Sint-Truiden
|
|
|||||
|
|||||
|
|
|||||
|
|
|||||
| Gewest | |||||
| Provincie | |||||
| Arrondissement | Hasselt | ||||
| Coördinaten | 50°48′N, 5°11′E | ||||
| Oppervlakte – Onbebouwd – Woongebied – Andere |
106,9 km² (2009) 78,04% 8,72% 13,24% |
||||
|
|
|||||
| Inwoners – Mannen – Vrouwen – Bevolkingsdichtheid |
39.747 (01/01/2012) 49,26% 50,74% 371,82 inw./km² |
||||
| Leeftijdsopbouw 0–17 jaar 18–64 jaar 65 jaar en ouder |
(01/01/2008) 16,97% 64,83% 18,21% |
||||
| Buitenlanders | 3,66% (01/01/2008) | ||||
|
|
|||||
| Burgemeester | Veerle Heeren (CD&V) | ||||
| Bestuur | CD&V, Open VLD | ||||
| Zetels CD&V SP.A Open VLD N-VA |
33 10 9 7 7 |
||||
|
|
|||||
| Gemiddeld inkomen | 15.102 euro/inw. (2007) | ||||
| Werkloosheidsgraad | 7,05% (jan. 2009) | ||||
|
|
|||||
| Postcode 3800 3800 3800 3800 3800 3800 3800 3800 3800 3800 3803 3803 3803 3803 3806 |
Deelgemeente Sint-Truiden Aalst Brustem Engelmanshoven Gelinden Groot-Gelmen Halmaal Kerkom-bij-Sint-Truiden Ordingen Zepperen Duras Gorsem Runkelen Wilderen Velm |
||||
| Zonenummer | 011 | ||||
| NIS-code | 71053 | ||||
| Politiezone | Sint-Truiden - Gingelom - Nieuwerkerken | ||||
| Website | www.sint-truiden.be | ||||
|
|
|||||
| ligging binnen het arrondissement Hasselt in de provincie Limburg |
|||||
|
|||||
Sint-Truiden (Frans: Saint-Trond, Limburgs: Sintruin) is een stad en gemeente in de Belgische provincie Limburg. Zij telt ongeveer 39.000 inwoners en is met haar 106,87 km² qua oppervlakte de grootste gemeente van Limburg. De stad is de hoofdplaats van het kieskanton en het gerechtelijk kanton Sint-Truiden.
Een inwoner van Sint-Truiden wordt Truienaar genoemd, voor een vrouwelijke inwoner wordt dit Truinoske.
De stad ligt 18 km ten zuidwesten van Hasselt.
Inhoud |
Geografie [bewerken]
Sint-Truiden ligt in Haspengouw, een landstreek die zich uitspreidt over de Belgische provincies Limburg, Luik, Namen, Vlaams-Brabant en Waals-Brabant. Deze regio wordt gekenmerkt door een glooiend landschap van zeer vruchtbare gronden die gebruikt worden voor landbouw en veeteelt. Sint-Truiden ligt in het noordelijke deel van Haspengouw, in het vochtige deel van de streek, met rijke leemgrond, die zeer geschikt is voor fruitteelt. Het licht golvend reliëf loopt op tot een maximale hoogte van 52 m. Er lopen geen grote waterwegen door de stad. De Cicindria loopt ondertunneld door het centrum van Sint-Truiden.
Geschiedenis [bewerken]
De vroegste geschiedenis van Sint-Truiden gaat terug tot de Romeinse tijd, toen zich aan een kruispunt van heirbanen een kleine bewoningskern had gevormd. In 655 stichtte de heilige Trudo een priestergemeenschap, die geleidelijk uitgroeide tot de abdij van Sint-Truiden. Sint-Trudo was de zoon van rijke ouders die lid waren van de Frankische adel, en die een goed hadden te Zerkingen. Trudo werd in Metz opgeleid tot priester. Hij werd er eveneens gewijd. In 660 realiseert hij een oude droom: de bouw van een kerk in zijn geboortestreek. Trudo koos daarvoor een plaats die ongeveer één kilometer noordelijker langs de Cicindria lag dan het oorspronkelijke Zerkingen. Aangezien er aan het graf van de heilige Trudo wonderbaarlijke eigenschappen werden toegeschreven, kwamen er bedevaarten op gang die veel mensen trokken, waardoor ook handel en dienstverlening gingen bloeien. Dit leidde er toe dat er een nederzetting ontstond die in de 11e eeuw stadsrechten kreeg en als Oppidum Sancti Trudonis te boek stond. De naam Zerkingen raakte aldus geleidelijk in onbruik en de stad ging Sint-Truiden heten.
Dat Sint-Truiden uitgroeide tot een belangrijk economisch centrum, blijkt uit een Karolingische munt uit 780, met op de voorzijde Karel de Grote en op de keerzijde Sci Trudo. Van de abdijgebouwen is bekend dat bisschop Adalbero I van Metz, die zelf de abdij bestuurde, rond 950 een nieuwe driebeukige kerk bouwde. De elfde eeuw was een echte bloeiperiode voor de abdij en bracht meteen de doorbraak van de stad: rond de abdijkerk en het abdijplein groeide Sint-Truiden uit van een bescheiden nederzetting tot een versterkte stad. Een eerste signaal was de bouw van de nog bestaande abdijtoren. Onmiddellijk daarna werd begonnen met de bouw van de derde kerk. De huidige herinrichting van het kerkveld geeft enigszins een idee van haar omvang: 100 meter lang en 27 meter breed. In 1129 werd de aarden omwalling uit 1050 vervangen door een stenen versie. Die grote abdijkerk was met de relieken van Sint-Trudo de bestemming voor talloze bedevaarders. Sint-Truiden ontwikkelde zich op economisch vlak tot een centrum van de lakennijverheid, met export naar Duitsland, Engeland en Frankrijk.
De abt was ook verantwoordelijk voor de bouw van de Onze-Lieve-Vrouwekerk, de Sint-Gangulfuskerk en de Sint-Maartenkerk, de drie parochiekerken binnen de muren. De benoeming van schouten en schepenen gaf de abt grote bestuurlijke macht. Dat veranderde toen Metz in 1227 zijn rechten op Sint-Truiden aan de prins-bisschop van Luik afstond. Hiermee werd Sint-Truiden een van de 23 Goede Steden van het prinsbisdom Luik. Onmiddellijk sloten de Truienaren zich aan bij de andere Luikse steden in hun strijd om medezeggenschap in het prinsbisdom, terwijl zoals in de andere Luikse steden de ambachten zich de leiding van het stadsbestuur bevochten. In die periode werd er een markthal gebouwd op de plaats waar het huidige stadhuis staat, en er werd een perroen opgericht op het marktplein, de lokale autonomie symboliserend. De perroen staat vandaag nog steeds naast het stadhuis op de Grote Markt. Karel de Stoute veroverde de stad in 1467, wat het begin van een terugval betekende. De stadswallen werden in 1675 ontmanteld.
