen bekerfinale, vertrok het clubicoon.[5]

[bewerken] Feyenoord

Aanvankelijk hadden de supporters van Feyenoord de nodige moeite met de van Ajax overgekomen routinier. Deze verdween echter snel toen Cruijff, nadat hij op 21 augustus 1983 had gedebuteerd tegen FC Volendam, zijn meerwaarde bewees. Ondanks een 8-2 nederlaag tegen Ajax, haalde Cruijff zijn sportieve revanche door met de Rotterdamse club zowel de landstitel als de KNVB beker te winnen. Behalve een getergde Cruijff, was dit met name te danken geweest aan een sterk spelende Ruud Gullit en de trefzekere Peter Houtman. Ondanks zijn relatief hoge leeftijd, had Cruijff dat seizoen op één wedstrijd na alle competitieduels gespeeld.[5] Door zijn prestaties op het veld werd de 37-jarige Feyenoorder in 1984 voor een vijfde maal uitverkozen tot Nederlands voetballer van het jaar. Aan het einde van het seizoen kondigde de routinier uiteindelijk zijn definitieve afscheid aan. Op 13 mei 1984 werd hij in het competitieduel tegen PEC Zwolle elf minuten voor tijd met een symbolische rode kaart van het veld gestuurd door scheidsrechter Severein en vervangen door Mario Been.[5]

Zijn allerlaatste duel speelde Cruijff echter driekwart jaar later in Saoedi-Arabië, toen Feyenoord voor vele miljoenen een niet af te wijzen aanbod ontving van de Saoedische koning Fahd. Twee afzwaaiende internationals van het Saoedische nationale elftal hadden een afscheidsduel aangeboden gekregen en omdat Cruijff de beste voetballer was die de koning ooit had gezien, moest en zou hij meespelen. Cruijff, die al gestopt was met voetballen en ongetraind aan de aftrap verscheen, scoorde in de eerste helft tweemaal voor het elftal van Saoedi-Arabië en bracht Feyenoord na de rust terug in de wedstrijd met een doelpunt en een assist. Nadat het duel in een 2-2 gelijkspel was geëindigd, ontving Cruijff als dank voor zijn deelname een veeldelig 24-karaats gouden servies.[70]

[bewerken] Wedstrijden en doelpunten

Seizoen Club Land Competitie Competitie Beker Internationaal Totaal
Wed. Dlp. Wed. Dlp. Wed. Dlp. Wed. Dlp.
1964/65 Ajax Nederland Eredivisie 10 4 0 0 0 0 10 4
1965/66 19 16 4 6 0 0 23 22
1966/67 30 33 5 5 6 3 41 41
1967/68 33* 25 5 6 2 1 40 32
1968/69 29 24 3 3 10 6 42 33
1969/70 33 23 5 6 8 4 46 33
1970/71 25 21 6 5 6 1 37 27
1971/72 32 25 4 3 9 5 45 33
1972/73 26 16 0 0 6 3 32 19
1973/74 2 3 0 0 0 0 2 3
Club totaal 239 190 32 34 47 23 318 247
1973/74 FC Barcelona Spanje Primera División 26 16 12 8 0 0 38 24
1974/75 30 7 12 7 8 0 50 14
1975/76 20 6 10 3 9 2 39 11
1976/77 30 14 9 6 7 5 46 25
1977/78 28 5 7 1 10 5 46 11
Club totaal 143 48 50 25 34 12 227 85
1979 Los Angeles Aztecs Verenigde Staten North American Soccer League 27 14 0 0 0 0 27 14
Club totaal 27 14 0 0 0 0 27 14
1980 Washington Diplomats Verenigde Staten North American Soccer League 27 10 0 0 0 0 27 10
Club totaal 27 10 0 0 0 0 27 10
1980/81 Levante Spanje Segunda División 10 2 0 0 0 0 10 2
Club totaal 10 2 0 0 0 0 10 2
1981 Washington Diplomats Verenigde Staten North American Soccer League 5 2 0 0 0 0 5 2
Club totaal 32 12 0 0 0 0 32 12
1981/82 Ajax Nederland Eredivisie 15 7 1 0 0 0 16 7
1982/83 21 7 7 2 2 0 30 9
Club totaal 275 204 40 39 49 23 364 266
1983/84 Feyenoord Nederland Eredivisie 33 11 7 1 4 1 44 13
Club totaal 33 11 7 1 4 1 44 13
Carrière totaal 520 291 97 65 87 36 704 392

* Exclusief de gestaakte wedstrijd Ajax - Feyenoord (21 januari 1968)[71]

[bewerken] Interlandcarrière

[bewerken] Debuut en controverse

Cruijff in 1974 tijdens zijn enige WK.

Cruijff maakte op 7 september 1966 als negentienjarige zijn debuut voor het Nederlands elftal tijdens de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Hongarije. De aanvaller scoorde het tweede doelpunt voor Oranje, waardoor de confrontatie in een 2-2 gelijkspel eindigde. Een klein half jaar eerder, op 9 februari 1966, had Cruijff al zijn officieuze opwachting gemaakt voor het Nederlands elftal in een oefeninterland tegen Racing Strasbourg. In dat duel maakte Cruijff een hattrick en won Oranje met 7-0.[5] Al in zijn tweede interland, op 6 november 1966 tegen Tsjecho-Slowakije, werd Cruijff uit het veld gestuurd. Hij was daarmee de eerste Nederlandse international in de geschiedenis die gedwongen het terrein moest verlaten. Cruijff zou scheidsrechter Glöckner in het gezicht hebben geslagen, hoewel dit door de speler zelf werd betwist. De KNVB besloot Cruijff naar aanleiding van het incident een jaar lang uit te sluiten van interlandvoetbal, maar onder druk van de media werd de aanvaller na acht maanden alweer opgeroepen voor het EK-kwalificatieduel tegen Oost-Duitsland. Zijn rentree wist hij binnen twee minuten op te luisteren met een doelpunt, waarmee ook meteen de eindstand was bepaald.[5]

Ondanks dat Cruijff al snel naam had gemaakt binnen Oranje, bleek het geen aanzet tot een langdurige interlandcarrière. In 1968 begon er onenigheid te ontstaan tussen Cruijff en de KNVB. De aanvaller kon zich, samen met vier ploeggenoten van Ajax, niet vinden in de hoogte van de vergoeding die zij zouden ontvangen voor de deelname aan een trainingskamp en het spelen van een interland tegen Bulgarije. De internationals onder leiding van Cruijff wilden alleen voor Oranje uitkomen als daar ook een substantieel geldbedrag tegenover stond.[5] Het was niet ongebruikelijk dat Cruijff zo nu en dan zijn eigen belangen boven het landsbelang zette. Hij zei daarom regelmatig om diverse redenen wedstrijden af. Zo werd de aanvaller eens geschorst door bondscoach Keßler omdat hij, vanwege het bezoeken van een buitenlandse schoenenbeurs in het kader van zijn eigen bedrijf, een belangrijke training had gemist.[47] Ondanks dat de verstandhouding bij vlagen soms moeizaam verliep, was Cruijff inmiddels wel verkozen tot aanvoerder van het Nederlands elftal. Deze rol had hij al sinds zijn vijftiende interland, op 1 december 1971, vervuld. De aanvoerdersband zou hij ook de resterende 33 wedstrijden uit zijn interlandcarrière behouden.[5]

Ondanks de internationale successen van Ajax en Feyenoord eind jaren 60 en begin jaren 70 wist het Nederlands elftal zich niet te kwalificeren voor het WK in 1970 of EK in 1972. Cruijff gaf later toe dat in die periode het belang van Oranje niet zo werd ingezien.[47] Voor het WK in 1974 wist Nederland zich wel te plaatsen, na 36 jaar van afwezigheid op het mondiale eindtoernooi. Voordat er echter werd afgereisd naar gastland West-Duitsland, had Cruijff tegenover Voetbal International verklaard dat dit zijn eerste en laatste WK zou zijn. De aanvaller liet er geen twijfel over bestaan dat hij in 1978 op zijn 31e zou stoppen met voetballen. Deelname aan het volgende WK in Argentinië was daarmee uitgesloten. Cruijff zag op tegen het lange verblijf in Zuid-Amerika maar vreesde ook de risico's die hij in Argentinië zou lopen. In 1972 had Ajax in Buenos Aires om de Wereldbeker gespeeld en die reis was al gepaard gegaan met verschillende incidenten. Tevens lag bij een verblijf in Zuid-Amerika het gevaar van kidnapping op de loer.[72]

Cruijff en Argentinië-aanvoerder Perfumo op het WK 1974.