De abt behield wel veel invloed in de stad. De abdij werd in de zeventiende en achttiende eeuw verder uitgebreid. Zo werd een indrukwekkend en uiterlijk samenhangend abdijcomplex gerealiseerd. Het ging hier om een megalomaan complex, gezien het slechts huisvesting moest bieden voor amper 25 monniken. En dat terwijl de abt ook nog een kasteel in Nieuwenhoven bezat, en de monniken hun vrije tijd konden vermeien in het iets bescheidener Speelhof. De bouwwerken in de abdij, het bezit van het Speelhof en van Nieuwenhoven geven aan hoe belangrijk de rol van de abdij in Sint-Truiden gedurende eeuwen was. De abt was medeheer van de stad, met alle invloed en gezag daaraan verbonden. Die rol ging samen met het Ancien Régime ten onder aan het einde van de achttiende eeuw. In augustus 1789 volgde Sint-Truiden Luik in de revolutie. De revolutionaire inval in 1772 betekende het einde van de abdij. Abt en monniken vluchtten, de abdijgoederen werden aangeslagen. Een korte terugkeer van het Oostenrijkse leger veranderde daar niets aan. In 1794 werd Sint-Truiden aangehecht bij Frankrijk. Na een korte Nederlandse overheersing, kwam Sint-Truiden onder het huidige Belgische bestuur te staan.
Vanaf het begin van de 19e eeuw bloeide de stad weer op dankzij de fruitteelt in de regio. Op 9 augustus 1914, aan het begin van de Duitse invasie in België, werden 20 Truiense burgers geëxecuteerd en verscheidene huizen platgebrand. De reconstructie en de bouw van Nieuw Sint-Truiden, een wijk net buiten het stadscentrum, zorgde voor gegarandeerde huisvesting voor de getroffenen en de steeds groter wordende bevolking van de stad. Tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikten de Duitsers de luchtmachtbasis van Sint-Truiden als uitvalsbasis. Op 9 december 1975 werd de abdij van Sint-Truiden getroffen door een grootschalige brand. Een groot deel van de schoolgebouwen, de infirmerie, de seminariekerk en de torenspits gingen in de vlammen op. De elfde-eeuwse torenromp, de achttiende-eeuwse abtsvleugel, het poortgebouw en de negentiende-eeuwse academiezaal bleven wel gespaard. Na Halmaal in 1971 behoren vanaf 1977 ook Aalst, Brustem, Duras, Engelmanshoven, Gelinden, Gorsem, Groot-Gelmen, Kerkom-bij-Sint-Truiden, Ordingen, Runkelen, Velm, Wilderen en Zepperen tot Sint-Truiden. Hierdoor is Sint-Truiden vandaag de dag met een oppervlakte van 106,87 km² de grootste stad van Limburg.
Kernen [bewerken]
De fusiegemeente bestaat naast de stadskern nog uit 14 deelgemeentes: Aalst, Brustem, Duras, Engelmanshoven, Gelinden, Gorsem, Groot-Gelmen, Halmaal, Kerkom-bij-Sint-Truiden, Ordingen, Runkelen, Velm, Wilderen en Zepperen. Ook het gehucht Kortenbos maakt sinds 1977, toen het werd afgescheiden van Kozen, deel uit van de stad Sint-Truiden. In Sint-Truiden zelf liggen verder nog de gehuchten Bevingen en Melveren die nog niet met de stadskern vergroeid zijn.
| # | Naam | Oppervlakte (km²) | Bevolking (2011) |
|---|---|---|---|
| I | Sint-Truiden | 37,47 | 22.954 |
| II | Halmaal | 1,75 | 368 |
| III | Wilderen | 2,49 | 1.285 |
| IV | Duras | 2,89 | 436 |
| V | Gorsem | 2,30 | 393 |
| VI | Runkelen | 1,86 | 419 |
| VII | Zepperen | 11,17 | 3.463 |
| VIII | Ordingen | 1,78 | 913 |
| IX | Brustem | 9,00 | 2.591 |
| X | Groot-Gelmen | 4,92 | 592 |
| XI | Engelmanshoven | 3,65 | 421 |
| XII | Gelinden | 7,98 | 1.435 |
| XIII | Aalst | 4,12 | 724 |
| XIV | Kerkom-bij-Sint-Truiden | 5,04 | 589 |
| XV | Velm | 10,45 | 2.234 |
Bron:www.limburg.be
Bezienswaardigheden [bewerken]
Sint-Truiden telt twee sites die op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staan. Zowel het belfort van het oude stadhuis op de Grote Markt als het Begijnhof zijn twee van de tien Belgische sites op deze lijst.
Stadhuis [bewerken]
Het Belfort van Sint-Truiden is het historische belfort van de stad Sint-Truiden. De toren maakte oorspronkelijk deel uit van de lakenhal. Tegenwoordig is het belfort onderdeel van het stadhuis van Sint-Truiden, dat er in de 18e eeuw omheen gebouwd werd. Het onderste deel van het belfort dateert uit de 13e eeuw, de rest uit 1608. De hallen uit 1366 vormen thans een deel van de benedenverdieping van het stadhuis, waarvan de gevels in 1754-55 vernieuwd werden door de Luikse architect Etienne Fayen.
De 18e-eeuwse vertrekken op de verdieping zijn rijk gedecoreerd met stucwerk. De reliëfs in de vestibule van 1788 zijn gesigneerd door André Vivroux uit Luik. De allegorieën op de schoorsteenmantel van de raadzaal-trouwzaal zijn olieverfschilderingen van de Maastrichts-Luikse schilder Jean-Baptiste Coclers. Op de kroonlijst staan de wapens afgebeeld van de elf ambachten van Sint-Truiden.
In 2005 werd het belfort van Sint-Truiden op de werelderfgoedlijst van de UNESCO geplaatst als onderdeel van de groepsinschrijving van 56 belforten in België en Frankrijk.
Begijnhof [bewerken]
Het begijnhof van Sint-Truiden of Begijnhof van Sint-Agnes is een begijnhof dat men tot het zogenoemde plein-type rekent en dat is opgenomen op de lijst van het werelderfgoed van UNESCO. Het geheel van woningen en een infirmerie gesitueerd rond een centraal gelegen kerk met voorplein werd in 1258 opgericht buiten de stadsmuren van Sint-Truiden. Het betekende de aanvang van een bloeiende vrouwengemeenschap aan de rand van de stad. In zijn glorietijd woonden er meer dan 200 begijnen.
Ten tijde van de oprichting van het begijnhof viel de stad onder het prinsbisdom Luik. Het begijnhof werd gebouwd op land dat de abt van de benedictijnererabdij van Sint-Trudo, Willem van Rijkel, schonk aan de mulieres religiosae die over de hele stad verspreid woonden. Het gebied lag bij de Cicindriabeek in het gehucht Schurhoven ten noordoosten van de stad. Van het gebied werd ongeveer de helft gebruikt voor bebouwing terwijl de rest in gebruik werd genomen als boomgaard en bleekveld. De hoofdpoort, die vandaag niet meer bestaat, lag aan de Schurhovensteenweg.
Tijdens de Franse Revolutie, in 1798, werd het begijnhof door de bezettende Fransen onteigend en verkocht aan particulieren. De meeste woonhuizen zijn in de loop van de 17e of vroeg in de 18e eeuw gebouwd.
Een ander bijzonder aspect aan dit begijnhof is de naast de infirmerie gelegen hoeve met monumentale toegangspoort en bijgebouwen. Oorspronkelijk was het begijnhof beschermd door een bakstenen muur, maar hiervan is tegenwoordig slechts een klein fragment over achter de woningen ten noordwesten van het plein. Hierdoor krijgt het begijnhof van Sint-Agnes een meer open karakter dan vele andere begijnhoven.
De laatste begijn overleed in 1860. In 1928 werd de kerk voor de eredienst gesloten, in 1933 werd ze beschermd als monument, en in 1934 schonk barones Mathilde de Pitteurs-Hiegaerts de kerk aan de vzw De Vrienden van het Begijnhof. Daarna werd de kerk gerestaureerd en fungeerde als culturele ruimte voor grote tentoonstellingen. In 1970 werd de begijnhofkerk door de Vrienden van het Begijnhof aan de provincie Limburg overgedragen. Een tweede grote restauratie, onder meer van de middeleeuwse muurschilderingen, duurde van 1975 tot 1981. Tot 1997 werd de kerk gebruikt als Provinciaal Museum voor Religieuze Kunst en vonden er talrijke tentoonstellingen plaats. Momenteel functioneert de kerk als tentoonstellings- en concertruimte. In 2008 werd het 750-jarig bestaan herdacht met nieuwe publicaties en een reeks activiteiten.
Abdij [bewerken]
Van de voormalige abdij van Sint-Truiden uit 657 in het dorp Zerkingen, resteren nog een romaanse toren (midden 11e eeuw), het classicistische poortgebouw (1779) en het classicistische abtskwartier met crypte uit de 11e eeuw, de bijbehorende kerk werd in classicistische stijl herbouwd, in het jaar 1845. In 1975 werd de abdijsite getroffen door een grote brand. De gevolgen waren rampzalig: een groot deel van de schoolgebouwen, de infirmerie, de seminariekerk en de torenspits gingen in de vlammen op. De elfde-eeuwse torenromp, de achttiende-eeuwse abtsvleugel, het poortgebouw en de negentiende-eeuwse Academiezaal bleven wel gespaard.
De abdijsite van Sint-Truiden onderging de laatste jaren een grondige renovatie. De crypte is nu toegankelijk voor het publiek en de barokpoort werd gerestaureerd. Ook de abdijtoren, die na de brand grondig werd gerestaureerd, is momenteel open voor het grote publiek. 196 trappen en vijf rust- en ervaringsplatforms leiden je naar een adembenemend panorama over de stad en de streek.
De 19e-eeuwse Academiezaal van de abdij is een realisatie van Louis Roelandt, die ook de Vlaamse Opera te Gent bouwde. De achthoekige aula is volledig gerestaureerd en staat bekend om zijn goede akoestiek. Hij wordt vaak gebruikt voor concerten en als opnamestudio.
De linkervleugel van de bebloemde erekoer van de abdij staat bekend als de Keizerszaal. De oorspronkelijk middeleeuwse gebouwen werden in de 18e eeuw verbouwd. De Keizerszaal was de ontvangstzaal van de abt. Ze bevat plafondschilderingen van de Italiaanse schilder G.A. Caldelli.
Kasteel van Nieuwenhoven [bewerken]
Het kasteel van Nieuwenhoven was sinds eind van de 13de eeuw het speelhof en zomerverblijf van de abten van de Sint-Trudoabdij van Sint-Truiden. Vanaf de 18de eeuw verbleven ze er permanent. In de loop der eeuwen werd het kasteel versterkt, vergroot en herhaaldelijk verbouwd. De huidige hoeve dateert uit de 17de eeuw. Het kasteel werd opnieuw verbouwd in de 19de eeuw in Engelse neogotische stijl maar werd gedeeltelijk vernield door een brand in 1932. Het wagenhuis tussen kasteel en hoeve werd verbouwd tot woonhuis. Na de annexatie van de Zuidelijke Nederlanden door revolutionair Frankrijk in 1795 ging het kasteel over in particuliere handen. In de napoleontische tijd was het eigendom van Étienne Jacques Travers, baron van Jever en generaal van het Koninkrijk Holland en het Eerste Franse Keizerrijk. Hij stierf er in 1827.
Rondom het kasteel ligt het bos van Nieuwenhoven, van oudsher het Galgenbos genoemd. Het landschap heeft nog de structuur van de 19de-eeuwse Engelse landschappelijke tuin. Toen het bos begin jaren 70 van de 20e eeuw dreigde te worden verkaveld, verwierf de provincie Limburg het gebied in 1972, behalve het kasteeldomein met park en vijvers. De provincie heeft het gebied uitgebreid tot ongeveer 160 hectare en er een bezoekerscentrum ingericht. Dit gebied is nu het Provinciaal Domein Nieuwenhoven. Het werd bewoond door de adellijke familie de Moffarts.
In het provinciaal domein bevindt zich ook een laat-romaanse, vroeg-gotische kerk die nu een museum is waar vaak tentoonstellingen lopen. De kerk zelf bevat een reeks van 38 pijler- en muurschilderingen. De oudste schilderingen dateren uit de late 13e eeuw, de jongste stammen uit het begin van de 17e eeuw. Samen geven ze een gevarieerd overzicht van de middeleeuwse geloofsbeleving en de verschillende schildertechnieken en -stijlen. De kerk bevat ook het oudste homogeen bewaarde orgel van België.
Kasteel van Duras [bewerken]
Het kasteel van Duras is een typisch voorbeeld van de classicistische stijl. Het kasteel is gebouwd tussen 1787 en 1789 en ligt midden in een prachtig domein en is te bereiken via een platanendreef. Oorspronkelijk stond er op deze plaats een oude waterburcht van de graven van Duras, dat werd gebouwd in 1102. Het kasteelpark is een onderdeel van een belangrijk domein van meer dan 100ha, bestaande uit bossen, weilanden, akkers en hoogstamboomgaarden. Er hoort ook een watermolen bij en een landbouwbedrijf.