[bewerken] WK 1974

Onder leiding van bondscoach Rinus Michels begon Oranje op 15 juni 1974 voortvarend aan het WK. In het openingsduel tegen Uruguay bepaalden twee doelpunten van Johnny Rep de eindstand, en omdat Nederland tijdens de eerste speelronde als enige land indruk had gemaakt, werd het in de pers al meteen bestempeld tot aanstaand wereldkampioen. Zweden, de volgende tegenstander in de groepsfase, riep deze euforie een halt toe nadat het Nederland op een 0-0 gelijkspel had weten te houden. In het laatste groepsduel liet Oranje tegen Bulgarije echter zien waar het toe in staat was. Cruijff kreeg van Michels een vrije rol in de aanval, waardoor hij zwervend over het hele veld ruimte schiep om ploeggenoten in stelling te brengen. Nederland speelde het totaalvoetbal waar het nog jarenlang bekend om zou staan en versloeg de Bulgaren met 4-1. Oranje plaatste zich na twee overwinningen en een gelijkspel voor de finalepoule, waar Argentinië de volgende tegenstander was. Tegen de Zuid-Amerikanen speelde Oranje zijn beste wedstrijd tot dan toe. Het systeem zoals Michels en Cruijff het hadden bedacht werd uitgevoerd zoals het was bedoeld en dit leverde Cruijff zijn eerste twee WK-doelpunten op. Nederland won met 4-0 en kon zich opmaken voor het volgende duel tegen Oost-Duitsland. Deze partij was minder hoogstaand dan het duel tegen Argentinië maar werd toch relatief eenvoudig gewonnen met 2-0. Een gelijkspel tijdens het laatste duel tegen Brazilië zou vervolgens voldoende zijn om de finale te kunnen bereiken. De ontmoeting met de regerend wereldkampioen ontaardde echter in een legendarische schoppartij, die werd ontsierd door het spuwen naar tegenstanders, het op elkaars voeten gaan staan en vliegende tackles. Oranje liet zich niet van de wijs brengen en dankzij de doelpunten van Neeskens en Cruijff werden de Brazilianen met 2-0 verslagen, waardoor Nederland voor de eerste maal de WK-finale bereikte.[5]

Nog voordat de eindstrijd echter werd gespeeld ontstond er een rel aan Nederlandse zijde. Een dag voor de halve finale plaatste het Duitse boulevardblad Bild-zeitung een verhaal over een zwempartij bij het Waldhotel Krautkrämer in Hiltrup, waar het Nederlands elftal verbleef. Het artikel droeg als kop 'Cruyff, Sekt und nackte Mädchen' en beschreef een zwemfeest dat na de overwinning op Oost-Duitsland had plaatsgevonden, waarbij Nederlandse spelers gezelschap werden gehouden door Duitse naakte vrouwen. Wat er precies die nacht was gebeurd bleef een raadsel, maar vooral Cruijff kreeg grote problemen met zijn vrouw Danny die meteen aan de telefoon hing. Volgens sommigen zou de situatie invloed hebben gehad op het spel van Cruijff tijdens de finale, aangezien hij daarin niet zijn gebruikelijke niveau haalde.[73]

Cruijff met Vogts (links) en Hoeneß (rechts), vlak voordat hij werd getackeld door laatstgenoemde.

Op 7 juli 1974 trapte Nederland af voor de finale tegen West-Duitsland. Nog voordat de Duitsers de bal hadden kunnen beroeren, kwam Oranje al op voorsprong door een benutte strafschop van Neeskens, die was gegeven voor een overtreding op Cruijff. West-Duitsland hervond zich en kreeg na twintig minuten van de scheidsrechter een gelijke kans om terug in de wedstrijd te komen, nadat Hölzenbein in het strafschopgebied over een gestrekt been van Jansen was gevallen. Breitner benutte de penalty en zette de Duitsers op gelijke hoogte. Enkele minuten voor rust belandde de bal vervolgens bij Müller die zich weg draaide bij Rijsbergen en Krol en met een schot keeper Jan Jongbloed passeerde. Nadat West-Duitsland met een voorsprong de rust in was gegaan, kreeg Cruijff op weg naar de kleedkamer van scheidsrechter Taylor nog een gele kaart wegens aanhoudend protesteren. In de tweede helft probeerde Nederland iets terug te doen, maar het combinatiespel en de overmacht waarmee het eerder had gespeeld ontbraken. Het duel eindigde in 1-2 en dus werd West-Duitsland wereldkampioen. De prestaties die Cruijff had neergezet op het toernooi zorgden ervoor dat hij na afloop werd verkozen tot beste speler van het WK.[5]

[bewerken] EK 1976

Twee jaar later had Nederland zich gekwalificeerd voor het EK in 1976. Het doel was om met een finaleplaats het verloren WK van twee jaar terug goed te maken. In de halve finale tegen Tsjecho-Slowakije wist Nederland echter niet te scoren en zorgden doelpunten van de opponent voor een 3-1 eindstand. Een van de hoofdpersonen tijdens het duel was scheidsrechter Thomas geweest, die bekend stond vanwege zijn strikte interpretatie van de spelregels.[74] Van Hanegem en Neeskens ontvingen van hem een rode kaart, evenals de Tsjecho-Slowaak Pollák. Cruijff kreeg een gele kaart en omdat hij deze tijdens een kwalificatiewedstrijd ook al had ontvangen, was het EK na één wedstrijd voor hem afgelopen. Nederland won vervolgens de troostfinale van Joegoslavië met 3-2 waardoor het alsnog derde eindigde.[5]

Op 26 oktober 1977 speelde Cruijff, zoals hij jaren van tevoren al had aangekondigd, zijn laatste wedstrijd voor Oranje. Bijna niemand geloofde dat het Cruijffs laatste interland was geweest, maar de hoofdpersoon zelf bleek vastbesloten. In 1981 leek het er op dat Cruijff toch nog een rentree zou maken bij Oranje, nadat hij een lang gesprek had gevoerd met bondscoach Rijvers. Vanwege verschillende sponsorbelangen wisten Cruijff (die een contract had met Puma) en de KNVB (die werd gesponsord door adidas) echter geen overeenstemming te bereiken over het aantal strepen op de mouwen van de shirts. Cruijff wilde met twee strepen spelen maar de KNVB hield vast aan de kenmerkende drie strepen van adidas.[5] Voorafgaand aan het WK 1974 had de strepenkwestie ook al gespeeld, maar destijds waren adidas en de KNVB uiteindelijk akkoord gegaan met Cruijffs eisen, waardoor hij als enige Nederlandse speler in een shirt met twee strepen had gespeeld. Alle andere internationals hadden wel de drie adidas-strepen op hun tenue.[75]