In 1902 werd het kasteel vrijwel volledig verwoest door een brand, maar het werd onmiddellijk heropgebouwd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het kasteel uitzonderlijk niet door de Duitse troepenmacht in beslag genomen. Aan het einde van de oorlog, in het jaar 1945, werd het kasteel met opzet door een Duitse V1-raket geraakt. Vele vertrekken waren hierdoor sterk beschadigd. Tussen 1960 en 1962 werd het kasteel met behulp van de Belgische staat en door Graaf van Liederkercke volledig gerestaureerd. Daarvoor, in 1948, werd het kasteel al uitgeroepen als beschermd monument.
Graaf Jean-Joseph van der Noot trad in het huwelijk met Florence de Ruyssche, gravin van Elissem, nabij Landen. Een van hun kinderen, Louise, trad in het huwelijk op 27 april 1803 met Prins Louis de Ligne, zoon van Charles en prinses Hélène, van het Poolse Massalska Huis. Ze hadden drie kinderen onder wie een zoon, Eugène, die de troonpretendent in België zal zijn. Na de dood van haar echtgenoot in 1813, zal Louise een tweede maal in het huwelijk treden met graaf Charles d'Outremont, wiens familie nog steeds in het bezit is van het kasteel. Enkele malen per jaar is het kasteel door het publiek te bezichtigen, en het is steeds te huur voor trouwfeesten.
In het park van het kasteel staat één van de grootste mammoetbomen van Limburg.
Kasteel van Ordingen [bewerken]
Het kasteel van Ordingen bevindt zich in de deelgemeente Ordingen. In de vroege middeleeuwen, vanaf 1040 vermelden bronnen de heren van Ordingen. Hun kasteel fungeerde als wachtpost op de grens van het graafschap Loon. Messire Adam de Harduemont wordt vermeld in 1253. Zijn kinderen en kleinkinderen waren tot de 14e eeuw bewoners van het kasteel. Gebrek aan nakomelingen deed het kasteel overgaan in het bezit van de aanverwante familie Duras.
De Franse revolutionairen verkochten het kasteel als kerkelijk goed, eerst aan Marie Desart. Later verwierf de bekende opkoper van zwart goed Pierre de Libotton de commanderij. Begin 19e eeuw verwierf de rijke steenkoolbaron Charles Pitteurs-Hiégaeerts het goed. Toen de man in 1863 overleed kreeg zijn derde zoon Léon, baron voor het leven en burgemeester van Ordingen het goed in zijn bezit. Hij verbouwde het kasteel grondig in 1879 en legde een grote kunstverzameling aan. De volgende eigenaar, in 1902, was zijn ongehuwde zoon Antoine. Een Duits bombardement in 1940, moeilijkheden met restauratiedossiers en familieruzies waren aanleiding voor een nieuwe verkoop. Antoine overleed in 1962, het kasteel werd verkocht in 1964 aan een huisarts uit Tongeren. De omringende gronden werden voor het grootste deel verkaveld voor de bouw van eengezinswoningen.
Deze eigenaar heeft de westelijke hoektoren en het poorthuis gerenoveerd. Het volledig kasteelgedeelte is momenteel omgebouwd tot een hotel-restaurant. Het commandeurshuis is een centrum voor dagtoerisme; het poorthuis is verbouwd tot woning voor de eigenaar.
Museum De Mindere [bewerken]
Dit museum beheert het religieus erfgoed van de minderbroeders. Van schilderijen, beelden en zilver tot grafisch werk. Het museum geeft informatie over de figuur Franciscus van Assisi. Het maakt deel uit van de Truiense minderbroederssite: dat omvat de barokke Minderbroederkerk, waarvan de bouw begon in 1731 en eindigde in 1735. Daarnaast is er ook een (nog bewoond) klooster uit 1226 met tuin en de resten van de oude stadsomwalling.
Onze-Lieve-Vrouwekerk [bewerken]
De hooggotische Onze-Lieve-Vrouwekerk met toren in neogotiek, waarvan de bouw begon in 1847 en eindigde in 1852, staat op de Grote Markt. Voordat deze kerk op de Markt stond, stond hier een andere kerk, die abt Adelardus II in de 12e eeuw bouwde. De kerk bevat een schatkamer met uniek religieus erfgoed, zoals schrijnen, reliekhouders, altaargerei en religieuze gewaden.
Festraetsuurwerk [bewerken]
Het Festraetsuurwerk staat bekend als de oudste toeristische attractie van Limburg. Kamiel Festraets startte in 1937 met de bouw van dit astronomisch uurwerk, en werd voltooid in 1942. Aan het einde van zijn leven werd het astronomisch compensatieuurwerk aangekocht door de stad Sint-Truiden. Het weegt 4 ton, is 6 m hoog, 4 m lang, 2,5 m breed en bevat meer dan 20.000 onderdelen. De Festraetsstudio, waarin het uurwerk te bezichtigen is, bevindt zich op het Begijnhof.
Overige [bewerken]
- Sint-Pieterskerk in zgn. Rijnlandse romaanse stijl, daterend uit het einde van de 12e eeuw.
- Sint-Gangulfuskerk in romaanse stijl.
- Een refugehuis van de abdij van Herkenrode aan de Schepen Dejonghstraat.
- Het gildehuis uit 1720.
- Meridiaanlijn op het abdijplein die, samen met de zuil met daarop het beeld van Sint Trudo, een middagzonnewijzer vormt. Een gedenkplaat verwijst naar Truienaar Barthélémy de Theux de Meylandt, die als minister van Binnenlandse Zaken in 1836 verordende dat meridiaanlijnen moesten worden aangelegd opdat burgers hun uurwerk konden gelijkstellen op 12 uur Brusselse tijd.
Demografische ontwikkeling [bewerken]

- Bronnen: NIS, www.limburg.be - Opm:1806 t/m 2001=volkstellingen; 1977, 2011= inwonertal per 1 januari
- 1971: aanhechting van Halmaal en Kerkom-bij-Sint-Truiden
- 1977: aanhechting van Brustem, Duras, Gelmen, Velm en Zepperen en het gehucht Kortenbos van Kozen
Cultuur [bewerken]
Dialect [bewerken]
In Sint-Truiden wordt het plat Sintruins gesproken als stadsdialect. Dit dialect kwam in 2011 vaak in de pers naar aanleiding van het uitbrengen van de internationaal gelauwerde film Rundskop. Hoofdrolspeler Matthias Schoenaerts kreeg voor deze rol de hulp van een Truiense dialectcoach, Roger Vanbrabant. Rundskop werd de Belgische inzending bij de Oscars. De film werd genomineerd voor beste niet-Engelstalige film en behoorde zo tot de beste vijf films van 2011.
De verzamelnaam voor alle dialecten die worden gesproken in de wijde omgeving van Sint-Truiden, wordt het Truierlands genoemd.
Evenementen [bewerken]
- Sint-Trudofeesten: zevenjaarlijks festival waarin de stichter van de stad geëerd wordt (volgende editie: 2012)
- Bloesemfeesten: in april
- Oogstfeesten: in september
- Joy Joy: grootste kinderfestival in openlucht van Vlaanderen
- Midweekfeesten: concerten op het Heilig Hartplein, elke woensdag in de zomer
- Internationale militaire taptoe: met taptoes uit heel Europa
Uitgaansleven [bewerken]
Het Truiense uitgaansleven concentreert zich rond de Grote Markt en het Heilig Hartplein.
Winkelen [bewerken]
Sint-Truiden telt vele winkelaangelegenheden en geldt als een belangrijke winkelstad in de regio. Vooral de regio rond de Grote Markt wordt gedomineerd door shops. De grootste winkelstraat is de Luikerstraat. Deze straat staat zelfs op de laatste editie van het Belgische Monopolyspelbord, weliswaar als goedkoopste straat. Naast de Luikerstraat zijn er nog winkelaangelegenheden in de Stapelstraat, en, zij het minder dan in de vorige twee straten, ook in de Diesterstraat. De stad telt één winkelcentrum, in de Cicindriawijk.
Markten [bewerken]
De Grote Markt van Sint-Truiden is de tweede grootste van België. De marktactiviteiten gaan eeuwen terug. De zaterdagmarkt wordt al sinds 1451 georganiseerd op de Grote Markt. Op en rond dit plein worden nu nog steeds vaak markten gehouden:
- Wekelijkse markt: op de Grote Markt, Groenmarkt, Trudoplein en Minderbroedersplein, elke zaterdag van 07.30 uur tot 13.00 uur
- Antiek- en rommelmarkt: op de Veemarkt, elke zaterdag van 06.00 uur tot 12.00 uur.
- Avondmarkt: op de Grote Markt, elke laatste dag van de jaarlijkse braderie van 14.00 uur tot 22.00 uur
- Kerstmarkt: op de Groenmarkt, elke dag in december van 15.00 uur tot 22.00 uur
Religie [bewerken]
Sint-Truiden wordt traditioneel gekenmerkt door een christelijke aanwezigheid. De stichter van de stad, Sint-Trudo, bouwde een abdij waarrond de stad ontstaan is. Doorheen de eeuwen bleef Sint-Truiden een katholiek bolwerk. De plaatselijke abten breidden hun invloedzone systematisch uit vanuit de abdij. Momenteel telt het dekanaat Sint-Truiden 36 parochies, waarvan er 22 op het grondgebied van de stad Sint-Truiden liggen:
|
De Onze-Lieve-Vrouw Tenhemelopnemingskerk op de Grote Markt is een van de kenmerkende gebouwen van het centrum van de stad. Op het grondgebied van de stad bevindt zich de Basiliek van Onze-Lieve-Vrouw van Kortenbos. Monseigneur de Montpellier, bisschop van Luik, riep op 13 mei 1873 Onze-Lieve-Vrouw van Kortenbos uit tot patrones van Limburg. De plechtige kroning werd op 11 augustus 1897 door paus Leo XIII goedgekeurd en uitgevoerd op 1 mei 1898. Op 24 februari 1936 verleende paus Pius XI aan de bedevaartskerk van Kortenbos de titel van Romeinse Basiliek.
Zoals in heel België ontkerkelijkt Sint-Truiden zienderogen. Het aantal kerkganger nam de afgelopen decennia drastisch af, waardoor verschillende parochies in moeilijkheden kwamen. Verschillende kerken raakten in onbruik. Zo werd de begijnhofkerk gesloten, waarna ze werd gerestaureerd. Sindsdien fungeert ze als culturele ruimte voor grote tentoonstellingen
Naast het christelijke geloof is er ook plaats voor andere godsdiensten in Sint-Truiden. Zo beschikt de Marokkaanse gemeenschap over een eigen gebedshuis. De grootste religieuze groepering na de christenen, wordt evenwel gevormd door de sikhs. In België leven waarschijnlijk rond de 3000 à 4000 sikhs. De grootste concentratie sikhs van België bevindt zich in Sint-Truiden. Zij vonden in de jaren '80 de weg naar Zuid-Limburg om er aan de slag te gaan in de fruitteelt. In Halmaal werd het eerste gebedshuis voor sikhs in heel België gebouwd, een gurdwara. Vanaf 1993 komen de sikhs hier samen om te bidden, te vieren en elkaar te ontmoeten. Hier wordt er elke zondag gezongen uit de Goeroe Granth Sahib, waarna iedereen kan aanzitten aan de gemeenschappelijke maaltijd.
Economie [bewerken]
Wat economische activiteiten betreft, staan Sint-Truiden en omgeving erom bekend dat de fruitteelt er een belangrijke plaats inneemt. Sint-Truiden is de hoofdstad van de fruitstreek. Het succes van de fruitsector is in de eerste plaats het gevolg van de vruchtbare ligging. Sint-Truiden is van oudsher het handels- en dienstencentrum van een streek die zijn welvaart te danken heeft aan de teelt en verkoop van fruit. Nergens in Limburg is het belang van de primaire sector zo groot als in Sint-Truiden, nergens in de provincie is de welvaart in zo grote mate afkomstig en afhankelijk van de landbouw. Terwijl de landbouw in heel Limburg zorgt voor 4,3 % van de tewerkstelling, is dat in Sint-Truiden maar liefst 10,7 %. Dankzij het succes van de fruitteelt zijn er in de stad verscheidene fruitveilingen opgericht. Veiling Haspengouw werd opgericht in 1939, de Belgische Fruitveiling zag het daglicht in 1952, onder de naam Fruitcentrale.
De noodzaak om naast de fruitteelt ook industriële bedrijven aan te trekken, is een verschijnsel van de laatste decennia. Terwijl in Midden-Limburg met zijn onvruchtbare en zanderige bodem de eerste industriële bedrijven, met de steenkoolontginning op kop, in de jaren 20 ontstaan, dateert de behoefte aan industrie als alternatief voor de fruitteelt pas vanaf de jaren 50. In de jaren 60 wordt het industrieterrein Schurhoven ontwikkeld. Tenneco Automotive en Ridge Tool zijn enkele van de eerste bedrijven die zich in Sint-Truiden vestigden. Met de komst van Volvo Car Sint-Truiden en HMZ in de jaren 70, krijgt de industriële ontwikkeling in de fruithoofdstad een nieuwe impuls. De ontwikkeling van het industrieterrein Schurhoven heeft niet verhinderd dat het aandeel van de industriële tewerkstelling in de totale tewerkstelling klein is gebleven. In heel Limburg wordt 27 % van de tewerkstelling gecreëerd door industriële bedrijven, in Sint-Truiden is dat slechts 22 %. Momenteel zijn de drie grootste bedrijven in Sint-Truiden Tenneco Automotive (1314 werknemers), VCST(1030) en Betonac (308).