[bewerken] Trainerscarrière

[bewerken] Ajax

Na zijn actieve loopbaan was Cruijff tijdens het seizoen 1984/85 korte tijd technisch adviseur bij Roda JC. Cruijff leek nadien zijn weg te vervolgen bij Feyenoord, maar besloot medio 1985 toch terug te keren naar zijn jeugdliefde Ajax. Omdat hij echter niet over de vereiste diploma's beschikte om als trainer aan de slag te gaan, trad de oud-speler op 6 juni 1985 als technisch directeur in dienst bij Ajax. Met deze functie kreeg hij de verantwoordelijkheid over alle technische zaken binnen de Amsterdamse club, van de jeugdopleiding tot het eerste elftal.[22] Halverwege het seizoen ontving Cruijff van de KNVB officieel dispensatie om het eerste elftal te trainen in zijn rol als technisch directeur.[76] Met het trainerschap bracht Cruijff nieuwe ontwikkelingen binnen de voetbalwereld op gang. Onder zijn toezicht werd het totaalvoetbal verder ontwikkeld en bovendien voorzag hij talloze details van een nieuw inzicht. Zo huurde hij onder meer een operazanger in om zijn speler te leren ademhalen. Ook liet hij voetballers in de jeugd van positie wisselen, zodat aanvallers leerden hoe verdedigers dachten. Daarnaast was Cruijff van mening dat spelers een laag basissalaris moesten ontvangen en hoge prestatiepremies; een concept dat pas vele jaren later ruime navolging zou vinden.[14]

Bij Ajax had Cruijff de beschikking over een talentvolle groep, met spelers als Koeman, Vanenburg, Rijkaard en Van Basten. De successen als trainer volgden spoedig. Al in zijn eerste seizoen als trainer won Cruijff met Ajax de KNVB beker. De landstitel ging naar PSV, ondanks een positief Amsterdams doelsaldo van 85 (120 doelpunten voor en 35 tegen). Tijdens het tweede seizoen wist Ajax opnieuw alleen de prestaties in de KNVB beker te verzilveren, de landstitel ging wederom naar Eindhoven. Het Europese succes vormde echter een pleister op de wonde, want na veertien jaar werd opnieuw een internationale prijs behaald in de vorm van de Europacup II.[5]

Als dank voor wat Cruijff had betekend voor het Nederlandse voetbal, schonk het bondsbestuur van de KNVB hem op 1 juli 1987 de licentie 'coach betaald voetbal'. De keuzeheer was daarmee officieel bevoegd om als trainer aan de slag te gaan. Toevalligerwijs verslechterde vanaf dat moment juist de situatie bij Ajax. Cruijff kwam in conflict met Rijkaard, die daarop aangaf nooit meer onder hem te willen spelen en de club verliet. Ook viervoudig Eredivisietopscorer Van Basten en routinier Silooy verruilden Ajax voor een buitenlands avontuur, waardoor de club binnen korte tijd drie ervaren spelers verloor. De aankopen die Cruijff deed om het verlies te compenseren pakten niet goed uit waardoor de resultaten tegenvielen.[77] Desalniettemin wilde Ajax graag langer met de trainer door. Het clubbestuur bood hem een jaar verlenging aan, maar aangezien Cruijff alleen maar voor twee jaar bij wilde tekenen, nam hij op 4 januari 1988 na moeizame contractbesprekingen plotseling ontslag.[5]

[bewerken] FC Barcelona

In de maanden na zijn vertrek leek het er even op dat Cruijff naar sc Heerenveen zou vertrekken. Maar na een aanbod van FC Barcelona besloot de oud-speler terug te keren naar zijn voormalige werkgever.[78] Evenals in Nederland ontstond er ook in Spanje bezwaar op zijn aanstelling als trainer. Cruijff beschikte wel over de benodigde diploma's maar het ontbrak hem aan de vereiste drie jaar ervaring als trainer. Ondanks dit gemis werd de aanstelling van Cruijff toch goedgekeurd.[5] Daarmee volgde hij interim-trainer Charly Rexach op, die in de jaren 70 te boek stond als een goede vriend van Cruijff tijdens hun gezamenlijke verblijf bij Barcelona. Rexach keerde terug in zijn oude functie als assistent-trainer en ging Cruijff ondersteunen bij de opbouw van een nieuw te vormen elftal. Een groot deel van de oorspronkelijke spelersgroep was namelijk in opstand gekomen, toen zij op 28 april 1988 tijdens een door hen zelf ingelaste persconferentie het vertrek van het clubbestuur hadden geëist vanwege een financieel dispuut. Clubpresident Núñez was weinig vergevingsgezind en had op negen spelers na de hele selectie ontslagen.[79]

Cruijff als trainer van FC Barcelona. Op de foto staan tevens van links naar rechts: assistent-trainer Tonny Bruins Slot, materiaalman Txema Corbella, assistent-trainer Charly Rexach en spits Óscar García Junyent.

Door het vertrek van zoveel spelers hadden Núñez en Cruijff alle vrijheid om samen de fundamenten te leggen voor een elftal dat voldeed aan hun eigen wensen. Voor de totstandbrenging van het nieuwe FC Barcelona hanteerden zij een dubbele strategie. Allereerst moesten uit binnen- en buitenland de beste voetballers worden gecontracteerd. Naderhand zou de rest van het team worden aangevuld met talenten uit de cantera (jeugdopleiding). Het eerste deel van de strategie werd geconcretiseerd met Spaanse aankopen als José Bakero, Txiki Begiristain en Julio Salinas. Buitenlandse versterkingen verschenen er na het eerste seizoen toen Ronald Koeman en Michael Laudrup in 1989 en Christo Stoitsjkov in 1990 werden vastgelegd. Voor de doorstroom van talent had Cruijff tien jaar eerder al een basis gelegd toen hij vlak voor zijn vertrek als speler een belangrijk advies had meegegeven aan Núñez: start een jeugdopleiding. Met de totstandkoming van La Masía had Núñez gehoor gegeven aan zijn oproep, waardoor Cruijff na verloop van tijd een beroep kon doen op veelbelovende jeugdspelers als Pep Guardiola, Guillermo Amor, Albert Ferrer en Sergi Barjuán.[80]

Het team dat Cruijff formeerde moest een speelstijl gaan hanteren die was afgeleid van het totaalvoetbal. Uitgangspunten daarbij waren techniek en balbezit: Barcelona moest zoveel mogelijk de bal hebben, domineren en zich niet aanpassen aan de tegenstander. In de ogen van Cruijff was het behalen van punten niet het belangrijkste, dat was slechts een onderdeel van het spel. In zijn filosofie was de sleutel tot het behalen van resultaten het spelen van aanvallend voetbal.[81] De visie van Cruijff werd niet alleen overgebracht op het eerste elftal maar ook gehanteerd binnen de gehele jeugdopleiding. Op die manier konden talenten vanuit de jeugd gemakkelijker de overstap maken naar het eerste elftal.[79]

Na enkele seizoenen begon de speelstijl haar vruchten af te werpen en brak er een jarenlange bloeiperiode aan. Het succesvolle elftal kreeg als bijnaam het Dream Team, wat was afgeleid van de gelijknamige Amerikaanse basketbalploeg die in 1992 olympisch goud had gewonnen in Barcelona.[82] Onder leiding van Cruijff doorbrak het Dream Team de jarenlange dominantie van Real Madrid en won het vier opeenvolgende landstitels (1991-1994), waarvan drie op de laatste speeldag van de competitie. Op Europees vlak legde Barcelona in 1989 beslag op de Europacup II en won het in 1992 de Europacup I. Tijdens beide finales waren de Catalanen te sterk geweest voor Sampdoria. Vooral de winst van de Europacup I was een memorabel moment, aangezien het de eerste maal in de historie was dat Barcelona de belangrijkste Europese beker veroverde. Andere trofeeën die Barcelona onder het bewind van Cruijff op zijn naam schreef, waren de Copa del Rey in 1990, de Europese Supercup in 1992 en drie Supercopas in 1991, 1992 en 1994. Met het winnen van deze elf prijzen werd Cruijff met afstand de meest succesvolle trainer uit de geschiedenis van de club.[79] Het record bleef vijftien jaar staan, maar werd verbroken op 26 augustus 2011, toen Guardiola door het winnen van de Europese Supercup met Barcelona zijn twaalfde titel pakte en het aantal van zijn leermeester passeerde. Hier had hij slechts drie seizoenen voor nodig gehad.[83]