Het aandeel van de tewerkstelling in de dienstverlenende sector is dan weer wel hoog, met 63 % zelfs iets hoger dan het Limburgse gemiddelde van 61 %. Sint-Truiden is onbetwistbaar het bestuurlijke en administratieve centrum van Zuidwest-Limburg. Handel, horeca en dienstverlening zijn goed uitgebouwd in Sint-Truiden. Het centrum met winkels en horecazaken wordt druk bezocht. Maar ook in de dienstensector loert de fruitteelt om de hoek. De fruitteelt trekt immers heel wat toeleveringsactiviteiten aan, zoals sorteer- en verpakkingsstations, boomkwekerijen, financiële en administratieve dienstverleners en transporteurs. Hieruit vloeit voor dat de Truiense economie vooral gedragen wordt door KMO's. Maar liefst 97 % van het totale aandeel bedrijven bestaat uit KMO's. Samen wordt daar ook 45 % van de beroepsbevolking tewerkgesteld.
Verkeer en vervoer [bewerken]
Wegverkeer [bewerken]
Sint-Truiden wordt niet ontsloten door autosnelwegen. Toch is de stad vlot bereikbaar. Sint-Truiden ligt immers in het midden van de A2 Brussel-Aken, de E313 Antwerpen-Hasselt-Luik en de E40 Brussel-Luik. De belangrijkste ontsluiting wordt gevormd door de gewestweg naar Tienen en Luik, de N3 genaamd, en de N80, de expresweg naar Hasselt. Verscheidene bedrijven klagen over de gebrekkige bereikbaarheid van de E40. De bouw van zo'n autosnelweg werd verhinderd omdat men geen grond wou opofferen.
Spoorverkeer [bewerken]
Het station van Sint-Truiden ligt langs spoorlijn 21, die Landen met Hasselt verbindt. Vanuit Sint-Truiden is er een rechtstreekse verbinding met Genk, Hasselt, Leuven, Brussel, Gent, Brugge en Blankenberge. Het station werd geopend op 6 oktober 1839. Het huidige station dateert uit de jaren 70. Het verving een vroeger stationsgebouw dat gebouwd werd in 1882 en dat afgebroken werd in 1975. In 1988 werd het station gesloten voor goederenvervoer. In 2005 werd het station vernieuwd, samen met het stationsplein en de rest van de stationsomgeving. Er kwamen extra fietsenstallingen en het comfort voor de treinreizigers werd verhoogd.
Voorheen deed het station ook dienst als halte van spoorlijn 23, die Drieslinter met Tongeren verbond. Deze spoorlijn werd ook wel de fruitspoorlijn genoemd, omdat over de lijn voornamelijk fruit werd vervoerd naar de diverse stroopfabrieken die gelegen waren in de buurt van de stations. Deze spoorlijn werd echter in 1988 definitief gesloten. Behalve een spoorwegknooppunt was Sint-Truiden ook belangrijk knooppunt voor de buurtspoorwegen. Zo waren er 5 buurtspoorweglijnen richting het huidige Vlaams- en Waals-Brabant, en naar Luik.
Luchtverkeer [bewerken]
De stad Sint-Truiden heeft ook een vliegveld: Limburg Regional Airport (ICAO: EBST), op een gedeelte van het voormalige militaire vliegveld van Brustem. Er zijn nieuwe exploitanten aangetrokken, die in samenwerking met de Limburgse Reconversiemaatschappij met de verdere uitwerking bezig zijn. De lengte van de piste bedraagt 1199 meter (klasse II), gelegen in de richting 06-24. Vanaf februari 2009 is er ook Jet A1 en Avgas beschikbaar. De frequentie van EBST is 119.975 MHz. Tevens is er ook een vliegschool aanwezig voor de opleiding voor vliegtuigen en helikopters, Fly One.
Fietsen en wandelen [bewerken]
Sint-Truiden heeft de beschikking over verscheidene fietsroutes. Fietsers kunnen zich dan weer sinds jaar en dag uitleven op de 46 kilometer lange Trudofietsroute, die de kerkdorpen met elkaar verbindt. Jaarlijks wordt ook een heuse Fruitbloesemroute uitgestippeld. Via de Keltenroute kom je het Keltische verleden van de stad te weten. De stad ligt ook langs het Mountainbikenetwerk Euregio, dat loopt van Vlaams-Brabant naar Nederlands-Limburg. Sint-Truiden sluit ook aan op het grotere fietroutenetwerk Limburg, zodat de toerist à la carte kan fietsen over grotere afstanden.
In Gelinden, Groot-Gelmen, Engelmanshoven en Brustem loopt een wandelroutenetwerk. Daarnaast is de stad het middelpunt van de Haspengouwwandelroute. In navolging van de fietsroute is er ook elk jaar een Fruitbloesemroute voor wandelaars. De Fruitvalleiwandeling kan het hele jaar gedaan worden.
Klimaat [bewerken]
Het klimaat in de streek rond Sint-Truiden is een gematigd maritiem klimaat. Het regent ongeveer het hele jaar, met een licht afgetekend neerslagmaximum in de winter, veroorzaakt door de vele depressies die dan door België trekken, en ook een neerslagmaximum in de zomer door de toch vaak voorkomende zomeronweders. Op een heel jaar tijd valt er gemiddeld 852,4 mm neerslag in Sint-Truiden, terwijl de maandelijkse uitersten kunnen lopen van om en bij de 50 mm tot meer dan 80 mm.
De temperaturen zijn ook zeer gematigd met een gemiddelde waarde van tegen de 10 graden. De zomers zijn wel warm te noemen, door het microklimaat van de nabijgelegen droge zandstreek, de Kempen. De uitersten lopen van - 17,3 °C in heel extreme wintergevallen tot maximaal 38,8 °C in de zomer. Deze uitersten komen uiteraard zeer zelden voor, maar ze horen wel degelijk tot de mogelijkheden.
| Weergemiddelden voor Sint-Truiden | |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Maand | jan | feb | mrt | apr | mei | jun | jul | aug | sep | okt | nov | dec | Jaar |
| hoogste maximum (°C) | 12,1 | 21,1 | 24,2 | 28,7 | 34,2 | 38,8 | 35,0 | 36,1 | 34,9 | 28,3 | 20,4 | 16,7 | 38,8 |
| gemiddeld maximum (°C) | 5,7 | 6,6 | 10,4 | 14,2 | 18,1 | 20,6 | 23,0 | 22,6 | 19,0 | 14,7 | 9,5 | 6,1 | 14,2 |
| gemiddelde temperatuur (°C) | 3,3 | 3,7 | 6,8 | 9,8 | 13,6 | 16,2 | 18,4 | 18,0 | 14,9 | 11,1 | 6,8 | 3,9 | 10,5 |
| gemiddeld minimum (°C) | 0,7 | 0,7 | 3,1 | 5,3 | 9,2 | 11,9 | 14,0 | 13,6 | 10,9 | 7,8 | 4,1 | 1,6 | 6,9 |
| laagste minimum (°C) | -13,4 | -19,0 | -10,4 | -4,7 | -2,2 | 0,3 | 5,1 | 4,8 | 0,0 | -5,0 | -11,0 | -17,3 | -19,0 |
| neerslag (mm) | 76,1 | 63,1 | 70,0 | 51,3 | 66,5 | 71,8 | 73,5 | 79,3 | 68,9 | 74,5 | 76,4 | 81,0 | 852,4 |
| bron: KMI | |||||||||||||
Sport [bewerken]
Topsport [bewerken]
In de Tweede Klasse van het Belgisch voetbal speelt Sint-Truidense VV. De club speelt zijn thuiswedstrijden op Stayen (12.491 plaatsen). In seizoen 2011-2012 speelde STVV zijn 38ste seizoen op in Eerste Klasse. Hiermee bekleedt de club de 17de plek in de eeuwige ranglijst. In datzelfde seizoen zakte Sint-Truiden evenwel naar de tweede hoogste afdeling. De ploeg wist nooit nationaal kampioen te worden, maar eindigde in het seizoen 1966-1967 op de tweede plaats. In 1971 en 2003 speelde Sint-Truiden de finale van de Beker van België, maar telkens werd verloren. In 1988 werd wel de Trofee Jules Pappaert, in 1999 de Ligabeker. De club heeft ook enkele individuele trofeeën te vieren gehad. In 1968 won Odilon Polleunis de Gouden Schoen, in 1973 werd Alfred Riedl topscorer, en in 2010 werd Simon Mignolet Doelman van het Jaar. De club speelde ook twee keer Europees voetbal. In 1999 werd de derde ronde van de Intertoto Cup bereikt.
STVV heeft sinds 2008 ook een eigen vrouwenploeg. Toen sloot FCL Rapide Wezemaal zich aan bij de club. De Truiense vrouwen spelen in Eerste Klasse en behoren tot de top van het Belgisch vrouwenvoetbal, en ook Europees kan de ploeg mee. In 2007, net voor de aansluiting, haalde men de kwartfinales van de UEFA Women's Cup, door de eerste twee groepsfases te overleven. In de kwartfinale werd verloren van Umeå IK, de latere verliezende finalist. Onder de naam STVV startte de ploeg in het seizoen 2008-2009 in de hoogste vrouwenafdeling. In hun eerste jaar werden de kanaries al onmiddellijk derde. In 2009-2010 veroverde men de eerste landstitel onder de naam Sint-Truidense VV, na een testmatch om de tegen uittredend kampioen Standard Fémina de Liège. Dankzij de landstitel mocht de ploeg uitkomen in de UEFA Champions League, waarin de ploeg verloor van Sparta Praag. Naast de vijf landstitels is STVV bij de vrouwen ook in het bezit van zes Bekers van België en vier Supercups.
Sint-Truiden is ook de thuisstad van de Handbal Sint-Truiden. De damesploeg startte in september 1977 in de provinciale reeksen. In het tweede seizoen behaalde de damesploeg een eerste provinciale titel. In 1979 nam ook de herenploeg voor het eerst deel aan de provinciale reeksen. Om ook een graantje mee te pikken van de successen van de voetbalploeg, werd de naam van Juventus Melveren veranderd in Sint-Truidense Handbalvereniging. Het damesteam kon een eerste maal een promotie naar 's lands hoogste afdeling afdwingen in 1984. Toen werd het een heen en terug, maar in het daarop volgende seizoen veroverde de damesploeg opnieuw de promotie naar eredivisie, waar ze sindsdien onafgebroken spelen. Het seizoen 2005-2006 werd het gloriejaar van STHV. De damesploeg werd voor het eerst kampioen van België, de herenploeg steeg naar de Tweede Klasse. Sindsdien behaalde de damesploeg nog enkele tweede en derde plaatsen, maar nationaal kampioen kon Handbal Sint-Truiden, zoals de club sinds 2009 heet, niet meer worden. In 2010 werd wel voor het eerst de Beker van België in de wacht gesleept. De herenploeg werd kampioen in 2013 in tweede klasse maar besliste niet te stijgen naar de hoogste klasse omdat de club structureel en financieel niet klaar was.
Recreatie [bewerken]
Sint-Truiden beschikt over een recreatiezwembad met twee glijbanen met opvangbad, een stromingsbad, een verwarmd buitenbad, een ploeterbad voor kleuters en een whirlpooltuin. Het groot bad heeft een lengte van 25 m. In hetzelfde Sint-Pietercomplex is ook ruimte voor een judo-, dans- en sportzaal. In de stad is er ruimte voor maar liefst 53 verschillende sporten. Wat de olympische sporten betreft, zijn er negentien sporten vertegenwoordigd, zijnde atletiek, badminton, basketbal, boksen, handbal, handboogschieten, judo, mountainbike, paardrijden, schermen, schietsport, taekwondo, tafeltennis, tennis, turnen, voetbal, volleybal, wielrennen en zwemsport.
Politiek [bewerken]
Historisch gezien is Sint-Truiden een christendemocratisch blok. Van 1870 tot en met 1994 werd de stad onafgebroken bestuurd door christendemocratische burgemeesters. Van 1995 tot en met 2012 was de socialist Ludwig Vandenhove burgemeester. Nochtans vormden ook bij de gemeenteraadsverkiezingen in 1994, 2000 en 2006 de christendemocraten de grootste fractie, maar de socialistische partij slaagde er telkens in een coalitie te sluiten zonder de grootste partij. Ook in 2012 won CD&V de gemeenteraadsverkiezingen. Sedert 2 januari 2013 vormen de christendemocraten een coalitie met Open VLD, waardoor Johnny Vangrieken, die in december 2012 Ludwig Vandenhove opvolgde, plaats moest ruimen als burgemeester. Veerle Heeren werd aldus de eerste vrouwelijke burgemeester van Sint-Truiden.
Bestuur [bewerken]
De huidige coalitie in Sint-Truiden bestaat uit CD&V en Open VLD. Burgemeester is Veerle Heeren.