Op 18 mei 1994 vond het keerpunt plaats in de succesreeks van het Dream Team. Het vooraf als favoriet bestempelde FC Barcelona verloor die avond de Champions League-finale van AC Milan met 4-0. In de voorgaande zestien edities was er slechts eenmaal een ploeg geweest die de finale met meer dan één doelpunt verschil had verloren.[84] Na de afstraffing volgden er voor Barcelona twee seizoenen zonder titel. Dit was met name te wijten aan de kwaliteitsafname van de spelersgroep door het vertrek van achtereenvolgens Laudrup, Romário, Koeman en Stoitsjkov. Goedkopere Oost-Europese vervangers als Hagi, Kodro, Kornejev en Prosinečki mislukten onder Cruijffs bewind. Achteraf werd volgens Rexach vaak ten onrechte gedacht dat het systeem bepalend was voor het resultaat, terwijl de spelers degenen waren die wedstrijden moesten winnen. Ook het opstellen van zijn zoon Jordi en binnenhalen van schoonzoon Angoy brachten Cruijff in moeilijkheden na beschuldigingen van nepotisme. Jordi kon het niveau nog bijhouden, maar Angoy kwam volgens de Spaanse media duidelijk tekort voor Barcelona. Núñez verhoogde de druk door Cruijff persoonlijk verantwoordelijk te stellen voor de tegenvallende resultaten en begon kritiek te leveren op zijn selectiebeleid. Op 18 mei 1996, de dag voor de een-na-laatste wedstrijd tegen Celta de Vigo, barstte de bom. De zaterdagkrant meldde die ochtend namelijk dat Núñez en vicepresident Gaspart Bobby Robson als nieuwe trainer hadden gecontracteerd. Toen Cruijff bespeurde dat Barcelona in het geheim een breuk had geforceerd, raakte hij buiten zinnen. Hij zei dat het niet uit te leggen viel, waarna het gesprek met Núñez en Gaspart ontaardde in een pijnlijke ruzie.[85] De breuk betekende het vertrek van Cruijff, die na 2.936 werkdagen werd ontslagen. Met zijn acht achtereenvolgende dienstjaren werd hij de langst zittende coach uit de clubgeschiedenis.[5] Na zijn ontslag bleef Cruijff in het voetbal actief als adviseur, ambassadeur en analist. Een terugkeer als trainer of bondscoach kwam vaak ter sprake maar heeft nooit doorgang gevonden.[11]

[bewerken] Catalonië

Cruijff was nooit ingegaan op aanbiedingen van voetbalbonden of clubs, totdat hij in september 2009 door de Catalaanse voetbalbond gepolst werd voor het bondscoachschap van Catalonië.[6] Cruijff, die al sinds 1988 definitief in Barcelona woonde en een zwak had voor Catalonië, besloot gehoor te geven aan het verzoek. Op 2 november werd de aanstelling van Cruijff wereldkundig gemaakt.[6] Naast zijn rol als bondscoach van de autonome regio, ging hij ook andere werkzaamheden voor de voetbalbond verrichten om het Catalaanse voetbal verder te ontwikkelen. De Catalaanse nationale ploeg speelt slechts enkele wedstrijd per jaar en is niet aangesloten bij de FIFA of UEFA waardoor het zich niet kan kwalificeren voor een eindtoernooi.[86]

Vanuit Spanje werd getracht een oefeninterland met Oranje te regelen, maar vanwege de volle agenda wees de KNVB dit verzoek af.[87] Cruijff debuteerde vervolgens op 22 december 2009 als bondscoach tegen Argentinië en boekte een 4-2 overwinning in het Camp Nou.[88] Tijdens het tweede optreden van Cruijff als bondscoach, ruim een jaar later tegen Honduras, werd door Catalonië opnieuw een ruime zege geboekt (4-0).[89] Het derde duel onder Cruijffs leiding, op 30 december 2011 tegen Tunesië, eindigde in een doelpuntloos gelijkspel.[90]

[bewerken] Resultaten

Team Nat Van Tot Balans
D W G V Win %
Ajax Nederland 6 juni 1985 4 januari 1988 117 86 10 21 73,50
FC Barcelona Spanje 4 mei 1988 18 mei 1996 430 250 97 83 58,14
Catalonië Catalonië 2 november 2009 heden 3 2 1 0 66,67
Totaal 550 338 108 104 61,45

Deze lijst is bijgewerkt tot en met de wedstrijd Catalonië - Tunesië (0-0) op 30 december 2011.[77][91]

[bewerken] Erelijst en onderscheidingen

In een meer dan dertig jaar durende carrière won Cruijff als speler en als trainer vele prijzen. Zo is hij één van de slechts zes voetballers die als speler én als trainer De Cup met de Grote Oren heeft gewonnen naast Muñoz, Trapattoni, Ancelotti, Rijkaard en Guardiola.[92] Bovendien duikt zijn naam regelmatig op in lijstjes van beste voetballers ooit, waaronder die van de FIFA, UEFA, IFFHS, AFS en magazines als France Football en World Soccer. Ook werd hij opgenomen in diverse wereldelftallen van de twintigste eeuw, die vanaf begin jaren 80 wereldwijd verschenen.[93]

Voor zijn bijzondere verdiensten op sportief en maatschappelijk vlak ontving Cruijff tweemaal een koninklijke onderscheiding. Na de verloren WK-finale werd Cruijff, evenals Michels en Fadrhonc, benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, waarvoor hij de versierselen ontving van premier Den Uyl. Achtendertig jaar later, op 10 april 2002, werd Cruijff bevorderd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau.[5] Ook van diverse organisaties zoals de KNVB, UEFA, FIFA, Ajax en het Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur ontving hij hoge erkenningen. In 2004 werd Cruijff genomineerd voor de titel De grootste Nederlander. Daarbij eindigde hij, als enige nog levende Nederlander binnen de top tien, op de zesde plaats.[94]

[bewerken] Speler

Met Ajax:

Met FC Barcelona:

Met Feyenoord:

Individueel:

[bewerken] Trainer

Met Ajax:

Met FC Barcelona:

Individueel:

[bewerken] Onderscheidingen

[bewerken] Controverses

[bewerken] Jan van Beveren en Willy van der Kuijlen

In 1974 was Jan van Beveren al bijna zeven jaar achter elkaar de eerste keus in het Nederlands elftal geweest maar toch ontbrak hij op het WK '74. Volgens de officiële verklaring had het Nederlands elftal op het WK een meevoetballende keeper nodig in de persoon van Jan Jongbloed. De afwezigheid van Van Beveren bleek echter geen voetbaltechnische keuze te zijn: de absentie kwam voort uit een financieel conflict met Cruijff en Coster. In het door Ruud Doevendans over Jan van Beveren geschreven boek Klem![95] bleek dat de oorzaak van de botsing in de verdeling van de reclamegelden van het WK lag. De KNVB had in de zomer van 1974 een bedrag van 150.000 gulden uitgetrokken om de persoonlijke contracten van vier spelers (Cruijff, Neeskens, Van Hanegem en Keizer) af te kopen. Dit geld kwam echter uit een gezamenlijke pot, waaruit alle spelers betaald dienden te worden. Per saldo kregen de overgebleven spelers dus minder geld uitbetaald dan de vier vedetten. Toen Van Beveren dit in de gaten kreeg en de spelersgroep daarover inlichtte, ontstonden volgens hem de problemen: "er moet iets ontstaan zijn: van die vent moeten we af. Die doet veel te moeilijk, wordt ons veel te gevaarlijk". Ook het feit dat Van Beveren zich niet wilde laten begeleiden door Inter Football, het bedrijf van Coster, werd door een KNVB-official betiteld als 'niet slim'. Bondscoach Michels wilde problemen met Cruijff voorkomen en zette Van Beveren daarom onder druk. Vlak voor het WK eiste Michels dat de keeper meespeelde in een vriendschappelijke wedstrijd tegen HSV. Van Beveren was nog niet helemaal fit omdat hij net van een liesblessure was hersteld, maar vertelde dat hij met een paar dagen wél weer speelklaar zou zijn. Michels antwoordde: 'Dan heb ik een slecht bericht voor je', en hij stuurde Van Beveren naar huis.[96]