De volgende personen maken deel uit van het bestuur:
| College van burgemeester en schepenen | |
|---|---|
| Burgemeester | Veerle Heeren (CD&V) |
| Schepenen | Pascy Monette (Open VLD) Pascal Vossius (Open VLD) Bert Stippelmans (CD&V) Hilde Vautmans (Open VLD) Erik Carlier (CD&V) Roger Clerinx (Open VLD) Carl Nijssens (CD&V) Raymonde Spiritus (CD&V) |
Uitslagen gemeenteraadsverkiezingen 2012 [bewerken]
| Partij | Stemmen | % | Zetels |
|---|---|---|---|
| CD&V |
|
|
![]() |
| SP.A |
|
|
![]() |
| N-VA |
|
|
![]() |
| Open VLD |
|
|
![]() |
| Vlaams Belang |
|
|
![]() |
| Groen |
|
|
![]() |
| STVI |
|
|
![]() |
| Nief |
|
|
![]() |
| Piratenpartij |
|
|
![]() |
| Subtotaal |
|
100,0 | 33 |
| Geldig |
|
|
|
| Blanco/ongeldig |
|
|
|
| Totaal |
|
100,0 | 33 |
Gemeenteraadsleden [bewerken]
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Resultaten gemeenteraadsverkiezingen sinds 1976 [bewerken]
| Partij | 10-10-1976[1] | 10-10-1982 | 9-10-1988 | 9-10-1994 | 8-10-2000 | 8-10-2006[2] | 14-10-2012[3] | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Stemmen / Zetels | % | 33 | % | 33 | % | 33 | % | 33 | % | 33 | % | 33 | % | 33 |
| CVP1/CD&V2 | 43,961 | 17 | 36,511 | 13 | 46,841 | 17 | 44,321 | 16 | 35,481 | 13 | - | 27,402 | 10 | |
| SP1/SP.A2 | 24,091 | 8 | 23,441 | 8 | 25,061 | 8 | 26,521 | 9 | 31,161 | 12 | - | 25,062 | 9 | |
| PVV1/VLD2/Open VLD3 | 17,341 | 6 | 22,941 | 8 | 21,481 | 7 | 22,332 | 8 | 21,242 | 7 | - | 18,543 | 7 | |
| N-VA | - | - | - | - | - | - | 18,75 | 7 | ||||||
| CD&V-N-VA | - | - | - | - | - | 34,50 | 12 | - | ||||||
| SP.A-Groen! | - | - | - | - | - | 29,30 | 10 | - | ||||||
| VLD-Vivant | - | - | - | - | - | 21,80 | 7 | - | ||||||
| Agalev1/Groen2 | - | - | - | 3,521 | 0 | 4,101 | 0 | - | 3,652 | 0 | ||||
| Vlaams Blok1/Vlaams Belang2 | - | 1,851 | 0 | 0,921 | 0 | - | 7,041 | 1 | 14,502 | 4 | 4,092 | 0 | ||
| PVDA | - | - | - | 0,37 | 0 | - | - | - | ||||||
| VU | - | - | 5,71 | 1 | - | - | - | - | ||||||
| Vivant | - | - | - | - | 0,98 | 0 | - | - | ||||||
| GBL | 7,09 | 1 | 15,27 | 4 | - | - | - | - | - | |||||
| NIEUW | 6,52 | 1 | - | - | - | - | - | - | ||||||
| Anderen (*) | 1,00 | 0 | - | - | 2,95 | 0 | - | - | 2,51 | 0 | ||||
| Totaal stemmen | 25.103 | 26.682 | 27.478 | 28.021 | 28.132 | 29.416 | 29.418 | |||||||
| Opkomst % | 95,54 | 94,71 | 94,28 | 95,35 | 92,90 | |||||||||
| Blanco en ongeldig % | 3,98 | 3,61 | 4,15 | 4,52 | 3,65 | 3,89 | 4,66 | |||||||
(*)1976: RVST; 1994: STBL; 2012: STVI, Nief, Piratenpartij
Geboren [bewerken]
- Sint-Trudo (630-693), patroonheilige van Sint-Truiden
- Christina de Wonderbare (1150-1224), heilige
- Deodaat del Monte (1582-1644), architect, astronoom en schilder
- Artus Quellinus de Jonge (1625-1700), beeldhouwer
- Barthélémy de Theux de Meylandt (1794-1874), vijfde eerste minister van België
- Alfons Nicolaï (1889-1971), componist, dirigent, arrangeur en musicus
- Hendrik Prijs (1898-1984), schrijver
- Edward Loos (1906-1968), componist, muziekpedagoog, dirigent, stadsbeiaardier en organist
- Désiré Collen (1943), chemicus en winnaar van de Francquiprijs
- Odilon Polleunis (1943), voetballer en winnaar Gouden Schoen 1968
- Joseph Doucé (1945-1990), dominee
- Alain Coninx (1948), journalist
- Ludo Hellinx (1955), acteur
- Ivo Belet (1959), politicus en voormalig journalist
- Johan Creten (1963), beeldend kunstenaar
- Danny Boffin (1965), voetballer
- Helga Stevens (1968), politica
- Bert Cosemans (1966), acteur
- Michaël R. Roskam (1972), regisseur
- Tom Coninx (1975), sportjournalist en zoon van Alain
- Caroline Gennez (1975), ex-voorzitter sp.a
- Tina Bride (1977), zangeres
- Elke Vanelderen (1978), tv-presentatrice
- Johan Coenen (1979), wielrenner
- Simon Mignolet (1988), voetballer
Ereburgers [bewerken]
- 1998: Hilde Houben-Bertrand, provinciegouverneur
- 2002: Jacques Waldeyer, bevelhebber militaire basis Saffraanberg
- 2005: Koen Vanmechelen, kunstenaar
- 2006: André Schotsmans, deken
- 2008: Albert Soenen, professor
- 2010: Frank De Winne, astronaut
- 2011: Michaël R. Roskam, regisseur
- 2012: Désiré Collen, professor
Zustersteden [bewerken]
Sint-Truiden heeft een samenwerking met:
Externe link [bewerken]
| Bronnen, noten en/of referenties |
| Zie de categorie Sint-Truiden van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |
| Gemeenten in de provincie Limburg | ||
|---|---|---|
|
Alken · As · Beringen · Bilzen · Bocholt · Borgloon · Bree · Diepenbeek · Dilsen-Stokkem · Genk · Gingelom · Halen · Ham · Hamont-Achel · Hasselt · Hechtel-Eksel · Heers · Herk-de-Stad · Herstappe · Heusden-Zolder · Hoeselt · Houthalen-Helchteren · Kinrooi · Kortessem · Lanaken · Leopoldsburg · Lommel · Lummen · Maaseik · Maasmechelen · Meeuwen-Gruitrode · Neerpelt · Nieuwerkerken · Opglabbeek · Overpelt · Peer · Riemst · Sint-Truiden · Tessenderlo · Tongeren · Voeren · Wellen · Zonhoven · Zutendaal |
||
| Goede Steden van het Prinsbisdom Luik | ||||
|---|---|---|---|---|
|