In september 1975 keerde Van Beveren terug bij Oranje, toen hij samen met vijf andere PSV'ers werd geselecteerd voor een uitwedstrijd tegen Polen. Cruijff en Neeskens mochten een dag later afreizen naar Oost-Europa. Bij aankomst van het tweetal bleken zij echter als enige spelers hun vrouw te hebben meegenomen. Iedereen begroette hen, behalve de zes PSV'ers. Van der Kuijlen maakte vervolgens een opmerking in de trant van: zo, de koningen van Spanje zijn gearriveerd. Tot ongenoegen van Cruijff haalden de woorden van Van der Kuijlen de krant. Hiervoor riep hij Van Beveren ter verantwoording op, omdat die in zijn ogen de aanstichter was. Cruijff eiste vervolgens: jij eruit of wij eruit. De beslissing werd niet meteen genomen, maar Cruijff besloot later bondscoach George Knobel te bellen met de boodschap dat Van Beveren en Van der Kuijlen uit het elftal moesten en Jongbloed en Van Hanegem erin. Zo niet, dan zouden volgens Cruijff alle Ajacieden opstappen. Het gevolg was dat er een bijeenkomst werd georganiseerd in Zeist, waar Cruijff Knobel opnieuw liet beslissen of hij Van Beveren en Van der Kuijlen eruit zette of dat hij zelf zou opstappen. Knobel koos voor de kant van Cruijff.[96]

Van Beveren kwam daarna nog één keer terug in Oranje, toen het Nederlands elftal in 1977 moest spelen tegen IJsland. Vlak voor het daaropvolgende WK-kwalificatieduel tegen België, vertelde bondscoach Zwartkruis aan Van Beveren dat Jongbloed in zijn plaats zou spelen. Zwartkruis gaf als reden dat hij werd gemanipuleerd: Cruijff zou niet meedoen wanneer de PSV-keeper tussen de palen stond.[96] Van Beveren wist toen genoeg en nam voorgoed afscheid van het Nederlands elftal. Ook Van der Kuijlen, die bij het eigenlijke conflict slechts zijdelings betrokken was, bedankte tweemaal voor het Nederlands elftal omdat hij niet goed overweg kon met Cruijff en de overige Ajacieden. De spelers van Ajax hadden onderling geregeld dat de spits niet in het spel werd betrokken, door de bal telkens naar elkaar over te spelen. Van der Kuijlen voelde zich niet welkom en dit leidde ertoe dat de topscorer van de Eredivisie aller tijden in 1977, evenals Van Beveren, besloot zijn interlandloopbaan voortijdig te beëindigen.[97]

[bewerken] Louis van Gaal

Johan Cruijff en Louis van Gaal leven vanaf het einde van de jaren 80, begin van de jaren 90, op gespannen voet met elkaar. In 2009 legde Van Gaal in zijn autobiografie uit waarom het tussen hem en Cruijff botste en het daarna nooit meer goed kwam:

Cquote1.svg Ik ben een, twee keer bij hem thuis geweest. Eén heel goed gesprek gevoerd over het leven, maar dat was vooral met Danny. Johan zei niet zoveel. Op 26 december 1989 vierde ik Kerst, met ook de Koemannetjes, bij de familie Cruijff thuis. Toen ging de telefoon. Het was voor mij. De familie: 'Riet is overleden.' Mijn zus. Ik ben halsoverkop naar huis gegaan. Later hoorde ik dat Johan het me kwalijk heeft genomen dat ik hem nooit bedankt heb.[98]
Cquote2.svg

Cruijff gaf daarop zijn lezing van het verhaal:

Cquote1.svg Ik kan me het voorval niet herinneren, maar Van Gaal heeft echt Alzheimer als hij zoiets opschrijft. Er is wat mij betreft geen probleem, dus er hoeft ook niets te worden opgelost. Als je zoiets hoort dan vraag je jezelf af of er bij iemand een draadje los zit of een kabel. Normaal gesproken reageer ik niet op zoiets, maar dit keer worden de normen overtreden die wij in ons gezin hanteren. Als ik namelijk boos zou zijn, dan deug ik niet als mens.[99]
Cquote2.svg

Cruijff bevestigde in zijn column in De Telegraaf dat Van Gaal tijdens Kerst 1989 bij hem thuis was, maar dat hij plotseling vertrok vanwege het overlijden van zijn zus. Kort daarna kwamen ze elkaar weer tegen op het Sportgala: "Van Gaal was heel vriendelijk. Het klopt dus niet dat ik, of wie dan ook binnen onze familie, boos zou zijn omdat hij zonder te bedanken zou zijn vertrokken".[99]

Er is echter nog een andere verklaring voor de moeizame verstandhouding tussen Cruijff en Van Gaal. Deze vindt zijn oorsprong in de zomer van 1992, toen beide trainers met hun club Europese successen hadden behaald. Cruijff had met Barcelona de eerste Europacup I uit de clubgeschiedenis gewonnen en Van Gaal had zijn eerste jaar als hoofdtrainer bij Ajax afgesloten met de winst van de UEFA Cup. Beide ploegen speelden aantrekkelijk voetbal en werden als het toonbeeld van modern voetbal beschouwd. In de media reageerden Cruijff-aanhangers echter gereserveerd op het onverwachte succes van Ajax. Het was namelijk de eerste internationale prijs die Ajax had gewonnen, zonder dat Cruijff daarin een rol van betekenis had gespeeld. Van Gaal was van mening dat het journaille hem het succes niet gunde en dit ontaarde in november 1992 tot een staaltje brutaliteit van de oefenmeester, toen Ajax in de derde ronde van de UEFA Cup 1. FC Kaiserslautern lootte. Een jaar eerder had de Duitse ploeg Barcelona nog tot de rand van de afgrond gebracht maar werd een vroegtijdige uitschakeling van Cruijffs equipe voorkomen door een doelpunt van Bakero. Verslaggever Frits Barend vroeg Van Gaal naar een reactie op de loting en deze antwoordde: "Moeilijke loting? Ik denk het niet, wij zijn Ajax". Barend bracht daarop in herinnering dat Barcelona het een jaar daarvoor nog behoorlijk lastig had met Kaiserslautern. Met een glimlach diende Van Gaal hem van repliek: "Dat weet ik, maar wij zijn Barcelona niet. We zijn Ajax". Toen Cruijff op de hoogte werd gesteld van de uitspraken begon het moddergooien. Bovendien sprak Cruijff in de daaropvolgende jaren nooit zijn waardering uit over de successen die Ajax behaalde.[100]

In 1994, toen Cruijff net zijn vierde landstitel had gevierd met Barcelona en in de finale stond van de Champions League, werd hem gevraagd naar andere Europese ploegen die in zijn ogen ook mooi voetbal speelden. Dit leek een open deur om over Ajax en Van Gaal te beginnen, maar Cruijff antwoordde: "In de afgelopen twee jaren zijn er nog twee ploegen die me kunnen bekoren: Auxerre en Parma". Mogelijk was dat dit als steek onder water richting Van Gaal bedoeld, want uitgerekend Auxerre en Parma hadden Ajax in die beide seizoenen in Europees verband uitgeschakeld. Het waren dit soort onschuldige opmerkingen en speldenprikjes die daarna de verstandhouding tussen beide bepaalden, zeker nadat Van Gaal een jaar later met Ajax ook beslag legde op de Champions League, waarmee hij Cruijff naar de kroon stak.[100][101]

Volgens Cruijff zelf begon de ruzie pas enkele jaren later:

Cquote1.svg Toen Van Gaal in 1997 trainer van Barcelona werd, kwam hij meteen met flinke kritiek op de jeugdopleiding daar. Die opleiding die ik samen met Tonnie Bruins Slot had opgezet. En dat niet alleen; Van Gaal stuurde meteen een hoop jeugdspelers weg die wij hadden opgeleid. Dat was onacceptabel, zoiets flik je niet. Van Gaal zou het wel even anders doen bij Barcelona. En vervolgens haalt hij busladingen met Nederlandse spelers en trainers naar de club waar de Catalaanse identiteit zo belangrijk is. Dan begrijp je er helemaal niets van.[102]
Cquote2.svg

[bewerken] Nevencarrière

[bewerken] Media

In zijn functie als voetbalanalist werkte Cruijff jarenlang voor het televisieprogramma Studio Sport van de NOS. Hij maakte zijn debuut op 11 september 1996 tijdens de Champions League-wedstrijd Juventus - Manchester United. Daarna leverde hij ieder jaar analyses bij twaalf Europese wedstrijden en was hij te zien tijdens eindtoernooien als het EK of WK.[5] In augustus 2009 legde Cruijff zijn taken als analist neer omdat hij vond dat de NOS het voetbal vanuit een te kritische invalshoek benaderde.[103]

Cruijff is tevens columnist van De Telegraaf, al is chef sport Jaap de Groot hier zijn ghostwriter.[104] Tussen februari 2005 en december 2007 was Cruijff ook columnist van het voetbalmaandblad Nummer 14, waar Bert Nederlof fungeerde als ghostwriter.[8]

[bewerken] Mislukte terugkeer naar Ajax

In 2008 keerde Cruijff terug naar Ajax. Na jarenlange afwezigheid schoof het erelid op 20 februari plotseling aan bij de ledenvergadering waar het rapport van de commissie Coronel werd besproken. Tijdens de vergadering werd een belangrijke aanbeveling om het bestuursmodel van de Amsterdamse club aan te passen overgenomen. Het bestuur trad terug en Cruijff kreeg vervolgens het verzoek om vorm te geven aan het voetbaltechnische beleid van Ajax.[105] Cruijff ging zich bezig houden met het kiezen van de beste organisatievorm, maar na twee weken legde hij zijn taken alweer neer. Zijn denkbeelden kwamen niet overeen met die van de nieuwe hoofdtrainer Marco van Basten.[106] De hervormingen gingen hem te ver omdat Cruijff de gehele jeugdopleiding op de schop wilde nemen en daarbij vrijwel iedereen wilde ontslaan om vervolgens met nieuwe gezichten talenten op te gaan leiden.[107]

[bewerken] Erevoorzitter FC Barcelona

Vanwege zijn betekenis voor FC Barcelona werd Cruijff op 26 maart 2010 benoemd tot erevoorzitter van de club. Volgens het bestuur van Barcelona voldeed Cruijff aan alle eisen en was het besluit om hem de eretitel te verlenen unaniem.[108] Drie maanden later leverde hij de titel met insigne echter onverwacht in nadat de nieuwe clubpresident Rosell had geconstateerd dat de beslissing om hem te benoemen tot erevoorzitter op een niet-statutaire wijze tot stand was gekomen.[109]

[bewerken] Fluwelen revolutie Ajax

Aan het begin van het seizoen 2010/11 bleek al snel dat Ajax de vorm van het voorgaande seizoen niet meer kon vasthouden. Daarom begon Cruijff vanaf 20 september met zijn columns in De Telegraaf stevige kritiek te uiten op het spel en het bestuur van de Amsterdammers.[110] Met de slechte resultaten groeide de kritiek ook onder de supporters, Cruijff kreeg van hen steeds meer steun. In zijn column van 15 november riep hij op tot actie onder de Ajacieden. Doel was om tijdens de algemene ledenvergadering van 14 december de acht vrijkomende plaatsen in de ledenraad te laten invullen door oud-voetballers. Tot groot ongenoegen van Cruijff bestond deze namelijk enkel uit personen die geen voetbalachtergrond hadden.[111] Oud-Ajacieden gaven massaal gehoor aan de oproep. Onder aanvoering van Keje Molenaar stelden Barry Hulshoff, Aron Winter, Dick Schoenaker, Peter Boeve, Edo Ophof, Co Meijer, Dirk de Groot en Molenaar zelf zich kandidaat. De actie van Cruijff werd in de media al snel bestempeld als de Fluwelen revolutie. Na de algemene ledenvergadering van 14 december werd bekend dat zeven van de acht ex-voetballers die zich beschikbaar hadden gesteld, gekozen waren in de nieuwe ledenraad.[112]

Zelf keerde Cruijff ook officieel terug bij Ajax, toen de club op 10 februari 2011 naar buiten bracht dat hij werd toegevoegd aan de klankbordgroep technische zaken.[113] Vanuit die rol presenteerde Cruijff als voorzitter van het adviesorgaan in maart een rapport waarmee hij Ajax terug wilde brengen naar de top, waarbij de sleutel tot verandering lag in het aanpakken van de jeugdopleiding. Ajax moest in zijn ogen weer geleid worden door oud-topvoetballers als Wim Jonk en Dennis Bergkamp.[114] Om ook verantwoordelijkheid voor zijn plannen te nemen, stelde Cruijff zich kandidaat voor de raad van commissarissen.[115] Daarin nam hij op 6 juni zitting na goedkeuring van de ledenraad.[116]

Eind 2011 kwam Cruijff in conflict met de overige leden van de Raad van Commissarissen. Zij blokkeerden de benoeming van Tseu La Ling als nieuwe voorzitter van Ajax. Na een lange impasse en omdat Marco van Basten ook niet wilde, hebben de vier overige commissarissen Louis van Gaal aangesteld als directeur en stelden Cruijff daarmee voor een voldongen feit. In het tumult werd Cruijff ervan beschuldigd vier maanden daarvoor zijn medecommissaris Edgar Davids racistisch bejegend te hebben.[117]

[bewerken] Johan Cruyff-instellingen

CruyffFoundationLogo.png

Na zijn actieve loopbaan wilde Cruijff zich meer in gaan zetten voor sociale initiatieven en besloot hij tot de oprichting van een aantal maatschappelijk betrokken instellingen.[5]

[bewerken] Uitspraken

1rightarrow.png Zie Cruijffiaans voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Cruijff is in Nederland tevens beroemd geworden vanwege zijn uitspraken, meestal oneliners die het midden houden tussen een briljant inzicht en een open deur. Men spreekt wel eens van Cruijffiaans taalgebruik. Ook zijn anakoloeten zijn bekend: zinnen die zijn opgebouwd uit twee tegenstrijdige zinspatronen.[118]

In Spanje geniet hij, in mindere mate, bekendheid met zijn uitspraken. Befaamd werd zijn letterlijke vertaling van op een gegeven moment naar en un momento dado. De uitdrukking werd in 2004 gebruikt voor een documentaire over Cruijffs leven, genaamd Johan Cruijff - En Un Momento Dado.[119]

[bewerken] Imitaties

Vanwege het specifieke stemgeluid van Cruijff zijn er nogal wat mensen die hem imiteren. Hieronder een selectie:

[bewerken] Trivia

  • Het idee dat Cruijff in Barcelona de bijnaam 'El Salvador' ('De Verlosser') kreeg, blijkt een verzinsel, vermoedelijk in de jaren zeventig door De Telegraaf geponeerd. In Spanje kent men de bijnaam die met grote regelmaat in de Nederlandse pers opduikt niet. Hiermee is het vooral een bijnaam van Nederlandse kant geworden.[120]
  • In 1969 maakte Cruijff in de Haagse GTB-studio van Ge Bakker een opname voor de single "Oei oei oei (dat was me weer een loei)". De plaat was geproduceerd en geschreven door Peter Koelewijn en werd later ook uitgebracht in Baskenland, waar het een groter succes werd dan in Nederland.[121]
  • Bij de transfer van Cruijff naar FC Barcelona kende de Spaanse wet geen regelgeving voor de import van personen. De directeur van het toenmalige Instituut voor Buitenlandse Geldzaken kwam toen met een oplossing. Hij verzon een manier om de voetballer te importeren alsof het om een vrachtwagen ging. Voor Cruijffs transfer golden zodoende dezelfde regels als voor de import van auto's of vee. Zo viel hij bij de wet onder ‘levende have’.[37]
  • Cruijff speelde samen met gastspeler Džajić op 17 en 19 juni 1975 twee vriendschappelijke duels in het shirt van Paris Saint-Germain tegen Sporting Lissabon en Valencia op het Tournoi de Paris. Al jaren eerder had Cruijff dit mondeling toegezegd aan modeontwerper en PSG-voorzitter Daniel Hechter die een groot fan van hem was.[122][123]
  • In het inmiddels gesloopte Oosterenkstadion van FC Zwolle droeg de hoofdtribune de naam 'Johan Cruijff-tribune'. Deze werd vernoemd naar Cruijff omdat hij in 1984 de laatste officiële wedstrijd uit zijn loopbaan speelde tegen PEC Zwolle. In de jaren 80 sloeg Cruijff samen met de bevriende voorzitter Marten Eibrink zelf de eerste paal.[124]
  • In 1996 verbond Cruijff zijn naam aan de traditionele openingswedstrijd van het voetbalseizoen tussen de landskampioen en de bekerwinnaar, die voorheen bekend stond als de Supercup. In plaats van een bokaal ontving de winnaar vanaf dat moment de Johan Cruijff Schaal.[125] Daarnaast wordt sinds 2003, tijdens het jaarlijkse VVCS-gala, de Johan Cruijff Prijs uitgereikt aan de meest talentvolle Eredivisiespeler van het seizoen.[126]
  • Op 19 april 2007 werd, ter gelegenheid van Cruijffs zestigste verjaardag, bekend gemaakt dat Ajax vanaf het seizoen 2007/08 'zijn' rugnummer 14 uit de roulatie zou nemen. Het was een eerbetoon aan Cruijff, die als speler 'van onschatbare waarde was geweest voor Ajax en de club wereldwijde naam en faam had bezorgd'.[127]
  • De achternaam Cruijff wordt officieel met een ij geschreven, maar in veel vreemde talen zoals het Engels, Spaans en Frans, komt de combinatie uijff vreemd over en is zij moeilijk uitspreekbaar. Daarom wordt de naam in het buitenland vaak geïnternationaliseerd tot Johan Cruyff, met een y. De uitspraak van zijn naam in het Spaans klinkt voor Nederlandstaligen ongeveer als kroejieff met de tweeklank van het Franse woord oui.[128] Zelf maakt Cruijff in binnen- en buitenland gebruik van beide schrijfwijzen.[5]
  • In 2010 werd er een planetoïde vernoemd naar Cruijff. Zijn naam werd gegeven aan planetoïde 14282: een kleine planeet met een diameter van zo'n negen kilometer die tussen Mars en Jupiter in een baan om de zon cirkelt.[129]

[bewerken] Zie ook

Wikiquote
Wikiquote heeft een collectie citaten gerelateerd aan Johan Cruijff.
Voorganger:
Aad de Mos
Trainer van Ajax
1985-1988
Opvolger:
Bobby Haarms / Barry Hulshoff / Spitz Kohn
Voorganger:
Charly Rexach
Trainer van FC Barcelona
1988-1996
Opvolger:
Bobby Robson
Voorganger:
Pere Gratacòs
Bondscoach van Catalonië
2009-heden
Opvolger:
-

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

  1. "The Best of The Best" Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation
  2. IFFHS' Century Elections Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation
  3. Adoreren van Cruijff mag wel een onsje minder Volkskrant, 30 maart 2011
  4. Johan Cruijff Voetbalhistorie
  5. a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z aa ab ac ad ae af ag ah ai aj ak al am Officiële website Johan Cruijff
  6. a b c Cruijff geeft gehoor aan verzoek Catalaanse bond Voetbal International, 2 november 2009
  7. Kwartierstaat Johan Cruijff Brabantica, 17 juni 2010
  8. a b c d e f 'Grote Johan Cruijff-hype is in aantocht' Voetbal International, 12 februari 2007
  9. a b Hiddema, Bert (2006), Cruijff! van Jopie tot Johan, uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam, pag. 65
  10. Betondorp (2) NRC, 29 augustus 2007
  11. a b c Johan Derksen - Cruijff is een geschenk uit de hemel Voetbal International, 29 november 2010
  12. Van Huizen naar Amsterdam Weblog Ronald van den Boogaard
  13. a b c d 'Cor Coster, een kleurrijke schoonvader' Voetbal International, 24 november 2008
  14. a b Johan Cruijff: Voetbaldenker Historisch Nieuwsblad
  15. Johan Cruijff bondscoach van Catalonië Voetbal online, 2 november 2009
  16. Johan Cruyff, Teil 2 - nach der aktiven Laufbahn ARD Sportschau
  17. Hoe Johan Cruijff stopte met roken Sportgeschiedenis, 16 juni 2007
  18. These Lollies Are About to Go Pop Fast Company, 30 november 2002
  19. Cruijff: Ballesteros fenomeen Telegraaf, 9 mei 2011
  20. Van Basten grote ster in St. Andrews Telegraaf, 1 oktober 2009
  21. Golf en WK voetbal (deel IV) Golfers van Nederland, 13 juni 2006
  22. a b c VI Dossier: Ajax en Cruijff door de jaren heen Voetbal International, 31 maart 2011
  23. Het tweede profcontract van Johan Cruijff bij Ajax Youtube
  24. Op de divan in de Watergraafsmeer NRC, 17 maart 2006
  25. Ajax Dossier: De angst voor degradatie Parool, 20 november 2009
  26. Zaakwaarnemer gouden generatie ’Ome’ Cor Coster, overleden Trouw, 14 november 2008
  27. De Vos, Maarten (1971), De Ajacieden, Uitgeverij De Boekerij, Baarn, pag. 23-24
  28. Hoe kwam Johan Cruijff aan zijn rugnummer 14? Wereld van Oranje, 23 april 2007
  29. Zeven goals Alves record in eredivisie NRC, 7 oktober 2007
  30. Cor Coster (1920-2008) NRC, 14 november 2008
  31. Feyenoord hengelde in 71 al naar Cruijff Algemeen Dagblad, 29 januari 2008
  32. Johan Cruijff Voetbalzone, 23 december 2003
  33. Lob van Johan Cruijff tot in Afrika bekend Sportgeschiedenis, 2 januari 2008
  34. Genie Johan Cruijff, de engel op noppen Volkskrant, 3 januari 2011
  35. Swart herinnert zich Independiente goed Ajax, 20 juli 2011
  36. Ajax - Bayern München beste wedstrijd ooit Voetbalzone, 14 mei 2005
  37. a b c d TV-avond publieke omroep 50 jaar Johan Cruijff, 25 april 1997
  38. 'Ik weet wat ik kan' Volkskrant, 20 november 2010
  39. Winner, David (2010), Brilliant Orange: The Neurotic Genius of Dutch Football, uitgeverij Bloomsbury Publishing PLC, Londen, pag. 75
  40. Afhaken Müller reden komst Cruijff Voetbalzone, 13 oktober 2007
  41. Toen Cruijff vertrok bij Ajax Sportgeschiedenis, 19 januari 2008
  42. De Europese hegemonie Ajax
  43. Johan Neeskens in Barcelona: 'Ik scheet mezelf helemaal leeg' Sportgeschiedenis, 6 september 2007
  44. Real Madrid 0 - Barça 5 (Liga 1973/1974) Youtube
  45. El golàs de Cruyff al Atlético de Madrid (1973/1974) Youtube
  46. European Footballer of the Year ("Ballon d'Or") Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation
  47. a b c Johan Cruijff WK '74 finale
  48. 'Dit had Johan niet verdiend' Sportgeschiedenis, 9 mei 2006
  49. Sorry Johan Sportgeschiedenis, 9 mei 2006
  50. Pand van Oranjewoud was ooit van voetballer Johan Cruijff BN De Stem, 2 juli 2011
  51. a b c Geweldige voetballer, fantastisch mens, rampzalig seizoen Volkskrant, 24 april 1997
  52. a b c d e f Beckham's a path once trodden by Cruyff ESPN Soccernet, 20 juni 2007
  53. De New York Cosmos zijn terug Catenaccio, 3 augustus 2010
  54. Cruijffje in Amerika De Groene Amsterdammer, 21 juli 2007
  55. ‘De dingen die Cruijff deed, konden niet’ Friesch Dagblad, 24 april 2007
  56. Johan Cruijff - De Amerikaans jaren ENVB
  57. a b Wat Cruijff niet kan Vrij Nederland, 1 maart 2008
  58. Cruyff and four weeks that rocked Leicester In bed with Maradona
  59. Johan Cruijff Maglia Rossonera
  60. Ploon Konijnenburg herdenkt Cor Coster Voetbalonline, 15 november 2008
  61. a b Johan Cruijff en Jack van Gelder Sportgeschiedenis, 28 februari 2008
  62. Een haat-liefde verhouding met het fenomeen Johan Volkskrant, 25 april 2007
  63. Het Cruijff-effect Andere Tijden, 28 februari 2008
  64. Anderhalf uur kippenvel bij terugkeer Johan Cruijff Sportgeschiedenis, 4 december 2006
  65. a b De ‘extra’s’ van Cruijff Ajax, 6 december 2007
  66. Een strafschop in tweeën Volkskrant, 30 november 2005
  67. Opkomst en val van een brombeer NRC, 2 maart 2000
  68. Johan Cruijff naar Feyenoord! Sportgeschiedenis, 29 juni 2007
  69. Feyenoord wilde Johan Cruijff in 1964 als jeugdspeler inlijven Sportgeschiedenis, 3 april 2007
  70. De echte afscheidswedstrijd van Cruijff Catenaccio, 20 juli 2009
  71. Spelersstatistieken Officiële website Johan Cruijff
  72. Cruijff wilde al in 1974 niet naar Argentinië Sportgeschiedenis, 16 april 2008
  73. Een pleziertje in Waldhotel Krautkrämer Volkskrant, 29 september 2001
  74. Oranje had in 1976 de EK-finale moeten spelen Sportgeschiedenis, 15 mei 2008
  75. Adidas en Puma leggen jarenlange ruzie bij NOS, 17 september 2009
  76. Ajax 110: 1980 - 1989 Ajax, 16 maart 2010
  77. a b Johan Cruijff Ajax
  78. Johan Cruijff was bijna trainer van Heerenveen geworden Sportgeschiedenis, 6 april 2007
  79. a b c Johan Cruyff (1988-96) FC Barcelona
  80. The realization of a Dream Team – the story of the first Barcelona team to win a European Cup Goal, 24 mei 2011
  81. Johan Cruyff Reveals Origin Of Barcelona's Tactics Goal, 7 oktober 2009
  82. Voetballen alsof de club nog niets heeft gewonnen Volkskrant, 24 april 2011
  83. Messi bedreigt Pedro, Guardiola passeert Cruijff en evenaart Van Gaal Voetbalzone, 26 augustus 2011
  84. Het Genie zet Godenzonen lelijk te kijk Volkskrant, 19 april 1994
  85. Charly Rexach en Johan Cruijff Sportgeschiedenis, 21 april 2008
  86. Cruijff: 'Dit is een aardigheidje voor een goed doel' Voetbal International, 2 november 2009
  87. Cruijff vangt bot bij KNVB voor oefenduel Voetbal International, 9 november 2009
  88. Succesvol debuut Cruijff als bondscoach Catalonië Voetbal International, 22 december 2009
  89. Krkic gidst elftal van Cruijff naar ruime overwinning Voetbal International, 28 december 2010
  90. Bondscoach Cruijff ziet remise bij duel met Tunesië Voetbal International, 30 december 2011
  91. Tècnics que han superat els 100 partits Barça Camp Nou, 20 februari 2010
  92. Barça evenaart Ajax en PSV, Guardiola 'kopieert' Cruijff Voetbal International, 21 mei 2009
  93. World All-Time Teams Rec.Sport.Soccer Statistics Foundation
  94. Cruijff enige levende in top tien van grootste Nederlanders Volkskrant, 12 april 2004
  95. Klem! Jan van Beveren door Ruud Doevendans, bol.com
  96. a b c Eerherstel Van Beveren, ontmaskering Cruijff Eindhovens Dagblad, 16 oktober 2007
  97. Willy van der Kuijlen Voetballegends
  98. Van Gaal haalt uit naar Koeman Algemeen Dagblad, 8 oktober 2009
  99. a b Cruijff: Van Gaal heeft Alzheimer Algemeen Dagblad, 11 oktober 2009
  100. a b Ruzie tussen Cruijff en van Gaal begon in 1992 Sportgeschiedenis, 12 oktober 2009
  101. Johan Cruijff -Louis van Gaal 0-8 Volkskrant, 11 oktober 2003
  102. Cruijff wil geen verzoening met Van Gaal en onthult ware reden ruzie Voetbalzone, 22 december 2011
  103. Cruijff hekelt negativisme bij wedstrijdanalyses Voetbalzone, 20 augustus 2009
  104. Voor één keer schrijft Cruijff een column in de Volkskrant Volkskrant, 19 april 2011
  105. Cruijff keert terug en Jaakke gaat weg bij Ajax Voetbal International, 20 februari 2008
  106. Cruijff weer weg na verschil van inzicht met Van Basten Voetbal International, 7 maart 2008
  107. Van Basten: 'Ideeën Cruijff over Ajax te rigoureus' Voetbal International, 29 september 2010
  108. Barcelona benoemt Cruijff tot erevoorzitter Voetbal International, 26 maart 2010
  109. Cruijff neemt afstand van erevoorzitterschap Voetbal International, 3 juli 2010
  110. 'In het belang Ajax zou iedereen moeten vertrekken' Voetbal International, 20 september 2010
  111. Cruijff: 'Ik ben niet bezig Ajax kapot te maken' Voetbal International, 15 november 2010
  112. Leden Ajax steunen Cruijff en vernieuwen ledenraad Voetbal International, 14 december 2010
  113. Cruijff als lid technische commissie terug bij Ajax Voetbal International, 10 februari 2011
  114. Cruijff: 'Dit rapport belichaamt mijn voetbalvisie' Voetbal International, 16 maart 2011
  115. Cruijff en Davids bij kandidaten voor rvc van Ajax Voetbal International, 1 juni 2011
  116. Ledenraad Ajax stemt in met voordracht commissarissen Voetbal International, 6 juni 2011
  117. Cruijff racistisch naar Davids, bnr.nl, 21 november 2011; WNL, 21-11-2011
  118. "Utopieën wie nooit gebeuren" - De taal van Johan Cruijff Onze Taal
  119. En un momento dado Holland Sport, 11 januari 2004
  120. Een harde klap voor de parochie van Johan Cruijff Volkskrant, 8 maart 2008
  121. Produkties en/of songs voor Johan Cruyff Peter Koelewijn
  122. Johan Cruijff: Paris c'est magique! The vintage football club, 22 februari 2011
  123. Saison 1975/76 PSG '70
  124. FC Zwolle ruilt Cruijff in voor sponsor Voetbal International, 5 november 2003
  125. Ajax en de fenomenen PTT Telecom Cup, Super Cup en Johan Cruijff Schaal Ajax, 9 augustus 2006
  126. Johan Cruijff Prijs Johan Cruyff Foundation
  127. Ajax laat niemand meer met Cruijffs 14 spelen Voetbal International, 19 april 2007
  128. De lange schaduw van El Salvador NRC, 7 april 1997
  129. Cruijff krijgt eigen planetoïde Nu, 23 september 2010
Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen